We hebben 108 gasten online

Deel 35 Oorlog door de Eeuwen heen

Gepost in Serie Oorlog door de eeuwen heen

 De slag bij Agincourt 1415

De Frans-Duitse Oorlog 1870-1871

Historisch kader

Frankrijk

In november 1848 werd Lodewijk-Napoleon, neef van Napoleon, tot president gekozen en in 1852 tot keizer Napoleon III gekroond.

Economisch ging het Frankrijk tijdens de eerste jaren van zijn bewind goed. Veel geld kwam er beschikbaar voor de uitbreiding van het spoorwegennet. De productie van kolen en ijzer verdriedubbelde, net als de handel met het buitenland. Parijs werd een stad met brede open boulevards en werd het stralend centrum van de economische vooruitgang.

In de betrekkingen met het buitenland wenste Napoleon III vooral vrede. In de praktijk liep het echter anders (Zie de Krimoorlog). Napoleon streefde naar samenwerking met de grote mogendheden, maar dan wel onder leiding van Frankrijk. Pas na 1866 kreeg Napoleon III in de gaten dat de ontwikkeling van Pruisen wel eens een bedreiging zou kunnen vormen voor Frankrijk. Toen dit duidelijk werd, was het eigenlijk al te laat.

Pruisen

Pruisen

Koning Wilhelm I had in 1861 zijn zieke broer Friedrich Wilhelm opgevolgd. Daarmee werd de hoop op een Duitse eenwording nieuw leven ingeblazen. Al sinds het eind van de Napoleontische oorlogen streefden Duitse nationalisten naar de eenwording van Duitsland. Toen er in 1848 een nieuwe revolutie uitbrak, dachten ze dat het tijdstip nu echt was uitgebroken. Maar die revolutie leidde tot niets concreets.

willem I

Wilhelm I (1797-1888) wilde militaire versterking van Pruisen. Daarom vond hij legerhervorming noodzakelijk. Maar het liberale parlement zag versterking van het leger en dus van de monarchie niet zitten. Koning en parlement kwamen met elkaar in botsing en Wilhelm dreigde met aftreden. Wilhelm haalde Otto van Bismarck over om minister-president van Pruisen te worden. Diens ideaal was de totstandkoming van de Duitse eenheid onder leiding van Pruisen. Tegen de wil van het parlement voerde hij de gewenste moderniseringen van het leger door.

otto van bismarck

Bismarck (1815-1898) was door zijn autoritaire optreden niet populair, maar dat veranderde, toen hij in een tweetal oorlogen overwinningen boekte. In 1864 trad Pruisen op tegen de Denen, die de hertogdommen Sleeswijk en Holstein wilden annexeren. Maar Sleeswijk en Holstein kwamen onder Pruisisch bestuur. In 1866 trokken de Pruisen ten strijde tegen de Oostenrijkers om uit te maken wie van de twee de machtigste was in Duitsland. Bismarck won de strijd. De nieuwe machtsverhoudingen kwamen tot uiting in de oprichting van de Noord-Duitse Bond in 1867. Pruisen kreeg de leiding in de Bond en Oostenrijk mocht niet meer meedoen.

1 Aanleiding en oorzaken van de Frans-Duitse oorlog

In 1870 waren de Spanjaarden op zoek naar een geschikte kandidaat voor de troonopvolging. De Pruisische Leopold von Hohenzollern leek een goede keuze. Hij was katholiek en getrouwd met een Portugese prinses. Bismarck drong aan op aanvaarding van dat aanbod. Op 21 juni 1870 was de zaak rond. De Fransen reageerden furieus. Ze waren bang dat de Duitsers veel te veel macht zouden krijgen in Europa en eisten onmiddellijk terugtrekking van de kandidatuur en wilden een verklaring van Wilhelm dat zoiets nooit meer zou gebeuren.

Deze was bepaald niet op oorlog uit en was wel geïrriteerd geraakt. Bismarck was het met hem eens en besloot er gebruik van te maken. De Duitse eenwording zou wel eens behoorlijk versneld kunnen worden met het stevige cement van een oorlog tegen Frankrijk. Frankrijk moest de oorlog beginnen. Dat zou het beste zijn voor de goede naam van Pruisen.

Wilhelm wilde niet opnieuw de Franse ambassadeur ontvangen en stuurde op 13 juli 1870 een verslag naar Bismarck in een beroemd geworden telegram Emser Dépêche (telegram uit Ems).

Emser Depesche

 

Nadat Bismarck de tekst van het telegram aanscherpte, stuurde hij het naar de krant. Toen brak de hel los in Parijs en Berlijn waar nationalistische gevoelens de kop op staken.

Napoleon wilde geen oorlog, maar zag zich gedwongen de eer van Frankrijk te redden. Nog dezelfde avond gaf hij bevel het leger te mobiliseren. Vijf dagen later, op 19 juli 1870, overhandigde hij de officiële oorlogsverklaring aan de regering van Pruisen, Bismarck had zijn zin.

2 Verloop van de Frans-Duitse oorlog

Voor de meeste mensen kwam de oorlog als een totale verrassing. Maar de Franse bevolking was enthousiast. De kranten waren juichend over de oorlogsverklaring en spraken van 'de respectloze Duitse houding' ten opzichte van Frankrijk.

La guerre de 1870

Ook in Berlijn demonstreerde men voor de oorlog. In veler ogen was de tegen Frankrijk uitgelokte oorlog een revanche voor de Napoleontische veroveringsoorlogen.

Voor de Fransen was de oorlog van het begin af aan een fiasco. De oorzaak hiervan was de volstrekt chaotische mobilisatie van het leger. Voor Franse winst in deze oorlog was een overwicht aan manschappen en wapens echter noodzakelijk. Maar door het uiterst trage en ingewikkelde Franse mobilisatie-systeem waren veel soldaten nog onderweg naar het front op het moment dat Napoleon zich al overgaf aan Bismarck.

In hoog tempo verloren de Fransen slag na slag en bij het laatste treffen van de twee vijandige legers bij Sedan was het gedaan met de Fransen. De doodzieke Napoleon, die door een ernstige nierziekte al nauwelijks op zijn paard kon zitten, capituleerde op 2 september 1870 en liet zich gevangen nemen.

De bevolking van Parijs was zeer teleurgesteld en gaf de aanzet tot de val van de regering. Keizerin Eugenie vluchtte met haar gevolg naar Engeland. Vanuit een venster van het stadhuis riep de revolutionair Gambetta de Derde Republiek uit en werd er een nieuwe regering gevormd.

 

Onmiddellijk begon deze regering met de voorbereidingen voor een nieuwe oorlog. Want met de overgave van Napoleon III was de strijd nog niet voorbij. Duitse troepen rukten, zuipend en plunderend, op naar Parijs.

Op 20 september was Parijs omsingeld maar veroveren was moeilijk door de verdedigingsstelsels rond Parijs, de aanwezigheid van een verdedigingsmacht en door de aanwezigheid van de francs-tireurs. Dat waren vrijwilligers die het de Duitsers erg moeilijk maakten door hun Guerrila -aanvallen.

Maar de Duitsers hoefden niet te vechten en pasten de methode van uithongering van de Parijse bevolking toe. Met 2 miljoen monden te voeden was de situatie in oktober 1870 al vrij hopeloos geworden. Terwijl de Duitse legerleiding vasthield aan de uithongeringstrategie wilde Bismarck Parijs bombarderen. Bismarck kreeg zijn zin en Parijs werd vanaf 5 januari 1871 gebombardeerd.

Tegen het einde van januari 1871 was de situatie in de stad uitzichtloos geworden. De Franse regering zocht contact met Bismarck om te onderhandelen over een wapenstilstand. Op 27 januari 1871 werd een akkoord bereikt. De Fransen moesten de forten overdragen, maar niet de stad. De oorlog was voorbij en Frankrijk had verloren. Voor de Duitsers kwam het akkoord net op tijd omdat het steeds problematischer werd het enorme leger te bevoorraden.

spiegelzaal versailles 1871

Nog voor de capitulatie van Parijs werd op 18 januari 1871 in de Spiegelzaal van het paleis van Versailles het Duitse Keizerrijk uitgeroepen onder leiding van Wilhelm I (zie afbeelding). Het werkelijke einde van de oorlog volgde pas na de definitieve vredesregeling in de Vrede van Frankfurt. De Fransen betaalden een hoge prijs. Ze moesten het departement Elzas en deels Lotharingen afstaan en 5 miljard franken oorlogsheffing betalen.

Pruisen in het keizerrijk

3 Oorlogsvoering

Na het einde van de Napoleontische oorlogen bestond er geen reden meer om een omvangrijk leger op de been te houden. Zolang er zich geen grote bedreigingen van buitenaf voordeden. Het leger kwam daardoor geïsoleerd te staan en minder gewaardeerd.

In Pruisen waren de legerhervormingen van 1813 tenietgedaan. Het leger werd weer kleiner en de hogere functies werden opnieuw een exclusieve adellijke aangelegenheid. Het Pruisische leger diende vooral om interne problemen, zoals revoluties van opstandige burgers, neer te slaan. Toen Willem I koning van Pruisen werd kreeg Pruisen te maken met een eersteklas militair, die nog in 1814 tegen Napoleon gevochten had en dol op het leger was.

Met de hulp van Bismarck drukte hij de militaire hervormingen door.

  • Het budget voor defensie ging flink omhoog;.
  • De militaire dienstplicht werd ingevoerd en die niet minder dan 7 jaar duurde;
  • Nieuwe wapens werden ontwikkeld;
  • Nieuwe spoorwegen werden aangelegd ten behoeve van de troepen en de bevoorrading;
  • Er kwam een speciale afdeling militaire logistiek.

Frankrijk

Ook in Frankrijk werd het leger na 1815 in sterkte teruggebracht. De algemene dienstplicht bleef wel bestaan, maar kreeg een eigen invulling. Tot 1870 werd via loting uit het aantal benodigde manschappen geselecteerd. Ook deze soldaten moesten niet minder dan 7 jaar dienst doen. Daarna was het te laat om een ander beroep te leren dus bleef men de rest van zijn leven bijtekenen. Maar als men genoeg geld had kon je iemand kopen die in jouw plaats het leger inging. Men kon zich zelfs verzekeren tegen het trekken van dat verschrikkelijke lot. In 1866 schatte de Franse militaire autoriteiten de omvang van het Pruisische leger op 1,2 miljoen soldaten, terwijl het Franse leger slecht uit 288.000 soldaten bestond. Napoleon III wilde nu een forse uitbreiding van het leger door het instellen van een langere dienstplicht en een grotere lichting.

Uiteindelijk werd er een wet aangenomen, waarbij rond 1875 een leger van 800.000 man zou ontstaan. Daarnaast zou de Nationale Garde, een burgerwacht die ontstaan was bij het uitbreken van de Franse Revolutie, groeien tot 500.000 manschappen. Met een oorlog op korte termijn hield men geen rekening.

Chassepots

Een zekere meneer Chassepot werkte al tien jaar aan de verbetering van de vernieuwing van het geweer. Zijn versie kon liggend herladen worden en had een bereik van 1200 meter. Het Pruisisch geweer had slechts een bereik van 600 meter. Vlak voor 1870 kwamen er 1 miljoen Chassepots beschikbaar voor het leger.

4 Economie en oorlog

De basis van de Franse economische groei was de kredietverlening. Het bank- en kredietwezen breidde tijdens het keizerrijk fors uit. Zo kwam er een hoop geld beschikbaar voor bijvoorbeeld uitbreiding van de spoorwegen en hervormingen van het leger. Er bestonden vrijwel geen belemmeringen voor in- en uitvoer naar het buitenland. Maar als de oorlog uitbreekt, is de economische voorspoed echter snel voorbij.

Doordat veel soldaten op het land werden opgeroepen bleef het werk overal in het land liggen. Maar er moesten ook monden gevoed worden op plaatsen waar geen voedsel was. Vooral Parijs had daar door de uitputtingsstrategie van de Duitsers erg onder te lijden. Daarbij brak er ook nog op het platteland de runderpest uit.

Pruisen beleefde ook een periode van groei. Net als in Frankrijk komt er in de tweede helft van de negentiende eeuw de industriële ontwikkeling op gang. Veel van de arme plattelandsbevolking trekt naar de steden en vond werk in de staal- en chemische industrie. De oorlog zorgde ook hier voor een periode van stagnatie, maar die was van korte duur. Na de oorlog groeide het aantal bedrijven en spreekt men door de technische en wetenschappelijke vernieuwingen zelfs van een tweede industriële revolutie. Dat werd zeker ook bevorderd door het feit dat Duitsland nu één staat was geworden.

Door de industriële revolutie bleven de economische gevolgen van de oorlog gering voor beide landen. Frankrijk was zelfs in staat met weinig moeite de opgelegde oorlogsschade van 5 miljard franken te betalen aan Duitsland.

5 Soldaten in de oorlog

In de vijf maanden oorlog verloren 150.000 soldaten het leven. Bijna 100.000 raakten gewond. Niet de oorlogshandelingen zelf maar uitputting en ziekten eisten hun tol en de uitbraak van een pokkenepidemie maakte veel slachtoffers. Er vielen ook meer doden door het gebruik van betere en snellere wapens. Bij de Duitse legerleiding werd het grote aantal slachtoffers wel opgemerkt, maar niet als een probleem gezien, zolang er sprake was van een korte oorlog. Toen de oorlog echter langer dreigde te worden, koos men om politieke redenen voor een snelle afloop van de strijd.

Het Rode Kruis, opgericht in 1864 te Genève door Henri Dunant, trok zich het lot van de soldaten aan. Bij de slag bij Solferino in 1859, toen Frankrijk vocht tegen de Oostenrijkers bleven 40.000 gewonden op het slagveld achter. Ze kregen geen medische verzorging, geen water en geen eten. Dunant besloot daarop tot een Burgerlijk beschavingsoffensief en richtte het Rode Kruis op. Hij wilde dat het Rode Kruis haar werk zou doen binnen de regels van het oorlogsrecht. Dunant koos een andere omgang met de oorlog en zijn slachtoffers dan Florence Nightengale. Zij vond vanuit haar pacifisme dat het leger zelf voor zijn gewonden moest zorgen. Organisaties als het Rode Kruis zouden het leed van de oorlog alleen maar verhevigen.

6 Burgers en oorlog

De Franse hoofdstad was sinds het begin van de oorlog bijna in inwonersaantal verdubbeld. Dat leidde natuurlijk tot veel problemen op allerlei gebied. Daarnaast maakten honger en ziekten en de strenge vrieskou een grote rol.

Na de wapenstilstand werden in Frankrijk verkiezingen gehouden voor een nieuw parlement en een nieuwe regering. Tot ontzetting van de republikeinen werden vooral aanhangers van de monarchie in het parlement gekozen. Het vertrek van de Duitsers bood de revolutionairen de gelegenheid in opstand te komen Ze kozen een eigen radicaal bestuur: Commune van Parijs.

Vijf weken lang vormde Parijs een eigen onafhankelijke linkse vrijstaat. Toen opende de regering de aanval op de stad. In zeven dagen werd Parijs straat voor straat weer terugveroverd. Grote delen van de stad werden in brand gestoken. De regeringstroepen traden op met grote wreedheid.

7 Pers en propaganda

De oorlog werd in de pers op de voet gevolgd en aan beide zijden kreeg de lezer veel vijandigheid voorgeschoteld. Want de oorlog stond volgens de correspondenten in dienst van een hoger doel, zoals het verdedigen van de christelijke waarden tegen een barbaarse vijand.

bevrijding van elzas lotha

La libération du territoire vue par l'imagerie populaire

8 Gevolgen van de oorlog

De Fransen voelden zich vernederd en wilden vergelding voor wat hen was aangedaan. Dit voedde het Franse nationalisme. Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog zou dit blijken.

Duitsland begon als eenheidsstaat een nieuwe periode in zijn geschiedenis. In Europa nam het land de leidende positie van Frankrijk over.

Keizerrijk Duitsland

De Duitse economie kende kort na de oorlog een enorme bloeiperiode. Dit kwam onder andere door het vele Franse geld dat naar het land stroomde.

Zo weinig status dat het leger had gedurende het eerste gedeelte van de negentiende eeuw, zo groot was die nu. In navolging van Duitsland voerden ook andere Europese landen de algemene dienstplicht in. De offensieve manier van oorlogsvoering werd overgenomen, met de desastreuze gevolgen daarvan in de Eerste Wereldoorlog.

Zie voor deel 36 Oorlog door de Eeuwen heen Deel 36 oorlog door de Eeuwen heen