In deel 4 van de ontwikkelingen op de Balkan staat het uiteenvallen van het voormalige Joegoslavië centraal. In juni 1991 besloten Slovenië en Kroatië zich onafhankelijk te verklaren waardoor Macedonië en Bosnië-Hercegowina voor een dilemma stonden. Kroatië en Servië hadden beide een eigen agenda om Bosnië-Hercegowina onder elkaar te verdelen. President Izetbegovic stond eigenlijk voor een onmogelijke koers. Het was dan ook geen wonder dat hij vasthield aan een onafhankelijke staat Bosnë-Hercegowina. Daarbij werd hij gesteund door een volkstemming. Maar de Servische Bosniërs, onder leiding van Radovan Karadzic, wilden daar niet van weten en zo ontstond de Bosnische oorlog. De Bosnische Serviërs riepen hun eigen 'Srpska Republica' uit. Op 6 april 1992 werd Republiek Bosnië-Hercegowina internationaal erkend als zelfstandige staat en sinds mei 1992 lid van de VN. Het leger van de Bosnische Serviërs, onder leiding van Karadzic, begon op dezelfde dag de aanval op de Bosnische hoofdstad Sarajewo. De omsingeling van de stad, de langste in de moderne geschiedenis, zou duren tot eind 1995 en kostte ruim 12 duizend mensen het leven. In april, mei en juni 1992 werden door het leger van de Bosnische Serviërs grote delen van Noord- en Oost Bosnië-Herzegovina ingenomen. Honderdduizenden sloegen op de vlucht. Achtereenvolgens worden een aantal vredesplannen ontwikkeld die allen mislukten. Terwijl diplomatieke druk in de loop van 1994 toeneemt, vechten Serven, Kroaten en het Bosnische leger met de dag heviger. Amerikaanse diplomaten forceren een wapenstilstand tussen de Kroaten en moslims. De twee groepen worden weer bijeen gebracht onder de Bosnische federatie. Intussen laten de Bosnische Serven hun onvrede over de onderhandelingen blijken en blijven ze zich verzetten tegen de EU, de VN en de NAVO. Kroatië begint in mei 1995 een bliksemcampagne (Operatie Storm) en verovert West-Slavonië en de Krajina binnen vier maanden terug op de Serven. Vervolgens sluiten ze zich bij het Bosnische leger aan en veroveren ze vijftig procent van het Servische gebied. In het oosten van Bosnië gaan Serven door met het belegeren van Sarajevo en moslimenclaves. Zo wordt halverwege juli de safe-area Srebrenica veroverd op Dutchbat, het Nederlandse VN- bataljon. Tijdens en na deze inname worden zo’n achtduizend Bosnische moslims gedood door de troepen van Mladić. Op 1 november beginnen bij Dayton (Ohio, VS) vredesbesprekingen tussen de drie partijen, waarbij de Amerikaanse diplomaat Richard Holbrooke bemiddelt. Uiteindellijk wordt in Parijs op 14 december 1995 vrede gesloten tussen de strijdende partijen. Door resolutie 1031 van de Veiligheidsraad werd IFOR opgericht. IFOR was een 60.000 militairen sterke multinationale NAVO-implementatiemacht onder éénhoofdige leiding. Zij moest toezien op de handhaving van het staakt-het-vuren, op de afbakening van een Inter-Entity Boundary Line tussen de Servische en Moslim-Kroatische gebieden, met aan weerszijden een twee kilometer brede Zone of Separation waarin zich geen troepen van de drie voormalige strijdende partijen mochten bevinden, en op de kantonnering van de militairen en hun zware wapens. Door de sterk verbeterde veiligheidssituatie werd IFOR omgezet in SFOR (Stabilization Force). De internationale gemeenschap voelt zich verplicht de vredes situatie met alle mogelijkheden te steunen. Zie voor deel 4 Ontwikkelingen op de Balkan Deel 47 Oorlog door de Eeuwen heen. Deel 47 Oorlog door de Eeuwen heen 
Dit boek gaat over de Dood als Machtsmiddel, Moord en Doodslag door verpleegkundigen. Het proces tegen Lucia de Berk, de Haagse verpleegkundige die tot levenslang werd veroordeeld, zonder directe bewijzen, leidde ertoe dat ik een onderzoek startte naar het voorkomen van Moord en Doodslag door verpleegkundigen. Dit onderzoek betreft een vijftal strafzaken in Nederland en een aantal strafzaken in Duitsland, België, Oostenrijk/Zwitserland en Engeland. Uitgeverij Boekscout ISBN 9789088346798 prijs € 17,95. Men kan het ook bij mij bestellen.