Ontwikkeling

  • Vergroot letter grootte
  • Standaard letter grootte
  • Verklein letter grootte
Home Geschiedenis Methode Sprekend Verleden Woordenlijst SV Deel 2 H 1

Woordenlijst SV Deel 2 H 1

E-mail Print PDF

Woordenlijst SV2 H1

schama

Sprekend Verleden Deel 2 Hoofdstuk 1

drs.J.W.Swaen Historicus www.blikopdewereld.nl

AbsolutismeRegeringsvorm waarbij de vorst alle macht in handen heeft. Volgens de vorst was hij door God aangesteld om zijn onderdanen te besturen. de onderdanen waren verplicht de vorst te gehoorzamen.
AflaatIets waarmee je straf in het hiernamaals afkoopt voor zonden die je hebt begaan. Bijvoorbeeld een gebed of het schenken van geld aan de Kerk.
Agrarische samenlevingEen samenleving, waar de meeste mensen werken in de landbouw; deze is het belangrijkste middel van bestaan.
Anglicaanse KerkDe Kerk van Engeland, met de koning(in) aan het hoofd.
AutocratieEen regering door één persoon.
BarokKunstijl die een voortzetting was van de Renaissance, maar in een uitbundiger vorm.
Bartholomeusnacht,StOok bloedbruiloft genoemd. Protestantse leiders waren uitgenodigd voor een koninklijke bruiloft. Maar 's nachts werden zij en veel andere protestanten vermoord.
BeeldHet woord beeld heeft meer betekenissen. het kan een door een kunstenaar gemaakt voorwerp zijn. Maar het kan ook een verhaal zijn over iets of iemand uit het verleden.
BeeldvormingHet ontstaan van bepaalde beelden of voorstellingen over iets of iemand uit het verleden.
BevolkingslaagZie gelaagde samenleving.
BeweringUitspraak zonder voldoende bewijsmateriaal.
BewijsIets dat de juistheid van een bewering aantoont.
BloedbruiloftZie St. Bartholomeusnacht.
BronAlles waardoor je iets over het verleden te weten kan komen.
BuitenbeentjeIemand die in zijn tijd niet serieus wordt genomen, die vreemd of heel anders dan de anderen in zijn tijd wordt gevonden.
BijbelHet boek van de Christenen. Bestaat uit het Oude en Nieuwe Testament.
CalvinismeDe leer van de Protestantse leider Calvijn.
CDA(Christen Democratisch Appèl)Partij van Katholieken en Protestanten, ontstaan in 1980 doordat de KVP, ARP en CHU een partij ging vormen.
CelibaatKatholieke geestelijken mogen niet trouwen.
CensuurKeuring(van de media) door de overheid.
ChristendomChristelijke godsdienst, waarin het geloof van Jezus Christus als Zoon van God centraal staat.
Christelijk-OrthodoxBehorend tot de Grieks- of Russische-Orthodoxe Kerk die zich in de Middeleeuwen van de Katholieke Kerk heeft afgescheiden.
ConclusieEindoordeel. In een conclusie wordt een antwoord op een hoofdvraag gegeven.
Contra-ReformatieActies van de Katholieke Kerk om de Hervorming ongedaan te maken.
DogmaRooms Katholieke Kerkelijke uitspraak waarin een opvatting over het geloof aan anderen wordt voorgeschreven.
EconomieAlles waarmee in een land geld verdiend wordt (landbouw,industrie,handel).
FactorijHandelspost in de niet westerse wereld, bestaande uit een haven, enkele pakhuizen en woningen voor Europese kooplieden.
FeitGeeft iets aan dat - naar wordt aangenomen - werkelijkis gebeurd of bestaat.
Gelaagde samenlevingEen samenleving waarbij de bevolking in verschillende lagen is verdeeld. De bevolkingslagen verschillen van elkaar in aanzien en macht.
GevolgHet resultaat van een handeling. We onderscheiden gevolgen op korte en lange termijn, en verwachte en niet verwachte gevolgen.
HervormingDe afscheiding van de Katholieke Kerk door de Protestanten in de 16de eeuw.
IndianenOorspronkelijke bewoners van Amerika.
InterpretatieHet beeld dat iemand over een deel van het verleden heeft en/of laat zien.
IslamGodsdienst uit het Midden-Oosten, gesticht door Mohammed. Letterlijk:ónderwerping aan de wil van God'.
JezuïetenKloosterorde in de Katholieke Kerk.
Jodendomde godsdienstige opvatting van de Joden.
KanselPreekstoel in een Protestantse Kerk.
KardinaalHoogste bisschoppelijk orgaan van de Katholieke Kerk bestaande uit 200 bisschoppen, gekozen door de Paus. Zij kiezen ook na de dood van en Paus een nieuwe Paus.
KatholicismeChristelijk geloof waarbij de gelovigen gelid wordt door de Paus in Rome.
KatholiekBehorend tot het Katholicisme.
KenmerkKarakteristieke, kenmerkende eigenschap.
KerkKerkelijke geloofsgemeenschap.
KettersChristenen die over belangrijke geloofszaken anders dachten dan de christelijke leiders.
KolonieEen groot veroverd gebied waarin landgenoten van de veroveraars zich konden of kunnen vestigen
KolonisatieHet door een westerse staat in bezit nemen van gebieden in de niet-westerse wereld om landgenoten daar een nieuw bestaan te laten opbouwen.
LandbouwAkkerbouw en veeteelt samen.
LeekIemand die niet tot de geestelijkheid behoort.
LutheranismeDe leer van de Protestantse leider Luther.
MeningHierin geeft iemand zijn opvatting weer over bepaalde personen of zaken.
Missie, MissionarissenBekering tot het christendom door Katholieke geestelijken.
Nieuwe TijdDe periode in de geschiedenis van West - Europa die volgt op de Middeleeuwen.
Nieuwste TijdDe periode die volgt op de Nieuwe Tijd en duurt tot onze tijd.
NormenUit waarden afgeleide regels.
OmstandighedenZaken die geen oorzaak van iets zijn, maar wel op de achtergrond van invloed zijn..
OorzakenVerklaringen waarom iets gebeurde. De meest directe oorzaak noem je aanleiding.
Orthodoxe KerkChristelijke Kerk in Oost - Europa, ook wel Grieks-  en Russisch - Orthodox of Grieks -Katholiek genoemd.
ParlementVolksvertegenwoordiging. In het parlement zitten door de bevolking met algemene kiesrecht gekozen vertegenwoordigers. In Nederland in de Eerste en de Tweede Kamer. Zij hebben in het land de macht.
PausHet hoofd van de Katholieke Kerk, met als zetel Rome.
PlantageGroot landbouwbedrijf waarop suiker, tabak of koffie wordt verbouwd.
PropagandaHet proberen de meningen en handelingen van een bepaald publiek te beïnvloeden.
ProtestantismeChristelijk geloof waarbij de bijbel centraal staat, de gelovigen zichzelf besturen en direct contact met God zoeken.
Rechtbank van InquisitieRechtbanken van de Katholieke Kerk die tijdens de Contra - Reformatie ketters vervolgden en veroordeelden.
ReformatieZie Hervorming.
RegeringsvormDe organisatie van het bestuur van een staat.
RenaissancePeriode waarin nieuwe belangstelling voor de Grieks - Romeinse cultuur ontstond; begon na de Middeleeuwen.
RepubliekStaat met een president in plaats van een vorst aan het hoofd.
RubricerenHet kunnen ordenen van gegevens in rubrieken.
Scheiding tussen Kerk en StaatVerdeling van de macht in de Staat: de geestelijken houden zich niet bezig met het bestuur van de Staat en de regering niet met het beleid van de Kerk.
SlavenMensen die het bezit zijn van andere mensen.
SlavenhandelMet dit begrip wordt meestal de handel van Afrikaanse slaven naar Amerika van de 17de tot de 19de eeuw bedoeld. In die tijd, ook eerder en later, bestond slavenhandel ook elders.
SlavernijToestand waarin mensen het bezit zijn van anderen
StaatEen land met duidelijke grenzen en een eigen regering.
StaatshoofdPersoon die in een staat de hoogste macht uitoefent of vertegenwoordigt (koning, keizer, president).
StandplaatsgebondenheidAlle ervaringen van een mens die van invloed zijn op zijn denken en handelen.
SynodeVergadering van vertegenwoordigers van kerkelijke gemeenten (protestant).
Versailles , paleis vanOp bevel van de Franse koning Lodewijk de XIV gebouwd paleis. In het paleis werd niet alleen de hofhouding gehuisvest, maar ook de regering van Frankrijk en een groot aantal edelen.
VooroordeelOpvatting die niet klopt met de werkelijkheid of waarvan de juistheid nooit kan worden bewezen.
WereldeconomieHandel tussen de werelddelen.