We hebben 175 gasten online

2005 drs.K. de Jong: Een leraar is allereerst een docent

Gepost in Onderwijs

Begeleidingstaak verdringt onderwijstaak

door drs. K. de Jong OZN in Het goede leven 17 september 2005

De leraar in het voortgezet onderwijs krijgt een andere rol: hij wordt in plaats van iemand die doceert steeds meer een begeleider. Het lijkt of deze toch niet geringe verandering al vrij algemeen is geaccepteerd.

Is er echter wel goed over nagedacht wat dit voor het onderwijs inhoudt? Het is heel wat meer dan een verandering in de didactiek: een principiële keuze. Door drs K. de Jong Ozn.

Daarom is het zaak dat elke school die zo'n keuze maakt, dat niet zonder meer doet met slechts argumenten als 'dat de hedendaagse leerling het vraagt' of als onderdeel van een algemeen aanvaarde trend - die dan over enige tijd weer is achterhaald. Zoals helaas de laatste jaren zo vaak in het onderwijs is gebeurd. Het komt erop aan de achtergronden te vinden van waaruit de keus voor de leraar als begeleider is of wordt gemaakt.

Daartoe zet ik een tweetal redeneringen naast elkaar die ik vond in de onderwijsliteratuur. Ik las ergens 'dat het oude leren. waarin de leraar de leerstof bepaalt en de leerling beoordeelt. veel leerlingen niet meer kan boeien of motiveren. De jongere van nu heeft ontdekt dat de ouderen niet meer weten wat goed voor hen is. Zij leren al vroeg dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen keuzes'.

Hier kom ik meteen al twee zaken tegen die, als ze waar zijn, toch wel enigszins onthutsend zijn: dat de leraar - in mijn ogen een cultuurdrager - niet meer in zijn eigen verhaal, zijn eigen cultuur zou geloven. Terwijl de jongere nog niet volwassene - al zoveel cultureel besef zou hebben dat hij wel weet wat goeds voor hem is. Is dat werkelijk zo?

Ook CH Wigmans, schrijver van het boek De oude wortels van het nieuwe Ieren heeft zijn bedenkingen. Hij vraagt zich af: wie bepaalt de nieuwe kennis? De leerling zelf? Wigmans verstaat onder nieuw Ieren niet dat de leerling het voor het zeggen krijgt. Hij heeft leraren nodig die - elk op hun eigen terrein - 'verhalen vertellen'. Daarbij legt hij de nadruk op de cultuurhistorische bepaaldheid van een mensenleven. Hij heeft niet zoveel op met de op het individu gerichte ontwikkelingspsychologie. Een school moet bovenal een leergemeenschap zijn. Wigmans vertrouwt de postmoderne mens niet, de mens die de maat aller dingen is.

Tegenover Wigmans plaats ik Luc Stevens die een boek schreef met als titel Zin in school. Hij constateert dat ons onderwijssysteem failliet is. En daarbij heeft hij vooral het oog op het functioneren van veel scholen. Een citaat: 'Er is maar één oplossing: een kanteling van aanbod naar vraag. Anderhalve eeuw hebben we in het onderwijs geen rekening gehouden met leerlingen, omdat alleen aan de orde was wat de samenleving wenste. En die wenste de mens als productiefactor. Maar nu, in de grote ommekeer naar een postmoderne samenleving gaan we van collectief naar individueel denken. We worden daar hard mee geconfronteerd.'

 

Collectief of individueel?

Ziehier de eigenlijke tegenstelling tussen twee systemen van lesgeven. Het leek te gaan om didactiek, maar in feite gaat het om twee heel verschillende manieren waarop men tegen een samenleving, een cultuur aankijkt. Een samenleving als een gemeenschap met een samenhangende cultuur en een samenleving als een gemeenschap van 'losse' individuen, die zelf wel zullen uitmaken wat zij willen en nauwelijks een boodschap aan de ander, aan die samenleving hebben.

Het eerste systeem, dat wij lang hebben gehanteerd, bevorderde een samenleving met gemeenschappelijke waarden, onder andere vastgelegd in onze Grondwet, ofwel expliciet een onderdeel uitmakend van levensbeschouwelijke groepen in onze samenleving.

Met het tweede komen we terecht in een gefragmenteerde samenleving zoals die zich in ons land steeds meer manifesteert. Het moge duidelijk zijn dat ik kies voor de eerstgenoemde.

Voor alle duidelijkheid: ik ben niet tegen meer zelfwerkzaamheid van leerlingen. Maar daaraan gaat in elk geval vooraf het bevorderen van een leescultuur onder hen. Daarmee begint in feite de cultuuroverdracht.

Op de universiteiten schijnt een toenemend aantal klachten te zijn over studenten die nauwelijks in staat zijn een boek van enig niveau te lezen. Zijn dat misschien de eerste studenten die als leerling zelf maar moesten bepalen wat zij wilden leren? Of overnemen van internet?

 

Leraar cultuurdrager

Het is voor goed onderwijs absoluut noodzakelijk dat een leraar een cultuurdrager is, die een eigen verhaal te vertellen heeft. verworven door studie en levenservaring. Dat houdt - tussen haakjes - niet in dat het bij een goede leraarscarrière hoort dat ~en na een aantal jaren lesgeven eigenlijk manager moet worden. die (een deel van) een organisatie 'aanstuurt'. Wel lijkt het mij zeer ongewenst dat de leiders van scholen nauwelijks weet hebben van de cultuur waarin een school rust. Zij zullen - als intellectueel geschoolde - juist leiding moeten geven aan het proces van cultuuroverdracht. Bij onderwijs als cultuuroverdracht gaat het om een gemeenschap die die cultuur draagt. De onderwijsgevenden moeten daarbij iets met elkaar gemeenschappelijk hebben: de identiteit van de school.

Toegepast op de christelijke school betekent dit alles een kritische bezinning op het feit of een leraar wel tot een begeleider moet worden zoals de trend momenteel schijnt voor te schrijven. Tevens opnieuw een bezinning op de vraag aan de leraren: wat hebben wij voor gemeenschappelijke cultuur aan waarden? Geloven wij daar zelf nog zo in dat wij het de moeite waard vinden om deze in onze school over te dragen? Misschien zelfs: hoe lukt het ons om de leerlingen niet in de decadente kou van deze tijd te laten staan?