We hebben 304 gasten online

'Holdomor' Genocide door hongersnood in de OekraÏne

Gepost in Rusland

holdomor 'Holdomor' is het Oekraïnse woord voor 'Genocide door middel van hongersnood'

Tussen eind 1932 en najaar 1933 lieten ten minste 6 miljoen Oekraïners het leven bij een kunstmatig veroorzaakte hongersnood. De ramp was het directe gevolg van de gedwongen collectivisering van de landbouw en de politieke wil van Moskou af te rekenen met de nationale minderheden.

7 miljoen

Poster, designed by Roxolana Luchakowsky-Armstrong. An estimated 15,000 Ukrainian Americans turned out for the rally, and several thousand of them carried copies of this poster on the march to the Soviet Embassy. In Famine in the Soviet Ukraine 1932-1933: A memorial exhibition, Widener Library, Harvard University, Harvard University Press, Cambridge, Massachusetts, 1986, p. 61.

 

1926 population

1939 population

% change

USSR

147,027,900

170,557,100

+15.7

Russians

77,791,100

99,591,500

+28.0

Byelorussians

4,738,900

5,275,400

+11.3

Ukrainians

31,195,000

28,111,000

-9.9 90

De omvang van de demografische catastrophe die de Oekraïners trof komt scherp naar voren als we de bevolkingscijfers van 1926 en 1939 vergelijken met de drie Oost Slavische naties en de Sovjet Unie als geheel.Vergelijking met de Byelorussen is speciaal van belang omdat politiek gesproken ze te vergelijken zijn met de Oekraïners omdat zij onder dezelfde politieke druk stonden om te assimileren tot Sovjet Burgers, maar ze hadden niet te maken met hongersnood. Meer nog de bevolkingsgroei van de Oekraïne was significant hoger dan de groei van de Byelorussen totdat de hongersnood in de Oekraïne uitbrak.

Bron: The man-made famine of 1933 in Soviet Ukraine: what happened and why by Dr. James E. Mace

kaart oekraine

De vergeten zes miljoen

Herinneringen aan een Sovjetdrama

"We wisten het wel maar we deden niets omdat de Russen zeiden dat het niet waar was". In grote trekken was dat de houding van het Westen toen meer dan 70 jaar geleden het Sovjetregime ten minste zes miljoen mensen moedwillig liet verhongeren. Hier en daar kwamen wel hulpacties op gang maar die konden niets uitrichten: volgens het Kremlin was er geen sprake van hongersnood en buitenlandse hulp was dus overbodig.

Zelfs ongewenst. De deur bleef dicht. Toch stierven erin de lente van 1933 elk uur 75000 mensen de hongerdood, voornamelijk in de 'graanschuur van Europa', de Oekraïne.

Een van de ernstigste hongersnoden in de geschiedenis werd een 'officieel geheim' dat de Russen ondanks alles willen bewaren. Tot de dag van vandaag. VVaarom?

De reden was simpel: Dit was geen hongersnood die veroorzaakt werd door een natuurramp zoals grote droogte of overvloedige regen; hij was opzettelijk gecreëerd en werd in stand gehouden als uitvloeisel van het streven om de nieuwe socialistische republiek in snel tempo tot een industriële mogendheid te maken. Voor het bereiken van dat doel was de landbouw een van de basisfactoren. Die moest zorgen voor voedsel voor de stedelingen en het groeiende industriële proletariaat. Landbouwprodukten waren ook een exportartikel dat buitenlandse valuta opleverde om machines en technische kennis te kopen.

Van oudsher waren de boeren in Rusland een geduchte macht. Het was niet voor niets dat een van de eerste decreten die Lenin tijdens zijn eerste toespraak in Petrograd in november 1917 afkondigde, over 'land' ging: het persoonlijke bezit van kroon, kloosters en kerk in de vorm van grond, landbouwbedrijven, vee en machines werd zonder compensatie afgeschaft en genationaliseerd. Het was een geqaar in de richting van-de boeren om hen, door ze grond in gebruik te geven, te winnen voor de zaak van de revolutie. Maar de remedie was erger dan de kwaal: er waren zoveel boeren die de wijk hadden genomen naar de stad en nu naar het platteland terugkeerden, dat de gemiddelde oppervlakte per boer nauwelijks toenam. En met al die kleine bedrijven was het moeilijk om de voedselproduktie planmatig in de hand te houden.

Toen dat inderdaad niet lukte en er gebrek aan eten kwam, trokken gewapende stedelingen naar het platteland om 'overschotten' in beslag te nemen. Dat Qptreden, het 'recht op inspectie en controle' van de sovjetcommissarissen en de burgeroorlog die nog steeds woedde, veroorzaakten een grote chaos die honger bracht, vooral in de steden.

Marktmechanisme terug

Lenin was eerst van plan geweest om boeren die ondershands landbouw- produkten verkochten, hard aan te pakken. Maar hij koos ten slotte voor een compromis om het communistische regime de tijd te geven zich te stabiliseren. Het Centrale Comité van de Communistische Partij stelde hij een Nieuw Economisch Programma (NEP) voor, om het de boeren aantrekkelijk te" maken méér te produceren. Het plan kwam erop neer dat er niet langer lukraak graan gevorderd zou worden maar dat de boeren een van tevoren vastgestelde belasting-in-nature (van 1923 af in geld) moesten betalen. Als ze meer produceerden ;mochten ze het overschot zelf houden en vrijelijk verkopen. "

In feite was het programma een terugval naar de vrije markt, maàr het werkte. Zozeer zelfs dat de stedelingen begonnen te klagen dat ze een willoos werktuig waren in.de handen van de boeren en vrije handelaars. Ze hadden te lijden van prijsschommelingen en werkloosheid en al gauw deed de grap de ronde dat NEP stond voor: Nieuwe Exploitatie van het Proletariaat.

Op het platteland heersten dan wel betrekkelijke rust en welstand, maar de industrialisering vlotte niet zoals de heersers in het Kremlin dat wensten. De oorzaak was snel gevonden: de boeren, en met name de koelakken, de 'rijkere' boeren, hadden blijkbaar te veel vrijheid gekregen en dus te veel macht, zo luidde de redenering. (Naarmate de tijd voortschreed werd het begrip 'koelak' overigens steeds rekbaarder; een boer met een paar stuks vee en een paard werd al gauw een 'rijke' boer, en ten slotte kreeg iedereen die zich niet inzette voor de regeringsplannen het predikaat 'koelak'.)

In 1926 nam de regering dan ook maàtregelen: de prijs van graan werd met twintig tot 25 procent verlaagd. Voor de poeren was het nu nauwelijks rendabel meer om graan te verbouwen, dus schakelden ze over naar andere landbouwprodukten. Maar graan was brood voor dè industrie-arbeiders; graan betekende exportinkomsten. Het conflict was onvermijdelijk.

In 1928 achtte de naar alleenheerschappij strevende Stalin zich voldoende zeker van zijn machtspositie om eigener beweging op treintournee naar Siberië te gaan. Daar, ver van Moskou, trok hij ongewoon hard van leer tegen partij- en regeringsfunctionarissen, die hij ervan beschuldigde nalatig te zijn geweest bij het binnenhalen van de oogst. Ze konden hun oren niet geloven.. Stalin sprak klare-taal: 'Jullie schijnen er je geen zorgen over te maken dat het land in een graancrisis komt. Ik vertel je dat iedere koelak duizend ton graan verborgen houdt. Wij kunnen ons niet veroorloven afhankelijk te zijn van de nukken van de koelakken.'

Die woorden waren het startsein voor wat men noemt de 'tweede revolutie' of 'de oorlog tegen de natie'.

Vergelijking ontwikkeling Collectivisatie van de landbouw

 

Ukraine

Russia

Late 1929

8.6% of peasant farms

7.4% of peasant farms

Early 1930

65% of peasant farms

59% of peasant farms

Mid-1932

70% of peasant farms

59.3% of peasant farms

Koelakken eruit

Het eerste vijfjarenplan ( 1928-1933), haastig in elkaar geflanst en vol. met onrealistische projecten, moest de boeren de nek breken. Het Politburo kondigde de algehele 'collectivisering' van de landbouw af. In de winter van 1929, toen duidelijk werd dat de boeren met dat vooruitzicnt weinig aandrang toonden om de produktie op te voeren, concludeerde Stalin: 'De koelakken moeten als groep verdwijnen .We moeten ze in een open gevecht neerslaan en hen de bronnen van inkomsten ontnemen.' De koelakken waren in feite vogelvrij verklaard: hun bezittingen werden hen afgenomen, en tot collectieve bedrijven mochten ze niet toetreden. Tussen 1930 en 1932 werden ze Of geliquideerd, of in kampen opgesloten of naar Siberië verbannen. Toen de 'schoonmaak' voorbij was, waren drie miljoen mensen verdwenen.

Intussen werden de orders uit Moskou zo ijverig uitgevoerd dat tussen januari en maart 1930 het aantal collectieve bedrijven bijna verdubbelde. Het ging veel te snel, en het was zeer waarschijnlijk dat de ontwrichting nadelig zou zijn voor de komende oogst. Stalin zocht opnieuw naar zondebokken en vond ze:

'linkse elementen' die de collectieve landbouw bureaucratisch verordonneerden en de boeren afschuwelijk bedreigden, zo schreef hij in een artikel dat hij de titel gaf 'Dronken van Succes'

Het waren huichelachtige woorden die vermindering van de druk op de boeren aankondigden. Met succes, want de oogst van 1930 was, begunstigd door uitzonderlijk goed weer, goed.

Voor de toekomst was die oogst echter een onzalige zaak, want op grond van die oogst werd in Moskou het Quotum graan dat aan de staat moest worden afgegeven voor 1931 op het zelfde peil vastgesteld. In 1931 echter waren de klimatologische omstyandigheden veel slechter, en lag de productie 20% beneden die van het jaar ervoor.

Toen er moeilijkheden ontstonden bij de afdracht, werden er troepen en politie ingezet die de boerderijen afstroopten om graan in beslag te nemen, geheel volgens de directieven uit Moskou: het graan moest ksote wat het kost komen.. Graan dat de beoren zelf nodig hadden voor eigen consumptie werd gevorderd, zelfs zaaigraan voor het volgende graan. iedereen kon op zijn vingers uittellen dat hier iets heel erg mis dreigde te gaan. 

Rode bezem

Zelfs de communistische leiders in de Oekraïne hadden het in de gaten en bepleitten in Moskou verlaging van het quotum 'om een ramp te voorkomen'. De honger begon zich al af te tekenen en ten slotte zwichtte het Kremlin voor de argumenten en stemde toe in een reductie van de eisen, maar de verlaging was volstrekt ontoereikend. Molotov, een van Stalins vertrouwelingen, werd naar de Oekraïne gestuurd 'om erop toe te zien dat er geen loopje wordt genomen met de verlangens van de regering'. Er werden speciale 'gevechtstroepen' van arbeiders gevormd die als een 'rode bezem' over het land veegden.

Het Kremiin kwam met extra straffe maatregelen: een wet op 'onmaatschappelijk handelen' maakte het stelen van 'socialistisch eigendom' strafbaar - minimaal vijf jaa strafkamp of maximaal de dood. In het gebied van Vinnitse werden hongerige boeren op die grond inderdaad tot vijf jaar veroordeeld omdat ze een onrijpe maïskolf hadden gestolen, en in de streek van Dnjepropetrovsk kregen honderden boeren de kogel toen ze. betrapt werden bij het stelen van een zak graan.

Maar hoe naarstig en hardnekkig het graan ook werd 'gevorderd', er kwam maar drie kwart van het verlangde Quotum binnen. In januari 1933 stelde het Centrale Commité vast dat de Partij-organisatie in de Oekraïne 'in de haar toevertrouwde taak was tekort geschoten en versterking behoefde'. Die versterking bestond uit een aantal Moskouwse getrouwen onder leiding van Postysjev ( lid van het Politburo en voorzitter van de Oekraïnse communistische partij). die strategische posities bezetten en met grote doortastendheid aan het werk togen. Overal was het Rode Leger aanwezig. Vliegtuigen patrouilleerden boven de akkers en uit wachttorens bespieden slodaten het werk van de boeren. Elke vorm van nalatigheid of weerbarstigheid werd onmiddelijk bloedig gesmoord. Brigades uit de steden kwamen helpen bij de oogst, maar de ontwrichting was nu zo groot geworden en de honger zo alomtegenwoordig, dat de vroeger welvarende gebieden meer weg hadden van een geweldig slagveld.

Kannibalisme

Toen de Amerikaanse journalist Ralph Barnes van de New York Heraid Tribune in de lente van 1933 in voorzichtige bewoordingen rapporteerde dat de Sovjetunie met een ramp van ongekende afmetingen werd bedreigd, kwam er onmiddellijk een algemeen verbod voor journalisten om naar 'bepaalde' gebieden te reizen.

Malcolm Muggeridge, die voor de Engelse Manchester Guardian in Moskou was, liet echter een Russische kennis een, treinkaartje kopen en vertrok zelf naar de Oekraïne zonder dat hij werd opgemerkt door de geheime politie. Hij zag met eigen ogen wat er aan de hand was: 'het was afschuwelijk en onvergetelijk - verlaten dorpen, overal"hongerige gezichten zonder hoop, verwaarloosde akkers, boeren die in goederenwagons werden geladen als vermeende koelakken, op weg naar strafkampen in Siberië... Ik realiseerde mij dat wat ik zag niet zomaar een hongersnood was maar een staat van oorlog met de boeren en de ontwrichting van de I landbouw in een van de vruchtbaarste gebieden van Europa.'

In dezelfde krant schreef Gareth Jones, de vroegere secretaris van de Britse eerste minister Lloyd George, in bijna dezelfde bewoordingen over de verschrikkingen die hij had gezien. Ook hij was door de censuur heengeglipt, en met een rugzak vol etenswaar was hij te voet naar het hongergebied getrokken: 'Rusland is in de greep van een hongers nood die net zo erg is als die in 1921... .

Miljoenen mensen worden met de hongerdood bedreigd. Nooit zal ik de opgezwollen lichamen vergeten van de kinderen die ik zag in de dorpen waar ik de nacht doorbracht', rapporteerde hij.

hongerende kinderen

Photograph taken in Soviet Ukraine, 1932-1933. In Famine in the Soviet Ukraine 1932-1933: A memorial exhibition, Widener Library, Harvard University, Harvard University Press, Cambridge, Massachusetts, 1986, p. 51.

Maar afgezien van deze twee doorzetters had de censuur groot succes: journalisten werden bij hun berichtgeving 'begeleid' zodat hun reportages voorzichtig van toon en halfslachtig van aard waren. En als de correspondenten niet in het gareel wilden lopen, werden ze het land uitgezet. Het Kremlin zelf stuurde een stroom opgepepte berichten over industriële successen de wereld in en ontkende glashard dat er hongersnood was, daarbij geholpen door westerse journalisten die niet de kans wilden lopen uitgewezen te worden.

Het resultaat: verwarring. Was het nu waar of niet? Vooral Walter Duranty van de New York Times was een meester in het gedraai met woorden. Van hem is de volgende zin afkomstig uit een van zijn verslagen: 'Er komen geen gevallen van echte honger of sterfgevallen door honger voor maar er is wel sprake van veelvoorkomende sterfte door ziekten die het gevolg zijn van gebrek aan voedsel.'

De werkelijkheid was dat in de steden en ophet platteland de mensen op straat, in de tram, langs de wegen, op de akkers stierven van horger. Ophaalploegen, zelf uitgeteerd van honger, konden het werk nauwelijks aan om alle slachtoffers naar massagraven te brengen. De berichten die langzamerhand. ook van niet-journalisten tot het Westen doordrongen, werden zo talrijk en zo ernstig dat er hulpacties op touw werden gezet.

Op instigatie van de aartsbisschop van Wenen, kardinaal Innitzer, werd op de Internationale Conferentie voor Hulp aan de Hongerlijdende Bevolking van Rusland in december 1933 een resolutie aangenomen die in pamfletvorm op ruime schaal werd verspreid:

'Ondanks alle pogingen om te ontkennen dat er een catastrofale hongersnood in de Sovjetunie heerst... verklaren wij met de meeste nadruk dat er in de loop van het jaar miljoenen onschuldige mensen van honger zijn omgekomen.'

Op beweringen van Innitzer dat er gevallen van kannibalisme voorkwamen, zei een woordvoerder van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken laconiek: 'Ik kan u tot mijn blijdschap meedelen dat wij noch een hongersnood nog kardinalen in Rusland hebben.'

Maar Harry Lang, een Amerikaanse journalist, had zelf in het kantoortje van een sovjetfunctionaris een aanplakbiljet gezien waarop een vrouw met een opgezwollen kind aan haar voeten stond afgebeeld. Er boven stond: 'Het eten van kinderen is kannibalisme'. De sovjetfunctionaris antwoordde Lang: 'We moesten het gewoon doen als waarschuwing.' 

 door de honger omgekomen

Passers-by no longer pay attention to the corpses of starved peasants on a street in Kharkiv, 1933. In Famine in the Soviet Ukraine 1932-1933: A memorial exhibition, Widener Library, Harvard University, Harvard University Press, Cambridge, Massachusetts, 1986, p. 35.

Hoeveel gevallen van kannibalisme zijn voorgekomen, is niet met zekerheid te zeggen, maar onder de gevangenen van' de Solovetski - eilanden (een klein groepje eilanden in de Witte Zee) waren er in 1936 325 mensen die om die reden waren veroordeeld.

Voorzichtige schatting

Met grote nauwkeurigheid is niet te zeggen hoeveel mensen het slachtoffer werden van de hongersnood. Chroesjtsjov schreef er in zijn mémoires over: 'We zullen misschien nooit weten hoeveel mensen er zijn omgekomen als direct gevolg van de collectivisering of indirect als gevolg van Stalins drang om de mislukking ervan toe te schrijven aan anderen.' Maar Chroesjtsjov vergat gemakshalve om te vermelden dat de regering opdracht had gegeven alle bewijzen van' de ramp te verstoppen. Geboorten- en sterftecijfers over de hongersnood jaren mochten niet worden gepubliceerd en zijn nooit vrijgegeven; evenmin statistische gegevens die gebruikt konden worden om het exacte aantal doden te berekenen.

Aan de hand van cijfers o,:er voorgaande jaren, extrapolaties daarvan en lange-termijnprognoses van de bevolkingsgroei is men er toch in geslaagd om een beeld te krijgen van de 'breuk' in de ontwikkelingslijn. Op grond-daarvan en van schattingen van Europeanen en Amerikanen die toentertijd in Moskou woonden en over goede informatiebronnen beschikten, moet worden geconcludeerd dat van laat 1932 tot de herfst van 1933 op zijn minst zes miljoen mensen van de honger zijn gestoryen. Algemeen wordt die schatting als 'voorzichtig' beschouwd. Petrovsky, . de voorzitter van de Oekraïense sovjetrepubliek, liet zich eens ontvallen dat 'men wist dat er miljoenen omkwamen'.

'Vuige propaganda'

Ondanks de stortvloed van getuigenissen, bewijzen, foto's en rapporten bleven de Russen ontkennen dat er hongersnood was. Ze hadden voor zichzelf uitgemaakt dat er geen andere keus was: dit was geen gewone hongersnood maar uithongering en vernietiging van bevolkingsgroepen die zich niet met 'enthousiasme' wilden schikken naar de plannen van de leiders in het Kremlin.

Daarbij was het ook een gevecht om nationale minderheden ondergeschikt te maken aan de wil van Moskou. Lenin had hen wel vrijheid beloofd, maar Stalin had beide elementen aan elkaar gekoppeld: voor hem was de zaak van regionaal nationalisme in essentie een zaak van de boeren. Die zaak werd door de opzettelijk veroorzaakte hongersnood opgelost.

Het aanvaarden van buitenlandse hulp-zoals in 1921 was gebeurd - was daarom onmogelijk. Dat zou hebben betekend dat het buitenland had kunnen zien met wat voor barbaars geweld en meedogenloosheid de leiders van de sovjetrepubliek hun wil aan de bevolking oplegden en er niet voor terugschrokken om miljoenen de dood in te jagen teneinde politiek beleid door te zetten. Kameraad Litvinef had eens gezegd dat 'voedsel een wapen is'., welnu, dat wapen hanteerden de leiders. Maar niemand behoefde dat te weten. Hoewel kerkelijke en humanitaire organisaties dus hier en daar hulpacties probeerden te organiseren, keek het diplomatieke Westen geïnteresseerd maar uiterlijk onbewogen toe. Voor de Russen was dat een grote geruststelling. Ze hadden allerminst behoefte aan opschudding; zij waren druk bezig om internationaal erkend te worden. Alle berichten over hongersnood werden daarom afgedaan als 'vuige nropaganda' om de gigantische prestaties van het sovjetbewind in diskrediet te brengen.

Het beeld van barbarisme paste slecht bij het streven naar diplomatieke érkenning door de Verenigde Staten (in het najaar van 1933), het lidmaatschap van de Volkenbond (toegelaten in 1934) en de voorbereiding van een aantal non-agressiepacten.

Onvriendelijke daad

Hoewel de westerse regeringen zwegen, waren zij wel degelijke op de hoogte. Uit rapporten van het Amerikaanse departement van Buitenlandse Zaken is gebleken dat de Russen tegenover het corps diplomatique in Moskou 'vrijelijk het bestaan van de hongersnood erkenden' en het aantal doden op zeven à acht miljoen schatten. In juli 1933 rapporteerde de Britse consul-generaal in Moskou dat 'niet-geautomatiseerde schattingen van het aantal mensen dat in het afgelopen jaar, direct of indirect, als gevolg van ondervoeding om het leven is gekomen, het fantastische cijfer van tien miljoen belopen.' De regering van Ramsay MacDonald was dus uitstekend geïnformeerd, maar zij hield de informatie voor zichzelf. De woordvoerder van de regering in het Hogerhuis, zei doorleuk:"

'Het is niet de zaak van onze regering om in discussie te treden over ... interne aangelegenheden van andere landen. Zij wint daarover geen informatie in en dus bestaan er geen documenten.'

 

Opmerkelijk is overigens dat de honger meestal ter sprake kwam tijdens de debatten over de Brits-Russische handelsbetrekkingen. Er waren nogal wat parlementsleden die klaagden over de 'dumping' van artikelen die de Russen tegen lage prijzen verkochten omdat ze 'dwangarbeiders' gebruikten. Anderen echter zagen in de Sovjetunie met zijn 160 miljoen inwoners de 'enige nieuwe markt die open ligt voor de Britse handel".

 

Het Westen liet de sovjetleiders dus ongemoeid. Het had zijn eigen zorgen: crisis, werkloosheid en opkomend fascisme. En, om met de Britse regering te spreken, het publiceren van een Witboek (waarom was gevraagd) zou door de sovjets als 'een onvriendelijke daad' worden beschouwd. Het aanbieden van hulp zouden zij als 'smaad' beschouwen omdat zij immers ontkenden dat er hongersnood was.

Flink aanpakken

 

En die ontkenning is nog steeds onverkortvan kracht. Toen de Canadian Broadcasting Corporation in het voorjaar van 1983 een televisieprogramma uitzond over de hongersnood, reageerde de Russische ambassade in Ottawa met een persbericht. De bewoordingen van het communiqué waren een getrouwe weergave van de reacties van het Kremlin meer dan 70 jaar geleden:

 

'Verhalen die recentelijk in dewesterse nieuwsmedia zijn verschenen proberen de indruk te wekken dat er een kunstmatig gecreëerde hongersnood heerste in de Oekraïne in 1932-1933 omdat de boeren, zo wordt er gezegd, zich verzetten tegen de collectieve bedrijven. Nu was de situatie in de Oekraïne en in andere delen van de Sovjetunie in .1932 inderdaad moeilijk maar niet zo kritiek' als men het in het Westen doet voorkomen. En vanzelfsprekend kwam dat niet omdat iemand de toestand slecht wilde maken maar zij werd veroorzaakt door een aantal redenen waarvan de droogte de belangrijkste was.'

 

Het communiqué meldt dan verder:

 

'Sommigen zeggen zelfs dat de collectivisering van de landbouw een geringere bevolking van de Oekraïne tot gevolg had. En veel gezinnenwerden inderdaad ernstig getroffen. Sommige families leden eronder, vooral die waar vaders en zonen werden vermoord door koelak-schurken Maar het algemene beeld van de Oekraïne was er niet een van complete chaos Integendeel, er heerste een sfeer van flink aanpakken en ongekend enthousiasme In het begin van de jaren dertig was er in de Sovjetunie een historische drang in het hele land om zijn eigen industrie op te" bouwen ... Grote projecten in de Oekraïne werden uitgevoerd '...

 

Toen Malcolm Muggeridge in 1933 in Engeland terugkeerde werd hij in de pers scherp aangevallen om zijn onverbloemde reportages van de afschuwelijke toestanden die hij had gezien. en beschreven. 'Ik kon geen baan krijgen', zei hij kort geleden. 'Het is een van de grote raadsels die het nageslacht moet proberen te verklaren hoe de westerse intellectuelen en progressieve geesten zo'n sympathie konden hebben voor dit autoritaire regime. Ik denk dat die mensen in macht geloofden. Zij bewonderden het en waren' bereid alle beestachtigheden die er werden bedreven door de vingèrs te zien...'

 

De tekst van het artikel ' De vergeten zes miljoen' verscheen eerder in Intermediair 19e jaargang nummer 49 van 9 december 1983 en is van de hand van Jack van Doorn is medewerker van de Boekovski Stichting te i\msterdam. De Boekovski stichting gaf verder een herdenkingsgeschrift uit in november 1983 met als titel 'En geen hond die blafte...'

Zelf heb ik de illustraties en grafieken uitgezocht en bij de tekst geplaatst.

Genocide: among other things, the killing of people by a government because of their indelible group membership (race, ethnicity, religion, language).

 

Politicide: the murder of any person or people by a government because of their politics or for political purposes.

 

Mass Murder: the indiscriminate killing of any person or people by a government.

 

Democide: The murder of any person or people by a government, including genocide, politicide, and mass murder.