We hebben 142 gasten online

Geschiedenis

Recensie 'Zwarte trots, witte schaamte? Over kolon...
20 juli 2020 09:29

Dit boek gaat over kolonialisme en het hedendaags racisme, over de botsing tussen de zwarte trots en de witte schaamte en is gebaseerd op meer dan dertig jaar persoonlijke ervaringen en studiewerk.   [ ... ]

GeschiedenisVerder lezen

Hoofdstuk 2 CSE 2012-2013-2014 De VS en hun federale overheid

Gepost in V.S.

Hoofdstuk 2 De periode 1865-1918

vs 2012 758

2.1 Politieke en maatschappelijke invloed van de industrialisatie

1860 de groei of the vs

Factoren die een rol speelden bij de industrialisatie

Als voorbeeld Chicago. Het werd in 1833 gesticht als dorp maar het werd de snelst groeiende stad ter wereld. Vooral de aanleg van de spoorwegen en de groei van de vleesindustrie zorgden ervoor dat Chicago een boom town werd zodat Chicago uitgroeide aan het einde van de negentiende eeuw tot een stad met 1,7 miljoen inwoners.

Verstedelijking

VS

lidstaten

1865

36

1912

48

VS

inwoners

1865

33 miljoen

1914

100 miljoen

De groei van Chicago was kenmerkend voor de industrialisatie van de VS. Vanaf 1820 was er in het noord-oosten van de VS al sprake van industrialisatie maar ten tijde van de Burgeroorlog had het land nog een overwegend agrarisch karakter. Driekwart van de Amerikanen woonde op het platteland en de niet-agrarische producten werden gemaakt door zelfstandige ambachtslieden. Na de Burgeroorlog veranderde dat heel snel. In de periode 1865-1873 steeg de industriele productie in de VS met 75 procent. Vanaf 1873 waren er meer loonarbeiders dan boeren of ambachtslieden. De verstedelijking nam daarbij toe en in 1920 woonde 51 procent van de bevolking in stedelijke gebieden.

Natuurlijke grondstoffen

Hoe valt de industrialisatie na de Burgeroorlog te verklaren?

Door verschillende factoren.

1) De beschikbaarheid van natuurlijke grondstoffen zoals steenkool, dat onmisbaar was voor de staalindustrie.

2) Door de kolonisatie van het Westen, door de nieuwe terratoria ten westen van de rivier de Misssssippi, kreeg men de beschikking over nog meer grondstoffen zoals goud, zilver, koper, lood , tin , zink en andere mineralen.

3) De aanwezigheid van miljoenen hectare bos waardoor hout beschikbaar was als brandstof en voor de bouwsector.

4) Tegen het einde van de negentiende eeuw werden in het zuiden van Californie en in het oosten van Texas belangrijke oliereserves ontdekt.

Naarmate de westelijke territoria in de tweede helft van de negentiende eeuw steeds meer bevolkt raakten, goeide de beschikbaarheid van natuurlijke grondstoffen. Dat stimuleerde de ontwikkeling van nieuwe industriële sectoren en de opkomst van de steden.

Modernisering van de landbouw

Tussen 1860 en 1890 trokken honderduizenden naar de prairies in het midden van de VS, Great Plains genoemd. De federale overheid stelde aan gezinshoofden 65 hectare gratis beschikbaar als ze er vijf jaar bleven wonen en het land bewerkten. De landbouwproductie steeg enorm door:

a) nieuwe irrigatietechnieken,

b) de uitvinding van machines,

c) de groei van de afzetmarkten in binnen- en buitenland

Vooral de graanhandel werd big business maar ook de vleesindustrie groeide. De landbouwrevolutie in het Westen had een belangrijke impact op de stedelijke eonomieën.

Spoorwegen

 public lands and railway grants 1796-1890

De uitbreiding van de spoorwegen speelde een belangrijke rol in de versnelling van het industrialisatieproces. Tussen 1865 en 1890 werden in de VS meer dan 250.000 kilometer aan nieuwe spoorwegen aangelegd. De Oost- en de Westkust werd met elkaar verbonden en de reistijd werd teruggeschroefd van drie maanden naar acht dagen.

De spoorwegrevolutie droeg bij aan het ontstaan van een geïntegreerde nationale economie en stimuleerde talloze nieuwe economische activiteiten, waaronder de steenkolen- en staalindustrie. Door de aanleg van de spoorwegen groeiden tientallen steden.

Uitvinders

Tegelijk met de groei van de industrialisatie ontstond er ook een explosieve groei van het aantal Amerikaanse uitvindingen. Als voorbeeld kan hier Thomas Edison worden genoemd. Tussen 1860 en 1930 werden 1,5 miljoen octrooien verleend waarvan Edison er alleen al 1.400 op zijn naam had staan.

Productietechnieken

Door de productietechnieken te verbeteren konden de kosten worden teruggebracht. Als voorbeeld kan hier dienen Henry Ford die besloot de productie van zijn auto's aan de lopende band te gaan maken. Daardoor groeide de autoindustrie hard en dat had positieve gevolgen voor verwante sectoren zoals de staalindustrie, olieindustrie, glasindustrie, rubberindustrie en verfindustrie. Staalmagnaat Carnegie slaagde er in bestaande smeltttechnologie uit Engeland toe te passen op zijn staalproductie waardoor de productiviteit enorm steeg en een enorme verandering teweeg bracht in de Amerikaanse industrie.

De nieuwe technologie en technieken in de VS leidden tot het oprichten van nieuwe ondernemingen en ze maakten de industriële productie steeds efficiënter.

Nieuwkomers in de steden

iommigration 1820-1920

Men had goedkope werkkrachten nodig. In de tweede helft van de negentiende eeuw ontstond daarom een onophoudelijke stroom van immigranten naar de Amerikaanse steden. Stedelijke immigranten zorgden niet alleen voor goedkope arbeid, maar ook voor de consumptie van nieuwe industriële producten. Tussen 1870 en 1920 trokken in totaal ongeveer 26 miljoen immigranten naar Amerika. De meeste immigranten waren Europeanen. Immigratie uit Noord- en West Europa (Ierland, Duitsland, Engeland, Nederland en Zweden) was in de VS geen nieuw verschijnsel, maar na 1880 was er sprake van een nieuwe migratiegolf: steeds meer Oost- en Zuid Europeanen emigreerden naar de VS. Tussen 1900 en 1909, was twee/derde van de immigranten afkomstig uit Italie, Oostenrijk Hongarije en Rusland.

european emigration 1820-1920

Zij kwamen naar de VS vanwege de bevolkingsgroei, landverdeling, industrialisatie en vluchtten voor de onderdrukking in hun moederland. Een groot aantal nieuwkomers in de steden kwamen van het platteland.

VS

Toename Aantal immigranten

1841-1870

6.600.000

1871-1921

24.674.000

De schaduwzijde van de industrialisatie

 Zowel de afzonderlijke staten als de federale regering bleken niet in staat de sociale spanningen en conflicten van de industrialisatie efficiënt aan te pakken. 

# Er was een enorme kloof ontstaan tussen arm en rijk,

# Fabrieksarbeiders waren niet meer in staat hun eigen tempo te bepalen,

# Lonen waren te laag,

# Op arbeidskosten werd bespaard door vrouwen en kinderen in dienst te nemen,

 social discontent 1876-1932

Arbeidsomstandigheden

# Industriële arbeid was zeer gevaarlijk en er was geen verzekering tegen ongevallen,

# In economsch slechte tijden werden de lonen verlaagd en de werklast verhoogd,

# Arbeiders konden makkelijk worden vervangen door de toenemende stroom immigranten,

# De kosten van levensonderhoud stegen met 47% tussen 1889 en 1913, maar de lonen maar met 30%.

# Erbarmelijke woonomstandigheden,

# Slechte gezondheidszorg.

Daarnaast ontstonden er ethnische spanningen tussen arbeiders, bevorderd door de immigratie. Zo ontstonden aparte wijken voor bevolkingsgroepen.

Kloof tussen arm en rijk

De rijkdom was slecht verdeeld. In 1929 verdiende 5% van de bevolking meer dan een kwart van het nationale inkomen. Er ontstonden Trusts die controle hadden over een hele economische sector, waardoor monopolies ontstonden in bijvoorbeeld de olieindustrie, staalindustrie en vleesindustrie.

In de `Gilded Age`, de tweede helft van de 19e eeuw werd `Big Business`in de hand gewerkt door

# Informele alliantie tussen politiek en kapitalisten,

# Ontstaan corruptie,

# Een en ander werd nog bevorderd door laissez faire liberalisme, de overheid mag niet ingrijpen in de economie,

# Federale overheid gaf wel steun aan grote ondernemingen door de belastingpolitiek van het heffen van hoge invoerrechten,

# Consumenten moesten daardoor hogere prijzen betalen,

# Boeren profiteerden niet van de importbelasting.

Gevolgen

Arbeiders en boeren namen zelf het heft in handen door

# Oprichting vakbonden zoals Knights of Labour voerden gewelddadige acties uit,

# Oprichting Amerikaanse Federation of Labour (AFL) waren meer realistisch.

Er ontstonden duizenden arbeidsconflicten

De boeren verenigden zich in Framers Alliancies. Mechanisatie leidde tot overschot waardoor dalende prijzen. Ze richten een nationale partij op de People`s Party die veel politieke invloed kreeg. Maar toen hun presidentkandidaat, William Jenneings Bryan, er in 1896 niet in slaagde gekozen te worden stortte de partij in.

  1896 vs presidential election

Progressive Movement 1895-1918

In de steden ontstond er in de jaren negentig van de negentiende eeuw een brede hervormingsbeweging.

Deze bestond niet uit een beweging maar uit een hoeveelheid bewegingen. Doel een actievere rol van de overheid om te voorkomen dat de industriële samenleving niet ten onder zou gaan aan sociale chaos.

Progressieve hervormers behoorden tot de ontwikkelde stedelijke middenstandsklasse. Ze wilden niet vergaande veranderingen in het kapitalisme of politieke structuur. Ze streefden 3 doeleinden na:

1) Een einde maken aan corruptie en machtsmisbruik,

2) Het sociaal welzijn waarborgen,

3) Economische, politieke en sociale instituten efficiënter maken.

Progressieve journalisten, 'muckrakers' genoemd, stelden politieke, sociale en economische misstanden aan de kaak. Doel was de bevolking te wijzen op de gevaren van Big Business en van politieke corruptie. Dankzij de inzet van 'muckrakers' werden in veel staten wetgeving doorgevoerd.

Politieke en economische hervorming

De corruptie en macht van de partijbazen, moest worden aangepakt en hervormers stelden zich kandidaat voor politieke ambten om van binnen uit de democratie transparanter te maken. De Progressive Movement kwam via de persoon van President Theodore Roosevelt (1901-1909 Republikein) in het Witte Huis.

 memo hfst 3 afb 6

# Hij geloofde in een krachtige overheid die een sturende rol moest vervullen in de samenleving, vooral in economische zaken.

# Trust Buster: hij splitste grote ondernemingen op,

# Liet rijke magnaten vervolgen zoals J.P. Morgan.

Roosevelts succes werd voortgezet door zijn opvolger Woodrow Wilson (1913-1921 Democraat). Hij streefde naar:

# Inperking macht grote ondernemingen,

# Voerde wetgeving in die monopolies verbood.

De bescherming van de vrijheid van het individu stond hierbij voorop.

Eerste wereldoorlog en economie

Door deelname van de VS kwam er van een progressief beleid niet veel meer terecht. Hoogtepunt federale inmenging in economie door de Eerste Wereldoorlog. Dat blijkt uit

# Inperking macht Trusts werd teruggedraaid.

# Ondernemingen kregen lucratieve overheidscontracten met winstgaranties.

# Mobilisatie economie om oorlog te voeren.

# Oprichting War Industrial Bord om een en ander te coördineren.

Met het einde Wereldoorlog kwam er ook een einde aan de actieve inmenging van de federale overheid, maar men was door de Progressive Movement anders gaan denken over de rol van de overheid en de levensstandaard van de bevolking.

De ontwikkeling van de burgerrechten

Onderliggende oorzaak Burgeroorlog (1861-1865) onenigheid over de toekomst van de slavernij.

Noordelijke Staten in eerste helft 19e eeuw afgeschaft, Zuidelijke Staten juist bevorderd door de plantagelandbouw.

Politieke machtsevenwicht in Washington moest niet worden verstoord door toetreding nieuwe staten. Moesten die dan 'vrije staten' zijn of 'slavenstaten'? Spanning liep op door toetreding tot de Unie van Missouri, Californië en Kansas. Verkiezing Lincoln (1861-1865) Hij was tegen uitbreiding slavernij.Daardoor afsplitsing elf zuidelijke staten in Confederate States of America. Begin Burgeroorlog: Fort Sumter.

Afschaffing slavernij gunstig voor Noorden

Lincoln's Emancipation Proclamatie: elk gebied dat het Noorden bevrijdde >> slaven voortaan vrije mensen.

April 1865 capitulatie Zuiden.

Reconstructie 1865-1877

Periode wederopbouw>> Noordelijke troepen bleven zuidelijke staten bezetten.

13 amendement grondwet in 1865 >> slavernij formeel verboden.

Oprichting Freedman's Bureau (1865-1872)>> helpen van slaven bij de overgang naar vrijheid.

Zwarte burgerrechten

1866 aanname 14e Amendement grondwet >> verleende iedereen staatsburgerschap die in de VS waren geboren.

1869 aanname 15e Amendement grondwet >> Zwarten kregen stemrecht.

Reconstructie dooft uit

Publieke opinie keerde zich tegen Reconstructie

# Men pleitte voor terugkeer 'states rights'.

# Zuidelijke staten intimideerden zwarten die wilden stemmen.

Segregatie

# Beëindiging Reconstructie door president Hayes

#Terugtrekking federale troepen carte blanche om raciale hiërarchie te herstellen.

# Oprichting Ku Klux Klan en White Leage herstelden de blanke suprematie met bruut geweld.

# Lynchpartijen tegen zwarten.

 the south 18651915

Wetgeving wordt 'aangescherpt'

Ondanks 15e Amendement >> zwarte bevolking kiesrecht ontnomen >> voorwaarden stellen aan zwarten zoals taalexamen en Poll Tax.

Systhematische segregatie door >> Jim Crowwetten (Crow kleinerende aanduiding zwarte man).

'Separate but Equal'

Segregatie had geen solide juridische basis, bij de federale overheid. Het Hooggerechtshof verklaarde gesegregeerde voorzieningen uiteindelijk wel grondwettelijk 'separate but equal'

# zwarten ondergeschikt aan blanken.

# zwarte bleven economisch achtergesteld. Ontstaan van sharecropping. Opbrengst oogst diende tot gedeeltelijke aflossing schuld.

# crisis in katoenteelt door recessie oorzaak trek naar de steden.

# ook in steden discriminatie.

Strijd voor gelijkheid

Booker T. Washingthon

# protesteerde tegen achterstelling en pleitte voor self-help.

# geduld, eerst zelf zorgen voor sociaal- en economische vooruitgang.

# door goed gedrag volwaardig burgerschap tonen.

# oprichting Tuskgee Institute waar zwarte studenten een vakopleiding kregen.

NAACP

1909 Oprichting van de National Association for the Advancment of Colored People door W.E.B. Dubois e.a.

Doel was om zwarte burgerrechten via rechtszaken te herstellen. NAACP werd niet gesteund door federale overheid omdat ze bang waren blanke keizers te verliezen.

2.3 Het buitenlands beleid

Isolationisme en Manifest Destiny

De Amerikaanse buitenlandse politiek werd van het begin af aan gekenmerkt door het streven naar afzijdigheid in Europse aangelegenheden, isolationisme genoemd. Al in 1823 werd dit uitgewerkt in de Monroe doctrine waarin de VS verklaarden dat het Amerikaanse continent gesloten was voor kolonisatie en dat Europse inmenging gezien werd als een bedreiging.

Manifest Destiny

De VS richtten zich op terratoriale uitbreiding en de actieve inmenging in aangelegenheden van de andere landen van het Amerikaanse continent.

Verleggen Frontier: de grens tussen de blanke beschaving en de wildernis verleggen was een kenmerk van de kolonisatie van de Republiek. In de 19e eeuw gold de ideologie van Manifest Destiny: De VS was voorbestemd om het eigen continent te ontsluiten.

Ontwikkeling van de VS

Zie het kaartje

 1818-1898 u s__territorial_acquisitions

 

In 1900 waren alle huidige vijftig staten óf al lidstaten van de federatie óf staten in wording (territoria)

Factoren die een rol speelden bij de internationale expansie, 1865-1914

Economische, politieke en sociale overwegingen speelden een rol in het feit dat de VS een koloniale mogendheid waren geworden.

Industrialisatie

Fabrieken en boerderijen produceerden veel meer dan de bevolking van de VS kon consumeren.

# Men zocht afzetgebieden,

# Overproductie leidde tot prijsdaling producten.

De export van de VS steeg van 234 miljoen dollar in 1865 naar 2,5 miljard dollar in 1915. Daardoor groeide de belangstelling van de VS voor een actieve buitenlandse politiek.

Buitenlandse politiek

Halverwege de 19e eeuw ontstond er een ' foreign policy elite', die buitenlandse expansie op de federale agenda zette. Dat leidde tot de volgende stappen:

# lobby om te komen tot de aanleg van een kanaal tussen de Atlantische en de Stille Oceaan in Midden-Amerika,

# het veroveren van overzeese territoria,

# het openen van nieuwe markten.

# 1853: Japan werd gedwongen de markt open te stellen voor Europese en Amerikaanse handelaren.

# De oprichting van een New Navy (nieuwe stalen vloot) die handelsschepen moest beschermen.

# men ging op zoek naar nieuwe frontiers.

Ideologische motieven voor expansie

# Traditionele ideologie van Manifest Destiny werd nieuw leven ingeblazen.

# Het idee The Frontier ook buiten Noord-Amerika te verleggen, sprak steeds meer mensen aan.

# De VS was voorbestemd om een grootmacht te worden.

# Nationalisme en rascisme overtuigden veel blanke Amerikanen dat zij de 'minderwaardige' volkeren van de wereld moesten zegenen met hun 'superieure cultuur'.

De ontwikkeling van een koloniaal rijk in de Cariben en Azië

De drang naar expansie raakte vanaf de jaren negentig van de 19e eeuw in een stroomversnelling.

De politiek-strategische positie van de VS in het Caribische gebied en in de Stille Oceaan werd versterkt door de Spaans-Amerikaanse oorlog van 1898. Deze vloeide voort uit de Cubaanse onafhankelijkheidsoorlog tegen Spanje. De Filippijnen, een Spaanse kolonie in de Stille Oceaan kwam in handen van de VS en was belangrijk omdat die op de handelsroute lag naar China.

Bevolking gaf steun voor de Spaans-Amerikaanse oorlog om een aantal redenen:

# Er werd een nationale eenheid door gecreërd, in een tijdperk van sociale onrust binnenlands,

# Nieuwe investeringsmogelijkheden en afzetmarkten konden ontstaan,

# Een kans om te laten zien hoe groot de macht van de VS wel niet was. Theodore Roosevelt vormde zelfs zijn eigen militaire eenheid (de Rough Riders) om op Cuba mee te vechten.

Het vredesverdrag met Spanje leidde tot de onafhankelijkheid van Cuba, met het recht van de VS om er troepen te legeren, en Puerto Rico, Guam en de Filippijnen werden aan de VS gegeven.

Open Door Policy

De VS propageerden vanaf 1899 de politiek van Open Door Policy: vrijhandel in de wereld en de erkenning van de soevereiniteit van China. Ze probeerden daarmee hun opkomende invloed in Azië veilig te stellen.

De Filippijnen kwamen in 1899 in opstand tegen de VS en de VS slaagden er in 1901 deze neer te slaan en er een koloniale regering op te richten. De Filippijnen zouden pas in 1946 onafhankelijk worden.

Theodere Roosevelt en Latijns-Amerika

Tijdens zijn presidentschap verstevigden de VS hun greep op het Amerikaanse continent en het Caribische gebied. Zijn politiek wordt 'Big Stick Policy' genoemd. Beschaafde landen hadden de plicht om in te grijpen in `barbaarse `landen, desnoods met geweld.

Cuba

Ondanks de onafhankelijkheid werd Cuba onder toezicht van de VS gesteld

# Mochten geen verdragen sluiten met andere landen en

# De overheid van de VS behield het recht om in te grijpen.

Cuba kwam in 1906 in opstand en Roosevelt stuurde een leger naar Cuba. Cuba werd in feite een Amerkiaans protectoraat. De Amerikaanse bezetting duurde tot 1922.

Panamakanaal

De lobby om te komen tot de aanleg van een kanaal tussen de Atlantische en de Stille Oceaan in Midden-Amerika leidde tot het uitkiezen van Panama. In ruil voor de erkenning door de regering van de VS in 1903, van een onafhankelijk Panama, verwierf de VS de controle over de zone waarin het kanaal gegraven zou worden en het Panamakanaal werd in 1914 geopend.

Midden Amerika

Het hele gebied kwam onder informele controle te staan van de VS. Via de Roosevelt Corollary, dat werd toegevoegd aan de Monroedoctrine. Tussen 1900 en 1917 grepen de VS in in Cuba, Panama, Nicaraqua, de Domincaanse Republiek, Mexico en Haìti.

De Eerste Wereldoorlog

Het isolationisme stond vanaf het begin af aan onder druk. Reden daarvoor was dat de VS in het kruisvuur terecht kamen van Groot Brittannie en Duitsland. Hoewel de VS neutraal waren werden ze toch door de onbeperkte duikbotenoorlog van de Duitsers aangevallen.

Incidenten met Duitsland

# het torpederen van de ´Lusitania´ waarbij 128 Amerikaanse passagiers om het leven kwamen,

# het Zimmerman Telegram, een geheim bericht waarin de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Zimmerman Mexico opriep om een militaire alliantie tegen de VS te sluiten.

Oorlogsverklaring

Uiteindelijk besloot president Wilson op 2 april 1917 , met toestemming van het Congres, de oorlog aan Duitsland te verklaren. Hij gaf daarvoor de volgende redenen:

# Duitse overtredingen van de vrijheid op zee,

# verstoring van de Amerikaanse handel,

# misdaden tegen de mensheid,

# schending van de Monroe doctrine

Zie voor hoofdstuk 3: De Periode 1918-1945 Hoofdstuk 3 CSE 2012-2013-2014 De periode 1918-1945