We hebben 264 gasten online

' Een geschiedenis van Nederland' Deel 3 De Nederlanden 1500-1568

Gepost in Geschiedenis Nederland

De Nederlanden 1500 – 1568

1) De Lage Landen en het Heilige Roomse Rijk


De Habsburgse dynastie zette de Bourgondische politiek van uitbreiding en centralisatie van het onder hun gezag staande gebied uit.

In 1512 werd door Keizer Maximiliaan het Heilige Roomse Rijk hervormd; Vorming van de Bourgondische Kreits.

Maximiliaan regeerde in het begin van zijn periode vanuit Brussel, later verplaatste hij zijn hoofdstad naar Innsbruck. Zijn zoon Karel de V werd opgevoed in Brussel, sprak Nederlands en Frans, en stond sympathiek tegenover de door de inwoners van De Lage Landen ervaren problemen en tradities.

De gewesten FRIESLAND (1524), UTRECHT (1527), OVERIJSSEL (1528), GRONINGEN, DRENTE (1536) and GELDERLAND (1543) werden veroverd

In 1548 werden de Nederlanden officieel tot een aparte, quasi autonome regio binnen het Imperium verklaard, met Brussel als hoofdstad.

De hertogen van Bourgondië hadden de Lage Landen succesvol verenigd, met uitzondering van het diocees van Luik, in een Dynastieke Unie.

Ze hadden centaal gezag gevestigd zoals de Staten Generaal, een parlement waarin alle gewesten waren vertegenwoordigd, een hooggerechtshof in Mechelen, een hertogelijke rechtbank in Brussel.

Karel de V trad in 1555 af en verdeelde zijn bezittingen onder zijn zonen Ferdinand en Philips II.

2) Philips II koning van de Nederlanden

Centralisatiepolitiek, handhaving van het Katholicisme en sociale onrust

Karel de V gaf aan Philips II Spanje en de overzeese gebiedsdelen, de Italiaanse bezittingen en de Nederlanden.

margaretha v parmaPhilips bestuurde de Nederlanden vanuit Madrid. In de praktijk werden de Nederlanden bestuurd door zijn halfzuster Margaretha van Parma, landvoogdes van de Nederlanden.

In de Middeleeuwen hadden edelen altijd veel te vertellen gehad. Ze waren de overheid op het platteland. Daar konden ze de rechtspraak op hun eigen manier regelen. In elk gewest regeerde nog steeds een hoge edelman namens de landvoogdes. Zo’n hoge edelman was daar stadhouder, dat betekent plaatsvervanger. Ook de steden hadden altijd veel macht gehad en hadden een eigen bestuur en rechtspraak.

Filips II wilde nu de overheid in Brussel zo sterk mogelijk maken. Maar de gewesten hadden hun eigen regels en wetten en men sprak er recht.

Philips wilde daar een einde aan maken en één sterke staat maken. Met andere woorden wilde de macht centraliseren in Brussel.

Dit nu was tegen de wens van de edelen en de stadsburgers.

De belangrijkste Nederlandse Edelman was Willem van Oranje. Hij was zowel stadhouder in Holland, Zeeland en Utrecht.

Het was Willem van Oranje die de leider werd van het verzet tegen de koning en de landvoogdes.

 

w v oranjeZie voor meer achtergronden over Willem van Oranje de volgende link:

http://www.prinsenhof-delft.nl/gmd.prinsenhof/gmd.nl/i000386.html

Maar de centralisatiepolitiek was niet de enige reden waarom men in verzet kwam tegen Philips II.

Philips II trad streng op tegen de protestanten en wilde alleen het katholicisme toestaan. Dat wekte in de Nederlanden verzet.

Wie waren eigenlijk die Protestanten?

In 396 had de Romeinse keizer het christelijk geloof verplicht gesteld. Sinds die tijd was er maar één kerk geweest in West Europa.

De mensen die tot deze kerk behoorden noemen we christenen naar Christus de zoon van God.

De christelijke Kerk stond onder leiding van de Paus in Rome. De paus werd beschouwd als de plaatsvervanger van Christus hier op aarde.

In de 16e eeuw echter kwam er steeds meer kritiek op de manier waarop sommige priesters luxueus leefden en op de rijkdommen van de Kerk.

Vooral de aflatenhandel wekte veel ongenoegen. Door een aflaat te kopen kon men zich een plaats in de hemel verdienen.

Twee zogenaamde hervormers (zij die de Kerk wilden veranderen) gaven leiding aan de Hervorming. Het waren Luther die in Duitsland actief was en Calvijn die in Frankrijk actief was.

In de Nederlanden waren veel navolgers van Calvijn.

Zij wilden dat de bedienaars van Gods woord eenvoudig leefden en ook de kerkgebouwen dienden sober te zijn ingericht.

De Paus besloot beide hervormers buiten de Kerk te plaatsen. Daardoor ontstond er een splitsing binnen de Kerk.

Volgelingen van Luther en Calvijn worden Protestanten genoemd, ook wel Lutheranen of Calvinisten. Een deel van de ontevreden christenen sloten zich bij de hervormers aan.

En ook in de Nederlanden werden mensen protestant.

Dat nu was niet goed in de ogen van Filips II. Hij als mede erfgenaam van een gedeelte van het Heilige Roomse Rijk en als zoon van een keizer die door de Paus als zodanig werd erkend zag het als zijn taak het katholicisme te bevorderen en het protestantisme tegen te gaan. Dat nu leidde tot vervolging van Protestanten,(ook wel ketters genoemd) die als men bleef volharden in het Protestantisme zelfs veroordeeld werden tot de brandstapel.

De vervolging van deze protestanten leidde tot verzet in de Nederlandse Gewesten. Niet alleen van de Protestanten maar ook van de Katholieken.

Maar Philips was vastbesloten om de strijd tegen het Protestantisme voort te zetten en kreeg daarbij steun van de Paus.

Philips II , daarbij gesteund door de Paus, ging over tot hervorming van de Kerk in de Nederlanden. De oude structuren werden opgeheven en Utrecht en Cambrai werden aartsbisdommen, Mechelen werd een nieuw aartsdiocees. De aartsbisschoppen en bisschoppen werden benoemd naar wens van de koning. Het was een nieuwe poging om de politieke elite van de Lage Landen uit te schakelen.

church administration

Toen men in 1566 Hagepreken ( Calvinistische kerkdiensten) in de openlucht ging houden werden deze verboden maar men ging er toch heen. Protestanten begonnen katholieke kerken te bestormen en sloegen beelden kapot. Deze zogenaamde ‘Beeldenstorm’ verspreidde zich door

beeldenstorm

het hele land. De verspreiding van de Beeldenstorm van 1566 in de Lage Landen. De cijfers bij de plaatsnamen geven de data aan.

Bron: De wording van Europa; De kracht van het geloof

 

Naast de centralisatiepolitiek en de handhaving van het Katholicisme speelden ook de sociale omstandigheden een rol bij het ontstaan van de Opstand. Doordat de bevolking was toegenomen nam ook de ongelijkheid toe. Lonen bleven achter bij de gestegen prijzen waardoor de tegenstellingen nog toenamen.(prijsinflatie). Toen door de strenge winter van 1564 - 1565 ook nog de graanprijzen scherp stegen brak het hongerjaar 1566 uit. Geen wonder dat Margaretha van Parma geen uitweg meer zag In 1566 verloor Margaretha van Parma zo de controle en ontstonden er overal opstanden. Ze vroeg Philips II om hulp. Philips stond onder invloed van de katholieke bisschoppen. Hij sprak geen woord Nederlands of Frans en heeft de Nederlanden nooit bezocht. Het enige belang dat hij in de Nederlanden stelde was dat de Nederlanden aan hem veel belastingen betaalde waarmee hij zijn oorlogen kon betalen. Phillips benoemde de hertog van Alva tot landvoogd in de Nederlanden.

Alva slaagde er snel in om de meest gehate man in de Nederlanden te worden. Hij richtte de Raad van Beroerten op, de Raad veroordeelde veel Nederlanders die ervan verdacht werden protestant te zijn of verraders tot de dood. Onder de slachtoffers waren Guido de Bres (1567) en de Graven van Egmond en Hoorne (1568); in totaal schat men dat zo’n 6000 Nederlanders ter dood zijn gebracht.

spaanse tyrannie

Bron: afbeelding Onsverleden.net; Spaanse tirannie In de rechtsprekende colleges werden de rebellerende Nederlandse edelen door Philips II vervangen door professionele juristen. In 1568 kwamen de gewesten Holland en Zeeland openlijk in opstand tegen de centralisatiepolitiek van Philips II. De 80 jarige oorlog tegen de Spaanse overheersing was daarmee begonnen.   

Zie verder deel 4 ´Een geschiedenis van Nederland´ Deel 4 De Opstand van de Nederlanden