We hebben 156 gasten online

Havo Paragraaf 1 Het begin van de Opstand (1515-1572)

Gepost in Examenkatern De Republiek Havo

17 provincien

Leidende vraag: Waardoor brak er een opstand uit in de Nederlanden? 

Karel de V versterkte het Centraal bestuur en streed tegen de protestanten. Filips II bestreed op zijn beurt de calvinisten en stuurde Alva om de ketterij neer te slaan. Dat leidde tot de Nederlandse Opstand.

Staatsvorming en centralisatie

 

17 gewesten

karel de v

Al in 1515 werd Karel V uitgeroepen tot heer der Nederlanden. In 1516 werd hij koning van Spanje en in 1519 keizer van het Duitse Rijk. Karel V had alle Nederlanden nog niet in handen maar met de verovering van Gelderland in 1543 waren alle zeventien gewesten onder één bestuur gebracht. 

In de praktijk waren de gewesten en de steden gewend om zichzelf te besturen. In de Middeleeuwen hadden ze in ruil voor belastingen privileges rechten en vrijheden verworven. Karel V probeerde een meer centraal bestuur in te stellen, maar was afhankelijk van de rijke burgerij voor de betaling van de vele oorlogen die hij voerde. Sommige privileges werden door de centralisatiepolitiek bedreigd en de strijd tegen het protestantisme werd ook gezien als een aantasting van de privileges.

Luther 

Toen Karel V in 1919 keizer werd was Luther net begonnen met de Reformatie. Hij ergerde zich aan de rijkdom en macht van de kerk en verwierp de zelfgemaakte kerkelijke wetten. De Bijbel moest in de volkstaal worden vertaald en de mens kon niet gered worden door de kerk, maar alleen door de genade van God. Lutters opvattingen vonden snel verspreiding via boeken en pamfletten en steeds meer Duitse vorsten steunden hem.

Karel V riep in 1521 te Worms de belangrijkste Duitse vorsten en edelen bijeen om de geloofseenheid in zijn rijk te redden. In een toespraak hield Luther vast aan zijn opvattingen en werd hij door Karel V een ketter genoemd. Karel V voerde jarenlang samen met de katholieke vorsten oorlog tegen de protestantse vorsten maar moest uiteindelijk in 1555 bij de Vrede van Augsburg toestaan dat in Duitsland voortaan de regel zou gelden: 'wiens gebied, diens godsdienst' zou gelden. Dat hield in dat elke vorst zelf het geloof van zijn onderdanen mocht bepalen.

De Inquisitie

Binnen de gebieden waar Karel de V gezag uitoefende trad hij hard op tegen het protestantisme. Al in 1521 stelde hij een inquisitie in die ketters moest opsporen en berechten. Maar de ketters hielden stand en Karel V voerde steeds strengere wetten in zoals het 'Bloedplakkaat'  uit 1550 waarin bepaald werd dat alle ketters moesten worden gedood. Hoewel de protestanten een minderheid vormen had een deel van het volk en bestuurders grote moeite met de hardheid van de inquisitie. Men zag het als een aantasting van de privileges. Maar Karel V vond dat hij als absoluut vorst de privileges mocht aantasten.

Calvinisten

Koning Fhilips II

 Nadat Filips II aan de macht was gekomen verbreidde het calvinisme zich in de Nederlanden. Calvijn en Luther verschilden van opvatting over de rol van de overheid. Luther vond dat gelovingen altijd de overheid moesten gehoorzamen en zich niet zonder overheidstoestemming mochten organiseren. Calvijn vond, zo nodig, zonder toestemming van de overheid kerken moesten vormen en desnoods tegen een 'goddeloze' overheid in opstand moesten komen. Dat was uitermate geschikt voor de Nederlanden waar geen protestantse vorsten waren.

Filips II zette de politiek van eenheid van geloof voort, maar de hoge edelen vroegen hem in 1565 de kettervervolging te matigen en meerdere geloven toe te staan. In een 'Smeekschrift der edelen' in 1566 vroegen de edelen aan Margaretha van Parma, de landvoogdes van Filips II, de vervolgingen te staken. Steeds openlijker werden bijeenkomsten van de calvinisten gehouden en werden honderden kerken en kloosters aangevallen waarbij beelden werden vernield.

smeekschrift der edelen

Smeekschrift der edelen

Alva

Filips II vond dat Margaretha niet optrad en stuurde na de Beeldenstorm Alva naar de Nederlanden om orde op zaken te stellen. Alva stelde een Raad van Beroerten in die de schuldigen moest straffen. 1100 mensen werden geëxecuteerd en velen vluchten, waaronder Willem van Oranje. Ook edelen zoals de graven van Hoorne en Egmont  werden ter dood veroordeeld en op de Grote Markt in Brussel onthoofd.

terechtstelling Egmond en Hoorne

Vanuit zijn ballingschap in Duitsland riep Willem van Oranje op tot verzet en vormde in 1568 een huurlingenleger dat de Nederlanden binnenviel, waardoor de Opstand een feit was.  In eerste instantie mislukte de invasie maar de onrust in de Nederlanden nam toe door het optreden van Alva en de invoering van nieuwe belastingen. De watergeuzen, calvinistische vluchtelingen op schepen, plunderden het platteland en vielen koopvaardijschepen aan. Op 1 april 1572 veroverden de Watergeuzen Den Briel en in de maanden daarna liepen steeds meer Hollandse en Zeeuwse steden over naar de Opstand. Tijdens een Statenvergadering van Holland in juli 1572 werd Willem van Oranje uitgeroepen tot stadhouder een revolutionaire daad, want alleen de koning mocht dat doen.

 

Zie voor paragraaf 2: Havo Paragraaf 2 Het ontstaan van de Republiek (1572-1588)