We hebben 119 gasten online

De zaak-Goldfinger

Gepost in Beleggerszaken

Rieke Samsons jacht op de goudmiljoenen

Als ze als zaaksofficier eind jaren tachtig met haar Fiod-team aan een draadje begint te trekken, worden de contouren van een megafraude zichtbaar. Dan begint de jacht op goudsmokkelaar Jan L., de "denker" die een kippenboer als katvanger gebruikte in een btw-carrousel. Scheidend PG Rieke Samson-Geerlings over een van haar mooiste zaken.

'Fraudeur Jan L. was gewiekst hoor. Ik kan mede zittingsdag nog goed herinneren. Zit die bedenker van de btw-carrousel ineens met een groot verband om zijn oor. Bij elke vraag die henndoor de rechter wordt gesteld, zegt hij: "wat zegt u?' Hij liet zich al weinig ontvallen, en met deze truc wint hij nog meer tijd om na te denken over zijn antwoord. In de raadszaal laat een rechercheur expres een paar muntjes vallen.' Rieke Samson-Geerlings schiet in de lach als ze eraan terugdenkt. 'Dit gerinkel hoorde hij wel direct.'
Op 16 december nam procureur-generaal Rieke Samson -misschien wel definitief-afscheid van het OM, Gebruikmakend van de levensloopregeling, vertrekt ze naar Frankrijk, waar ze met haar echtgenoot al vaker korte periodes vertoeft. In haar werkkamer blikt ze terug op een zaak die ze als fraudeofficier draaide. Een btw-carrousel met gesmokkelde goudbaren. Het was eind jaren 80, de tijd dat de Berlijnse Muur viel, het OM nog geen Compas-systeem had, en requisitoiren ook bij megazaken alleen in steekwoorden op kladjes werden uitgeschreven.
Een tijd ook waarin het strafvonnis nog niet digitaal op rechtspraak.nl werd gezet. 'Uit het hoofd dan maar!', had de PG van te voren opgewekt gezegd. En als tijdens het interview de herinnering even is vervaagd, pakt Samson degsm.'Even Gerard Bakker bellen, destijds Fiod-rechercheur in de zaak.' Het gezag is er nog: tien minuten later belt Bakker terug, de gegevens paraat.

'Ja, mevrouwSamson, de Goldfinger-zaak, hè.... Het was CIE-informatie waarmee de zaak aan het rollen kwam... Jan L. is inmiddels overleden, wist u dat?' Even later legt Samson de telefoon neer. Met bij haar zélf een schittering inde ogen, zegt ze: 'Dit was zo'n zaak waarvan bij terugblikkende rechercheurs de ogen weer gaan schitteren.'

Zoals "denker" Jan L. het heeft uitgedacht, zo gebeurt het ook. Eind jaren tachtig rij- den zijn handlangers heen en weer tussen Luxemburg en Amsterdam. Bij een reguliere bank in Luxemburg kopen ze goud, laden de baren in de kofferbak en rijden naar Nederland. Ze smokkelen de staven over de grens, waardoor ze geen btw hoeven af te dragen aan de Nederlandse douane. Voor het goud dat ze in Luxemburg hebben ingeslagen, hebben ze ook geen btw hoeven afdragen: Luxemburg kent dan een nulprocents btw tarief op goud. In Nederland is dat echter zes procent. Dus als de criminelen het goud bij een Amsterdamse bankverkopen, brengen ze wél btw in rekening-en de btw gaat als illegale winst in eigen zak. Samson: 'Goud was natuurlijk een handige koopwaar: de baartjes zijn veel waarden makkelijk vervoerbaar. Fiod-rechercheurs brachten in kaart dat de winst zo'n 50 miljoen gulden bedroeg, waarvoor dus zo'n 800 miljoen verhandeld moest worden.'

'Met deze belastingontduiking plukten deze fraudeurs de hele samenleving. Dat schokte mij toen. Alle mensen die netjes volgens de regels handelen, worden gedupeerd door dit soort lieden. Dat is ontwrichtend voor de maatschappij.'
Bij Fiod-team Goldfinger komt de naam Jan L. op zich vrij snel in beeld. Bij de Criminele inlichtingeneenheid van de recherche zijn signalen binnengekomen over geweld en intimidatie binnen de goudhandel in Zuid-Nederland. En binnen de destijds bestaande NMB-bank vinden registrerende medewerkers het opmerkelijk dat er zoveel dezelfde goudbaren (die genummerd zijn) circuleren. Bovendien zijn er zijn tal van BV'tjes bij betrokken, terwijl het een markt van grote spelers is. Men kaart het aan bij leidinggevenden, maar er gebeurt niets. Ontevreden medewerkers melden zich bij de CIE.
'Dat was het moment datje begint met het trekken aan een draadje; zegt Rieke Samson, pratend in rechercheurstaal. 'Op het parket Rotterdam was er gelukkig capaciteit: ik was er vrijgesteld als fraudeofficier en officier Lida de Jonge "liep" de zaak mee. De Belastingdienst -waarde FIOD is ondergebracht-had ook belang bij de zaak: er waren aanwijzingen dat het een onderzoek betrof waarin er veel viel na te vorderen.'

In het onderzoek valt de naam Jan L. steeds vaker . Maar in de justitiële documentatie levert zijn naam geen treffers van antecedenten op. 'Toen we daarnaar zochten konden we niets vinden. Maar de rechercheurs dachten toch te weten dat Jan eerder veroordeeld was. Toen hebben ze van alles geprobeerd en uiteindelijk bleek dat Jan L goed op de hoogte was van de zwakke punten die het systeem destijds kende. Hij had een ander geboortejaar opgegeven. Tegenwoordig kennen we het integer persoonsbeeld, maar destijds werden gegevens genoteerd in boeken en kaartsystemen. Er ging geen alarmbelletje af als namen, woonplaatsen of geboortedata verkeerd werden ingevoerd.'

Het onderzoeksteam zet de telefoontap in. De contacten van Jan L worden gemakkelijk blootgelegd. In die tijd communiceren verdachten niet via meerdere mobieltjes. En L. spreekt wet wat versluierd, maar niet genoeg. Samson:' We merkten dat Jan nog woonde bij de vrouw van wie hij op papier gescheiden was. Op die manier kon het stel ook de bijstandkering van de vrouw incasseren. Hij verzon van alles om aan geld te komen. Als hij al zijn creatief talent had aangewend voor legale zaken, dan zou hij wellicht ook succesvol zijn geworden, maar ja, dat duurde hem natuurlijk te lang. Enfin, omdat Jan L, als grote regelaar, veel op stap was, kregen bellers vaak zijn vriendin aan de lijn. De vrouw bleek volop mee te doen met de goudfraude. Ze gaf de bellers instructies als: "Nee, je moet nu naar een parkeerplaats in Vianen komen." Ook de vrouw van een tweede hoofddader werd getapt.'

De modus operandi van Jan L wordt Samson en haar Fiod-team steeds duidelijker. L is de grote regelaar op de achtergrond. Niet degene die met goudbaren over de wegen tuft. Tussen Luxemburg en Amsterdam wordt de smokkelwaar meerdere keren van kofferbak naar kofferbak overgedragen. Ook op papier creeert L een doolhofspoor. De scheidend PG:'Tussen goudkoper in Luxemburg en goudverkoper in Amsterdam waren tal van BV'tjes geplaatst. Baartjesvervoerders én BV-directeuren: niemand behalve Jan had zicht op het hele proces. Als één van de uitvoerders gepakt zou worden en zou door- slaan tegen de recherche, zou alleen een fractie van het hele fraudetraject boven water komen.'

Maar het Goldfingerteam gaat door: financieel rechercheren, tappen en observeren van verdachten. Een kippenboer uit Barneveld komt in beeld als katvanger. Hij is directeur van een van de BV's die meedraaien in de btw-carrousel En is degene die uiteindelijk als laatste van de opkopende bank dein rekening gebrachte btw ontvangt. 'Ook deze kippenboer -waarvan we toen nog niet wisten dat ie kippenboer was- kwam op de tap. Hij nam opdrachten van Jan L in ontvangst en uit de gesprekken bleek dat het geen hoogontwikkeld man was. Het was geen harde crimineel, maar een katvanger. Net als andere mensen uit de organisatie van L. was hij een eenvoudig man, met een gezin en een klein bedrijfje dat het hoofd boven water moest zien te houden. Voor een paar hondertjes deed hij mee, zonder volledig te beseffen wat hij deed. "Ik dacht dat hetwel goed zat", vertelde hij de recherche over zijn transacties met de hoofdverdachte.'

Samson acht de tijd dan nog niet rijp om tot aanhouding van de hoofdverdachte over te gaan. 'We waren ervan overtuigd dat het geen zin had om Jan L. met alle aanwijzingen en bewijs te confronteren. Hij zou ons met zijn verklaringen toch niet wijzer maken, en we moesten vaststellen dat hij er op papier voor had gezorgd dat hij er vrij schoon uitzag. Dus werd het tijd voor D-day, de dag waarop de zaak moest "klappen".'
Tal van rechercheurs gaan op pad. Huiszoekingen op tien plekken tegelijk. Speuren naar geld, papieren en administraties van betrokken BV's. 'Ëén Fiod-rechercheur had een laptop bij zich - dat wás toen wat, hoor. Er werd gefouilleerd, gearresteerd. Tijdens de actie zat ik in het "commandocentrum" op parket Rotterdam, waar ik steeds gebeld werd.

Zo belde een rechercheur dat er tijdens de zoeking iemand kwam aangereden. Ik kon melden dat die automobilist ook aangehouden kon worden, want die kwam van een woning vandaan die ook doelwit van de zoeking was. In de auto van een verdachte vonden we twee ton, verstopt tussen de achterbank. Een ander liep rond met twee rolletjes duizendjes in zijn broek zak. Op zo'n moment is een officier net zo gelukkig als een rechercheur: yes, we zitten op goed spoor!'

Terwijl de financiële kluwen verder wordt ontward, neemt de zaaksofficier een besluit waarvan Fiod-rechercheurs wat schrikken. De vriendin en echtgenote van de twee hoofdverdachten moeten worden aangehouden. Op verdenking van medeplegen en van deelname aan een criminele organisatie (dat laatste is dan net strafbaar gesteld).'De heren van de Fiod moesten wat weerstand overwinnen. Zij twijfelden: "Aanhouden en vasthouden? Dit zijn vrouwen met kinderen; wat moet daar mee gebeuren?" Maar Lida de Jonge en ik vonden dat het kon. We waren niet van plan de vrouwen lang vast te houden, en tapgesprekken hadden uitgewezen dat de betreffende kinderen altijd wel bij hun omás terecht konden.'

Vier dagen wordende "fraudevrouwen" verhoord, tijdens twee keer twee dagen inverzekeringstelling. Samson: 'Ze hebben ons keurig verteld wat ze wisten. En ze wisten heel veel, want de vrouwen vormden de "centrale telefoonpost". Het was een doorbraak. We hadden al de administratie, en tegenover die papieren werkelijkheid konden we nu de feitelijke werkelijkheid plaatsen. Opnieuw bleek hoe sluw Jan L het had geregeld. Op papier klopte het wel: de manier waarop de kippenboer de geïncasseerde btw uiteindelijk afdroeg aan Jan L.'

'Inmiddels wisten we wel dat die katvanger kippenboer was. Op enig moment hebben we gedacht: de rechter-commissaris en de rechter moeten die man met eigen ogen zien. Want Jan L. kan wel bewéren dat deze BV-directeur een zakenrelatie van hem is. Maar wie L. (slim, netjes in het pak) en de kippenboer (niet de slimste, dagelijks gekleed in overall en rubberlaarzen) samen zag, wist het direct: dit is geen normale relatie tussen zakenpartners. Ik denk dat dat zijn effect voor de rechter niet miste.'
Dan komt de zitting. Welke straf nu te eisen? Welke stafmaat is, alles afwegende, op zijn plaats voor hoofdverdachte Jan L.? 'Dat was volstrekt nattevingerwerk', glimlacht Samson als ze er aan terug denkt. Dan afgewogener: 'Bedenk dat we destijds - het BOS 1 Polarissysteem was er nog niet - nauwelijks richtlijnen voor de strafvordering hadden. Op het parket hadden we in die tijd als houvast bedacht dat we één jaar gevangenisstraf voor één miljoen wederrechtelijk verkregen guldens wel een mooie norm vonden. Maar dan zouden we in dit geval vijftig jaar hebben moeten eisen... Ik heb vijf jaar celstraf voor Jan L gevorderd.'

'L. kreeg van de rechter vier jaar onvoorwaardelijk. De rechtbank motiveerde dat de verdachte langdurig en geraffineerd gefraudeerd had. Dat het om veel geld ging, waardoor de samenleving substantieel benadeeld was.'

Voor de kippenboer tonen officier en rechtbank zich genadiger. 'Hij kreeg een paar maanden voorwaardelijk..' De zaak is zo groot dat Rieke Samson tot eind 1991, ze is dan inmiddels AG in Arnhem, nog steeds verdachten uit de Goldfinger zaak voor de rechter zal brengen.
Voor wie de scheidend PG zo hoort en ziet praten, dringt de vraag zich op. Was het destijds, als zaaksofficier, allemaal niet veel leuker dan de laatste jaren waarin de PG landelijke beleidsportefeuilles mocht trekken?
'Officier is het mooiste vak dat er is. Dáár haal je als PG je motivatie uit: om voor hen wat te kunnen betekenen.'

'Die btw-carrouselzaak herinner ik me niet alleen maar zo goed, omdat het spannend was om Jan L een slag voor te zijn, omdat het Fiod-onderzoek en de samenwerking met Lida de Jonge als een trein liep. Maar óók omdat fraude en bijvoorbeeld milieuzaken de maatschappij zo schaden. Dit is geen gemodder in de marge, dit is echte criminaliteit. Tegen wie dat niet ziet zeg ik: gooi je er nou eens tegenaan. Verdiep je erin. Als je dat doet en op goed spoor raakt, dan wórd je ook enthousiast.'

Tekst Pieter Vermaas in Oppertuin 01/2010