| Abolitionisme | Het streven om slavenhandel en slavernij af te schaffen. |
| Afrikaanders | Afstammelingen van de Boeren in Zuid-Afrika. |
| ANC(African National Congress) | Anti-apartheidsbeweging in Zuid-Afrika. |
| Apartheid | Politiek systeem tussen 1948 en 1994 in Zuid-Afrika met een volledige scheiding tussen etnische groepen, overheerst door de blanken. |
| Arowakken | Volk van Indianen, oorspronkelijke bewoners van de Benedenwindse eilanden. |
| Aruba | Eiland in het Caribisch gebied, behorend tot het Koninkrijk der Nederlanden (status aparte). |
| Bahasa Indonesia | De nationale taal van Indonesië. |
| Basja | Zwarte opzichter van de slaven in Suriname. |
| Benedenwindse eilanden | Aruba en de Nederlandse Antillen Bonaire en Curacao. |
| Boedi Oetomo(het schone streven) | Vereniging opgericht door Javaanse, westers opgeleide bestuursambtenaren ter bevordering van de Javaanse cultuur. |
| Boni's | Groep marrons, genoemd naar hun leider Boni, die een guerrilla voerde tegen de blanken in Suriname. |
| Boroboedoer | Boeddhistische tempel uit de 9e eeuw op het Indonesische eiland Java. |
| Bosnegers | Afstammelingen van Marrons die leven van akkerbouw, visserij en jacht in door marrons gestichte dorpen in Suriname. |
| Boven-Digoel | Plaats in Indonesië waarnaar Indonesische nationalisten werden verbannen door de Nederlanders. |
| Bovenwindse eilanden | De Nederlandese Antillen Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba. |
| Caraïben | Volk van Indianen, oorspronkelijke bewoners van de Bovenwindse eilanden. |
| CARICOM | Caribian Community, organisatie van samenwerking tussen Caribische staten. |
| Decembermoorden | Op 8 december 1982 werden in Suriname vijftien tegenstanders van legerleider Bouterse die na een staatsgreep de macht in Suriname in handen had, naar fort Zeelandia gebracht, mishandeld en vermoord. |
| Desa | Dorp, dorpsgemeenschap in Indonesië. |
| Djoeka's | Groep marrons in Suriname. |
| Front van democratie en ontwikkeling | Politieke partij in Suriname, waarin drie vroegere partijen op etnische grondslag samenwerkten. |
| Geoctroyeerde Sociëteit van Suriname | Eigenaar en bestuur van de kolonie Suriname(1682-1792), bestaande uit de WIC, de stad Amsterdam en een rijke particulier. |
| Gouverneur-Generaal | Hoogste Nederlandse bestuurder in Nederlands-Indië. |
| Grote Trek | Migratie in 1835 naar het noorden va Boeren in Zuid-Afrika die niet onder Engels bestuur wilden leven. |
| Insularisme | Het gevoel van de Antilianen dat ze meer bewoner van hun eiland zijn dan Antilliaan. |
| Integratie | Het opnemen van personen uit een ander land of cultuur in een samenleving. |
| Junglecommando | Kleine groep Bosnegers die, geleid door Ronnie Brunswijk in 1986 een guerrilla in Oost-Suriname begon. |
| Kampong | Dorp in Indonesië. |
| Khoi-San | Verzamelnaam voor Khoikhoi en San. |
| Korps Zwarte Jagers | Koloniaal leger in Suriname, bestaande uit slaven en blanken, dat de Marrons bestreed. |
| Kostgronden | Stukje grond dat slaven in Suriname van hun eigenaar kregen om voedsel op te verbouwen. |
| Lalla Rookh | Eerste schip dat in 1873 Brits-Indiërs naar Suriname bracht. |
| Marron | Slaven in Suriname die wegliepen en in het oerwoud van Suriname een leven in vrijheid opbouwden. |
| Mataram (rijk) | Éen van de oude Indonesische rijken (1600-1757). |
| Matoeari's | Een groep Marrons in Suriname. |
| Middelburgse Commercie Compagnie | Onderneming die slaven van Afrika vervoerde naar Suriname |
| Modjopahit (rijk) | Éen van de oude Indonesische rijken (1200-1527). |
| Moederbond | Grootste vakbond van Suriname. |
| Monopolie | Alleenrecht. De Republiek gaf de VOC en de WIC het recht als enige met een bepaald gebied handel te drijven. |
| Muham-Madiyah(de weg naar Mohammed) | Organisatie opgericht door Indonesische progressieve moslims. Spande zich in voor het onderwijs en welzijn, predikte de islam en bestreed het christendom en het plaatselijk bijgeloof. |
| Multinational | Bedrijven met vestigingen en werknemers verspreid over de hele wereld. |
| Nationaal Democratische Partij(NDP) | Surinaamse partij geleid door Desi Bouterse. |
| Nederlands-Indië | Zo noemden de Nederlanders Indonesië in de tijd dat het een kolonie van Nederland was. |
| Nieuw-Amsterdam | Nederlandse kolonie in Amerika, die geruild werd met de Engelsen tegen Suriname. De Engelsen gaven de naam New York aan Nieuw-Amsterdam. |
| Nieuw Front | Politieke partij in Suriname, voortkomend uit het Front voor Democratie en Ontwikkeling. |
| Oranje-Vrijstaat | Boerenrepubliek in Zuid-Afrika, later door de Engelsen ingelijfd bij de Kaapkolonie en Natal. |
| Organisatie van Amerikaanse Staten(OAS) | Samenwerkingsverband van staten op het Amerikaanse continent (Noord- en Zuid-Amerika). |
| Pantjasila | Officiële staatsleer van Indonesië. de vijf principes: God, nationaal bewustzijn, menselijkheid, sociale gerechtigheid en gemeenschappelijk overleg. |
| Partai Kommunis Indonesia (PKI) | Indonesische Politieke partij van de communisten (1920-1965). |
| Partai Nasional Indonesia (PNI) | Indonesische Politieke partij (nationalisten onder leiding van Soekarno (1927-1973). |
| Pendidikan Nasional | Indonesische Politieke partij onder leiding van Hatta en Sjahrir. |
| Perhimpoenan Indonesia | Indonesische studentenvereniging in Nederland. |
| Politionele acties | Benaming van twee militaire campagnes om in Indonesië het Nederlandse gezag te herstellen (1947-1948). |
| Reïncarnatie | Het opnieuw geboren worden van de ziel in een ander lichaam. |
| San | Volk van kleine mensen in het zuiden van Afrika levens van jagen en verzamelen. |
| Sarekat Islam | Eerste nationalistische Politieke partij in Indonesië. |
| Sarnami | De taal van de Hindoestanen in Suriname. |
| Sharpville | Berucht bloedbad in Zuid-Afrika. In Sharpville schoor de politie op demonstranten tegen de Apartheid; er vielen 69 doden. |
| Sjarifoeddin, proclamatie van | Verklaring van Indonesische communisten waarin zij Indonesië uitriepen tot een Sovjetstaat. |
| Slametan | Offermaaltijd bij de toetreding van een moslimjongen tot de moslim gemeenschap. |
| Soevereiniteit van het volk | Het recht van de bevolking een eigen regering te kiezen. |
| Soevereiniteitsoverdracht | Erkenning door de kolonisator dat een kolonie een onafhankelijke staat is geworden. |
| Sranan Tongo | Moedertaal van de Creolen in Suriname. |
| Sriwijaya(rijk) | Éen van de oude Indonesische rijken (600-1200). |
| Staatsinrichting | De manier waarop de staat is georganiseerd en bestuurd. |
| Staatsnationalisme | Het streven van regeringen om de bevolking van hun staat een nationaal gevoel bij te brengen. |
| Staatstoezicht | De verplichting van ex-slaven om met werkgevers een arbeidscontract af te sluiten. Dit Staatstoezicht duurde tien jaar. |
| Standplaatsgebondenheid | Alle ervaringen van een mens die van invloed zijn op zijn denken en handelen. |
| Status Aparte | De eigen positie van Aruba binnen het Koninkrijk der Nederlanden. |
| Statuur voor het Koninkrijk der Nederlanden | Document waarin de verhoudingen tussen de drie delen van het Koninkrijk Nederland werden vastgesteld. |
| TNI | Het leger van de Indonesische nationalisten |
| Transvaal | Boerenrepubliek in Zuid_Afrika, later door de Engelsen ingelijfd bij de Kaapkolonie en Natal. |
| Verenigde Oost-Indische Compagnie(VOC) | Grote handelsonderneming die het monopolie had van de handel met Azië; de VOC stichtte de Nederlandse kolonie Oost-Indië. |
| Volksraad | Bestuursorgaan in Nederlands-Indië sinds 1918. de gouverneur-generaal was verplicht deze raad advies te vragen bij de belangrijkste beslissingen. |
| Vrede van Breda | Vrede, in 1667 gesloten tussen de Republiek en Groot-Brittannië, waarbij bepaald werd dat Suriname Nederlands bezit zou worden in 'ruil' voor Nieuw Amsterdam (New York). |
| Vrijgelatenen | Slaven die van hun eigenaars de vrijheid kregen. |
| Waarheidscommissie | Commissie in Zuid-Afrika, die onder leiding van bisschop Tutu de waarheid over geweldsdaden tijdens de Apartheid onderzocht, zonder daarover echt te spreken. |
| Wayang | Indonesisch spel met verschillende soorten poppen. |
| West-Indische Compagnie (WIC) | Grote handelsonderneming tijdens de Republiek, had het monopolie van de handel met Amerika, deed ook aan kaapvaart en slavenhandel. |
| Wisi-man | iemand die volgens Bosnegers in Suriname door zwarte magie iemand anders ziek kan maken. |
| Xhosa | Afrikaans volk. |
| Zeelandia(fort) | Fort bij Paramaribo, de hoofdstad van Suriname. |
| ' Zwiepen' | Omschrijving, gebruikt door Nederlandse militairen tijdens de politionele acties om alle Indonesiërs die zij zagen tijdens het doorzoeken van een kampong dood te schieten. |