Ontwikkeling

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Rechtspraak Levenslange gevangenisstraf requisitoir Parket Generaal bij zaak moordenaar Fortuyn

requisitoir Parket Generaal bij zaak moordenaar Fortuyn

E-mail Afdrukken PDF
 

Volgende tekst ontleend aan requisitoir Parket Generaal bij zaak moordenaar Fortuyn

Levenslange gevangenisstraf is in ons land de zwaarste strafrechtelijke sanctie.
Is deze sanctie onmenselijk?

Met een beroep op het EVRM is wel betoogd dat sprake zou zijn van een inhumane straf in de zin van artikel 3 EVRM, indien een gestrafte in de gevangenis zou moeten sterven. Ook het ontbreken van enige mogelijkheid tot terugkeer in de maatschappij zou onmenselijk zijn.
De Hoge Raad (HR 9 maart 1999, NJ 1999, 435) heeft een dergelijk beroep verworpen, nu daarvoor geen steun kan worden gevonden in het recht. Daarbij verwijst de HR naar de conclusie van de AG, die terzijde overweegt dat ook levenslang gestraften voor ambtshalve gratiëring in aanmerking kunnen komen, bij voorbeeld door omzetting van de levenslange straf in een tijdelijke. Ook wijst de AG erop dat in het resocialisatiebeginsel van de Beginselenwet Gevangeniswezen , inmiddels vervangen door de Penitentiaire Beginselenwet, niet een aanspraak van iedere veroordeelde op invrijheidstelling besloten ligt.
In hetzelfde arrest is een beroep op artikel 5 lid 4 EVRM aan de orde, vanwege het ontbreken van de mogelijkheid de rechtmatigheid van de verdere tenuitvoerlegging te laten toetsen.
Ook dat wordt verworpen met verwijzing naar de conclusie van de AG, die deze baseert op een uitspraak van Het Europese Hof (EHRM 18 juli 1994. NJ 234). In die uitspraak oordeelt het Hof, in aanmerking nemende dat levenslang ook kan worden opgelegd bij geestelijk gezonde en ongevaarlijke daders, dat de veroordeelde, gelet op het overwegend punitieve karakter van de opgelegde straf, aan artikel 5 lid 4 niet het recht kan ontlenen opnieuw de rechtmatigheid ervan te laten beoordelen. De AG wijst daarnaast op artikel 2 aanhef en onder b Gratiewet jo. 558 e.v. Sv., waaronder de zogeheten volgprocedure langgestraften ressorteert. Ook levenslang gestraften komen voor die procedure in aanmerking. De procedure kan ertoe leiden dat men op jaren wordt gesteld in een situatie waarin met verdere tenuitvoerlegging van de straf geen enkel in ons strafrecht erkend doel in redelijkheid meer wordt gediend. Voorts wijst de AG op het recht van de veroordeelde om gratieverzoeken in te dienen op grond van artikel 2 Gratiewet. Tot slot noemt hij ook nog de mogelijkheid de rechtmatigheid van de detentie ter toetsing voor te leggen aan de burgerlijke rechter via een kort geding.

Toetsing aan het EVRM leidt tot de conclusie dat levenslange gevangenisstraf niet onmenselijk is.
Ook de European Committee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading Treatment or Punishment van de Raad van Europa wijdt in zijn “Standards” een passage aan levenslange gevangenisstraf. Daarin komt tot uitdrukking dat deze niet als onmenselijk wordt beschouwd, tenzij de omstandigheden waaronder die straf ten uitvoer wordt gelegd daartoe aanleiding geven.

De strafduur vormt de crux van deze zaak.
Hoe lang moet de straf duren om recht te doen aan de ernst van het feit –en waar ik spreek over het feit doel ik daarmee op alles wat verdachte is telastegelegd, nu dit één feitencomplex vormt, waarin uiteraard de moord centraal staat- , de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte.
Ofwel: hoe verwijtbaar is het handelen van verdachte, zowel in objectieve als in subjectieve zin.

Straftoemeting

De strafoplegging dient in overeenstemming te zijn met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte.

In het kader van de straftoemeting moet aan de hand van objectieve en subjectieve verwijtbaarheid een passende straf worden vastgesteld. Passend bij de daad en de dader, maar ook bij de in onze samenleving aanvaarde strafdoelen, te weten vergelding, preventie en terugkeer in de samenleving.

De objectieve verwijtbaarheid wordt bepaald door de concrete factoren die het beeld van het feitencomplex vormen. Derhalve factoren die rechtstreeks met het feitencomplex samenhangen, zoals de omvang daarvan, de wijze van uitvoering, het veroorzaakte leed, de toegebrachte schade, het genomen risico en de rol van de dader.

De subjectieve verwijtbaarheid kan door tal van omstandigheden worden bepaald. Allereerst natuurlijk door de persoonlijkheid van de dader, maar ook door diens sociale achtergrond, de gevolgen van het gebeurde voor hemzelf, zijn motief, zijn proceshouding. Kortom door omstandigheden die de persoon van de dader betreffen.
 
 

Wie is online

We hebben 37 gasten online

Zoekfunctie

Thrillers & fantasy boeken (234x60)

De Dood als Machtsmiddel

cover boek

Dit boek gaat over de Dood als Machtsmiddel, Moord en Doodslag door verpleegkundigen. Het proces tegen Lucia de Berk, de Haagse verpleegkundige die tot levenslang werd veroordeeld, zonder directe bewijzen, leidde ertoe dat ik een onderzoek startte naar het voorkomen van Moord en Doodslag door verpleegkundigen. Dit onderzoek betreft een vijftal strafzaken in Nederland en een aantal strafzaken in Duitsland, België, Oostenrijk/Zwitserland en Engeland. Uitgeverij Boekscout ISBN 9789088346798 prijs € 17,95. Men kan het ook bij mij bestellen.