drs.J.W.Swaen Historicus www.blikopdewereld.nl
37.0 Moord op Haagse Miljonaire Sloos- Fischer?Rol getuigen-deskundigen
37.1 Verdachte verplegers verbaasd over hoge eisen
37.2 Haagse verplegers in vrijheid gesteld na uitspraak hof
37.3 ‘André is heel warmhartig geweest’
37.4 Hof spreekt ex-verplegers vrij van moord
37.5 Moord is medisch niet te bewijzen
37.6 ‘Ik hoopte dat ze zouden doorvragen’
37.7 Getuige-deskundigen steeds vaker conflicterend
37.8 De expert kleurt het proces
37.1 Verdachte verplegers verbaasd over hoge eisen Voor het hof in Den Haag heeft het openbaar ministerie gisteren respectievelijk levenslang en tien jaar gevangenis geëist tegen twee verplegers. Hoofdverdachte André schudde bij ieder verwijt het hoofd, zijn zwager John leek zich vooral te ergeren. NRC 18-03-98 door Margot Poll DEN HAAG, 18 MAART. Moord en diefstal. Dat zijn de verdenkingen tegen twee Haagse verplegers. Hoofdverdachte André du M. zou vijf bejaarde dames uit de Haagse verzorgingsflat Waalsdorp hebben 'geholpen'.In zijn eigen woorden betekent dat "middelen geven die het stervensproces versnellen". Het zou gaan om insuline, morfine en valium. Ook wordt hij verdacht van diefstal uit de luxeappartementen van verschillende bewoners van Waalsdorp. André wordt tevens verdacht van het medeplegen van moord op de hoogbejaarde Haagse miljonaire mevrouw Sloos-Fischer die in de nabijgélegen verzorgingsflat Clingendael woonde. André ontkent. Van dit laatste feit wordt ook zijn zwager John H. verdacht. Het was immers John die kort voor haar dood met de bejaarde dame in het huwelijk trad. Om het geld, zo veel werd wel duidelijk tijdens de rechtszitting. Hij was de enige erfgename en zou na haar dood meer dan 3,5 miljoen gulden erven. Dat is op zichzelf overigens niet strafbaar. Het openbaar ministerie verwijt de verpleger echter met het handelen van André te hebben ingestemd. In ruil voor de helft van de erfenis had André de verzorging van mevrouw Sloos - Fischer op zich genomen. Volgens procureur-generaal mr. J. Nuis hebben de twee verplegers in overleg de vrouw voedsel en vocht onthouden, haar te veel slaappillen gegeven en haar op een heimelijke manier de laatste eer bewezen. De procureur-generaal eiste daarom 10 jaar gevangenisstraf tegen John wegens medeplichtigheid. Ook hij ontkent. De Haagse rechtbank veroordeelde in april vorig jaar André du M. tot levenslange gevangenisstraf. John H. kreeg acht jaar cel opgelegd. Beide verplegers, maar ook het OM, gingen tegen het vonnis in beroep. Du M. deed dat omdat hij ervan overtuigd is uit 'menselijkheid' te hebben gehandeld en niemand moedwillig van het leven te hebben beroofd. "Ik heb mensen in een uitzichtloze situatie geholpen, daar waar huisartsen het lieten afweten", aldus zijn verklaring voor de rechtbank en later ook voor het hof. De behandeling van het hoger beroep begon op 5 januari van dit jaar. Op de derde zittingsdag verzocht de advocaat van John, mr. M. van Strien, haar cliënt in vrijheid te stellen. Diverse getuigen immers hadden verklaard dat de 94-jarige mevrouw Fischer (de dame heet dan niet langer Sloos - Fischer omdat zij met John H. in het huwelijk was getreden) niet per se door toedoen van de verplegers zou zijn overleden. Volkomen onverwachts werd toen het verzoek om John H. in vrijheid te stellen door het hof ingewil - ligd, omdat"er strafvorderlijk geen ernstige bezwaren meer waren die de gevangenhouding van H. noodzakelijk maakten". Op de volgende zittingsdag betoogde de procureur generaal dat gevangenhouding van H. wel zinvol was. Hij presenteerde een nieuw onderzoek en bij las het vonnis van de rechtbank opnieuw voor, het vonnis dat de rechtbank over H. had uitgesproken. Ook wees hij op het afgetapte telefoongesprek waarop te horen is dat de twee verdachten hopen dat de politie niets te weten zal komen. Onduidelijk blijft in die telefoontap wat de politie dan te weten zou kunnen komen. Het hof bleef echter bij zijn standpunt verpleger John H. niet gevangen te houden. Gisteren maakte John een géirriteerde indruk, of zoals de pg zei: "De vreselijke spijt die verdachte eerder zei te hebben (... )heeft inmiddels plaatsgemaakt voor de houding van een verontwaardigde erfgenaam." John heeft aan de vrijheid geroken en ergerde zich gisteren zichtbaar aan de beschuldigingen die hem ten deel vielen. Ook André schudde steeds zijn hoofd. Toen de diefstallen ter sprake kwamen, verscheen er een blik van onbegrip op zijn gezicht. Of heeft bij spijt? Hij heeft verscheidene diefstallen bekend, maar zoals de aanklager het verwoordt, klopt het vol - gens hem niet. Achteraf, zegt hij, heeft hij verkeerd gehandeld. "Ik had geen geschenken aan mogen nemen", aldus een enigszins berouwvolle André. Geschenken? Pure diefstal, vervolgde de openbare aanklager. De gedragsregels voor de ver - pleging zijn overtreden, er is misbruik gebruik gemaakt van de macht die verplegers hebben in dergelijke situaties en er is geen enkel respect getoond voor hulpbehoevende bejaarden. De verdediging van zowel André als John probeerde het hof ervan te overtuigen dat het bewijsmateriaal van de procureur-generaal heel mager was. Vooral de moord op mevrouw Fischer is volgens de raadslieden geenszins te bewijzen. Er zou zo veel onduidelijkheid en gerechtvaardigde twijfel zijn, dat op dit punt vrijspraak dient te volgen, aldus advocaat Van Strien. "En als er al een causaal verband bestaat tussen de toediening van slaaptabletten en de dood van mevrouw Fischer, dan is dat de verplegers niet te verwijten. Zij handelden immers op voorschrift van de huisarts." Op de zitting verklaarde huisarts S. Zeilmaker dat hij inderdaad Donnieum-tabletten had voorgeschreven om mevrouw Fischer in een sluimerende toestand te houden. Zeilmaker: "Het recept is van mij. Dat is mijn handschrift. Ik heb een hoeveelheid tabletten Dormicum 15 mg afgegeven voor een periode van dertig dagen, één tablet 's avonds in te nemen. Wat mij betreft had het ook twee keer per dag gegeven mogen worden. André en John hebben meerdere tabletten toegediend. Hoeveel precies is niet te achterhalen. Zij beroepen zich ook steeds op het woord van de huisarts.De als deskundige opgeroepen apotheker, professor D. Uges, kon het dan ook niet laten bij het hof op te merken: "Wat vreemd, dit recept is toch door een huisarts voorgeschreven? Wie staat hier dan, de huisarts of de verpleegkundige?" De procureur-generaal vond die stelling te gemak-kelijk. Hij vond ook dat verschillende getuige-deskundigen te veel beïnvloed waren door de verdediging. Uitspraak over twee weken. | 37.2 Haagse verplegers in vrijheid gesteld na uitspraak hofNRC 31-03-98DEN HAAG, 31 MAART.In de strafzaak tegen twee Haagse verplegers heeft het gerechtshof in Den Haag de 42-jarige André du M. vandaag in vrijheid gesteld. De Haagse rechtbank had Du M. vorig jaar veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Het hof spreekt André du M. vrij van zes hem ten laste gelegde moorden op bejaarde Haagse vrouwen. Wel acht het hof bewezen dat bij in 1980 zijn schoonmoeder mede op aandringen van zijn schoonvader door middel van insuline om het leven heeft gebracht. Ook heeft Du M. volgens het hof de opiumwet overtreden ten nadeIe van een bejaarde bewoonster van de Haagse verzorgingsflat Waalsdorp en heeft bij verscheidene malen diefstal gepleegd bij verschillende bewoners van diezelfde flat. Voor deze feiten is Du M. nu veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf waarvan acht maanden voorwaardelijk. Omdat zijn voorarrest al bijna tweejaar duurt, is de verpleger vanmorgen vrijgelaten. Ook de 38-jarige verpleger John H., de zwager van André du M., die al eerder door het hof in vrijheid werd gesteld omdat er "strafvordelijk geen ernstige bezwaren" meer waren die zijn gevangenhouding noodzakelijk maakten, werd vanmorgen vrijgesproken van de meeste hem ten laste gelegde feiten. Het hof achtte de moord op de 94-jarige mevrouw A. Fischer. met wie John H. kort voor haar dood was getrouwd, niet bewezen. Dat beide verplegers mevrouw Fisch, voedsel en drank hebben onthouden is volgens het hof niet vast komen te staan. Evenmin is bewezen dat zij haar te veel slaappillen in één keer hebben toegediend. De huisarts had de Dormicum -tabletten voorgeschreven, en over de dosering bestaat volgens deskundigen onduidelijkheid. Het hof veroordeelde John H. wegens meermalen gepleegde diefstallen wel tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan drie voorwaardelijk. Dankzij aftrek van voorarrest blijft ook hij vrij. De echtgenotes van beide verplegers zouden bij de politie hebben verklaard dat in één keer een grote hoeveelheid Dormicum - ta- bletten was toegediend. Ook André du M. zou dit hebben verklaard. Het hof rekent dit evenwel niet tot de bewijslast, omdat het betwijfelt dat deze verklaringen geheel in vrijheid zijn afgegeven "De politie heeft aanzienlijke pressie uitgedrukt tijdens de verhoren", aldus het hof. John H. erfde als enig erfgenaam van A. Fischer 3,6 miljoen gulden. Familieleden van de vrouw willen nu proberen dat bedrag via een civielrechtelijke procedure terug te krijgen. De echtgenote van André du M. was eerder door de rechtbank tot dienstverlening veroordeeld wegens het plegen van een aantal diefstallen in Waalsdorp. Du M. belde haar na afloop geëmotioneerd op: .,Helemaal niets schatje, vrijspraak voor alles." André du M.(42) was aanvankelijk door het OM zeven moorden op bejaarde vrouwen en diefstal van bezittingen van bejaarden ten laste gelegd. Zijn zwager John H.(38) stond terecht voor het bestelen van bejaarden en medeplichtigheid aan het vermoorden van de 94-jarige A.Fischer, met wie hij kort voor haar dood trouwde en van wie hij 3,6 miljoen gulden zou erven. Ofschoon de rechtbank Du M. wegens meervoudige moord tot levenslang had veroordeeld en H. voor medeplichtigheid van moord met acht jaar cel bestrafte, achtte het hof gisteren het plegen van zes moorden niet bewezen.Du M. kreeg nu twee jaar cel opgelegd, waarvan acht maanden voorwaardelijk, voor het ombrengen van zijn zieke schoonmoeder in 1980 en voor diefstal van bejaarden. H.kreeg een jaar cel, waarvan drie maanden voorwaardelijk, voor diefstal. Na aftrek van voorarrest zijn beide nu vrij. Ook in de zaak die het meest opzien baarde, de dood van de miljonaire A. Fischer, werden de verplegers vrijgesproken. Volgens het OM zouden zij de vrouw opzettelijk geen drank en eten gegeven hebben en zouden ze haar een te grote hoeveelheid slaaptabletten in één keer hebben toegediend. Volgens getuigedeskundigen kan echter geen verband worden aangetoond tussen het overlijden van Fischer en haar gebrek aan eetlust die veroorzaakt zou zijn door de tabletten.Ook is niet aannemelijk gemaakt dat is afgeweken van het door de huisarts goedgekeurde recept van twee tabletten per dag.Familieleden van Fischer hebben beslag laten leggen op de erfenis van 3,6 miljoen gulden. Een civiele procedure moet uitwijzen wie het geld uiteindelijk krijgt.
|
37.3 ‘André is heel warmhartig geweest’ De Haagse ex-verplegers André du M. en John H. zijn sinds gisteren weer vrij man. "Typisch een zaak waarbij het vinden van de waarheid een dubbeltje op zijn kant is." Door KOEN GREVEN en MARGRIET OOSTVEEN NRC 01-04-98DEN HAAG, 1 APRIL. De bewoners van de Haagse verzorgingsflat Waalsdorp hebben gisteren genoten van een modeshow. Het was een rustige dag", zegt de receptioniste. Later in de middag gaf directrice M. van den Broek alle bewoners een samenvatting van het arrest van het Haagse gerechtshof. dat leidde tot vrijlating van de twee ex-verplegers van Waalsdorp, André du M. en John H. "Er waren bewoners bij die heel blij waren", zegt Van den Broek. André du M. was vorig jaar door de rechtbank in Den Haag wegens moord op zes bejaarde vrouwen tot levenslang veroordeeld. Zijn zwager John H. kreeg toen acht jaar voor het plegen van diefstallen bij bejaarden en medeplichtigheid aan moord op de 94-jarige A. Fischer, met wie bij kort voor haar dood trouwde en van wie hij 3,6 miljoen gulden zou erven. Het Haagse gerechtshof echter achtte vijf moorden niet bewezen en sprak de twee ex-verplegers hiervan vrij. Voor het overtreden van de opiumwet ten nadele van een bejaarde, diefstal en moord op zijn bejaarde schoonmoeder in 1980 kreeg Du M. door het hof een gevangenisstraf van twee jaar cel opgelegd, waarvan acht maanden voorwaardelijk. H. kreeg een jaar cel waarvan drie maanden voorwaardelijk wegens diefstallen. Door aftrek van voorarrest zijn beiden nu weer vrij man. Voordat zij A. Fischer. die niet in Waalsdorp woonde, gingen verzorgen, werkten Du M. en John H. in Waalsdorp. "André du M. is voor heel veel mensen zó warmhartig geweest", zegt een 81-jarige bewoonster die haar naam niet wil noemen. Toen zij een aantaljaren geleden na een ongeluk in het ziekenhuis lag, kwam hij haar ophalen. .Daarna heeft André me zó goed verzorgd, dal kon ik niet vergeten." Daarom heeft ze hem "een briefje geschreven om te zeggen dat ik aan hem dacht", en wilde ze bij de uitspraak van het hof aanwezig zijn. B. van Eijck. de raadsman van Du M.. noemde het na afloop "verontrustend" dat het oordeel van het hof zo sterk kan afwijken van het vonnis dat de rechtbank wees. T. Schalken. hoogleraar strafrecht aan de universiteit van Amsterdam, deelt die mening niet. "Dit is typisch een zaak waarbij de waarheids-vinding een dubbeltje op zijn kant is. Je kunt nu eenmaal niet stellen dat iemand een moord een béétje begaat." Het openbaar ministerie kon dus niet anders dan inzetten op alles of niets. Advocaat-generaal D. Kuipers, woordvoerder van het OM, spreekt van "een grote teleurstelling": .,We vragen niet zomaar levenslang. Maar als het volgens het hof niet om moord gaat hou je dus niets meer over." In de uitspraak van het hof hebben twee factoren een belangrijke rol gespeeld. Ten eerste waren er nieuwe verklaringen van getuige-deskundigen, apothekers volgens wie er geen causaal verband bestaat tussen de door Du M. toegediende doses morfine en slaaptabletten en het overlijden van de bejaarde vrouwen. Zij noemden dit ..onvoldoende voor euthanasie" en ..een gedachtespinsel" van het Gerechtelijk Laboratorium. 'Ten tweede achtte het hof belastende verklaringen die de verdachten over zichzelf bij de politie hebben afgelegd onbetrouwbaar omdat tijdens de verhoren "aanzienlijke pressie" zou zijn uitgeoefend. Deze verklaringen mochten daarom niet worden meegenomen in de bewijslast. A. Zeilmaker werd als getuige gehoord omdat bij destijds als huisarts van A. Fischer haar dood constateerde. En door rechercheurs onder druk gezet, zegt bij nu. "Ik word er nog steeds nijdig om. Ze vroegen me hoe mevrouw Fischer er na haar dood bijlag. Ik zei: '(gewoon'. Ze bléven maar vragen: 'Lag ze er dan niet bij met handen als klauwen, alsof ze haar belagers in de dood wilde afweren?' Dat hadden ze van een paranormaal begaafde gehoord." De verdachten werden verhoord onder omstandigheden die deden denken aan de Zaanse verhoormethode, waarbij verdachten zeer langdurig worden ondervraagd en foto's te zien krijgen van hun slachtoffers of eigen familieleden. Dit gebeurde ook in het geval van John H. en Du M.. zij het toch minder indringend. Volgens advocaat - generaal Kuipers is "wanneer je spreekt over ernstige delicten altijd enige druk nodig. Wij vonden de verhoren wel geoorloofd,dat vond de rechter ook. Het oordeel van het hof is naar ons oordeel niet juist." Het OM onderzoekt nog of het mogelijk is om in cassatie te gaan. Volgens strafrechtdes -kundige Schalken is dat in deze zaak "heel moeilijk". Het hof vindt dit de feiten niet op moord wijzen. " Het gaat hier dus om waardering van de feiten, en dat is typisch een zaak waarover de Hoge Raad zich niet uitlaat. Bovendien grijpt de Hoge Raad in de regel niet gemakkelijk in ten nadele van de verdachte." De Hoge Raad kan het arrest nu alleen .,openbreken" indien de motivatie van het hof onvoldoende blijkt. Deze is evenwel zeer uitgebreid. | 37.4 Hof spreekt ex-verplegers vrij van moordVolkskrant 01-04-98 DEN HAAG De Haagse ex-verplegers André du M. en John H. zijn dinsdag tot verrassing van hun eigen advocaten door het gerechtshof in Den Haag vrijgesproken van moord op de miljonaire Sloos- Fischer en vijf andere bejaarden. Volgens het hof is er geen bewijs dat de dood van de ouderen is veroorzaakt door een dosis morfine. De onverwachte uitspraak leidde direct tot grote emoties bij de 42-jarige hoofdverdachte Du M. die vorig jaar nog door de rechtbank was veroordeeld tot levenslang. De Haagse rechtbank vond toen dat 'wettig en overtuigend' was bewezen dat de verpleger de moorden had gepleegd. Du M., wiens optreden door het hof 'verantwoord medisch handelen’ werd genoemd, barstte in huilen uit. Zijn advocaat noemde het arrest 'sensationeel'. 'Niet op basis van emoties maar op basis van het bewijs is het hof tot een oordeel gekomen, namelijk dat hier geen moorden zijn gepleegd', aldus Van Eijck. 'Het geeft te denken dat twee rechtsinstanties zo verschillend kunnen oordelen.' Door de vrijspraak is de kans groot dat H. (39), die eerder was veroordeeld tot acht jaar celstraf, de 3,6 miljoen gulden erft die de 94-jarige miljonaire hem in 1996 had nagelaten. Hij trouwde toen met spoed niet haar. Het OM reageerde met teleurstelling' op het arrest. Bekeken wordt of er gronden zijn om in cassatie te gaan. Het hof sprak Du M. vrij van zes van de zeven moorden die het Openbaar Ministerie hem ten laste had gelegd. Het gerechtshof achtte de ex - zorgmanager van de Haagse serviceflat Waalsdorp wel verantwoordelijk voor de dood in 1980 van zijn ernstig zieke schoonmoeder. Omdat Du M. handelde op verzoek van zijn schoonvader en de 'moord' bijna verjaard was, kreeg hij hiervoor een lichte straf. . Ook de diefstallen die het tweetal tot hun arrestatie in 1996 pleegde bij de bejaarden in de wijk Benoordenhout, achtte het hof bewezen. Du M. kreeg 24 maanden celstraf opgelegd, waarvan acht maanden voorwaardelijk en H. twaalf maanden. De twee vrienden kwamen gisteren meteen vrij omdat ze lange tijd in voorarrest hebben gezeten. Het hof heeft zich in zijn arrest in belangrijke mate laten leiden door diverse getuige-deskundigen die begin dit jaar bestreden dat er een relatie was tussen de overlijdens -gevallen en de hoeveelheid door Du M. ingespoten morfine. Het rechtscollege schaart zich achter hun oordeel dat Du M. 'medisch verantwoord' heeft gehandeld. Ook acht het gerechtshof het 'niet aannemelijk' dat er een causaal verband is tussen de injecties en de ingetreden dood. De toegediende dosis morfine, tien milligram, was immers gebruikelijk. Ook was het te weinig om neveneffecten te veroorzaken. Het hof wijst er verder op dat Du M. vaak handelde op voorschrift van een huisarts. In één zaak zou hij op eigen houtje morfine hebben ingespoten. Van twee andere gevallen is er geen bewijs dat hij morfine heeft toegediend. In de belangrijkste zaak, van Sloos - Fischer, is volgens het hof niet komen vast te staan dat het tweetal haar een groot aantal Dormicum - slaaptabletten in één keer heeft gegeven. Ook de beschuldiging van het OM dat de verplegers de miljonaire opzettelijk geen drank of eten hebben gegeven, zou niet zijn aangetoond. Een bekentenis van de echtgenoten van de verplegers dat Sloos - Fischer in één keer zeven tabletten was gegeven, schoof het hof terzijde.Het vermoedt dat deze verklaringen onder druk van de politie zijn afgelegd. |
37.5 MOORD IS MEDISCH NIET TE BEWIJZEN Analyse uit de Volkskrant 01-04-98 door Stieven RamdharieDe Haagse ex-verplegers zijn in de publieke opinie geldwolven, die alle schijn tegen zich hebben. Toch gaan de mannen nu vrijuit. Volgens het Hof deden ze gewoon wat de huisarts had voorgeschreven. DEN HAAG Toen de Rotterdamse advocaat mr. B. van Eijek vorig jaar het rechtbankvonnis van de Haagse verplegers zaak las, sloeg bij steil achterover. 'Dit kan niet waar zijn', zei de nieuwe raadsman van hoofdverdachte André du M. stomverbaasd. 'Deze zaak is medisch niet eens uitvoerig onderzocht. De uitspraak deugt van geen kanten.' Een klein jaar later, na een hoger beroep waarin medische deskundigen een grote rol speelden, is de advocaat geslaagd in zijn 'onmogelijke' missie: de tot levenslang veroordeelde verpleger André du M. vrij krijgen op basis van deugdelijk juridisch - en wetenschappelijk bewijs. Dankzij twee ziekenhuisapothekers en een verpleeghuisarts is Du M., de man die volgens de rechtbank 'als heer en meester' beschikte over de levens van ouderen, sinds gisteren een vrij man. Evenals zijn zwager John H., aanstaand miljonair. In mei begint nog een civiele zaak waarin twee familieleden van Sloos - Fischer willen voorkomen dat H. de erfenis van 3,6 miljoen erft. Maar door zijn vrijspraak is H., als enige erfgenaam, volgens de wet weer 'waardig om te erven'. De helft, zo heeft hij al gezegd, gaat naar Du M. Door de publieke opinie mogen ze voor geldwolven worden versleten, voor het Haagse hof zijn het verplegers die gewoon deden wat de huisarts ze had voorgeschreven. De flinke zwaai die het Haagse gerechtshof woensdag maakte, was waarschijnlijk overbodig geweest als in 1997 bij de rechtbank wat langer was stilgestaan bij de vraag of de injecties met morfine ook echt de doodsoorzaak zijn geweest. Er waren genoeg getuigenverklaringen dat Du M. ijverig niet morfine spoot in Waalsdorp, het huwelijk van John H. met een 94-jarige miljonaire was inderdaad verdacht en het tweetal stal volop sieraden en kunst van de bejaarden. Maar waar was het wetenschappelijk bewijs waarmee causaal verband werd aangetoond? Pas in januari, bij het begin van het hoger beroep en ruim anderhalf jaar na hun arrestatie, werd duidelijk dat het 'wettig en overtuigend bewijs' van de rechtbank niet voldoende was voor een nieuwe veroordeling. Voor het eerst toonden de apothekers D. Uges en A. van der Kuy, die als getuigedeskundigen nooit waren gehoord door de rechtbank, aan dat er geen relatie te leggen was tussen de gebruikte dosis morfine en de serie overlijdensgevallen. Tien milligram morfine was 'onvoldoende voor euthanasie', betoogde hoogleraar forensische toxocologie Uges stellig. 'Een gedachtespinsel', zo noemde Van der Kuy de theorie van het Gerechtelijk Laboratorium dat de ernstig vermagerde Sloos - Fischer door de Dormicum - slaaptabletten geen zin meer had in eten en uiteindelijk overleed. De gevolgen zijn bekend. Omdat de verdediging flinke gaten had geschoten in het bewijs van het OM en het 'opzettelijk doden' niet langer kon worden aangetoond, besloot het hof H. voorlopig vrij te laten. Met een nieuwe getuige-deskundige, die verklaarde dat de dood van de miljonaire wél kon zijn 'bespoedigd' door Dormicum, probeerde procureur - generaal Nuis nog iets te redden.Hoewel Nuis meteen verklaarde dat er weer een 'stevige verdenking' tegen John H. was, was het kwaad al geschied: er waren genoeg twijfels gerezen over de bewijsbaarheid van wat Du M. en H. was aangewreven. Ook de huisartsen, die wonderlijk genoeg pas bij het hof uitgebreid aan de tand werden gevoeld, deden de zaak van het OM niet goed. Du M. voerde gewoon uit, zo bleek in veel gevallen, wat de huisarts had voorgeschreven. Met het arrest heeft het hof, zo benadrukte Van Eijck, '95 procent van onze eisen gehonoreerd'. Het gerechtshof kon ook niet anders. De verplegers zaak volgt hiermee het patroon van de Leidse 'balpenmoord'. Ook toen kwamen wetenschappers in hoger beroep met het ontlastende bewijs. Maar net als in de balpenzaak, blijven nog veel vragen onbeantwoord. Als Du M. en H. onschuldig zijn, waarom vond zoveel in het geniep plaats, zoals de drastische wijziging van het testament? Waarom liet H. zich niet meer zien na het huwelijk, of bij de crematie? Waarom mocht de miljonaire geen bezoek ontvangen? De rechtszaak heeft het tweetal gewonnen, maar de schijn zullen ze altijd tegen zich hebben. | 37.6 “IK HOOPTE DAT ZE ZOUDEN DOORVRAGEN” De getuigen – verklaring van ziekenhuisapotheker A.Vinks werden in het Haagse verplegers proces terzijde gelegd, ten gunste van de verklaring van een gepensioneerde collega.Gerechtelijk toxicoloog P Zweipfenning is verbaasd: ‘Vinks is niet zomaar een apotheker om de hoek’. De Volkskrant 02-04-98 door Stieven RamdharieIn Nederland behoort ziekenhuisapotheker dr. A Vinks tot de top van medici die met computers kunnen nabootsen hoe een medicijn in het lichaam werkt. ‘Hij is zelfs een van de twee beste’, zegt drs. P Zweipfenning , hoofd toxicologie van het gerechtelijk Laboratorium in Rijswijk.Vinks is niet zomaar een apotheker om de hoek.Toch werd de theorie van Vinks (42) in het proces van de Haagse verplegers moorden terzijde geschoven door het gerechtshof in Den Haag, ten gunste van een collega – ziekenhuisapotheker die zo’n causaal verband vel bestreed, maar geen enkele ervaring had met moderne computersimulaties.Hoe dat kon gebeuren? Vinks weet dat niet. Curieus vond hij het allemaal wel. Nogal opmerkelijk: Tijdens de rechtszaak vroeg niemand aan Vinks, die vorig jaar in Los Angeles nog uitgebreid studie deed naar de computermodellen, hoe groot zijn deskundigheid was.‘Als er twee zulke contrasterende meningen zijn van deskundigen, dan is het toch logisch om door te vragen wie ik ben’, betoogt Vinks, hoofd van het farmaceutisch - en toxicologisch laboratorium van het Haagse Leyenburg Ziekenhuis. ‘Maar niemand, ook het Hof niet, vroeg naar mijn specialisme. Het zij zo. Het ligt niet aan mij om er zelf over te beginnen.Het verrassende slot van de verplegers zaak heeft de aandacht gevestigd op de cruciale rol die getuige deskundigen tijdens een strafproces kunnen spelen. In het Nederlandse rechtssysteem wordt niet bij wet geregeld aan welke eisen de getuige-deskundige moet voldoen. ‘Voor een zaak over vogeltjes kan je in theorie wie dan ook nemen’, zegt Zweipfenning (43) die jaarlijks ettelijke keren in de rechtszaal moet opdraven.De rechter is nog altijd de enige die toetst en uiteindelijk bepaalt of iemand zich deskundige mag noemen. De verplegers zaak heeft laten zien, net als andere, technisch ingewikkelde rechtszaken, dat verdediging en OM kunnen putten uit een ruim aanbod van artsen, farmocologen en toxicologen die elkaar tijdens zittingen niet zelden te vuur en te zwaard bestrijden.‘Zo hevig heb ik het in zestien jaar als getuige-deskundige nog nooit meegemaakt’, zegt Zweipfenning over de vele verschillende meningen tijdens de verplegers zaak. Vooral op basis van Zweipfennings ‘vicieuze – cirkeltheorie’, die er op neerkwaam dat de miljonaire door het gebruik van Dormicum slaaptabletten geen zin meer had in eten en drinken en uiteindelijk overleed, werden André du M. en John H. door de rechtbank veroordeeld.Maar bij het hoger beroep werd Zweipfenning onderuit gehaald door een van de drie nieuwe getuige deskundigen die door de verdediging waren opgetrommeld. Een niet te bewijzen ‘gedachtespinsel’ zo noemde de gepensionerde ziekenhuisapotheker A. van der Kuy de theorie. Hij achtte het, na een computersimulatie, uitgesloten dat de twee Dormicum tabletten per dag Sloos – Fischer hadden gedood.Van der Kuy’s conclusie zou cruciaal blijken te zijn, maar was hij wel de geschikte deskundige voor zo’n belangrijk onderzoek? Zweipfenning:’ Van der Kuy is waardevol vanwege zijn algemene medische kennis, maar hij behoort niet tot de specialisten in Nederland die met een computer goed kunnen nabootsen hoe een medicijn door het lichaam wordt opgenomen en weer wordt afgescheiden. Hij heeft daarmee geen ervaring. Ik vraag me af of het Hof zich dat heeft gerealiseerd’.Het computermodel dat Vinks vervolgens maakte, met de nieuwe technieken, weerlegde de conclusies van Van der Kuy.Vinks:’ Tijdens de zitting zei hij dat ik een mooier plaatje had gemaakt, maar dat we hetzelfde concludeerden. Ik was kwaad. Mijn simulatie toonde aan dat door Dormicum de patiënt wel degelijk in slaap viel en versuft was.’Zweipfenning: ‘Ik had gehoopt dat ze Vinks op de zitting wat meer zouden doorvragen over zijn onderzoek. Meer de diepte in. Het gebeurde niet echt. Het Nederlandse systeem is nu eenmaal zoDat je als getuige-deskundige wacht tot je een vraag wordt gesteld. En Vinks is slechts op een aantal punten iets gevraagd.’ Vinks kan er mee leven dat hij het Hof niet heeft kunnen overtuigen met zijn moderne computersimulaties. ‘Mijn visie vonden ze niet belangrijk genoeg. Jammer.’Hij betwijfelt echter op het Hof tot dit arrest mocht komen. ‘ Daarvoor zijn er teveel twijfels gezaaid door de onderzoeken. Dan moet je de zaak tot verder uitspitten? In Amerika en engeland krijgen deskundigen meer ruimte en tijd tijdens een proces. Daar worden ze ook flink doorgevraagd. Dat zou hier ook moeten gebeuren. |
37.7 Getuigen-deskundigen steeds vaker conflicterend Nieuwsanalyse door F.Kuitenbrouwer NRC 02-04-98 2 APRIL.
De mogelijkheden voor de aanklager om nog iets te doen aan de vrijspraak in hoger beroep van de twee Haagse verplegers zijn niet eenvoudig. Vrijspraak is in beginsel niet vatbaar voor cassatie door de Hoge Raad. Dat komt omdat vrijspraak betrekking heeft op de feitelijke kernvraag in het strafproces: heeft de verdachte het gedaan? De Hoge Raad spreekt zich alleen uit over de juridische dimensie van een zaak en kan zich niet verdiepen in feitelijke kwesties. De enige manier voor de Hoge Raad om toch bij een vrijspraak in te breken, is dat het college tot de conclusie komt dat de vrijspraak zoals dat heet "onzuiver" is. Dat betekent dat bij is ingegeven door een onjuiste opvatting van wet bij de lagere rechters. Dat kan betrekking hebben op de inhoud van een strafbepaling (wat is "ontucht met een onmachtige") maar eventueel ook op de gevolgde procedure. De beroepsuitoefening door de Haagse verplegers roept zeker vragen op. Maar het is een tweede of een strafklacht wegens moord daarvoor het juiste kader vormt.
Grijze gebieden in de beroepsuitoefening zijn eerder een aangelegenheid voor supervisoren en bestuurders om zich aan te trekken. Bij de strafrechter gaat het in de eerste plaats om directe schuld en een onmiskenbaar oorzakelijk verband. Dat laatste werd door het hof nu net niet aanwezig geacht.
Wat betreft de procedure komen twee juridische knelpunten in aanmerking voor eventuele toetsing door de Hoge Raad, het afwijzen door het hof op de tegen de verdachten gebruikte verhoormethode en het gebruik van getuige-deskundigen. De verhoormethoden in dit geval zijn wel vergeleken met de Zaanse verhoormethode.
Dat is een door een communicatiedeskundige begeleide, langdurige ondervraging waarbij de verdachte bijvoorbeeld wordt geconfronteerd met familiefoto's. De Hoge Paad heeft vorig jaar mei kritiek op belangrijke onderdelen van deze methode door het Haagse hof bevestigd. Toch kwam het in deze zaak (het doden van een negenjarig meisje) wel tot een veroordeling. De rol van de getuige-deskundigen trekt in deze zaak speciaal de aandacht. De rechtbank (die tot levenslang was gekomen) was vooral afgegaan op het Gerechtelijk laboratorium. De huisarts en apotheker werden pas door het hof naar voren gehaald. Het was hun verklaring die bijdroeg tot de conclusie dat het oorzakelijk verband tussen het optreden van de verplegers en de dood van de oude dames ontbrak. Van oudsher geldt de getuige-deskundige in het Nederlandse strafproces als een onbetwiste autoriteit. Dit beeld is echter aan het veranderen.
De Leidse strafrechtdeskundige H.J. Nijboer signaleerde onlangs dat deskundigen in strafzaken steeds meer tegenover elkaar komen te staan. Als voorbeeld noemde hij de Leidse 'balpenzaak'; ook daar werd het deskundigenbewijs in hoger beroep door tegen experts onderuitgehaald. Het is de vraag of zo'n verschuiving zo verweven is met de feitelijke kanten van de zaak, dat hij in cassatie niet aan de orde kan komen.
37.8 De expert kleurt het proces.
In de geruchtmakende 'balpenzaak' en ook in de recente verplegers - moordzaak waren het getuige-deskundigen die het proces een beslissende wending gaven. Wordt de expert een speelbal van een gewiekste verdediging? En hoe selecteer je een getuige-deskundige? '
Naar eer en geweten', zegt een raadsheer van het Haagse gerechtshof door Michiel Kruijt en Stieven Ramdharie Volkskrant 09-04-98
ALS ADVÒCAAT C. Raymakers een 'grote zaak' heeft, vindt hij het tegenwoordig niet meer dan normaal om meteen een expert in de arm te nemen. Of het nu gaat om een forensisch accountant in een ingewikkelde Fiod - zaak of een oogspecialist in een intrigerende moordzaak.
Autoriteiten die hij later als getuige-deskundige kan laten opdraven in de rechtszaal.
Raymakers: 'Mijn uitgangspunt is nu eenmaal dat je het Openbaar Ministerie pas geloofwaardig kan bestrijden als je professionals met gezag en expertise tot je beschikking hebt. Kwesties die als vaststaand worden beschouwd in een gerechtelijk dossier, moet je kunnen toetsen. En een tegenonderzoek is een voor de hand liggende manier om iets ter ontlasting van een cliënt in een zaak te brengen.' Raymakers en zijn collega B. Ficq, het succesvolle duo dat de vermeende Leidse 'balpenmoordenaar' Jim T. vrij kreeg, besloten eind 1995 op eigen houtje te onderzoeken of het technisch wel mogelijk was iemand te doden door met een kruishoog een balpen in het oog te schieten. De Leidse rechercheurs en het OM waren zo heilig overtuigd van hun zaak dat ze niet eens de moeite namen om dit aspect van deze bijzondere strafzaak te onderzoe-ken. 'Toppers zochten we toen', zegt Ficq over de speurtocht naar competente onderzoekers.
De Amsterdamse oogarts J. van der Pol, verbonden aan het gezaghebbende Academisch Medisch Centrum (AMC), werd hun belangrijke 'autoriteit'. De proeven van Van der Pol, die aantoonden dat het onmogelijk was een Bic - pen nét zo diep in de schedel te schieten als de pen die in 1991 in het hoofd van Jims moeder was aangetroffen, bleken van cruciale betekenis te zijn. Evenals zijn beheerste en zakelijke uitleg voor de raadsheren van het Haagse gerechtshof. Bovendien werden Van der Pols conclusies daarna nog eens bevestigd door proeven van de Rijksuniversiteit Groningen en het Gerechtelijk Laboratorium.
De afloop is bekend. Jim, eerder nog veroordeeld door de rechtbank tot twaalf jaar celstraf, werd in februari 1996 vrijgesproken, vooral op basis van de verklaringen van de diverse getuigen-deskundigen. De zaak van de Haagse verplegers moorden, waarin het wetenschappelijke bewijs ook een doorslaggevende factor was, kende vorige week eveneens zo'n verrassende ontknoping: de vrijlating van de verdachten. 'Door top -wetenschappers te gebruiken, die met gezag kunnen spreken over een complexe zaak, vergroot je je postuur voor de rechters', zeg Ficq. 'Het rechtscollege móet er aandacht aan schenken vanwege die toppers. Daar ontkomen ze niet aan.' De rol van experts tijdens strafprocessen lijkt te veranderen. Niet alleen worden ze vaker ingezet (vooral in technisch ingewikkelde zaken), maar ook nemen deskundigen in rechtszaken een steeds prominentere positie in. En niet zelden staan ze met hun contrasterende meningen lijnrecht tegenover elkaar in de rechtszaal. De tijd is voorbij dat een proces wordt gedomineerd door die ene gezaghebbende meneer van het Gerechtelijk Laboratorium in Rijswijk, jarenlang de onbetwiste autoriteit. Advocaten zien in toenemende mate het nut van experts om het bewijs van het OM te ontkrachten. Menigmaal blijkt hun rol voor het gerecht een vrij cruciale te zijn, zoals de Leidse 'balpenmoord' en de Haagse verplegers - moorden de afgelopen twee jaar duidelijk hebben gemaakt. Want als niet die batterij verpleeghuisartsen, oogheelkundigen en onderzoekers van universiteiten was opgeroepen, was wellicht nooit het wetenschappelijk bewijs geleverd dat het in beide zaken niet om moord kan gaan.
De vraag is echter of de veranderende rol van de getuige - deskundige moet worden toegejuicht.
Vooral in de Haagse verplegers zaak ontstond het beeld van OM en verdediging die even een 'blik onderzoekers' opentrokken om hun gelijk aan te tonen. Wordt de wetenschapper niet te veel de speelbal van het OM en de verdediging? Dreigt het strafproces niet uit te draaien op een bitter gevecht om de beste en meest gezaghebbende getuige-deskundige? Is de rechter überhaupt nog wel in staat om te oordelen na zoveel vakbekwaamheid?De ophef rond gerechtelijke experts is niet nieuw. Al jaren wordt in wetenschappelijk kring gediscussieerd over de bijdrage van deskundigen aan de bewijsvoering.
In 1992 beleefde die polemiek een hoogtepunt na de verschijning van het spraakmakende boek Dubieuze Zaken. Daarin toonden de psychologen Crombag, Van Koppen en Wagenaar aan dat het bewijs in strafzaken niet zelden op. onzorgvuldige wijze was verzameld. Ook de gerechtelijke onderzoekers kregen er in dat boek van langs: het drietal concludeerde dat er meer eisen aan hen moeten worden gesteld. Want hoe bepaal je hoe deskundig de deskundige is?Rechters zijn nu de enigen die kunnen toetsen of iemand zich forensisch expert mag noemen. Criteria hiervoor zijn er opvallend genoeg niet. De wet zwijgt over de eisen waaraan de getuige -deskundige zoal moet voldoen. 'Wij selecteren naar eer en geweten', zegt een raadsheer van het Haagse gerechtshof die liever anoniem wenst te blijven.
De Leidse hoogleraar strafrecht Nijboer pleit al jaren voor toelatingsexamens: 'Ik ben zelf raadsheer - plaatsvervanger in het gerechtshof van Amsterdam en heb menige beëdiging van vaste gerechtelijke deskundigen meegemaakt. Aan zo iemand wordt op dat moment zelden iets gevraagd. Het is een farce'. 'Er is te weinig controle in de rechtszaal op de antecedenten van deskundigen', is de ervaring van advocaat Raymakers. 'Voorlichting aan de rechters op een te laag niveau kan natuurlijk niet.' Niet alleen moet er volgens Nijboer een lijst komen met 'erkende' specialisten, de expert moet daarnaast ook nog eens in elke strafzaak aantonen dat hij ter zake kundig is. Die strenge eisen zal Nederland sowieso moeten invoeren, meent de hoogleraar, omdat de Europese rechtspraak zich in die richting ontwikkelt. Nijboer: 'Het ministerie van justitie onderschat dat. Ten aanzien van getuigen heeft Nederland al keer op keer de kous op de kop gekregen van de Europese rechter. Je kan bijna voorspellen dat dat ook op het gebied van de deskundige zal gaan gebeuren'.HET IS ook de invloed van de Europese eenwording, zegt Nijboer, door wiens toedoen de Nederlandse advocaat een meer kritische houding is gaan aannemen ten aanzien van deskundigen.
Enkele jaren geleden was dat nog heel anders. De promovendus J. Hielkema - nu advocaat bij een groot kantoor in Rotterdam - constateerde in 1996 dat de mening van de gerechtelijke experts zelden in twijfel werd getrokken. Hielkema bestudeerde een groot aantal Rotterdamse misdrijfzaken en stelde vast dat er in een kwart van die zaken een deskundige aan te pas was gekomen. In geen van die gevallen had de verdediging om tegenonderzoek gevraagd. In veel zaken was daar ook geen aanleiding voor, omdat het bewijsrechtelijk geen ingewikkelde zaken waren'. zegt Hielkema nu. Maar het was toch een opvallende uitkomst. Experts van het Gerechtelijk Laboratorium vertelden me dat zij bijna nooit op de terechtzitting hoeven te komen om nog eens uitleg te geven. Hun vakbekwaamheid stond niet ter discussie, daar verbaasden ze zichzelf ook over.' Volgens Hielkema heeft dat te maken met ons strafrechtsysteem, dat is gebaseerd op vertrouwen. In Nederland is er geen 'adversarial - cultuur' zoals in de Angelsaksische landen, waar het conflictmodel in de rechtspraak is ingebouwd. Maar hoe komt het dan, zo vraagt Nijboer zich af, dat in de Franse rechtszaal het debat ook een doodnormale zaak is, terwijl daar een vergelijkbaar rechtssyteem bestaat als in Nederland? Hij geeft zelf het antwoord: 'Het heeft ook te maken met onze compromiscultuur. Unanimiteit van de onderzoekers draagt bij aan de bruikbaarheid van het rapport, denken wij als enige in de wereld. Kijk snaar de rapportages van het Pieter Baan Centrum over toerekeningsvatbaarheid. De rest van de wereld snapt niets van die consensus in de Nederlandse wetenschap.'
Wetenschap is per definitie strijd, zegt W. Wagenaar, de psycholoog en hoogleraar die zes jaar geleden een 'steen in de vijver wierp' met Dubieuze Zaken. Daarbij maakt het zelfs niet uit of het om bèta - wetenschappers of om gedragsdeskundigen gaat, meent Wagenaar. 'De rechter wil in complexe rechtszaken steeds de grens van de wetenschap weten. Daar is altijd discussie over.' Anders dan veel juristen meent Wagenaar dat de oplossing niet moet worden gezocht in het oproepen van meer deskundigen in de rechtszaal maar juist in minder. 'Anders wordt het een tombola, zegt de wetenschapper. Voorwaarde is daarbij wel dat de expert voor de rechter moet aantonen dat hij van wanten weet. Wagenaar: 'Het allerbelangrijkste is dat je als deskundige moet aantonen dat er op jouw vakgebied gevalideerde en geaccepteerde onderzoeksmethoden bestaan om aan te tonen dat iets wel of niet zo is. Als zo’n methode niet bestaat, moet je gewoonweg niet als deskundige optreden. 'In de rechtszaal moeten theorieën worden aanvaard die zich aan de rand van de wetenschap bevinden. Dat is iets voor de industrie niet voor de rechter.De rechter kan dat ook niet aanvaarden want hij loopt niet het risico. Dat doet de verdachte.' Wagemaar treed vaak op als wetenschapper in strafzaken en stelt dat de kritiek uit Dubieuze Zaken onverkort geldt. Nog steeds wordt het getuige-deskundigen niet moeilijk gemaakt in de rechtszaal.Wel in Israël, waar Wagenaar als expert optrad in het proces tegen John Demjanjuk, de van oorlogsmisdaden beschuldigde Amerikaan 'In Jeruzalem werd ik een week lang doorgezaagd over de vraag waarom ik deskundig zou zijn. Er werden me vragen gesteld als: ‘kent u die auteur’ en ‘wat heeft die auteur voor het laatst geschreven’. Het leek wel een overhoring. Dat was niet altijd prettig. Maar voor het belang van de zaak moet je dat er maar voor over hebben. Zoiets heb ik in Nederland nooit meegemaakt.'
TWEE JAAR nadat Raymakers en Ficq Jim T. vrij wisten te krijgen, reageren ze eensgezind wanneer hen wordt gevraagd wat ze hadden gedaan als ‘hun’ wetenschappelijk onderzoek de andere kant was op gegaan. Als Van der Pol had aangetoond dat de ‘balpenmoord’ technisch wél mogelijk was.Ze geven toe dat ze met het onderzoek een risico namen. De conclusies van oogspecialist Van der Pol, zegt het tweetal, hadden ze in dat geval terzijde geschoven.De deskundige als speelbal van de advocaat? Raymakers:’Het was óns onderzoek en we hadden niet de plicht dat bij de rechtszaak in te brengen. Een advocaat die het belastende bewijs tegen zijn cliënt aandraagt, is verkeerd bezig.








