We hebben 317 gasten online

Strafrechtadvocaten Hans en Wim Anker

Gepost in Strafrecht advocaten

De tweelingbroers Willem (Wim) en Johannes (Hans) Anker (Leeuwarden, 27 februari 1953) zijn twee bekende Nederlandse strafpleiters. Ze zijn woonachtig in Akkrum.

De tweeling werd geboren in het ziekenhuis van Leeuwarden, Wim is de oudste van de twee, Hans kwam vijftien minuten later. Hun ouders woonden in 1953 op Schiermonnikoog, vader, J. Anker, was achtereenvolgens burgemeester van Vlieland, Schiermonnikoog, Akkrum en Workum. De broers groeiden op in Akkrum. Na de lagere school volgden ze de mulo in Akkrum en nog drie jaar HBS-A in Leeuwarden. Ze studeerden rechten aan de Rijksuniversiteit Groningen van 1972 tot 1977. Hierna verhuisde Wim naar de Randstad om als ambtenaar op het ministerie van Justitie te werken, hij was er beleidsmedewerker van de directie TBR en reclassering. Hans ging lesgeven, recht en maatschappijleer op een meao. In 1979 werd Hans advocaat in Leeuwarden, Wim kwam vanaf 1981 in dienst bij hetzelfde kantoor. In 1999 begonnen ze voor zichzelf met het kantoor Anker & Anker Strafrechtadvocaten te Leeuwarden.

De firma Anker & Anker heeft zich gespecialiseerd in strafrecht en met name in strafzaken, waarin TBS en cassatie een belangrijke rol spelen. Het kantoor van de Ankers zet zich ook in voor ideële strafzaken die weinig geld opleveren. Als een zaak juridisch interessant is, omdat er een principiële kant aan zit dan kiezen ze ervoor zo'n zaak te doen ook al betaalt het niet goed. Wim is degene die deze pro-deo zaken meestal doet. Zo verdedigden de broers Ferdi E., de moordenaar van Gerrit-Jan Heijn; 'engel des doods' Martha U.; en Richard Klinkhamer, die zijn vrouw vermoordde. Ook de vier belagers van Meindert Tjoelker, en de extreemrechtse partij CP'86 zijn door hen verdedigd. Daarnaast trekken ze zich het lot van TBS-ers en langgestraften aan, zoals serie-moordenaar Koos Hartogs, die al 25 jaar in TBS-klinieken vastzit. Daarnaast verdedigde Wim Jan Veerman, zijn dochter en de bedrijfsleider van café De Hemel in Volendam.

In veel gevallen komen cliënten bij de Ankers terecht uit alle hoeken van het land, soms na geweigerd te zijn door alle advocaten. In een aantal gevallen, waarin voor het publiek de schuld duidelijk vaststaat, ontvangen ze bedreigingen. Tijdens de CP'86 zaak werd het kantoorpand bekogeld met toiletpapier. Wim en Hans Anker zeggen dat iedereen bij ze terecht kan en recht heeft op een eerlijk proces.

In 2004 moest Wim Anker tijdelijk het werk neerleggen, nadat hij jaren achtereen werkweken van ver over de 100 uur had gemaakt. Inmiddels is hij weer aan het werk. De broers zijn actieve gangmakers in het verenigingsleven van Akkrum. Voorbeelden zijn het Fries kampioenschap mastklimmen en Slingeraap. Ze zijn ook supporter van SC Heerenveen. De broers zijn niet alleen liefhebbers van het levenslied, maar ook enthousiaste vertolkers.

De Friese broers lijken niet veel belangstelling voor geld of prestige te hebben, ze wonen in een eenvoudig huis en ieder jaar gaan ze met vakantie naar Slenaken in Zuid-Limburg.

Steeds vaker levenslang

 

 

Jannetje Koelewijn in NRC handelsblad 1 april 2006

 

Richard H. is de 31e die sinds 1945 levenslang krijgt. Strafrechtadvocaten Willem en Hans Anker zeggen dat die straf de laatste jaren 'revolutionair' vaak wordt opgelegd.

 

Willem Anker, strafrechtadvocaat in Leeuwarden, houdt vanaf 1983 bij hoe vaak in Nederland levenslange gevangenisstraf wordt uitgesproken. In dat jaar verdedigde hij in hoger beroep Ton P., een van de moordenaars van het Groningse meisje Digna van der Roest, negen jaar oud. Ze werd begraven in een greppel in Drenthe.

 

Willem Anker zegt dat hij toen zag wat het met iemand deed als hij levenslang krijgt. 'Vrijwel onmenselijk.' Hij wist de straf van zijn cliënt bij het hof in Leeuwarden veranderd te krijgen in twintig jaar en tbs. 'Het verschil tussen een gordijn dat voor altijd dicht gaat en een kiertje licht.'

 

Gisteren kon hij weer een geval toevoegen aan zijn lijst: Richard H., de man die in april 2005 zijn vrouw en twee dochters vermoordde.

 

Willem Anker vindt dat levenslange gevangenisstraf alleen in hoge uitzonderingen moet worden opgelegd. Maar het gebeurt steeds vaker. Van 1945 tot 1995 - een halve eeuw - was het zes keer. Vanaf 1995 tot vandaag: vijfentwintig keer. 'Dat is revolutionair.' Richard H. is nummer 31. Die toename kan niet verklaard worden doordat er meer gruwelijke moorden worden gepleegd, zegt Willem Anker. Het is, denkt hij, de verharding van het rechtsklimaat.

 

Hans Anker, de broer van Willem Anker en ook strafrechtadvocaat, brengt de treinkaping door Molukkers bij Wijster in herinnering, december 1975. De machinist en twee passagiers werden doodgeschoten. De daders kregen veertien jaar. 'Het was een vorm van executie', zegt Hans Anker. 'Zo'n lage straf zou nu ondenkbaar zijn.'

 

Levenslange gevangenisstraf past bij een meervoudige moord, vinden de broers Anker. De dader moet op geen enkele manier te behandelen zijn. Dan is het begrijpelijk dat de rechters de samenleving tegen zo iemand willen beschermen. Maar nu, zeggen ze, krijgen ook mensen die één moord hebben gepleegd soms al levenslang.

 

Aanstaande dinsdag verdedigt Willem Anker in hoger beroep de Engelsman David S. De rechtbank in Groningen veroordeelde hem in juli 2005 tot levenslang wegens de moord op Gerard Meesters. S., lid van een internationale drugsbende, was op zoek naar de zus van Meester. Die had volgens de bende een grote partij softdrugs gestolen. Meester had niets met de zaak te maken, hij zag zijn zus al jaren niet meer. Hij werd doodgeschoten in de deuropening van zijn huis. Willem Anker vindt levenslang voor S. 'buiten proportie'.

 

Hans Anker denkt dat de Hoge Raad grenzen gaat stellen aan het opleggen van levenslang. Hij verwijst naar een uitspraak van 28 februari 2006 in de zaak van een verstandelijke gehandicapte Antilliaanse man die een moord had gepleegd. Het hof had hem levenslang opgelegd, omdat hij onbehandelbaar was en daardoor een gevaar voor de samenleving. Maar de Hoge Raad vindt die motivering niet houdbaar. De man kan na gevangenisstraf wel behandelbaar blijken te zijn.

 

Het lijkt de broers een mooi proefschrift: een onderzoek naar alle gevallen waarin rechters levenslang hebben opgelegd. Wanneer? Waarom? 'Wij gaan dat niet doen', zegt Willem Anker. 'Wij zijn geen wetenschappers. Maar het zou goed zijn als het gedaan werd.'

 

Zouden zij Richard H. in hoger beroep willen verdedigen? Hans Anker zegt dat het voor Richard H. het proberen waard is. 'Erger kan het voor hem niet worden. Levenslang met tbs kan hij niet meer krijgen.' Dat komt door de uitspraak van de Hoge Raad in de zaak van de Haagse verpleegster Lucia de B., twee weken geleden. Zij had van het hof in Den Haag wel levenslang met tbs gekregen. De Hoge Raad heeft nu gezegd dat dat niet mag.

 

'Het is de verharding van het rechtsklimaat'

Doch mar gewoan

Greta Riemersma in de Volkskrant, Vervolg, 27 maart 1999

Hans en Willem Anker: strafpleiters, Heerenveen-supporters en smartlapzangers. Ze behandelen ieder zo'n driehonderd strafzaken per jaar. Cliënten als Hans van Z., Ferdi E. en binnenkort de vierde verdachte in de zaak-Tjoelker kunnen bij de Ankers terecht. 'Wij wijken niet, ook niet voor terreur.' DE DEKEN van de Nederlandse Orde van Advocaten, mr. P. von Schmidt auf Altenstadt, kregen ze zo gek dat hij deed wat normaal gesproken alleen een opa voor zijn kleinkinderen doet. Het was in een zaaltje in Dronrijp, en het hele advocatenbestand uit Friesland was erbij. De gebroeders Anker barstten spontaan uit in het zingen van Zeg, kleine ree, een van de nummers van hun smartlaprepertoire. Of de deken de ree wilde zijn, hadden ze gevraagd.

Terstond kwam deze met de handen aan het hoofd naar voren. Hij werd teruggewezen: te vroeg. Pas op aanwijzing van de broers mocht het hooggeëerd bezoek zijn kunsten vertonen: reetje spelen. Zo liep Von Schmidt auf Altenstadt rond met op zijn hoofd een denkbeeldig gewei, de zaal lag plat - waarna de levensliedzangers, goed voorzien van Beerenburg, zich lieten afvoeren door hun auto met chauffeur.

Zijn dit de strafpleiters die vorig jaar in Elsevier door hun confrères zijn gekozen tot de nummers drie van de strafrechtadvocatuur? Dezelfden die de zaak behartigden van Hans van Z. en Ferdi E., en die opzien baarden met hun verdediging van het hoofdbestuur van CP'86? Die recentelijk Marjan van der E. bijstonden, bij wie in de tuin van haar pension in Anjum twee lijken werden gevonden? En zijn zij ook degenen die op 30 maart zullen pleiten voor de vierde verdachte in de zaak-Tjoelker, wiens zaak eerder werd geseponeerd?

Jawel, dit zijn Hans en Willem Anker (46), Beerenburg-liefhebbers en smartlapzangers bij gelegenheid. Ze zongen bij het afscheid van Hans Wiegel als commissaris der Koningin in Friesland, en op verzoek van het otterstation bij Leeuwarden leverden ze een bijdrage aan de cd Otter in Noot. 'Je moet het sporadisch doen. Ja, die Beerenburg niet, maar die smartlappen. Vier keer per jaar en dan ophouden', zegt Wim Anker in café Het Leven in Leeuwarden.

'We moeten voorkomen dat mensen denken: daar hebben we die Ankers weer', meent Hans. 'Maar als ik kijk naar de aanvragen die we nog altijd krijgen, overal voor, valt het wel een beetje mee.' Naast de vijftig keer die ze per jaar worden gevraagd op te treden in de trant van de Zangeres Zonder Naam, hebben ze een wachtlijst met 350 clubs, van plattelandsvrouwen tot de Rotary, die van hen een lezing willen over hun werk: volgepland tot 2001. En er zijn verzoeken om een sauna te openen of een rommelveiling te doen. 'Het is niet te geloven wat er binnenkomt', zegt Wim.

Hans: 'Als we tien aanvragen behandelen in een week, doen we er negen sowieso niet, en met lezingen hebben we de rem er ook op.' De Sterrenplaybackshow, Koffietijd en Het Groot Dictee der Nederlandse Taal wilden hen in het programma - niet gedaan - en als ze gevraagd worden voor het serieuze werk, actualiteitenrubrieken, reizen ze uit tijdgebrek meestal niet af naar Hilversum, maar verzoeken ze de cameraploeg te komen in Hotel Goerres in hun woonplaats Akkrum.

Het enige waarbij de rem er niet op zit, is hun liefde voor Heerenveen. Ze hebben een vaste plek in het Abe Lenstra-stadion, en ondanks het drankverbod zit de heupfles in de binnenzak. 'In orde, gaat u maar door', zegt steevast de bewaking bij het fouilleren. Tijdens de wedstrijd zijn er toeschouwers die meer op de Ankers letten dan op Heerenveen. Hans schiet in de lach. 'Wij zitten in het vak boven u', zeggen veel mede-supporters. 'We hebben het zo vaak gehoord, dat ik denk: een druk vak.' Wim: 'Ja kijk, wij zitten er natuurlijk niet rustig. Ik heb wel eens zo lang gejuicht bij een goal, dat de bal er aan de kant van Heerenveen alweer in lag. Hans zei: ''Je moet gaan zitten, het is 1-1.'' Dan ben je gebroken.'

Ze doen veel hetzelfde. Want bovenal zijn Hans en Willem Anker eeneiige tweelingbroers. Soms krijgen ze de kritiek dat ze er alles aan doen om de verwarring over wie wie is in stand te houden. 'Wat een onzin', vindt Wim. 'Ik zing geen opera omdat Hans van levensliederen houdt. Ik ga niet naar Cambuur terwijl mijn hart bij Heerenveen ligt. Ik doe precies wat mijn hart mij ingeeft en dat is hetzelfde als bij Hans.'

Misschien zijn ze verwisseld toen ze klein waren. 'Ik sta nergens voor in', zei hun vader vroeger als hij hen in bad had gedaan. De verschillen zijn inmiddels groter: Hans heeft een hesere stem, Wim een voller gezicht. Maar dat kan ook komen door het werk. Wim: 'Je kunt de zwaarte ervan aflezen aan het hoofd van mijn broer op dit moment, die heeft vorige week een heel drukke week gehad en vertoont grote gelijkenis met een zieke maraboe.' Hans: 'Ik bin tocht ik wol aardich opdroege.'

Is hun manier van optreden buiten het werk imagebuilding? Zoals collega-strafpleiters zich hullen in jassen met bontkragen, hun garages vullen met Bugatti's, Porsches en MG's, en hun kantoor met opgezette dieren? Nee, aan hun leefwijze zit 'niets kunstmatigs', benadrukt Wim. 'We hebben geen pr-adviseur. We spelen geen rol, daar word je moe van.' Hans: 'Als je zwaar of druk werk hebt, moet je daar andere bezigheden tegenover zetten. Ik zal nooit zeggen dat ik niet overspannen word, maar ik wil wel proberen het te voorkomen.' Wim was al eens een jaar uit de running: 'We branden aan twee kanten op. Maar zodra ik fit ben, zeg ik: we hebben een prachtig leven.'

Smartlappen, Heerenveen, een borrel, ze hielden er twintig jaar geleden van, en dat doen ze nu nog. 'Het enige dat misschien opvallend is, is dat er niks veranderd is', zegt Wim. 'Maar wij zeggen altijd: triest dat dat opvalt. Het zou gewoon moeten zijn dat je dezelfde liefhebberijen houdt al word je advocaat.'

Op de deuren van hun kantoor, pal tegenover Het Leven, zou evengoed een bordje kunnen hangen met de Friese volkswijsheid: doch mar gewoan. Hun kamers zijn zo niet helemáál hetzelfde, dan toch even sober ingericht. Een donkerbruin bureautje dat uit de studentenkamer lijkt weggeplukt, een boekenkast waarvan de planken kieren. 'Hier staat voor 300, 400 gulden', verduidelijkt Wim ten overvloede. Toen hun kantoor, Trip Advocaten & Notarissen, domicilie koos in een verbouwd schoolpand, had een binnenhuisarchitect een dag voor de heren uitgetrokken. Binnen een paar tellen stond de inrichtingsadviseur weer buiten.

Over een maand of twee zal het donkerbruine meubilair teruggaan naar zijn oude plek, want de strafpleiters beginnen een eigen kantoor, Anker & Anker, in de naastgelegen behuizing, waar voorheen Trip zat. De strafsectie barst in de huidige vleugel uit zijn voegen: per 1 oktober zal die, inclusief de Ankers, bestaan uit vijf strafpleiters en een bureaujurist. 'Dan hebben we voor het Noorden toch een mooi ploegje', meent Wim. 'En alleen maar strafrecht hè.' Hans: 'Tien jaar geleden werd gezegd: jullie met zijn beiden honderd procent strafzaken, dat kan niet, je moet er familiezaken bij doen.'

Ze behandelen ieder zo'n driehonderd strafzaken per jaar, die zich in het hele land afspelen, sinds een jaar of tien. Alles wat publiciteit trekt en juridisch ingewikkeld is, doen ze samen, zij het dat Hans dan pleit en Wim de rol van 'persadvocaat' op zich neemt. Verder hebben ze elk hun specialismen, zoals ook de andere twee strafpleiters op kantoor. Maar in principe kunnen ze alles van elkaar overnemen, zo is het beleid. En voor de broodnodige ontspanning plant de strafsectie jaarlijks een uitje, dat vorig jaar in het teken stond van 'het Friese paard': drie cafés met in hun naam 'paard' werden bezocht, het vierde werd niet meer gehaald.

WAT HEN aantrekt in het strafrecht, is het pleiten - dat in die richting veelvuldiger gebeurt dan in andere sectoren van de advocatuur. Boeit het hen vanwege het theater? Want hoe anders moet je het noemen wat zij in de rechtszaal doen: van de katheder weglopen, stiltes laten vallen. Fout geformuleerd. De 'presentatie', noemt Hans het. Wim: 'Als ik 25 of 30 minuten wil boeien, kan ik daar niet als een zak meel gaan staan.'

Maar zwaarwegender in hun keuze voor het strafrecht was het verlangen iets te doen voor de 'zwakkeren in de samenleving'. Of was het stiekem ook een fascinatie voor dieven, moordenaars en verkrachters? Het blijven advocaten. 'Nou nee, zoals u het zegt niet nee', antwoordt Hans. 'We hebben een grote betrokkenheid bij mensen, dat is van belang, dat je omgaat met mensen uit alle rangen en standen.'

Kom bij hen niet aan met de vraag of ze via het strafrecht zélf willen scoren - wat zou kunnen, want temidden van de duizenden advocaten in Nederland vallen de Doedens', de Moszkowiczen en inmiddels de Ankers op, niet de civiel-advocaten. Maar toen zij als student belangstelling kregen voor het strafrecht, was die richting binnen de advocatuur nog niet zo ontwikkeld, laat staan dat ze werd uitvergroot door tv-camera's. Hans: 'De universiteit stimuleerde ook niet alleen strafrecht te doen. Men zei dat het te smal was, te eng, je kreeg er nauwelijks werk in.'

Dat klopte, sollicitaties naar een baan als strafpleiter liepen op niets uit: Wim belandde bij het ministerie van Justitie, Hans ging lesgeven aan de meao. In 1979 lukte het Hans dan toch, twee jaar later volgde Wim. Sinds die tijd, dus ook alweer twintig jaar, huldigen zij het principe dat cliënten die in aanmerking komen voor gefinancierde rechtsbijstand, kunnen rekenen op hun hulp. Hun praktijk bestaat voor tussen de vijftig en zeventig procent uit toevoegings-, ofwel pro-Deozaken.

Was Wim laatst bij de politierechter, zei de voorzitter van de strafkamer bij de koffieautomaat: 'Meneer Anker, dat u nog altijd dit soort zaken doet.' De kwestie was heling van 'ik geloof dat het een fiets was'; de boete '100 of 200 gulden'. Wim antwoordde: 'U hebt toch die zitting gevolgd, u hebt toch die cliënt gezien, u hebt toch dat verhaal gehoord? Dat geeft enorme kleur aan de praktijk.'

Maar los daarvan: toevoegingszaken horen niet alleen door stagiaires te worden gedaan, zoals in de advocatuur steeds meer gebruikelijk is, maar ook door gevorderde advocaten. Mede vanwege dat standpunt stapten de Ankers in 1991 formeel uit kantoor Trip, en vormden ze een aparte maatschap. 'Als er 15 advocaten waren, was de stemverhouding vaak 13-2.'

Twijfel niet aan hun 'idealisme', zoals de Leeuwarder officier van justitie mr. H. van Voorst deed in NRC Handelsblad. Er zijn toegevoegde politierechterzaken waar juristen als de Ankers snel mee klaar zijn, voerde hij aan. 'Maar waarvoor ze vervolgens 800 gulden krijgen.' Hans, fel: 'Hij heeft totaal geen idee hoe het gaat. Ik heb vanmorgen een politierechterzitting gehad, daarvoor heb ik twee gesprekken met de cliënt gevoerd, plus nog met de advocaat die ook in de zaak zit. Het is zó'n dossier, ben ik tijden mee bezig geweest om voor te bereiden, wordt de zaak aangehouden, over drie maanden moet ik weer. Die man weet niet waar hij over praat.'

Wim: 'Als hij gelijk zou hebben, zouden alle commerciële advocatenkantoren dit soort zaken toch doen? Dan zouden ze toch allemaal zeggen: jippie, daar komt een dikke vis aanzwemmen?' Hans: 'Waar hij kritiek op moet hebben, is op de advocaten die het verrekken, die het niet meer doen.' Hij slaat met de vuist op tafel. Het is hun stokpaard: schroef de vergoedingen voor toevoegingszaken omhoog, zodat meer gekwalificeerde collega's dit werk gaan doen. 'Als Orde van Advocaten moet je het met zijn allen dragen.'

Wim: 'Als iemand zegt: die jongens zijn sociaal, dat is een aardig verkooppraatje, denk ik: laten we nou even reëel zijn, morgen draaien we de knop om, dan doen we alleen nog maar betalende zaken. Moet jij eens zien hoeveel keer ons inkomen over de kop gaat. Het zou uiterst gemakkelijk zijn, want de zaken dienen zich wel aan.'

Het enige selectiecriterium dat ze er zo langzamerhand op nahouden, is of ze tijd hebben. Zaken waarbij vrienden of familieleden betrokken zijn, weigeren ze, maar verder is iedereen welkom. Bouterse? Geen probleem. Dutroux? 'Daar hoeven Hans en ik niet eens overleg over te hebben.'

TOEN HET hoofdbestuur van CP'86 werd beschuldigd van deelname aan een criminele organisatie en discriminatie, werd die zaak door raadsman na raadsman geweigerd, om ten slotte terecht te komen bij de Ankers. Tegelijkertijd behartigden ze de belangen van een neo-nazi uit Bolsward. Vier dagen en nachten werd hun kantoor belaagd: een baksteen vloog door de dubbele beglazing, de muren werden bekalkt, 's ochtends lag de post in de brievenbus tussen de uitwerpselen. 'Kan het wat minder?', vroeg het kantoor. 'Nee', was het antwoord.

Wim: 'De principes zijn bij ons keihard. Wij wijken niet, ook niet voor terreur. We zijn 's ochtends steeds gewoon aan het werk gegaan. Schoonmaakdienst gebeld, de boel laten opruimen.' Hans: 'Een fris geurtje erin.' Zolang de bedreigingen niet in hun persoonlijk leven ingrijpen, kan hij er de humor wel van inzien. Hij lacht bij de gedachte aan een kaart die ze kregen: 'Schande, schande, schande, ze moesten u uit uw ambt ontzetten!'

Maar, geeft Wim toe, soms is wat ze te verduren krijgen, zwaar. Toen de Tjoelker-zaak speelde, waarin zij de derde verdachte verdedigden, die 180 uur dienstverlening kreeg, riep heel Nederland om zwaardere straffen: de Ankers werden er 'bij de bakker en bij de bank' mee geconfronteerd. 'Het hoort erbij, maar het is niet altijd even gemakkelijk.' Hans: 'Maar we gaan er niet gebukt onder.' De een iets minder dan de ander? 'Dat hebt u goed gezien, maar het is natuurlijk niet zo dat de man het niet aankan', zegt Hans over zijn broer. 'Dan zit je niet achttien jaar in het vak. Je hoeft geen medelijden met hem te hebben.'

Ze verdedigen de rechten van de verdachte, niet datgene waarvan hij wordt verdacht, is hun opvatting. Met sommigen ontstaat zelfs een 'band'. Wijlen Fokke H., drugsverslaafde uit Friesland, vierde op het kantoor van de Ankers een jubileum: hij was er voor zijn 25ste zaak. Ook met Ferdi E., de ontvoerder en moordenaar van Gerrit-Jan Heijn die zijn straf uitzit in Veenhuizen, heeft Wim 'een bijzonder contact'. 'Ik heb wel gezegd: ''Ik ben nu tien jaar lang naar jou toe gegaan.'' Als hij vrij is, zal hij zeker naar kantoor komen.'

Hans Anker stond in het Groningse Wirdum aan het graf van Hans van Z., in de jaren zestig veroordeeld wegens seriemoord en enige tijd voor zijn dood opnieuw verdacht van poging tot moord. Bedachtzaam: 'Een man met wie je een goed gesprek kon voeren, hij was niet dom. Een boeiende prater, een markante, schilderachtige figuur.' De begrafenis was een 'bijzondere plechtigheid'. Wim: 'Laten we zeggen: het was niet erg druk.'

Waar ligt de grens? Zouden ze doen als Abraham Mosckowicz, die zich met zijn cliënt Bouterse voor Nova presenteerde in een dansgelegenheid, en in het Surinaamse oerwoud met de armen om elkaars schouders geslagen? Daar laten ze zich niet over uit. Maar iets drinken met een cliënt, na een zitting bijvoorbeeld, moet kunnen. Hans: 'Vraag twee is of je daar een journalist bij wilt hebben, maar dat moet iedereen voor zichzelf uitmaken.' Wim: 'Als je ziek bent een fruitmand. Als een zaak goed afloopt een bos bloemen. En met kerst krijgen we ongevraagd uit allerlei hoeken een dode haas.' Hans: 'Slobeend, Syberische gans.' Wim: 'Kalkoen.' Hans: 'Moet kunnen.' Wim: 'Mooie tijd, kerst.'

In het hele land bezoeken ze gedetineerden. Soms zijn er met hen nog dingen te regelen, maar vaak zijn het contacten vanuit het oogpunt: een crimineel is ook een mens. Eens in het jaar gaan de Ankers met jongeren uit Akkrum richting Scheveningen, om in de gevangenis te voetballen. Toen ze er weer eens kwamen, hing voor de ramen van een van de cellen het Heerenveen-shirt dat Wim zijn cliënt had gestuurd. 'Bedankt voor het shirt, maar het is nummer 19, ik ben reserve!', riep de man door de tralies. Wim, terug: 'Je speelt de eerste tien jaar toch niet!'

Altijd als ze terugkwamen van zo'n evenement vroeg hun moeder, die net als vader onlangs is overleden: 'Komen jullie zondag langs om je verhaal te vertellen?' Ze vond het prachtig, zag in de handelwijze van haar jongens de principes terug die ze er zelf op nahield. Haar leven lang zette ze zich in voor bejaarden en bedlegerigen. Vader was ook trots, maar dat hoorden ze via, via. 'Ik vind het zo mooi dat de jongens hun rug recht houden, dat ze zich niet laten leiden door geld', zei hij. Hun normale uurtarief in betaalde zaken is 320 gulden, wat doorgaat voor schappelijk. De auto met chauffeur is van de zaak, zelf rijdt Hans in een oude Opel, Wim in een Mazda van vijf, zes jaar oud. 'We hebben het zo ook goed', zeggen ze.

In Akkrum sponsoren ze een deel van het verenigingsleven, en ze doen er zelf ook van alles. Jaarlijks becommentariëren ze 'slingeraap', waarbij de deelnemers met een touw zo ver mogelijk over water moeten zien te springen. Hans is voorzitter van de Stichting Sport Real, en haalde in die hoedanigheid de Mastreechter Staar, Cristine Deutekom, Mini & Maxi en andere bekendheden naar Akkrum. Ook die activiteiten zijn iets van pa en ma. Vader was burgemeester van Vlieland, Schiermonnikoog, Akkrum: een man die midden in het dorpsleven stond. Hij zei altijd: 'Een dorp is niet om in te slapen.' Verhuizen naar het midden van het land? Ze hebben het overwogen, maar nee, té verknocht aan Akkrum en de rest van Friesland.

Door toedoen van de Ankers is tussen Akkrum en Slenaken, in Zuid-Limburg, een 'band' ontstaan. De Slenaakse Tiroler Kapel kwam naar Friesland, er waren uitwisselingen met de voetbalverenigingen en de fanfare. Deze zomer gaan ze er weer voor een week vakantie naartoe. Ook dat doen ze al twintig, néé, veertig jaar. Vroeger met vader en moeder, nu met vrouw en kinderen. Naar het buitenland op vakantie? 'Totaal geen ambitie', zegt Hans, die onlangs voor een zaak in Spanje voor het eerst vloog.

Toen ze in Slenaken voor de 25ste keer vakantie hielden, had hotel Berg en Dal waar ze logeerden een Fries menu samengesteld en een Friese vlag op het dak. Ook in dat hotel zitten ze al veertig jaar. Wim: 'Ik denk er nu alweer aan, aan dat hotel met die Perzische tapijtjes op tafel. De luxe kamers hoeven we niet. Ik moet een nachtkastje hebben met een bijbel erin, een klerenkast waarvan de deuren niet dicht willen en dikke gordijnen. Dan ben ik tevreden.'

Want: 'Er moet niet te veel veranderen.'

Strafpleitersduo met een tomeloze inzet

 

Door KARIN DE MIK in NRC 20-04-98

 

De Friese gebroeders Anker zijn te vinden in de rechtszalen, in de dorpscafés en op de tribune van het voetbalstadion. Overal waar ze komen. stelen ze de show, en niet altijd tot ieders genoegen. Maar gedreven door hun principes stomen ze non-conformistisch door.

 

De gebroeders Wim (45) en Hans Anker (45) worden gerekend tot de tien beste strafpleiters van Nederland. De eeneiïge tweelingbroers uit het Friese Akkrum werken in een moordend tempo en hanteren een in advocatenkringen ongebruikelijk principe: ze behandelen meer toegevoegde cliënten dan betalende. Het zijn 'gewone jongens' die veel geld verdienen niet belangrijk vinden. Maar soms vraagt hun omgeving zich af of ze die tomeloze inzet niet overdrijven.

 

"Wim is mijn advocaat en mijn vriend. Als ik in de put zit, bel ik hem op om even mijn hart te luchten. Dan praten we wat en meestal is mijn sombere bui dan weer over." Rolf F. zit een gevangenisstraf uit van vijftien jaar plus tbs wegens moord. Ruim vijf jaar geleden kreeg hij Wim Anker toegewezen als advocaat. Anker zoekt zijn cliënt zo'n vier keer per jaar op in de penitentiaire inrichting in Maastricht. Datzelfde doen de Ankers met ongeveer vijftien oud-cliënten die levenslange celstraffen met of zonder tbs uitzitten. Het begeleiden van verdachten inclusief 'nazorg' maakt deel uit van hun beroepsethiek. "Vaak zijn het mensen bij wie niemand meer op bezoek komt", zeggen ze.

 

Ze willen de opgebouwde band met deze cliënten niet verbreken. Dat geldt voor Ferdi E., de moordenaar van Gerrit-Jan Heijn, voor Martha U. die vier bejaarden ombracht met de insulinespuit, en voor de 18-jarige jongen die zijn vierjarig buurmeisje verkrachtte en vermoordde. Voor de gebroeders Anker blijft een veroordeelde voor moord of doodslag in eerste instantie een mens. Oordelen of veroordelen doen ze niet.

 

In een puur commerciële advocatenpraktijk zouden dergelijke tijdrovende bezoeken niet passen. Maar de Ankers, die samen een maatschap vormen, maar kantoorruimte, secretaresse en twee medewerkers 'huren' van het Leeuwarder kantoor Trip , De Goede, denken niet commercieel. Net als zeventien jaar geleden, toen ze samen als strafadvocaten begonnen, bestaat zeventig procent van hun cliëntèle nog steeds uit toegevoegde zaken. Zo willen ze het. Ook de man of vrouw met de smalle beurs heeft recht op gespecialiseerde rechtsbijstand, vinden ze.

 

Die instelling is een gevolg van hun opvoeding. De tweeling groeide op in een sober levend, sociaal bewogen, doopsgezind burgemeestersgezin op Schiermonnikoog en later in Akkrum. Vader zette zich in voor het verenigingsleven. Hulp en steun geven aan de medemens was moeders tweede natuur. Je inzetten voor de ander werd hun met de paplepel ingegoten. Veel geld verdienen past niet bij ze, zeggen ze. "Daar zouden we niet gelukkiger van worden." Ze leiden nu een "schitterend" leven. "We hebben het goed zo."

 

Hun 'ziekenfondspraktijk' - de staat betaalt de toevoegingen die beneden de uurtarieven liggen van wat strafpleiters doorgaans vragen - wekt nog al eens verwondering bij vakbroeders en -zusters. Voorspeld werd dat "de idealisten uit Akkrum" hun principiële standpunt wel snel zouden laten varen. J. de Goede, van het kantoor Trip , De Goede, is er eerlijk over. Een dergelijk hoog aantal pro deo-zaken laat zich in een grote praktijk als de zijne moeilijk inpassen.

 

Het sociale gevoel van de Ankers is natuurlijk lovenswaardig, maar de confrère vraagt zich bij tijd en wijle af of die hoge beroepsethiek soms niet te ver doorschiet. Vooral wanneer hij hun overdreven ijver gadeslaat. Of ziet hoe vermoeid en bleek de broers er soms uitzien. Geregeld waarschuwt hij ze dat ze roofbouw op zichzelf plegen. "Dit houden houden ze niet nog eens tien jaar vol. Ze moeten ook financiële reserves voor later opbouwen." De Ankers lachen zijn bezorgheid weg, maken een kwinkslag en stomen door. Ze werken tussen de zestig en tachtig uur per week. Doen gemiddeld driehonderd zaken per jaar. Hans werd door kantoorgenoot J. Boksem eens grieperig aangetroffen met zijn pyjamabroek onder zijn broek. "Ik kan toch moeilijk thuis zitten", zei hij. Boksem: "Ze hebben een groot plichtsbesef en kunnen niet stilzitten."

 

Hard werken is niet erg, vinden ze. "Dagelijks pleiten zit in ons bloed, het past bij ons wezen." Hans omschrijft het advocaat zijn als een soort roeping. De expliciete keuze voor louter strafrecht past daarbij. Ze willen opkomen voor de zwakkere, de underdog, de verdachte die zich tegenover een groot apparaat geplaatst ziet. Voorkomen dat de arm van justitie uitschiet, beschouwen ze als hun voornaamste taak. Ze verdedigen een tasjesdief met evenveel verve als een verdachte van moord. Een politierechter vroeg Wim Anker onlangs, toen deze een fietsenheler bijstond: "Meneer Anker, waarom doet u dit soort zaken nog steeds?" Wim legde uit dat hij met evenveel plezier een grote als een kleine zaak doet. Dat ook een "gewone inbreker" of een verslaafde zo goed mogelijk door het strafproces geloodst moet worden. En dat de verdachte een kleurrijk persoon was.

 

In principe wordt geen enkele verdachte geweigerd om de aard of de ernst van het delict. Die houding leidde tot kritiek bij vakgenoten toen ze enkele jaren geleden aanhangers van CP'86 bijstonden. Bij Trip , De Goede vloog een baksteen door de ruiten en het pand werd beklad met leuzen. De Ankers onderstrepen dat iedereen recht heeft op juridische bijstand, ook CP 86'ers, hoe verwerpelijk en onfris hun gedachtegoed in de ogen van de Ankers ook is.

 

Hoe lang de lijst van positieve eigenschappen ook moge zijn, niet iedereen is lovend over de Ankers. De Leeuwarder officier van justitie mr. H.T. van Voorst, tegenspeler van de Ankers in meerdere rechtszaken, vindt dat het tweetal wat al te veel positieve eigenschappen worden toegedicht. "Het zijn aardige bazen, maar professioneel onderscheiden ze zich niet van anderen. Het is soms ergerniswekkend welk aureool het publiek bekende advocaten geeft." De Ankers moeten oppassen, vindt Van Voorst, dat hun optreden voor de rechtbank niet een "maniertje" wordt. "Ze onderscheiden zich van anderen door een aardig theater op te voeren. Ze lopen met regelmaat van hun stekkie weg, drentelen heen en weer, laten stiltes vallen. Dit alles heeft een functie, maar het zit tegen het maniëristische aan." Ook kan Van Voorst zich storen aan het "koketteren" met hun tweelingzijn. De broers doen geen serieuze pogingen om niet op elkaar te lijken. "Het zou prettiger zijn als duidelijk was wie er voor het hekje staat", meent de officier. En het hun toegeschreven 'idealisme' wuift hij weg. Al die pro deo-zaken worden immers betaald, voert hij aan. "Daar is dus niks bevlogens aan." Er zijn toegevoegde politierechterzaken waar juristen als de Ankers heel snel mee klaar zijn, zegt Van Voorst. "Maar waarvoor ze vervolgens 800 gulden krijgen." De laatste zeven jaar werken de Ankers in het hele land. Ze kregen bekendheid door het verdedigen van onder meer huisarts Sippe Schat, die verdacht werd van moord nadat hij het leven van een ongeneeslijk zieke patiënte had beëindigd, van een verdachte in de zaak Tjoelker, van Hans van Z. Ook boerenactieleider Wien van den Brink, de provincie Friesland die werd verdacht van het illegaal storten van bagger en de beide Emmense ambtenaren die verdacht werden van fraude, stonden ze bij. Marianne van der E., verdachte in de Anjumse moordzaak, zullen ze in juni verdedigen.

 

De gebroeders werden vorig jaar door collega's verkozen tot de groep van de tien meest deskundige strafpleiters van Nederland. Wim werd derde, Hans vierde. Het certificaat hangt bij Wim aan de muur in zijn met oude eikenhouten meubels ingerichte werkkamer. Hans relativeert de klassering. Een pluim van collega's is leuk, maar "belangrijker is hoe je cliënten over je denken".

 

Bij het gerechtshof en de rechtbank valt hun deskundigheid doorgaans in goede aarde. De Leeuwarder oud-strafrechter G. W. van Halsema: "De Ankers kruipen volledig in een zaak en dat is van belang voor een goede beoordeling." Er zijn officieren van justitie die een dossier nog eens extra doorlopen als ze weten dat ze de Ankers tegenover zich zullen vinden. S. Zwerwer, advocaat-generaal bij het Leeuwarder gerechtshof, is iemand die even kijkt "of er iets bijzonders bij zit" wanneer de Ankers de verdediging voeren. "Veel advocaten bereiden zich goed voor, maar de Ankertjes weten er altijd iets bijzonders van te maken. Ze halen altijd het onderste uit de kan." Zwerwer prijst hun juridische oprechtheid. "Ze zullen een zaak niet rooskleuriger voordoen dan die is. Wat ze vertellen klopt. Hun integriteit staat buiten kijf." En dat kan niet van elke advocaat worden gezegd. Er zijn er die niet altijd zuiver spel spelen, die vertragingstactieken toepassen of ellenlange betogen voeren zonder inhoud. Op het een noch het ander heeft Van Halsema de Ankers ooit kunnen betrappen.

 

Hun vrijetijd delen ze op in voetbal, het organiseren van dorpsevenementen, het geven van lezingen en zang. Wim voetbalt bij zaalvoetbalclub NTW ('Net te weak', Fries voor 'Niet te soft'), die door Hans wordt gecoacht. Als 'uitlaadklep' treden ze veelvuldig op als zangduo, staand op stoelen in dorpscafés. Met veel gevoel voor theater zingen ze daar zelfgeschreven smartlappen zoals 'Het Otterlied' (de opbrengst van het nummer, dat vorig jaar op single uitkwam, gaat naar Otterpark Aqualutra in Leeuwarden). Verder geven ze zo'n honderd lezingen per jaar voor diverse verenigingen. Na afloop volgt steevast een bezoek aan het plaatselijke café, waar de berenburg rijkelijk kan vloeien. Na afloop laten ze zich door hun chauffeur in vaste dienst naar huis rijden.

 

Als voorzitter van het Akkrumse 'Sport Real' zet Hans diverse evenementen in het dorp op touw. Tien jaar geleden wist hij Cristina Deutekom over te halen tot een optreden in de hal van veevoerfabriek UTD. Dit jaar slaagde hij erin het Deep River Kwartet en het Russische zangkoor Kremlin Kapella te strikken. In de nazomer volgt steevast hun meedogenloze commentaar bij het 'slingeraap', waarbij zo'n 250 deelnemers zich via een touw over een sloot moeten zien te werpen. Maar ze bezoeken ook de bingomiddag van de bejaardensoos in Akkrum en op zaterdag gaan ze biljarten in de dorpskroeg. Ze voelen zich echte dorpsmensen. Flink uitleven doen ze zich in het voetbalstadion van Heerenveen, waar hun clowneske capriolen sommige toeschouwers wel eens wat te ver gaan. Ze schelden en tieren op de scheidsrechter of vieren een doelpunt door het nemen van een flinke teug uit hun heupfles berenburg, die ondanks het alcoholverbod in het stadion altijd in hun binnenzak zit.

 

De Ankers doen wat ze willen en zijn non-conformistisch. Aan status hechten ze niet. Ze rijden in tweedehands auto's, moeten de hypotheek van hun huizen nog aflossen en vieren een gewonnen zaak met een berenburgje in het café tegenover hun praktijk.

 

"Wij zijn gewone jongens", zeggen ze. Toen Hans begin jaren tachtig afscheid nam van kantoor Beek, werd in het chique hotel Lauswolt in Beetsterzwaag een diner gehouden waar zowel zijn toekomstige als oud-collega's voor uitgenodigd waren. Een exclusieve fles wijn was aan hem niet besteed. Toen die al half boven zijn glas hing, zei hij: "Doe mij maar een jonge klare."

 

Toch, kennissen zeggen dat 'nee zeggen' hun moeilijk valt en dat ze gevoelig zijn voor kritiek. G. Edelijn, medespeler in NTW en vriend van Hans: "Als één van de duizend mensen ontevreden is over hun commentaar bij slingeraap, is Hans' avond kapot. Dan komt alles op hem af en wordt hij zwaarmoedig." Op momenten dat de drukte van het advocatenbestaan op hen afkomt, zijn ze kwetsbaar. "Dan zie je de tranen wel eens komen", zegt Edelijn. Zelfs bij Hans. De harde van de twee, de organisator op kantoor, degene die knopen doorhakt, die Wim corrigeert als die een hoge rekening voor een niet bijster draagkrachtige cliënt wil verlagen. Wim, die gevoeliger en emotioneler is dan zijn broer, geeft toe: "We zijn vaak moe. Deze manier van leven trekt een zware wissel op je spankracht."

 

Waarna de vraag gerechtvaardigd lijkt of het niet ietsje minder kan. Is het geen pose, dat sociale gevoel? Sommigen vragen het zich af. Toch peinzen de Ankers er niet over om een minder drukke praktijk te voeren, die bijvoorbeeld voor de helft uit betalende cliënten zou bestaan. In dat geval zouden er meer fraude- en drugszaken bijkomen. Wim: "Ik heb niet het idee dat dat mijn arbeidsvreugde ten goede komt."

De Groene Amsterdammer van 9 april 1997

48.5 Profiel: Anker en Anker door Eveline Brandt


Begin deze week oordeelde de rechter over dorpsdokter Schat, cliënt van de gebroeders Anker. Schat was slechts een van de vele spraakmakende figuren die de 'Peppi en Kokki van de advocatuur' verdedigden. Toch blijven Wim en Hans Anker
er normale jongens bij. Hoewel, normaal


WAS HET die zevenentwintigste februari 1953 maar een drieling geworden, hebben ze weleens verzucht: 'Dan zouden we meer mogelijkheden hebben om ons te ontplooien.' 'Zich ontplooien' is doorgaans iets dat men alleen doet, maar de gebroeders Anker doen het samen, zoals zij alles samen doen.
Vroeger zette moeder Anker haar koters in het kippenhok in de tuin wanneer de olijke tweeling er weer eens vandoor dreigde te gaan, en daaraan hebben Wim en Hans hun zwak overgehouden voor de gedetineerde medemens. Die staan zij nu keer op keer met veel overtuiging bij in het rechtsproces - soms samen, soms apart. Maar altijd lezen ze elkaars stukken, zodat de ene Anker de andere Anker op eventuele fouten kan wijzen en ze de zaak indien nodig van elkaar kunnen overnemen.
Als twee druppels water zijn zij, en de verwarring die daardoor ontstaat, wakkeren ze graag aan door elkaar met 'Joop' aan te spreken en consequent in de wij-vorm te spreken.
Samen wonen zij al sinds hun derde levensjaar in het Friese dorpje Akkrum, vlakbij Sneek. Samen togen zij op hun achttiende naar Groningen om rechten te studeren. Even scheidden hun wegen zich toen Willem een betrekking kreeg op het ministerie van Justitie en zijn vijftien minuten jongere broer Johannes docent werd aan een meao. Maar na een paar jaar hesen beiden zich in toga en begonnen ze samen een strafrechtmaatschap in Leeuwarden. Hun werkvertrekken in het kantoor van Trip Advocaten & Notarissen grenzen aan elkaar en zijn identiek ingericht, tot en met de platen aan de muur. En beider ster is snel rijzende; Joop & Joop Anker behoren - volgens collega's, volgens de Orde van Advocaten en ook volgens hun tegenstrevers van het Openbaar Ministerie - inmiddels tot de top van de Nederlandse advocatuur.
Het zijn vaak verguisde verdachten in spraakmakende zaken die zij verdedigen. Zoals Ferdi E. - ontvoerder en moordenaar van Gerrit-Jan Heijn -, engel des doods Martha U., kindermoordenaar Koos H. en het bestuur van het extreem-rechtse CP86. Ze staan Hans van Z. bij, in 1969 veroordeeld tot levenslang wegens drie moorden en nu weer verdacht van poging tot doodslag, alsook de verkrachter die zich vergreep aan een slapende vrouw. En wanneer dit artikel ter perse gaat, horen de gebroeders Anker hoe de rechter oordeelt over hun cliënt Sippe Schat, dorpsdokter te Sint Nicolaasga en aangeklaagd wegens euthanasiasme.

IN HUN VRIJE TIJD verdedigen ze vaak zichzelf. Tegen de kritiek en het onbegrip waarmee iedere strafrechtadvocaat in meer of mindere mate te maken krijgt. Recht op verdediging is een grondrecht, benadrukken zij dan, ongeacht de aard of ernst van het delict. 'Wij staan niet achter de feiten, wij verdedigen de persoon en diens rechten.' En daarbij is er voor hen geen ethische grens. Ze willen mensen die in een kwetsbare positie zitten, verdedigen, en volgens hen zit iedereen die vervolgd wordt door justitie in een kwetsbare positie. Vereenzelviging met het gedachtengoed van cliënt CP86 is 'uit den boze maar ook volstrekt irrelevant', zo zeiden de Ankers, die een volgende keer aanhangers van ultralinks bijstonden. 'Wij sluiten ons zoveel mogelijk af voor het leed van het slachtoffer en voor de publieke opinie - we zijn alleen maar gericht op de verdachte.'
Wim en Hans Anker vinden het onbegrijpelijk dat er advocaten zijn die weigeren verdachten van verkrachting bij te staan. 'Daaruit zou je ook kunnen afleiden dat ze de delicten goedkeuren van verdachten die ze wel bijstaan.' Juist in gevoelige, geruchtmakende zaken is het van het grootste belang dat de raadsman ervoor zorgdraagt dat de hand van justitie niet uitschiet, menen zij.
Hun zaken stralen vooralsnog niet op henzelf af. De Ankers hebben niet dat ietwat smoezelige, sensatiebeluste imago van sommige andere bekende strafpleiters, die nog weleens geïdentificeerd worden met hun cliënten. Wellicht komt dat door hun nuchtere Friese woordkeus en dito accent, of door hun eerder clowneske dan louche uiterlijk. Van Wim en Hans Anker straalt bovenal betrokkenheid af, zoals van hun vader, die nadrukkelijk niet burgemeester maar burgervader van Schiermonnikoog was. Hun cliënten blijven ze ook na het strafproces opzoeken in het gevang - 'omdat een verkrachter naast een verkrachter ook en vooral een mens is'. Honderden uren staken ze in de zaak-Martha U., met wie ze zeker dertig keer spraken. Pro Deo, zoals ze tachtig procent van hun zaken pro Deo doen. Naast de tientallen levens- en zedendelinquenten per jaar staan de Ankers ook radiopiraten, kippen- en kruimeldieven bij. Geld of prestige interesseert ze niet - ze hebben een eenvoudig huis en een oude Mazda en ze gaan ieder jaar met vakantie naar Zuid-Limburg. Samen.
De broers zijn geen glamourboys die hun zaak pas echt interessant gaan vinden als er een camera in de buurt is. 'Ze bewandelen niet de weg van overexposure via de media zoals sommige van hun confrères laatstentijds plegen te doen', zegt mr. Heemskerk van de Orde van Advocaten deftig-diplomatiek.
De Ankers werken zich uit de naad, komen volgens collega's soms strompelend terug van de rechtbank. In de rechtszaal kiezen ze graag voor de frontale aanval, maar zonder de rechters te schofferen of de officier de gordijnen in te jagen, zoals collega's als Piet Doedens en Theo Hiddema graag doen. 'We vinden ze betrouwbaar, en ze spelen hun zaken buitengewoon sportief', zegt de persofficier van het Openbaar Ministerie in Leeuwarden. 'Ze komen vrijwel altijd met goede verweren en vervullen een belangrijke rol in het scherp houden van het O.M.'
Het liefst boeken ze, na uitvoerige juridische haarkloverij, lange-termijnsuccessen waardoor er een stuk jurisprudentie wordt bijgeschreven. Zo hebben zij de discussie aangezwengeld over de lange wachttijden voor TBS-klinieken, die justitie nu met schadeloosstellingen moet gaan vergoeden. 'Ze hebben ieder jaar wel een paar zaken waarmee ze invloed hebben op de rechtsontwikkeling', aldus hoogleraar strafrecht Theo de Roos.

MAAR MINSTENS zo fameus zijn de Ankertjes in het noorden des lands om hun optreden buiten de rechtszaal. Bijvoorbeeld tijdens de voetbalwedstrijden van F.C. Heerenveen, waarbij ze zich 'bepaald opvallend gedragen', aldus officier van justitie H. Dankmeijer. Met verve vertelt Dankmeijer, die tot 1 februari in Leeuwarden werkzaam was, over de 'enorme geestigheid' en de talrijke initiatieven van de broers, bijvoorbeeld tot het organiseren van zaalvoetbalwedstrijden tussen advocatuur, parketpolitie en O.M. 'Vergeet ook niet de fles Beerenburg te vermelden', zegt Dankmeijer, 'dat is een rode draad in hun leven.'
Wim en Hans maken er geen geheim van dat ze graag een slokje lusten en dat ze dol zijn op André van Duin, Jantje Koopmans en Joep Meloen. Ze zijn niet bereid zich te conformeren aan wat bon ton is in de beroepsgroep, en kunnen prima leven met betitelingen als 'de Peppi en Kokki van de advocatuur'. Getweeën houden ze bijkans het hele Akkrumse verenigingsleven draaiende (Wim is voorzitter van de ijsclub, Hans van de Stichting Sport Real te Akkrum) en ze zijn hoofdsponsor van de voetbalteams Akkrum 4 en 6. 'Anker en Anker: crimineel goed' staat er op de shirtjes.
's(Avonds houden ze lezingen en voordrachten over het werk van de strafpleiter - voor de Rotary of de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen. Als het past in de sfeer van de avond ronden ze af met een paar smartlappen - jankfodden in goed Fries - waarbij ze zichzelf begeleiden op de accordeon. Zingen kunnen ze 'ook al heel behoorlijk' volgens Dankmeijer, wiens afscheidsreceptie ze opluisterden met een zelfgecomponeerd lied. Gevoel voor theater hebben zij, zegt hij, overigens ook - soms wat te veel - in de rechtszaal.
De artiesten Anker traden ook op bij het afscheid van Hans Wiegel als commissaris van de koningin in Friesland. Of ze organiseren zelf een feestavond met alleen maar pauzes, 'omdat de pauzes altijd het leukst zijn'. Na de opening door de voorzitter volgt een kleine pauze, dan een grote pauze, daarna pauze met verloting en dansen na afloop. En daarbij brengen de Ankers zelf nog een levenslied ten gehore. 'Huilen is voor jou te laat' bijvoorbeeld. Want berouw, zo weten zij maar al te goed, komt na de zonde.