We hebben 147 gasten online

Hfst 1 Maastricht als centrum van economische activiteiten in de Middeleeuwen

Gepost in Maastricht

symbolische voorstelling tweeherigheid

lnleiding

Het hierna volgend betoog wil de positie van Maastricht als centrum van economische activiteiten in de Middeleeuwen aan een nader onderzoek onderwerpen. Het ligt in mijn bedoeling om de economische en- sociale betekenis van de landbouw niet in mijn onderzoek te betrekken, hoewel ik ons ervan bewust ben, dat de maatschappi j, zeker in de Middeleeuwen, duidelijk agrarisch georiënteerd is. Alleen als de handel direkt met de landbouw te maken heeft zal deze in mijn betoog nader worden betrokken. Ik zal ook de politieke situatie waarin Maastricht in de Middeleeuwen heeft verkeerd, niet in mijn onderzoek betrekken, behalve wanneer dit in het kader van deze studie relevant is.

De politieke geschiedenis van Maastricht tijdens de Middeleeuwen is namelijk een zo complexe materie, die nog veel nadere studie behoeft, dat ik er enkel mee zal volstaan om globaal aan te geven hoe deze zich heeft ontwikkeld. Dit beknopt overzicht zal als een bijlage aan deze studie worden toegevoegd. Het ligt in mijn bedoeling om vooral de nijverheid en handel tijdens de Middeleeuwen ,voorzover ze betrekking hebben op Maastricht, aan een nader onderzoek te onderwerpen.

Hoofdstuk 1 Van Romeins Castellum naar Merovingische en Karolingische nederzetting.

In de derde eeuw gebeurde er te Maastricht wat men in dezelfde periode in een groot aantal andere Gallo-Romeinse bevolkingscentra zoals Tongeren, Bavai en Parijs constateert: een inkrimping van het woongebied, een concentratie op de stadskern, die met het puin van de bebouwing uit vroegere dagen werd versterkt .

Besloeg de gehele nederzetting in de tweede eeuw 15-20 ha. Het Stokkstraatkwartier,welk gebied exact het vroegene Castellum onvat, nam niet meer dan 2 ha. in beslag (1). Dit Castellum nu bood geen ruimte voor een burgerlijke nederzetting; deze ontstond in de onmiddelelijke nabijheid van dit Castellum.

Het Castellurn werd door de Romeinen aangelegd ter bescherming ven de ook in militair opzicht belangrijke overbrugging van de Maas ( 2). Roemen was van mening dat door de bouw van het Romeins Castelium de nederzetting een nieuwe doeloorzaak kreeg. Deze is volgens hem tweeledig

1) de overgang over de Maas wordt nu strategisch beveiligd,hetgeen tot u itdrukking komt in de bouw van de versterking

2) de nederzetting krijgt een garnizoen of een groter garnizoen,hetgeen tot uitdrukking komt in de legering en annwezighed van troepen binnen de vesting.

Beide feiten moeten volgens Roemen vrijwel zeker een stimulans zijn ge weest voor de verdere economische ont wikkeling der agglomeratie.De voorziening in de behoeften der militaire macht moet de handel bevorderd hebben en heeft waarschijnlijk ook handwerkleden aigetrokken.

Nadat het voor de Romeinen niet meer mogelijk was in ons gewest te ver blijven raakte de nederzetting in verval, temeer door de aanvallen der Franken. Omstreeks 450 na Christus werd Maastricht door de Franken grondig verwoest. De nederzetting moet in de Frankische periode opnieuw ontstaan zijn . In de loop van de Frankische periode moet zich, dus te Maastricht,op dezelfde plaats,waar de Romeinse nederzetting lag, een nieuwe agglomeratie gevormd hebben, die reeds een belangrijke centrale functie uitoefende.

De voornaamste functies moeten geweest zijn:

1) verkeersfuctie in verband met de Maas en de weg van Brrunhilde,

2) handelsfunctie in verband met deze wegen,

3) de fuctie van geestelijk en wereldlijk bestuzurscentrum,

4) de functie van bedevaardplaats

5) de functie van cultuurcentrum in het algemeen

6) de agrarische fuctie was ook niet zonder betekenis (4).

Kessen is van mening dat er drie factoren van zeer groot belang zijn geweest voor de geschiedenis van Maastricht

De eerste factor was de gunstige ligging van de stad aan het kruispunt van verschillende land- en waterwegen. Deze factor zou in militair opzicht van Maastricht een belangrijke vesting maken en een in economisch opzicbt, reeds zeer vroeg, een bloeiende en actieve handelsplaats.

De tweede factor bestond hierin, dat de stad door een samenloop van omstendigheden, vri j centraal zou komen te liggen in het gebied,dat door de bewindhebbers van de nieuwe ti jd,de Merovingers en Karolingers, bi j uitstek als woon- en regeergebied zou worden gekozen. Zodoende steeg deze stad reeds spoedig, in het bijzonder bij de Karolingers in macht en aanzien,vooral door de nauwe betrekkingen, die deze onderhielden met het Stift,later het Kapittel van St. Servaas.

De derde factor ontleende zijn betekenis aan het feit,dat Maastricht reeds in de Romeinse tijd door de komst van St.Servaas tot bisschopsstad was uitverkoren en daardoor in de katholieke Middeleeuwen een bijzondere plaats zou bekleden.

Deze drie factoren samen hebben van Maastricht als oudste stad van Nederland ook reeds zeer vroeg een belangrijke jke plaats in economisch, militair en cultureel opzicht gemaak(5).

Welke van deze factoren het meest de boventoon voerde is niet relevant. Feit is echter dat nadat de Franken zich in de tweede helft van de 5e de eeuw in Maastricht vestigden, Maastricht uitgroeit tot een godsdienstig en administratief centrum; zohield koning Childebert II er in 594 een algemene rechtszitting en zo resideerden er achtereenvolgens meerdere bisschoppen van het diocees Tong eren-Maastri cht(6) .

Maastricht is dan zeker de voornaamste pre-stedelijke nederzetting in hetmaasland . Gezien haar geografische ligging in een vruchtbaar kleigebied, haar ligging aan de natuurli jke waterweg de Maas,en aan de oude Romeinse Heerbaan Bavai-Tongeren Keulen, de zogenaamde weg vei Brunhil de, die de rivier op dit punt kruist en zijn niet zover verwijderde ligging van de zuidelijker aan de Maas gelegen plaatsen Dinait, Nanen en Hoei , welke tezelfdertijd tot ontwikkeling komen- is er tussen al deze plaatsen een bloeiende handel over en weer.

JappeAlberts noemt de periode van de 5de eeuw tot omstreeks het midden van de 8 ste eeuw in economisch opzicht een tijdperk waarover maar betrekkelijk weinig bekend is. De akkerbouw en veeteelt hebben in die dagen , uiteraard de belangrijkste plaats ingenomen, maar concrete gegevens daaromtrent zijn schaars. Ni jverheid en handel hebben de tweede plaats ingenomen .Wat de nijverheid betreft verkeren we in het ongewisse, maar de handel, die in hoofdzaak handel in produkten van elders moet zijn geweest, daar weten we meer van. Maastricht ontwikkelde zich volgens Jappe Alberts(7) niet alleen tot een kerkelijk centrum maar het had ook economische betekenis. Om in deze economische betekenis inzicht te krijgen moeten we onze toevlucht nemen tot de numismatiek.

Zie voor hoofdstuk 2 Hfst 2 Maastricht als centrum van economische activiteiten in de Middeleeuwen