We hebben 161 gasten online

20) Casus De balpenmoord deel 1

Gepost in Strafrecht in Historie

20.0 De balpenmoord

20.1 Twaalf jaar cel voor Balpenmoord

20.2 Artsen krijgen pen niet in mensenhoofd geschoten

20.3 Een dodelijke pen

20.4 Hollands dagboek door de vader van Jim

20.1 TWAALF JAAR CEL VOOR BALPENMOORD

ROTTERDAM, 14 OKT. 1995

Een 25-jarige man uit Leiden is gisteren door de rechtbank in Den Haag veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf jaar wegens moord op zijn moeder. Volgens de rechtbank heeft de Leidenaar zijn moeder vermoord door met een kleine kruisboog een balpen in haar oog te schieten. De officier had vijftien jaar geeist.

Op 25 mei 1991 werd in Leiden het stoffelijk overschot gevonden van de 53-jarige M.V.T. Sectie door het gerechtelijke laboratorium in Voorburg leidde tot de vondst van een zwarte Bic-ballpoint in de rechteroogkas. De pen was van buitenaf niet zichtbaar. De ballpoint was door een ooglid geboord en diep in de schedel doorgedrongen. Forensische onderzoekers sloten de mogelijkheid van een ongeval niet uit. De oogarts en hoogleraar J. Worst uit Haren hield het voor mogelijk dat het slachtoffer zich tijdens een val heeft gespiest op de pen die zij in haar hand hield. De verwonding van de vrouw was volgens de hoogleraar geheel in overeenstemming met de 'valincidenten' die bij had bestudeerd.

Toch ging de politie van meet af aan uit van moord. In 1991 werd tegen de echtgenoot en de drie kinderen van het slachtoffer een gerechtelijk vooronderzoek geopend. Dit onder-zoek werd aanvankelijk afgesloten zonder dat bewijs werd gevonden dat een van de familieleden betrokken zou zijn geweest bij de moord.

Omdat de familieleden vonden dat zij onheus waren behandeld door de politie dienden zij een klacht in bij de Nationale Ombudsman. De politie had de familieleden onder meer verzuimd te vertellen dat zij niet als getuigen werden gehoord maar als verdachten. De Ombudsman stelde de familie in het gelijk.

Nadat een anonieme informant bij de politie dit jaar had verklaard dat zij van de zoon van het slachtoffer had gehoord dat hij zijn moeder 'met een kleine kruisboog' had gedood, werd het onderzoek heropend. De anonymus gaf uiteindelijk aan bereid te zijn een getuigenverklaring af te leggen, onder voorwaarde van strikte anonimiteit. Zij werd tijdens de terechtzitting door de rechtbank achter gesloten deuren gehoord.

De getuige, die therapeute van de verdachte was, verklaarde dat haar cliënt haar had verteld: "Mijn mammie was stout, dat zij dood is, is mijn schuld." Op haar vraag 'Heb jij dat gedaan?' zou de verdachte met 'ja' hebben geantwoord. De therapeute werkt volgens de relationeel emotieve trainingswijze (RET), een vorm van gedragstherapie.

Bij de vereniging van gedragstherapeuten wijst bestuurslid T.van der Schoot op de geldende geheimhoudingsplicht voor psychotherapeuten. Slechts onder nauw omschreven voorwaarden, zegt hij, mag een therapeut zich van zijn geheimhoudingsplicht ontheven weten. Volgens Van der Schoot is de eerste voorwaarde dat alles in het werk moet zijn gesteld om toestemming van de cliënt te verkrijgen de uit de behandeling verkregen kennis aan derden kenbaar te maken. In het geval van de 25-jarige Leidenaar was dit niet gebeurd.

Ook over het waarheidsgehalte van de gegevens, die tijdens een therapie naar boven zijn gekomen, heeft Van der Schoot zijn bedenkingen. "Het is betreurenswaardig dat een psychologisch feit, zoals zich dat tijdens een therapie voordoet, wordt vermengd met een juridische werkelijkheid." Te bepalen wat in een therapie waarheid is, is volgens hem "een onmogelijke kwestie". Volgens de rechtbank was de verklaring van de therapeute echter zowel wettig als overtuigend.

Volgens een woordvoerder van een RET- centrum in Haarlem kan iedereen de relationeel emotieve training geven. "Het is geen beschermde titel." De getuige staat ook niet als erkende therapeute ingeschreven bij het ministerie van VWS.

De rechtbank is bij de beoordeling van het bewijsmateriaal ook voorbij gegaan aan de stelling van oogarts Worst dat het onmogelijk is om met een kruishoog een Bic - ballpoint zo diep het oog in te schieten dat tot aan de schedel hersenweefsel wordt verscheurd. Volgens de oogarts levert een handkruisboog daarvoor onvoldoende energie. "Zelfs bij een contactschot, vlak tegen het oog, verliest een zo licht object als een ballpoint snel energie vanwege de weerstand van ooglid en oog."

De verdediging heeft hoger beroep aangetekend,

20.2 ARTSEN KRIJGEN PEN NIET IN MENSENHOOFD GESCHOTEN

16 januari 1996

Door onze redacteur HANS MOLL

Onderzoek wijst uit dat het niet waarschijnlijk is dat een 25-jarige Leidse student zijn moeder vermoordde door met een kruisboog een Bic - balpen door haar oog te schieten.

Een Leidse vrouw werd in mei 1991 dood in haar huis gevonden. Aanvankelijk werd gedacht dat ze een natuurlijke dood was gestorven. Bij de sectie werd een complete Bic - balpen in de schedel van de vrouw gevonden. Artsen sloten de mogelijkheid van een fatale val niet uit.

De politie, die de voormalige echtgenoot van het slachtoffer en zijn twee dochters en zoon lange tijd van moord verdacht, sloot het onderzoek uiteindelijk in 1992 af zonder resultaat. Omdat de familieleden van het slachtoffer vonden dat zij onheus door de politie waren bejegend, schakelden zij de Nationale Ombudsman in. Deze stelde hen toen in het gelijk.

Maar medio vorig jaar werd het onderzoek heropend, nadat twee mensen naar de politie waren gegaan met voor de 25-jarige zoon belastende verklaringen. Een conciërge van de school waarop de student had gezeten, dacht dat hij hem jaren geleden met mede-scholieren had horen praten over 'de perfecte moord'. De therapeute die de jongeman in behandeling had, zei dat haar cliënt haar had verteld dat hij zijn moeder met behulp van een handkruisboog om het leven had gebracht.

Volgens B. Ficq, een van de twee advocaten van de student, blijkt uit schietproeven, die zijn genomen op menselijke hoofden, dat een noodlottige val de meest voor de hand liggende verklaring is voor de dood van het slachtoffer. De verdediging zal de resultaten van de proeven vandaag tijdens het hoger beroep voor het gerechtshof in Den Haag naar voren brengen. Vorig jaar veroordeelde de rechtbank de student tot twaalf jaar gevangenisstraf.

De experimenteel oogheelkundige P. van Andel, werkzaam als onderzoeker bij de Rijksuniversiteit van Groningen, heeft op eigen initiatief schietproeven genomen. Aanvankelijk op varkenskoppen die hij uit het abattoir haalde. Later kon hij een menselijk hoofd gebruiken dat ter beschikking van de wetenschap was gesteld. Zijn proeven tonen aan dat wanneer op korte afstand met een Barnett phantom kruisboog wordt geschoten, het plastic omhulsel van de Bic -balpen in het oogdak blijft steken terwijl de inktstift verder de schedel inschiet. In de Leidse zaak was hiervan geen sprake.

Op verzoek van de verdediging heeft oogarts J.P. van der Pol, gespecialiseerd in aandoeningen van de oogkas en werkzaam op het Academisch Medisch Centrum van Amsterdam, proeven gedaan. Met behulp van twee kruisbogen, een kleine en het sterkste type handkruisboog, werden Bic~balpennen op twee hoofden afgeschoten. Met de kleine kruisboog lukte het niet om het oog te penetreren. Bij schoten met de grote handkruisboog lukte dat uiteindelijk wel.

Het lukte Van der Pol echter niet om een zodanig schot af te vuren dat de pen op eenzelfde manier in de schedel terechtkwam als bij het slachtoffer. Daar was de pen geheel intact het hoofd binnengedrongen. De pennen die Van der Pol tijdens zijn experiment gebruikte, raakten enigszins beschadigd tijdens het schot. Deze kenmerkende beschadigingen ontbreken bij de Bic - balpen die in de hersenen van het slachtoffer is gevonden. Een van de karakteristieken was ook dat bij de pennen 'inktverlies' optrad.

Om dezelfde positie van de pen in het hoofd te bereiken moet de pen met een veel hogere snelheid op het oog worden afgeschoten mogelijk is met een handkruisboog. Indien dit gebeurt leidt dit tot grotere verandering aan de pen dan bij het slachtoffer is geconstateerd, aldus Van der Pol. Van der Pol concludeert dat de betreffende pen niet door een kleine, sterke handkruisboog in de hersenen kan zijn geschoten. Wat betreft de mogelijkheid van opzettelijke steekverwondingen zegt de specialist dat dit hem hoogst onwaarschijnlijk voorkomt, gezien de moeite die het kost een pen handmatig door de oogkas te steken.

De verdediging zal het hof vragen om de onmiddellijke vrijlating van hun cliënt.

20.3 EEN DODELIJKE PEN

10 Februari 1996 Pek van Andel

Het Haagse Gerechtshof begint 21 februari aanstaande met de behandeling 'ten gronde' van het hoger beroep van de zogenaamde balpenmoord .

De verdachte, nu een rechtenstudent, kreeg op 13 oktober 1995 twaalf jaar gevangenisstraf (na een eis van vijftien jaar), omdat hij volgens de Haagse rechtbank met voorbedachten rade zijn moeder met een lichte kruishoog had gedood door een Bic - pen in haar rechteroog te schieten. Op 16 januari jongstleden werd besloten zijn straf voorlopig te onderbreken op grond van nieuw, ontlastend bewijsmateriaal. Schietproeven met een lichte en sterke kruishoog op preparaten van mensen, die zich ter beschikking van de wetenschap hadden gesteld, hadden laten zien dat het schot, dat de rechtbank bewezen achtte, niet te reproduceren was. Een Bic bleek, na een schot van dichtbij, het oogkasdak of niet te perforeren, of wel, maar dan bezweek de pen: de schrijfpunt van de pen bleek steeds uit de huls te schieten.

De zitting hoeft niet lang te duren. Het nieuwste ontlastende materiaal zal eerst nader worden bekeken. Aan het Gerechtelijk Laboratorium werd gevraagd om, met TNO, te onderzoeken of een schot, zoals de rechtbank wettig en overtuigend bewezen achtte, mogelijk is. De verwachting is dat de pen het oogkasdak niet doorprikt, of zij prikt er wel doorheen, maar begeeft het daarbij. Deze bevindingen zullen dan genoeg zijn om de voorlopige vrijheid van de veroordeelde om te zetten in een definitieve. Iemand kan niet veroordeeld worden voor wat niet kan. Want dan is het immers niet gebeurd.

Over wat er fout gegaan is in deze cause celebre het volgende. Toen bij de lijkschouwing, tot verbazing van de betrokkenen, een onbeschadigde Bic in de hersenen werd gevonden, heeft de Leidse politie dit van meet af aan zo'n gekke doodsoorzaak gevonden - het is natuurlijk ook bizar - dat ze gedacht moet hebben: dit kan geen ongeluk door een val zijn, dit moet moord zijn. Politie en pers hebben ook van meet af aan over de zaak gerept als 'de balpenmoord. Zouden ze meteen geweten hebben dat dit voorval in de medische literatuur veelvuldig beschreven is als valtrauma, dan zouden politie, pers en justitie deze opvallende blinde vlek niet hebben gehad. Alles dat op een doodgewone val wees werd niet meegewogen. Het vonnis van 13 oktober ging zelfs met geen woord in op de, alleen al statistisch gezien, meest waarschijnlijke duiding van het voorval: een val op een scherp voorwerp is een klassiek trauma in de oogheelkunde. In de wetenschappelijke medische literatuur heb ik twaalf gevallen gevonden van mensen die op een potlood gevallen zijn, dat, net als bij het slachtoffer, door het bovenooglid en oogkasdak ging (zes met dodelijke afloop). Een geval vond ik van iemand die ook liggend op de grond werd aangetroffen, bij wie, dankzij een röntgenfoto, een balpen in oogkas en hersenen werd gevonden, die, net als bij het slachtoffer, daarvoor niet gezien was. Het is natuurlijk een godsgeschenk voor alle betrokkenen dat schietproeven, die werden gedaan om te zien of een Bic door het oogkasdak geschoten kon worden, iets opleverden waar, voor zover ik weet, niemand ook maar aan gedacht had. Namelijk, dat als het oogkasdak het begaf, de Bic het ook begaf. Deze serendipiteuze en steeds reproduceerbare waarneming werd de kroongetuige a decharge in deze zaak.

En deze bleek van cruciaal belang. Er was namelijk de belastende verklaring van een psychologe, die onder ede verklaarde dat de verdachte haar tijdens een therapiezitting verteld had zijn moeder met een kleine kruisboog, gepland, te hebben gedood. De geheugendeskundige prof. dr. W.A. Wagenaar zei over een dergelijke situatie, in een andere context, het volgende: "Freud (-) begreep al vroeg dat de herinneringen waarmee mensen aankomen in een therapeutische sessie een therapeutisch effect kunnen hebben zonder dat ze waar zijn. Freud is vrijwel onmiddellijk afgestapt van het idee dat je moet nagaan of een herinnering wel waar is. (~) Het leidt wel tot de constatering dat als die therapeut vervolgens een proces-verbaal zou gaan uitschrijven, dat hij geheel op het verkeerde spoor zit, want een therapeutische sessie is geen verhoor. Bij een verhoor gaat het wel om: is het waar of niet waar? Maar in een therapeutische sessie is dat helemaal niet van belang."

In de snijzaal in Groningen hingen in mijn studietijd nog de woorden Hie locus est ubi mors gaudet suceerere vitac (Dit is de plaats waar de dood zich verheugt het leven te hulp te snellen). Ik hoop en verwacht dat deze spreuk tijdens het hoger beroep weer waar zal blijken. De mijns inziens gerechtelijke dwaling heeft al zo onvoorstelbaar veel leed gegeven.

20.4 HOLLANDS DAGBOEK DOOR DE VADER VAN JIM

2 Maart 1996:

Op 26 mei 1991 werd in Leiden een vrouw dood in haar woning aangetroffen met een ballpoint in haar hoofd. Volgens deskundigen was zij gestruikeld en op de ballpoint gevallen. Volgens de politie was er sprake van een perfecte moord, de 'balpenmoord'. De echtgenoot, de twee dochters en de zoon van het slachtoffer werden als verdachten aangemerkt. Uiteindelijk werd zoon Jim (26) vorig jaar tot 12 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Hij zou zijn therapeute in 1993 bekend hebben zijn moeder met een kleine kruisboog te hebben gedood. Vorige week diende het hoger beroep. Zijn zussen Jessica en Esme en hun echtgenoten Andres en Ed woonden de zitting bij. De vader van Jim (57, hoogleraar aan de Leidse universiteit) hield dit dagboek bij.

Woensdag 21 februari

De dag van de waarheid. Jessica, Esme, Andres, Ed en ik gaan vroeg naar Den Haag. We worden zowaar meteen in het Paleis van Justitie binnengelaten, omdat ik de videoband van mijn schiet- en valproeven moet afgeven bij de technici die bezig zijn de door ons gehuurde apparatuur te installeren. Jim is al in het gebouw. Hij is nog even 'vrij man', want de schorsing van zijn detentie loopt pas bij het begin van de zitting af. Daarom kan ik nog even met hem praten.

Dan begint het wachten in de hal. We krijgen al gauw gezelschap van de advocaten (Raymakers en mevrouw Ficq), de opgeroepen deskundigen, cameraploegen, journalisten, familie, vrienden, bekenden en belangstellenden. Er hangt een sfeer van 'nu gaat het gebeuren'.

Eerst wordt achter gesloten deuren ons bezwaarschrift tegen het achterhouden van stukken behandeld. De uitslag is zoals verwacht. De eerste verklaring van de therapeute bij de CID, uit september 1994, op basis waarvan Jim indertijd is aangehouden, verdraagt blijkbaar het daglicht niet, want die krijgt niemand te zien. Ook het Hof niet. Dat is moeilijk verenigbaar met het principe van een 'fair trial', maar de advocaten hebben - terecht - besloten zich op de hoofdzaak te concentreren: de presentatie van ons wetenschappelijk tegenbewijs. Die presentatie begint nadat de schorsing van Jim’ s detentie verlengd is tot de uitspraak en verloopt uitstekend. Dit is 'onze' ochtend. De deskundigen die de mythe van de 'balpenmoord' met zoveel inzet bestreden hebben, zijn er, op Van Rij na, allemaal: Worst, Cohen, Van Andel, Lubbers en natuurlijk Van der Pol van het AMC. Die geeft een indrukwekkende presentatie van zijn schietproeven met (geprepareerde) mensenhoofden. Die proeven

tonen aan, net als de latere proeven van Van Andel, dat Jim veroordeeld is voor iets wat niet kan.

Vervolgens wordt mijn videofilmpje vertoond. We stellen met voldoening vast dat ik er goed aan gedaan heb te laten zien dat bij een val een ballpoint onbeschadigd in zijn geheel in een modelhoofd 'verdwijnt'. Veel mensen kunnen zich dat blijkbaar niet voorstellen. Na de aanvullende expertises van de fysicus Lubbers en de forensisch geneeskundige Cohen is het wetenschappelijk pleit eigenlijk al beslist. De resultaten van de mosterd-na-de~ maaltijd-proeven van het Gerechtelijk Laboratorium, die 's middags gepresenteerd worden, bevestigen namelijk de conclusies van Van der Pol. De zitting eindigt om vijf uur. Jim gaat snel naar zijn tijdelijk onderkomen, waar zijn vriendin op hem wacht. Wij praten nog wat na met de advocaten en gaan dan terug naar Leiden.

Thuisgekomen bel ik Jim. Hij klinkt uitgeput. Eigenlijk had vanmiddag een streep onder de zaak gezet moeten worden. Hopelijk gebeurt dat morgen. Ik hoop dat hij het volhoudt. We bestellen pizza's en bekijken de journaals en Nova. Vooral het optreden van Crombach in Nova doet ons goed. Net als ~ eerder - Van der Schoot, Beyaert, Van Marie, Diekstra, Wagenaar en Hoefnagels keurt hij het optreden van de therapeute af. En ook is hij van mening dat de inhoud van een therapie niet in de rechtszaal thuishoort.

Donderdag

De dag begint al meteen met gesloten deuren. We moeten een half uur in de ijskoude vestibule wachten, voordat we het Paleis van Justitie in mogen. Ook de zitting begint achter gesloten deuren. De therapeute die vandaag gehoord wordt, heeft een advocaat meegebracht, mr. Utermark. Dat wekt nogal wat verbazing, want zij wordt niet als verdachte, maar als getuige gehoord. Maar in deze zaak is, zo hebben we gemerkt, alles mogelijk. Achter de ten onrechte gesloten deuren buigt het Hof zich over de vraag of mr. Utermark namens de therapeute mag bepleiten dat ze achter gesloten deuren wordt gehoord en of hij daarbij aanwezig mag zijn.

Even later gaan de deuren toch open en begint het debat over de vraag of de 'anonieme' therapeute nu eindelijk eens, desnoods vermomd, in het openbaar gehoord gaat worden. Utermark en de PG (de openbare aanklager) verzetten zich daartegen. Het belang dat Jim heeft bij een behandeling in het openbaar, waarbij iedereen zelf kan horen wat deze 'kroongetuige' te vertellen heeft, weegt volgens hen niet op tegen het belang dat de therapeute heeft bij het ongehinderd kunnen blijven uitoefenen van haar beroep. De schaamteloosheid waarmee ze haar 'belangen' plaatsen boven die van Jim, wiens leven op het spel staat, snijdt ons door de ziel. Utermark laat weten dat de therapeute zich op haar verschoningsrecht zal beroepen als ze in het openbaar moet getuigen. Het zoveelste kromme argument. De bedoeling van het verschoningsrecht is dat therapeuten niet getuigen over een therapie. Het is niet bedoeld als pressiemiddel om in het geheim te getuigen.

Vervolgens houdt Ficq een vlammend en briljant betoog dat de therapeute in het openbaar gehoord dient te worden, omdat de in de wet genoemde criteria voor het horen achter gesloten deuren (goede zeden, openbare orde, staatsveiligheid, minderjarigen, persoonlijke levenssfeer van de getuige) niet van toepassing zijn. Terwijl het Hof zich terugtrekt om te beraadslagen, wordt in de hal druk gespeculeerd over de uitkomst. Velen verwachten dat het Hof niet zal willen zwichten voor het 'dreigement' dat de therapeute zal afhaken als niet aan haar wensen tegemoet gekomen wordt.

Wij weten iets meer van de duistere achtergrond. Voor ons is het besluit dat de deuren gesloten zullen blijven dan ook geen verrassing, maar vele aanwezigen reageren geschokt. Terecht. Pas aan het eind van de dag zullen ook zij begrijpen wat vermoedelijk de belangrijkste drijfveer van het OM is om de therapeute 'uit de wind' te houden en haar eerste verklaring bij de CID achter te houden. Toen zij in september 1994 met haar verhaal naar de CID stapte, 'daartoe op het idee gebracht door een kennis', was haar verhaal bij de politie en justitie al bekend. Het betekent namelijk dat het OM de rechters misleid heeft door bij de tweede aanhouding van Jim te doen alsof haar verhaal voor de politie en het OM 'volkomen nieuw' was, en dat maakt Jims tweede detentie van bijna zeven maanden onrechtmatig. Ook betekent het dat de therapeute nog het een en ander heeft uit te leggen.

Na uren komen Ficq en Raymakers uit de rechtszaal. Aan hun strakke gezichten lezen we af dat de gang van zaken onbevredigend geweest moet zijn. Maar wel zijn ze er in geslaagd de rol van de therapeute in het een-tweetje tussen politie en justitie en de CID duidelijker te maken. De therapeute heeft met de 'kennis' die haar op het idee heeft gebracht om met haar verhaal naar de CID te gaan, gesproken in het bijzijn van een derde, een kennis van die kennis. Iemand van de politie.

Na de lunchpauze geeft de getuige-deskundige prof. Van der Staak zijn oordeel over de verklaringen van de therapeute. Herhaaldelijk krijgt hij nauwelijks de kans om uit te spreken of uberhaupt te antwoorden op vragen, maar hij laat zich niet van zijn stuk brengen. Hij maakt op overtuigende wijze duidelijk dat de verklaringen van de door angst bevangen therapeute met grote scepsis dienen te worden bekeken.

Om half vijf is het zo ver: het requisitoir van de PG. Hij begint met te zeggen dat de ballpoint in het hoofd van mijn vrouw en de verklaringen van de therapeute zijns inziens wettig bewijs vormen dat Jim zijn moeder met een kleine kruisboog heeft vermoord. Vervolgens somt hij, tot onze verbijstering, ook de insinuaties, halve waarheden en leugens op die eerder bij de rechtbank door de officier van justitie als 'steunbewijs' werden opgevoerd en die allang zijn doorgeprikt. Zo komt hij o.a. weer aandragen met het verhaal van de amanuensis: in het schooljaar '86-'87 zou een groepje leerlingen waarvan Jim deel uitmaakte over een perfecte moord met een pen gesproken hebben. Maar: zeven van de acht gehoorde oud-leerlingen van Jim hebben verklaard zich niets van zo'n gesprek te kunnen herinneren en de achtste, die nooit met dat groepje optrok, heeft verklaard: "Nu u dit aan mij vraagt kan ik mij daar wel iets van herinneren, maar wie er over heeft gesproken weet ik niet. Ik weet ook niet in welke sfeer dit toen naar voren is gebracht" Zonder blikken of blozen verdraait de PG deze feiten, en ook alle andere 'gebakken lucht' ~ zoals Fieq het later in haar pleidooi treffend karakteriseert - wordt door hem nog eens extra vertekend en misleidend opgediend. Alleen de irrelevante associaties van de officier, waarvan deze zelf indertijd opmerkte dat ze als 'gestoord' beschouwd mochten worden, herhaalt hij niet. Iedereen houdt zijn adem in en vraagt zich af hoe zijn eis zal luiden.

Dan volgt de verrassende ontknoping: hij eist vrijspraak. Zijn tirade was niet op een veroordeling gericht, maar maakte deel uit van een tactiek van verschroeide aarde - terugtrekken maar eerst nog zoveel mogelijk schade aanrichten. Hij eist vrijspraak omdat het door hem opgesomde 'bewijs' zijns inziens weliswaar wettig is, maar (net) niet voldoende overtuigend is. Sommigen denken dat hiermee de kous af is, maar Raymakers en Ficq - en wij - denken daar anders over. Raymakers geeft een historisch overzicht van het geknoei van de politie en het OM. Hij vertelt onder meer dat een van de rechercheteamleiders de vorige week onder ede heeft verklaard op een warme zomerdag in 1994 met een AG (advocaat~generaal) en de zaaksofficier besproken te hebben hoe het - toen nog niet bij de CID 'ondergebrachte' - verhaal van de therapeute 'praktisch' kon worden gebruikt. Dit zou tot de niet-ontvankelijkheid van het OM kunnen leiden, maar de advocaten willen liever vrijspraak wegens gebleken onschuld. Raymakers analyseert zorgvuldig het wetenschappelijk bewijs dat tot de conclusie ongeval heeft geleid. Vervolgens betoogt Ficq dat de verklaringen van de therapeute onrechtmatig zijn (omdat schending van een beroepsgeheim een strafbaar feit is), onbetrouwbaar en, gezien het wetenschappelijk bewijs, volkomen irrelevant. Dan rekent Ficq af met de 'gebakken lucht', waarmee de PG ten onrechte een geur van schuld' heeft gecreëerd en vraagt ze het Hof nadrukkelijk om vrijspraak wegens gebleken onschuld. Tenslotte verzoeken de advocaten het Hof direct na de zitting uitspraak te doen en in elk geval Jims onrechtmatige gevangenhouding op te heffen omdat hij aan het eind van zijn krachten is.

Belde verzoeken worden afgewezen.

Journalisten tonen zich verbaasd over het feit dat we niet juichend de zaal uitkomen. Ik probeer onze gemengde gevoelens uit te leggen: opluchting dat vrijspraak is geëist, 'teleurstelling' - ik moet me, hoe frustrerend dat ook is, ingetogen en diplomatiek blijven uitdrukken zolang de zaak nog onder de rechter is - over het feit dat niet althans Jims onrechtmatige gevangenhouding is opgeheven en dat hij nu nog eens twee weken in slopende onzekerheid moet leven. ‘

Thuisgekomen bel ik hem. Hij is uitgeput. Zijn vriendin ook. De goedbedoelde gelukwensen op het antwoordapparaat laat ik onbeantwoord. We flansen een maaltijd in elkaar, staren naar de reportages op tv en gaan dan, moe en leeg, naar bed.

VRIJDAG: DE KATER

De tactiek van de PG heeft gewerkt. Een paar kranten hebben zijn ongegronde verdachtmakingen klakkeloos overgenomen. Als hij zijn vrijspraak wegens ongeldig bewijs krijgt, blijft de mythe van de balpenmoord ons - en vooral Jim - misschien de rest van ons leven achtervolgen.

We kunnen alleen maar hopen dat de deskundigenrapportages en de minutieuze ontrafeling, in de pleitnota's van de als 'steunbewijs' opgevoerde insinuaties, halve waarheden en leugens het Hof zullen overtuigen. Ik bel Jim. Hij is totaal op, kapot. Ik hou het kort en troost me met de gedachte dat zijn vriendin bij hem is. Zij is ook door de hel gegaan, maar dank zij haar heeft Jim deze nachtmerrie tot nu toe overleefd. Jessica en Andres proberen - aangeslagen - de draad van hun bestaan weer op te pakken. Esrne is totaal gesloopt en kruipt na het ontbijt weer in bed. Met het oog op de NRC-fotograaf ruim ik de ergste puinhopen een beetje op. Verder doe ik het rustig aan.

Ed bereidt een lekkere maaltijd. Als hij niet ook overgekomen was, zouden we de afgelopen maand kilo's afgevallen zijn. 's Avonds komen mijn jongste broer en zijn vrouw langs. Zij hebben de afgelopen vijf jaar meer dan wie ook met ons meegeleefd. Mijn broer zegt dat hij in een paar dagen tien jaar ouder is geworden. We maken de balans op en bestrijden de kater met cynische humor. Dat is, zo hebben we de afgelopen jaren ondervonden, de enige manier om overeind te blijven.

ZATERDAG

We doen boodschappen, een paar wasjes, en ruimen een beetje op. 's Avonds kijken we naar Sonja. Hadden we misschien heter niet kunnen doen. Ze heeft niet begrepen dat een pen die voldoende vaart heeft om het oogkasdak te doorboren daarbij altijd schade oploopt, zoals je aan kokend heet water altijd je vingers brandt. Bovendien verwijt ze de advocaten dat die niet veel eerder onderzoek hebben laten doen, terwijl de advocaten van meet af aan deskundigen hebben laten opdraven en daarbovenop ook nog de proef op het AMC wisten te organiseren. En dat alles omdat het OM heeft nagelaten te

onderzoeken of de ten laste gelegde moord met een kleine kruisboog überhaupt wel mogelijk was. Kennelijk heeft Sonja haar huiswerk niet gedaan en beseft ze niet dat omkering van de bewijslast - 'guilty until proven innocent' - verwerpelijk is. Zelfs haar strafgeleerde gast Bururma ontgaat dat. Het is om doodmoe van te worden. Maar dat zijn we al.

ZONDAG

We proberen wat uit te rusten. Lukt niet erg.

MAANDAG

Jim en zijn vriendin komen eten. Ze zijn aan het eind van hun krachten. Aan tafel trekt de grauwsluier eventjes op en lijkt alles even zoals het ooit - een jaar geleden ~ geweest is. Lijkt. Pas in de auto, als ik ze naar huis breng, praten we over de dingen die we onder het eten bewust even hebben laten rusten.

DINSDAG 27 FEBRUARI

Weer een dag van afwachten, toegedekt met bezigheden. Bijna vijf jaar nu, sinds 26 mei 1991. Is het einde van de nachtmerrie nu eindelijk in zicht, of houdt het nooit meer op? Nog ruim een week tot de uitspraak.

VRAGEN EN OPDRACHTEN

20.1 Twaalf jaar cel voor balpenmoord

1.Hoeveel tijd was er verstreken tussen de vondst van het stoffelijk overschot en de uitspraak van de rechtbank?Wat maakt deze ‘zaak’ zo bijzonder?

  1. Wat was de oorzaak van de dood van het slachtoffer volgens prof. J. Worst?

  2. Waar ging de politie meteen van uit?

  3. Tegen wie werd een gerechtelijk vooronderzoek geopend?

  4. Hoe liep dit gerechtelijk vooronderzoek af?

  5. Waarom diende de familie een klacht in bij de Nationale Ombudsman?

  6. Werd de klacht toegewezen?

  7. Toch werd het vooronderzoek opnieuw geopend. Waardoor kwam dat?

  8. Hoe kijk jij aan tegen de geheimhoudingsplicht van gedragstherapeuten?

  9. Mag een uitspraak gedaan in een therapeutische bijeenkomst als bewijs in een strafzaak dienen? (kort toelichten)

  10. Waar ging de rechtbank aan voorbij bij de beoordeling van het bewijsmateriaal?

20.2 Artsen krijgen pen niet in mensenhoofd geschoten

  1. Wat toonde het onderzoek aan?

  2. Het onderzoek werd heropend doordat er twee getuigen naar de politie waren gegaan. Wie waren dat?

  3. Wat is de meest voor de hand liggende verklaring voor de dood van het slachtoffer?

  4. Wat toonde oogheelkundige P. van Andel aan?

  5. Wat onderzocht op verzoek van de verdediging oogarts J.P. van der Pol?

  6. Wat was van der Pols conclusie?

  7. Waartoe besluit de verdediging?

20.3 Een dodelijke pen

  1. Wat is een hoger beroep?

  2. Heeft de verdediging succes gehad bij het verzoek tot invrijheidsstelling?

  3. Is de naam balpenmoord wel correct?

  4. Wat wordt bedoeld met valtrauma?

  5. Tot welke opvallende conclusie komt prof. Wagenaar

  6. Wat is de conclusie van de auteur van dit stuk Pek van Andel?

20.4 Hollands dagboek door de vader van Jim

  1. Wat stond er op de videoband die de vader van Jim als bewijsmateriaal had laten maken?

  2. Waar was een bezwaarschrift door de verdediging tegen ingediend?

  3. Wat toonden de schietproeven overduidelijk aan?

  4. Toch heeft het Openbaar Ministerie het Gerechtelijk Laboratorium ook onderzoek laten doen? Wat was de uitkomst?

  5. Waarom begon de 2e procesdag in hoger beroep ‘achter gesloten deuren’?

  6. Wat verstaan we onder verschoningsrecht?

  7. Wat was de uitspraak van het Hof t.a.v. openbaarheid getuigenverklaring therapeute?

  8. Wat is de CID?

  9. Tot welke conclusie komt de vader van Jim t.a.v. het Openbaar Ministerie?

  10. Tot welke verklaring komt de getuige – deskundige prof. Van der Staak?

  11. Wat is het opvallendste in het requisitoir van de Procureur Generaal?

  12. Wat blijkt hij toch te eisen en wat is daarbij zijn motivatie?

  13. Wat wilde de verdediging het liefst?

  14. Welke verzoeken van de verdediging worden door de rechtbank afgewezen.

  15. In het t.v. programma ‘Sonja’ blijkt dat er t.a.v. de bewijsvoering een grote fout werd gemaakt t.a.v. de toepassing van ons strafrecht.Welke?

Zie verder deel 21 Casus De balpenmoord deel 2