We hebben 111 gasten online

Deel 1c Van kakstoel tot privaat

Gepost in Praktische opdrachten

1.6 Romeinse Rijk: Pompei en Herculaneum

imperium romanum 60 bc 400 adHet Romeinse Rijk is gesticht in 753 voor Christus en ging uiteindelijk echt ten onder in 1453 na Christus. Het Romeinse Rijk omving op zijn hoogtepunt alle landen rondom de Middellandse Zee, Mesopotanië, de Balkan, en het meeste van het moderne Europa met Engeland. De Romeinse loodgieters waren overal in het rijk aanwezig. Veel grote en kleine watersystemen zijn overal aangelegd, denk bijvoorbeeld aan aquaducten, loden pijpen, verhitte vloeren, dammen, en afvoersystemen.

Cloaca Maxima Aquae Sulis

clocoa maximaaquae sulisVan het Cloaca Maxima, het grootste riool van de oudheid, tot de beroemde kuuroorden van Aquae Sulis in Engeland, en de kolossale baden van ‘Emperors Caracalla en Diocletianus . De vroegere Romeinen lieten veel onuitwisbare dingen na van hun beschaving.

In alle grote steden van het Romeinse Rijk waren faciliteiten voor lichamelijkeverzorging te vinden. Het belangrijkste waren de badhuizen of thermen. Deze instellingen waren meer dan slechts badgelegenheden. Zij waren veeleer een soort ontmoetingscentrum, waar zich een belangrijk deel van het sociale leven afspeelde.

De vele functies van de badhuizen blijken uit de plattegrond van de thermen van plattegrond romeins badhuis\Diocletianus in Rome (zoals eerder genoemd). Behalve baden met verschillende temperaturen, waren er ruimtes voor het beoefenen van sport, het houden van atletiekwedstrijden, en ook omgangen waar men al pratend in de schaduw een wandeling kon maken.

De openbare voorzieningen waren in de Romeinse steden talrijk. In Rome zelf waren er per 1000 woonkazernes, waar de meeste woningen in gevestigd waren, bijvoorbeeld 18 badhuizen, 29 waterputten en 2 openbare latrines. In speciale pakhuizen lag graan opgeslagen. De permanente aanwezigheid van deze voorraden moest voorkomen dat er hongersnoden in deze antieke miljoenenstad uitbraken.

Rome, de hoofdstad van het Romeinse rijk, was een miljoenen stad. Al die mensen produceerden heel wat afval. Daarom besloot het stadsbestuur romeinse latrinesopenbare toiletten te bouwen. Legerkampen en zelfs restaurants hadden gemeenschappelijke toiletten. De zittingen waren naast elkaar gerangschikt boven een trog met stromend water. Een trog is een vierkanten bak waar in dit geval de uitwerpselen in werden opgevangen.

Er was geen toiletpapier, in plaats daarvan gebruikte men een spons op een stok. Deze werd na gebruik schoongemaakt in een geul met stromend water die door de toiletruimte liep. In de steden waren de toiletten op straathoeken gebouwd. Ze stonken en er waren vooral in de zomer veel groeps wcvliegen. Toch waren ze hygiënischer en plezieriger dan het alternatief: emmers met uitwerpselen en urine in elke bewoonde kamer.

De Romeinen verwarmden hun woon- en badhuizen door middel van het zogenaamde hypocaustensysteem. Dit is een methode van heteluchtverwarming via de kelders onder de vertrekken. In een zijruimte van de kelder werd een houtvuur gestookt. Hierdoor werd de lucht die onder de tegelvloer stroomde opgewarmd. Via de vloer kon de warme lucht door buizen in de vorm van holle stenen, langs de wand omhoog stijgen. De buizen waren afgedekt met een pleisterlaag. Daarop was weer een laag met, vaak fraai beschilderd stucwerk aangebracht.

rom vloer en wand verwarmingOp 24 augustus 79 n.Chr., tijdens de regering van keizer Titus, werd de stad bij de uitbarsting van de Vesuvius bedolven onder een zes meter dikke laag van steen, lava en as (Pompei). Dit was een zege voor de archeologie, omdat de bedolven stad in feite een tijdcapsule met een schat aan informatie is. Herculaneum is ook bedolven en daarom ook heel belangrijk voor de archeologie. Ook was Herculaneum een plek voor de rijkeren, en dus was er veel aandacht besteed aan het uiterlijk van alle gebouwen.

Sinds 1758 zijn de opgravingen begonnen in Pompei. Paleizen van de keizers en privé-huizen van de rijken kooplieden zijn gevonden. Rechtzalen, theaters en danshallen zijn opgegraven. Ook zijn er grote tempels gevonden en amfitheaters. Samen met grote publieke baden voor honderden mensen en waterverschaffing systemen voor privé en publiek gebruik. Er is zelfs een bad gevonden zo groot, dat het bijna de omvang heeft van een amfitheater.

Toiletten waren gebruikelijk in Pompei, en archeologen hebben een toilet gevonden aan de achterkant van bronzen badkuip pompeieen paleis, met een stortbak om het water door te spoelen. De oven van de keuken was maar een paar meter van het toilet vandaan. Romeinen wilden zo efficiënt mogelijk zijn en dumpte dus ook hun keukenafval in de afvoer bij het toilet. Zij hadden nog geen weet van bacteriën.

Deze bronzen kuip is gevonden in Pompei

De beroemde Romeinse aquaducten vervoerden het water naar de stad. Water ging naar huizen via een sproeier. Ook werd al veel gedaan aan het verfraaien van alles. Regenwater werd opgevangen om daarna via een fontein over de muur te laten lopen.

Een badkamer van de rijken, was eigenlijk niets anders dan een klein zwembad, dat de hele vloer opvulde. De muren waren vaak met marmer bewerkt, en via een trapje stapte men het bad in. Comfort was heel belangrijk, dus niet alleen het water werd verwarmd maar ook de lucht. Het water kon makkelijk weg, door middel van een plug die men los kon maken. 

Zie verder deel 2a Deel 2a Van kakstoel tot privaat