We hebben 333 gasten online

De Theocratie in Iran Hoofdstuk 7 en Conclusie

Gepost in Praktische opdrachten

Theocratie in Iran

Hoofdstuk 7 Iran en de toekomst

Wat de toekomst brengt weet niemand, de betrekkingen tussen Oost en West zullen nog verder verslechteren of juist verbeteren. Dit zal liggen aan de ontwikkeling van beide machten.

Hoe zal de relatie tussen Iran en het Westen zich gaan ontwikkelen en wat verandert er in Iran op zich?

§ 7.1 Veranderingen binnen het land zelf

De grondwet in Iran lijkt vreemd voor de Westerse gebruiken, maar er is veel ruimte voor democratie en daardoor ook voor vreedzame veranderingen. Het enige wat hiervoor in de weg staat is de rol van de opperste leider, hij kan democratische besluiten namelijk terugdraaien. Hervormers hebben vaak gezegd dat het hun doel is op langere termijn democratisch verkozen partijen aan de macht krijgen. Dit zou betekenen dat het land niet langer door één man bestuurd kan worden en veranderingen niet meer kunnen worden tegengehouden. De Iraanse bevolking is jong: in 2004 was 70% van de bevolking jonger dan 30 jaar. Veel van hen verlangen naar hervormingen. Maar de regering weet opstanden en protesten keer op keer neer te slaan en zo worden de hervormers teruggedrongen. Het is niet zeker of Iran probeert atoomwapens te ontwikkelen, maar de technologie waarmee ze bezig zijn duidt er wel op. Hoewel de Iraanse regering in alle toonaarde ontkent.

Demonstrerende studenten eisten in 2004 dat de hervormingen sneller worden doorgevoerd

§ 7.2 Ontwikkelingen in de betrekkingen met het Westen

In zijn toespraak over de 'As van het Kwaad' verwees president Bush naar de banden van Iran met terroristische organisaties. Het is alleen onwaarschijnlijk dat Iran steun verleent aan soennitische organisaties als Al Qaida. De ontwikkelingen in Iran en de houding van de Verenigde Staten zullen heel erg belangrijk zijn voor de ontwikkelingen in de toekomst. Een belangrijk probleem is de groeiende onzekerheid in de Verenigde Staten over de nucleaire plannen van Iran. Dit kan in de toekomst leiden tot een groot conflict.

De huidige president Ahmadinejad heeft de afgelopen jaren al enkele staatsbezoeken gebracht aan westerse landen om de banden te versterken. In Nederland lijkt de relatie met Iran de laatste weken achteruit te gaan na de ophanging van de Nederlands-Iraanse Zahra Bahrami.

Conclusie

Voor de relatie tussen Iran en het Westen zou de komst van een democratie in Iran een erg gunstige verbetering zijn. Maar hoe snel dit ingevoerd zal gaan worden en of er in de tussentijd al ernstige conflicten op zullen waaien is afhankelijk van de toekomst. Nu er in Egypte en Tunesië de roep om meer inspraak de laatste paar weken erg actueel is, kun je misschien rekenen op een kettingreactie in andere landen in het Midden-Oosten. De ontwikkeling van atoomwapens vormt echter een grote dreiging voor het Westen, wanneer Iran deze tot zijn beschikking krijgt en problemen op wil lossen door ze misschien in te zetten zal de onderlinge verhouding zoveel schade oplopen dat er een tweedeling zal ontstaan in de wereld. Wie weet ontstaat er weer een soortgelijke situatie als tijdens de Koude Oorlog? Ook het terrorisme is een punt waarop het wantrouwen in de westerse wereld steeds groter wordt, er moet een vertrouwelijke band geschept worden om dit wantrouwen wat weg te nemen. Een nieuwe aanslag zal echter het tegenovergestelde effect veroorzaken. De toekomst zal uitwijzen of de band verbeterd, dan wel slechter wordt.

Conclusie

De relatie tussen het Westen en Iran blijkt een erg ingewikkelde. Tijdens het maken van dit verslag ben ik daar goed achtergekomen. Aan de hand van mijn hoofdstukken kan ik een persoonlijk antwoord vormen op mijn hoofdvraag: Hoe verloopt de verhouding tussen de Westerse wereld en Iran in de loop van de geschiedenis?

Het Perzische Rijk was vroeger erg rijk en machtig, de Grieken en Romeinen in het westen waren hier op uit. Alexander de Grote wist de macht op de Perzen over te nemen. De Grieken en Romeinen maakten graag gebruik van de enorme welvaart die in het Perzische Rijk te vinden was en de droom van de Romeinen om over een groot rijk te heersen kwam zo ook dichterbij. Het Oosten ging zich hierdoor afzetten tegen de westerse grootmachten, hiervoor gebruikten ze onder andere de islam maar ook andere zaken. Deze gebeurtenis in de oudheid staat aan het begin van meerdere conflicten tussen beide werelden die in de toekomst plaats zullen vinden. Met de komst van de sjah enkele honderden jaren later zagen de westerse machten enkele nieuwe voordelen. Ze waren nog steeds uit op de natuurlijke bronnen in het land, zoals olie, en het imperialisme speelde ook een grote rol. Het Westen ging de sjah steunen in strijd tegen de acties van de oppositie. Er werden bondgenootschappen gesloten en vieze spelletjes gespeeld om de sjah in zijn macht te beperken. Hij liet alles toe, er vanuit gaande dat hij zijn macht kon behouden. In feite had het Westen hem in zijn greep, waardoor hun macht alleen maar groeide en ze konden doen en laten wat ze wilden. Toen de sjah werd verdreven tijdens de Islamitische Revolutie door de oppositie traden er veranderingen op, de Islamitische Republiek werd uitgeroepen. De grootste verandering kwam voor de Verenigde Staten, zij verloren hun trouwe bondgenoot, de sjah. Khomeiny kwam aan de macht en verbrak het militaire verdrag met de VS, hij zag hen als grote vijand. Voor de Europeanen waren er weinig veranderingen, zij behielden het goede contact met Iran. Het Westen koos, door het verbreken van het militaire verdrag en de gijzelingsactie in Teheran, tijdens de Irak-Iranoorlog de kant van Irak. Naar eigen zeggen bleven ze neutraal, maar de wereld wist wel beter. De relatie tussen Oost en West liep hierdoor extra deuken op. Als gevolg hiervan groeide de angst en onvrede tussen beide werelden sterk na 1988, het einde van de oorlog. Toch ging Europa daar anders mee om dan de Verenigde Staten. De Amerikanen werden door de Iraanse bevolking als grote vijand gezien en wilden het liefst al het contact met het land stopzetten. Vandaar de gijzelingsactie in Teheran, waarin Khomeiny ook nog eens de revolutionairen steunde. De verhouding had ondertussen het 0-punt bereikt, waardoor beide landen elkaar steeds weer uit gingen dagen. Denk aan 'het As van het Kwaad' en de blokkade van de import door de VS. Amerika wilde van buitenaf dingen veranderen en hun voorrechten weer terugwinnen. Dit lijkt alleen averechts te werken, Europa echter probeerde juist van binnenuit een goede band met Iran op te bouwen. Door het beïnvloeden van de juiste bevolkingsgroepen in het land en zo hun ideeën door te voeren. Uiteindelijk hebben beide manieren nog weinig opgeleverd, de kloof tussen Oost en West is groter dan ooit en vanuit beide kanten lijkt het wantrouwen met de dag te groeien. Denk aan beschuldigingen van terrorisme uit het Westen en de recente ophanging van een Nederlands-Iraanse vrouw in Iran.

Of de relatie in de toekomst beter wordt hangt af van Oost en West. Hopelijk wordt het Midden-Oosten moderner in de loop der tijd en krijgen de burgers meer vrijheden, zo zou de band weer wat sterker kunnen worden. Dan zou er over enkele jaren een democratische regering aan de macht kunnen komen, die bereid is om met het Westen te overleggen over een betere relatie. Maar ook de westerse houding ten opzichte van het Oosten zal moeten veranderen. We zullen ons open moeten stellen voor het land en minder uit zijn op puur economische belangen en macht. Terrorisme en atoomwapens zorgen nu voor een groot wantrouwen, wanneer er steeds meer terroristische acties zullen plaatsvinden ben ik bang dat dit wantrouwen alleen maar groter wordt en er op den duur een tweedeling ontstaat in de wereld: Oost & West. Wie weet komt het ooit nog wel zover tot oorlog? Ik kan hier alleen maar over speculeren, de toekomst zal uitwijzen hoe de relatie zich zal ontwikkelen. Zal de wond helen? of gaan we een nieuwe Koude Oorlog tegemoet?

Bronnenlijst

  1. 1.King, John (2006). Iran en de Islamitische Revolutie. Effen-Leur: Ars Scribendi.
  2. 2.Jafari, Peyman (2009). Het andere Iran: van de revolutie tot vandaag. Amsterdam: Ambo.