Berichten gerechtelijke dwalingendrs.J.W.Swaen Historicus www.blikopdewereld.nl |
Onschuldig achter traliesIn Nederland lukt het zelden om strafzaken te laten heropenen. Rechtsgeleerden pleiten, naar Engels voorbeeld, voor een ‘Revisieraad’. Dankzij zo’n instituut werd Michael O’Brien na elf jaar vrijgelaten. ‘Ik zie mezelf niet meer als slachtoffer.’ Door Menno van Dongen In 70 procent van de zaken draait nieuwe rechter het vonnis terug De Criminal Cases Review Commission had eind vorig jaar 377 zaken terugverwezen naar een gerechtshof, 4 procent van de afgehandelde aanvragen (9.734). Er zijn ruim 10.400 zaken aangemeld bij de CCRC; over 700 dossiers is nog geen besluit genomen. De meeste terugverwijzingen eindigen in vrijspraak. In 70 procent van de zaken wordt door nieuwe rechters een streep door de veroordeling gezet. Ruim een kwart van de aanvragen wordt direct afgewezen door de commissie, om formele redenen. Alleen strafzaken komen in aanmerking en een veroordeelde moet alle beroepsmogelijkheden hebben benut. Daarna wordt beoordeeld of een veroordeelde beschikt over nieuwe feiten of argumenten die twijfel zaaien over een vonnis. In uitzonderlijke gevallen kan dit ook op basis van oude gegevens. Als de CCRC onderzoek doet naar een zaak, zijn de politie en de aanklagers verplicht al het beschikbare materiaal af te staan. De onderzoekers van de commissie (wetenschappers, oud-rechercheurs, advocaten) kunnen getuigen horen en deskundigen inschakelen, onder meer om forensisch onderzoek te laten doen. In complexe zaken kan de CCRC een politieteam aan het werk zetten. Een zaak wordt terugverwezen als er een ‘reële mogelijkheid’ is dat iemand onterecht is veroordeeld. In de praktijk is dat criterium veel soepeler dan het novum van de Nederlandse Hoge Raad. Dankzij de commissie is het vertrouwen in het Britse strafrecht gestegen, zegt de voorzitter van de CCRC, professor Graham Zellick. ‘Voordat wij werden opgericht, was er weinig vertrouwen, na schandalen over onterechte veroordelingen. Nu geloven veel meer mensen dat fouten worden rechtgezet.' Zellick gelooft niet dat in zijn land meer dwalingen zijn dan elders. 'Elk systeem is kwetsbaar, ook het Nederlandse.' De CCRC is gevestigd in Birmingham. Er werken 103 mensen, onder wie 11 Commissioners, die worden benoemd door de koningin, op voordracht van de premier. De commissie is onafhankelijk, maar wordt gefinancierd door de overheid. Het jaarlijkse budget is 7,4 miljoen pond (10 miljoen euro). Elf jaar zat hij vast, toen hij op de radio in zijn cel hoorde dat hij op borgtocht zou worden vrijgelaten. Een commissie had bepaald dat nieuwe rechters moesten kijken naar de veroordeling van Michael O’Brien tot levenslang, wegens moord. Na het bericht barstte gejuich los in de gevangenis van Leicestershire (Engeland). Gedetineerden bonsden op hun deuren en applaudisseerden. ‘Ik kon het bijna niet geloven’, zegt O’Brien (40), bijna tien jaar later. ‘De commissie was mijn laatste hoop. Zonder hen had ik nog steeds in de gevangenis gezeten.’ De Criminal Cases Review Commission (CCRC) werd in 1997 opgericht in Engeland, Noord-Ierland en Wales na de schokkende ontdekking dat de Guilford Four en de Birmingham Six (IRA-verdachten) vijftien en zestien jaar onschuldig hadden vastgezeten. Sindsdien zijn er ook in Schotland en Noorwegen commissies die een zaak doorlichten en rechters kunnen dwingen deze opnieuw te beoordelen (zie kader). Veroordeelden in Nederland zullen jaloers zijn. De CCRC heropende sinds de oprichting in 1997 bijna vierhonderd strafzaken. In ruim tweederde hiervan zetten nieuwe rechters een streep door een veroordeling, op grond van nieuwe feiten. Het ging om ernstige misdrijven als drugshandel, verkrachting, geweld en moord. In Nederland worden ook zaken heropend maar dan kleinere, om administratieve redenen: persoonsverwisseling (valse naam) of onterechte beschuldigingen van onverzekerd rijden. Zulke zaken behandelt de CCRC zelden. Puttense moordzaak Hoeveel onherroepelijke vonnissen zijn sinds 1997 in Nederland teruggedraaid op grond van nieuwe, niet-administratieve feiten? Twee: de Puttense moordzaak, die eindigde in vrijspraak, en de Deventer moord, waarvoor Ernest Louwes opnieuw werd veroordeeld. Een derde zaak, de Schiedammer Parkmoord, telt eigenlijk niet mee. De veroordeling van de onschuldige Kees B. werd pas teruggedraaid, toen een ander de moord had bekend. Eerder weigerde de Hoge Raad de zaak te heropenen. Het probleem is volgens critici tweeledig. De Hoge Raad is naar hun mening te streng. Herziening kan alleen op basis van een ‘novum’, een nieuw feit dat ernstige twijfel zaait over een vonnis. Vrijwel niets wordt geaccepteerd als novum, leert de praktijk. Het tweede probleem is dat veroordeelden zelf met nieuwe feiten moeten komen en dat ze nauwelijks in de gelegenheid worden gesteld om die te achterhalen, zegt Geert-Jan Knoops, advocaat en hoogleraar internationaal strafrecht. ‘Veroordeelden zijn meestal afhankelijk van rechtsbijstand. Er is geen fonds dat forensisch onderzoek vergoedt. In beginsel zijn overheidslaboratoria niet toegankelijk voor veroordeelden. Dus hoe komen ze aan een novum?’ Wetenschappers pleiten voor een CCRC, die onderzoek verricht op verzoek van veroordeelden. Het pleidooi krijgt steun van de rechtspsychologen Peter van Koppen, Hans Crombag, Han Israels en Willem Albert Wagenaar en strafrechtsgeleerden als Stijn Franken, Geert-Jan Knoops (beiden tevens advocaat) en Chrisje Brants. Van Koppen heeft al een naam bedacht: de Revisieraad. De drie zaken die de Hoge Raad heeft heropend, zijn volgens hem slechts het topje van de ijsberg. Drie heropende zaken in Nederland? O’Brien moet erom lachen. ‘Zo was het vroeger ook bij ons. Bijna alle herzieningsverzoeken werden afgewezen door de minister van Binnenlandse Zaken. Fouten van de politie werden toegedekt. Zo werkt politiek.’ In oktober 1987 werd O’Brien op 19-jarige leeftijd opgepakt, met twee jongens uit de buurt: Darren Hall en Ellis Sherwood. Ze werden verdacht van moord op een kioskeigenaar, in Cardiff. Het slachtoffer was zo hard geslagen met een schep dat een deel van zijn schedel was versplinterd. De politie deed alles om de daders te pakken en arresteerde veertig verdachten, onder wie O’Brien en de twee anderen. De jongens uit een volksbuurt waren betrapt op joyriden. O’Brien had nog nooit een auto gestolen. ‘Ik wilde stoer doen; ze vonden me een doetje’. Het drietal werd onder druk gezet door de politie. Uiteindelijk bekende Hall dat de anderen de moord hadden gepleegd, terwijl hij op de uitkijk stond. O’Brien en Sherwood ontkenden. Maar omdat getuigen beweerden dat ze hadden gehoord dat de jongens over de moord praatten, werden ze veroordeeld tot levenslang. O’Brien stortte in. ‘Ik had niets gedaan en moest de rest van mijn leven doorbrengen tussen verkrachters en moordenaars. Vlak voor het vonnis was mijn dochtertje gestorven aan wiegendood. Daarna verliet mijn vrouw me voor een ander. Mijn vader stierf. Het was een hel. Ik heb twee keer geprobeerd zelfmoord te plegen.’ Respect In 1990 besloot hij zijn veroordeling aan te vechten. O’Brien verdiepte zich in het straf- en gevangenisrecht en won het respect van medegevangenen door juridische bijstand te verlenen. Een eerste herzieningsverzoek werd in 1990 afgewezen door Binnenlandse Zaken. Een tweede verzoek kwam in 1997 terecht bij de CCRC. Uit een reportage de BBC bleek dat getuigen hadden gelogen. De commissie zag aanleiding voor nader onderzoek en oordeelde na een jaar dat er een reële mogelijkheid was dat nieuwe rechters het drietal zouden vrijspreken. De zaak werd heropend. Tijdens de behandeling van de nieuwe rechtszaak bleek dat de politie te ver was gegaan. De jongens hadden met handboeien vastgeketend gezeten aan een hete radiator. Ze hadden te lang geen toegang gehad tot een advocaat. Deskundigen twijfelden aan de bekentenis van Hall. Hij had een persoonlijkheidsstoornis en zou een pathologische leugenaar zijn die stoer wilde doen. Getuigen (criminelen) hadden gelogen, omdat de politie hen geld aanbood of strafvermindering beloofde. Het gerechtshof besloot tot vrijspraak. Na de commotie over de Parkmoord kreeg Nederland in 2006 een tijdelijk onderzoeksinstituut voor gerechtelijke dwalingen: de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken (CEAS). Dit instituut is volgens critici een slap aftreksel van de Britse commissie. Verdachten en advocaten kunnen niet terecht bij de CEAS; fouten van rechters komen niet in aanmerking voor onderzoek en aanvragen mogen alleen worden ingediend door wetenschappers en klokkenluiders bij politie en justitie. De drempel van de CEAS is hoog. De commissie heeft drie veronderstelde dwalingen onderzocht. Over twee zaken is advies uitgebracht. De CEAS twijfelt over de veroordelingen van Hennie K. (ontucht) en de Haagse verpleegkundige Lucia de B. (moord op patiënten). Er loopt nog aanvullend onderzoek. Een advies over bejaardenverzorgster Ina Post (doodslag) volgt binnenkort. Dit jaar praat de Tweede Kamer over een definitieve regeling voor veronderstelde dwalingen. Harm Brouwer, de baas van het Openbaar Ministerie, heeft gezegd dat hij geen voorstander is van een commissie naar Brits voorbeeld. Zo’n commissie zou niet in het Nederlandse rechtsysteem passen, vindt hij. Dat is ook het oordeel van het ministerie van Justitie. Brouwer meent wel dat de eisen voor een novum bij de Hoge Raad te streng zijn. Als nader onderzoek nodig is, wil hij dat uitbesteden aan de procureur-generaal (een onafhankelijke adviseur) bij de Hoge Raad. Het hoogste rechtscollege beslist daarna of een zaak wordt heropend. Knoops, advocaat van Ina Post en Hennie K.,vindt dat een halfbakken oplossing. ‘Je moet zaken helemaal laten doorlichten, door mensen met een frisse blik. Zij moeten rechters kunnen dwingen opnieuw naar een zaak te kijken. Dat oordeel moet je niet overlaten aan mensen die mogelijk worden gehinderd door andere belangen.’ Rechters en het Openbaar Ministerie kunnen niet onbevangen oordelen over dwalingen, vinden critici. Aanklagers en rechters zijn formeel onafhankelijk, maar hun oordeel kan worden vertroebeld, doordat vakgenoten een rol hebben gespeeld in een zaak. Een kritisch oordeel zou op de beroepsgroep kunnen terugslaan. Dat blijkt volgens Van Koppen uit de nasleep van de Parkmoord. Rechters in deze zaak gaven nauwelijks toe dat ze fouten hadden gemaakt. Het OM oordeelde mild over aanklagers die volgens hem een kwalijke rol speelden. Butler ‘In de zaken van Dick van Leeuwerden – een butler die een vrouw zou hebben vermoord – en Ina Post is zoveel misgegaan dat je niet met droge ogen kan zeggen dat ze terecht zijn veroordeeld’, zegt Van Koppen. ‘Maar dat blijkt alleen als je het hele dossier bekijkt. Dat kan nu niet. Alles wat ooit is besproken of in een eerder herzieningsverzoek stond, telt niet als novum.’ De ervaringen met de CCRC zijn positief. Het publieke vertrouwen in het Britse rechtsysteem is dankzij de commissie toegenomen. In Nederland is zo’n instituut goed in te passen, stellen wetenschappers. ‘In Noorwegen is ook een CCRC. Dat rechtsysteem lijkt op het Nederlandse’, aldus Knoops. Michael O’Brien heeft het zwaar gehad na de vrijspraak. Hij eiste excuses van de politie, maar kreeg die niet. ‘Ik was boos op de hele wereld. Ik bleek een posttraumatische stress-stoornis te hebben. Mijn leven was geruïneerd. De politie moest boeten, vond ik.’ Het gaat nu een stuk beter. ‘Ik slik veel medicijnen en ben tot rust gekomen. Ik zie mezelf niet meer als slachtoffer van een dwaling, maar als iemand die het heeft overleefd. Ik heb geluk gehad. Ik heb een nieuwe vriendin en we zijn gelukkig, samen met mijn zoon en mijn drie stiefkinderen.’ O’Brien kreeg een miljoen pond (1,35 miljoen euro) schadevergoeding van de rijksoverheid en de politie. Een deel hiervan gebruikte hij om een belangenorganisatie op te richten voor mensen die strijden tegen veronderstelde dwalingen: Mojo. Nu is hij actief bij het Innocence Project, dat rechtenstudenten onderzoek laat doen naar dossiers van veroordeelden die claimen dat ze onschuldig zijn. ‘Als ik een paar onschuldige veroordeelden kan helpen, is het de moeite waard geweest. Het is een misdaad om onschuldige mensen op te sluiten.’ |
Verenigde Staten:Onschuldige man na 24 jaar vrijgelatenDe Amerikaan Alan Crotzer, die 24 jaar onschuldig heeft vastgezeten voor een tweetal verkrachtingen, is vrijgelaten. Een rechter in de staat Florida stemde gisteren in met een verzoek van het Openbaar Ministerie van de staat om het vonnis te vernietigen. DNA-tests wezen uit dat de veroordeelde niet schuldig was. Hij kreeg een straf opgelegd van 130 jaar. Een geheel blanke jury had minder dan een uur nodig om de zwarte gedaagde te veroordelen. Bron Eindhovens Dagblad
|
| 24-01-06 drs.J.W.Swaen www.blikopdewereld.nl |








