We hebben 255 gasten online

De Holocaust

Gepost in Endlösung

het gruwelijke geheim

 

HET GRUWELIJKE GEHEIM

"We hebben het nooit geweten." Het is de grofste, meest onbeschaamde leugen van de twintigste eeuw. We hebben het allemáál geweten.

Churchill wist het en Roosevelt en Stalin. Miljoenen hadden er weet van; in Duitsland, in de bezette gebieden en in de neutrale landen.

En ze wisten het niet weken of maanden of jaren later; ze wisten het bijna meteen, want het vreselijke geheim van de joden - uitroeiing kwam soms uren, een enkele keer slechts een paar dagen nadat "het" was gebeurd. Waarom deden geallieerden, neutrale landen, het Vaticaan dan niets? Waarom, om maar wat te noemen, werden de spoorwegen rond Auschwitz nooit gebombardeerd? Amerikaanse en Britse geheime diensten hadden de beschikking over luchtfoto's van het kamp. Wisten precies wat daar aan de hand was. En deden niets.

10 augustus 1942

24 jaar geleden verscheen in Engeland "The terrible secret", het verschrikkelijke geheim. Auteur is Walter Laqueur. en hij doet het verbijsterende verslag van de jodenmoord, de meest geheime operatie van de nazi's waarvan de hele wereld wist dat zij aan de gang was. In elk geval kon weten, want van het eerste ogenblik af dat de beulen met hun werk begonnen, was het ver buiten de Duitse grenzen bekend.

De auteur probeert een antwoord te geven op de vraag waarom geallieerden - die met een nog bezig waren, en neutralen, die het voor hun ogen zagen gebeuren - daar niets of nauwelijks iets aan hebben willen doen. Hij rekent af met de grove leugen van Duitsers na de oorlog die riepen: "Wir haben es nicht gewusst!".

Maar tegelijk legt hij postuum een zware beschuldiging op de schouders van gevierde en gerespecteerde oorlogsleiders die, wanneer zij zijn studie onder ogen hadden kunnen krijgen, het schaamrood naar de kaken zou zijn gevlogen.

Hij komt ook met voorlopige verklaringen voor het feit dat de buitenwereld, strijdend, of neutraal, zich zo weinig gelegen liet liggen aan het vreselijke lot van het Europees jodendom. Al kon het cijfer van zes miljoen vermoorden al ver voordat de vrede was getekend, gemakkelijk worden vastgesteld.

De Verenigde Staten en Engeland waren schaars met meldingen over de gruwelen van Duitsers in de bezette gebieden. Vreemd genoeg kwam daarbij ook de overweging: de mensen zullen en kunnen het allemaal niet geloven. Dat immers was vaak ook de eerste reactie van geallieerde autoriteiten, inlichtingendiensten en parlementsleden die ooggetuigenverslagen of radio hadden aanhoorden en rapporten lazen van hen die erbij waren geweest, het met eigen ogen hadden gezien.

In geallieerde hoofdkwartieren was men bevreesd dat het bekendmaken van de gruwelen de verzetsbewegingen in de bezette landen zou demoraliseren. De Britten hadden bij voorbeeld ook uitgebreide informatie over het lot van Britse krijgsgevangenen die na de val van Singapore in Japanse handen waren gevallen. Ook die werd voor het publiek verzwegen, omdat men vreesde dat bekendmaking daarvan de verzetsgeest van het Engelse volk ernstig zou schaden.Trouwens: de meeste joden in bezet gebied, zo bleek uit verklaringen van vluchtelingen, wilden en konden het allemaal zelf niet geloven: dit was te erg: wat de nazi's zouden doen was zó onvoorstelbaar, zó onmogelijk in te denken dat het gewoon niet waar kón zijn. En dat terwijl in Britse en Amerikaanse kranten en in dagbladen, verschijnend in neutrale landen, toch regelmatig berichten verschenen over moordpartijen, massa-executies , kampen, vergassing en crematoria.

Laqueur geeft in zijn onderzoek tal van voorbeelden. Begin 1979 werd bekend dat in een archievenmap van de CIA, het ‘Amerikaanse' inlichtingenbureau, luchtfoto's werden gevonden van het dodenkamp Auschwitz.

Dino Brugioni en Robert Polrier vonden die map bij toeval. De foto's werden later ter beschikking gesteld van National Archives in Washington, omdat zij"een unieke bron van historie zijn". Ze werden gemaakt vanuit Amerikaanse "Pathfinders"op weg naar de 1.G. Farbenfabriek, acht kilometer van Auschwitz verwijderd.

Zelfs een niet al te ervaren foto - lezer van de Amerikaanse inlichtingendienst moet hebben gezien dat het hier een concentratiekamp betrof. De luchtfoto's laten daar geen twijfel over bestaan. Gasovens, crematoria en rijen mensen zijn te zien. Eén foto toont een rij van ongeveer 1500 mensen,komend uit 85 goederenwagons die tot buiten het kamp staan opgesteld. Zelfs al zou men nog even kunnen denken dat het allemaal niet door getrainde inlichtingenmensen is waargenomen, dan zou de laatste twijfel toch moeten zijn weggenomen door de verzoeken van de Amerikaan Roswell McClelland in Zwitserland, vertegenwoor- diger van de door president Roosevelt begin 1944 ingestelde Oorlogsvluchtelingen Raad. Hij vroeg dringend om Auschwitz, en dan vooral de aanvoerlijnen, te bombarderen.

De smeekbeden van MeCtelland werden afgewezen als "te gevaarlijk" en "technisch niet uitvoerbaar". Van Amerikaanse kant werd verder onder meer nog gezegd dat het bombarderen van het dodenkamp duizenden het leven zou hebben gekost. Maar dat argument maakte toen al - en ook achteraf - weinig indruk. De gevangenen, zo wist men in '44 al, waren allemaal ten dode opgeschreven en men kon dus aannemen dat velen gered zouden worden. Het argument dat precisiebombardementen lastig en ook gevaarlijk zouden zijn, gaat volgens experts niet op. Zowel Amerikanen als Britten hebben in de oorlogsjaren bewezen dat de techniek daarvan vergevorderd was. In bezette gebieden werden (doorgaans op verzoek van binnenlandse verzetsbewegingen) herhaaldelijk heel lastige karweitjes opgeknapt door geallieerde jachtbommenwerpers.

In Frankrijk werd de gevangenis van Amiens in een precisiebombardement zo perfect aangepakt dat na de aanval het overgrote deel van door de Duitsers ter dood veroordeelde gevangenen kon ontsnappen.

In het begin van zijn verslag noteert Walter Laqueur de ervaringen vaneen paar Britse eenheden die op 15 april het Duitse concentratiekamp Bergen-Belsen binnenreden.

De mannen van het anti - tankregiment hadden bij hun mars alleen nog maar opgewonden Fransen, enthousiaste Belgen en uitzinnige Nederlanders ontmoet. Bevrijd van het Duitse juk. Maar de commandant van het regiment zag toen voor het eerst iets dat hij nimmer voor mogelijk had gehouden. "Ik had moeite mijn tranen te bedwingen," schreef Derrick Sington, een Britse officier die als eerste het kamp binnenkwam. En de dagen daarna kwamen honderden journalisten uit de hele wereld naar Bergen-Belsen en schreven verhalen over "die verschrikkelijke onmenselijkheid die mensen elkaar kunnen aandoen". Meteen al gingen er stemmen op om deze plaats van verschrikking met de grond gelijk te maken, opdat we het allemaal maar zo snel mogelijk zouden vergeten...

Maar we wisten het toch allemaal al veel eerder? We wisten eigenlijk alles. Walter Laqueur bewijst dat al in een heel vroeg stadium - in elk geval in '41 en '42 toen de barbaarse moorden op het Europese, jodendom in al hun verschrikkingen aan de gang waren - iedereen die het had moeten weten en iets zouden hebben kunnen doen, het wist en daarbuiten miljoenen anderen op de hoogte waren.

auschwitz

Een luchtfoto van Auschwitz-Birkenau, genomen op 25 augustus 1944. Deskundigen van de geallieerde foto-inlichtingendienst konden duidelijk de verschrikkelijke details waarnemen. Op de toto staan onder meer aangegeven: de wachttorens, het vrouwenkamp, een groep gevangenen op weg naar de gaskamers en de crematoria, de kleedkamers waar de gevangenen zich moesten uitkleden, het spoorwegemplacement met een zojuist binnengereden transporttrein

Hij toont moeiteloos aan hoe dat verschrikkelijke nazi-geheim zo gemakkelijk buiten de grenzen naar buiten kon komen. Diplomaten en journalisten wisten het, spraken en schreven er uitvoerig over..

In Duitsland zelf kan het niet anders geweest zijn. Natuurlijk was men op de hoogte: in fabrieken, bij de spoorwegen, de posterijen, ambtenaren, bankemployés, de gewone burgerij (buren en kennissen) en vooral Duitse legerofficieren en de gewone soldaat die "op hun weg naar de frisse, vrolijke oorlog" meer gezien hebben, en daarover verslag hebben gedaan dan SS-instanties lief moet zijn geweest.

Er heeft nooit een "geheim gordijn" rond Duitsland of de bezette gebieden gehangen. Dat gordijn kon niet gesloten worden gehouden, al was het alleen maar omdat de neutralen: Zwitsers, Zweden, Turken en Spanjaarden op allerlei gebied regelmatig contact hadden, soms in de gelegenheid waren het met eigen ogen te zien, erover hoorden en hun berichten of rapporten naar officiële instanties in eigen land of daarbuiten doorzonden.

Hoe groot de verschrikkingen waren, is in de (vroege) oorlogsjaren al terstond door - gegeven door uit getto's en kampen ontsnapten. Zelfs uit concentratiekampen wisten honderden joden te verdwijnen en na vaak vreselijke reizen de vrije wereld te bereiken.

Hun verklaringen werden aangehoord, opgeschreven en doorgegeven. De auteur beschrijft ook de rol van het Vaticaan, dat volgens hem over uitstekende informanten en snelle verbindingen beschikte. Niet alleen in Duitsland maar ook in bezette gebieden.

Zou, zo vraagt hij zich af, “Hitler de paus en zijn kardinalen hebben omgebracht wanneer zij zouden hebben gesproken?" En, nogal grimmig: "Wanneer het Vaticaan de honderden Poolse priesters die in Auschwitz stierven, al niet te hulp durfde te komen, waarom zou het dan méér moed en initiatief ontplooien ten opzichte van de joden?"

De archieven van het Vaticaan zijn niet toegankelijk. Vast staat dat vele malen en vaak succesvolle pogingen van Rome uit zijn ondernomen om vervolgden te helpen. Maar waarom nooit die ene felle, door de hele wereld waarneembare schreeuw 'van afschuw?

En waarom kwam die niet van de oorlogsleiders: waarom lieten neutrale regeringen - met respect voor al hun inspanningen nog iets te redden - nauwelijks iets van zich horen?

Zes miljoen joden zijn onder onze ogen, en we stonden erbij, de dood ingejaagd. Laten we nooit meer zeggen dat we het allemaal niet wisten. Niet hebben beseft hoe gruwelijk het was. We hebben het wel degelijk geweten.

J. Heinemans Recensie uit Elzeviers Magazine 27 september 1980

vervolging joden 1050 1650

 

moordpartijen en pogroms 1600 1920

 

vervolging verdrijving

 

neurenburger rassenwetten

 

commentaar neurenburger wetten

 

reichskristallnacht

 

joden westrusland etc

 

de concentratiekampen

 

wansee legde basis genocide

 

definitieve oplossing

 

dagboek van het kind

 

deportatie joden

 

getuigenis hoss

 

getuigenis deel 2

 

man die waarschuwde voor holocoust

 

duitse industrieel waarschuwde

 

paus bereidt meo culpa voor

NRC 31-10-1997