We hebben 322 gasten online

2006 Emmanuel Naaijkens: Docenten moeten zich verdiepen in digitale leefwereld jeugd

Gepost in Onderwijs

Emmanuel Naaijkens in Eindhovens Dagblad 4 december 2006

bewerking Elisée van Heukelom

Het is van alle tijden dat oudere generaties zich zorgen,maken over de toekomst van de jeugd, Met de komst van de computer is een nieuwe, digitale wereld ontstaan die voor jongeren vertrouwd terrein is. Veel volwassenen maken zich er zorgen over, omdat ze er niet of nauwelijks zicht op hebben waar kinde- ren mee bezig zijn. De digitale kloof die er nu is, is problematisch", zegt Ine Spee (50).

Als senioradviseur bij landelijk onderwijsadviesbureau KPC Groep in Den Bosch geeft zij scholen onder meer advies over de sociaal-emotionele begeleiding van leerlingen. Zelf stond ze jaren voor de klas en had ze als leerlingbegeleider heel wat leerlingen onder haar hoede. In contacten met docenten heeft ze gemerkt dat die worstelen met de afstand die er ontstaan is tussen de generaties. Om daar wat aan te doen heeft, KPC Groep onlangs een congres gehouden in Nieuwegein, onder het motto 'Begrijpen we ze nog wel?'. Dan ging over zaken als gamen, cyberpesten, internetten, msn'en, maar ook over tienerseks en de ontwikkeling van de hersenen bij pubers.

"Veel van die computertermen zeggen met name oudere docenten niets. Sommigen zien technologische snufjes als een bedreiging of hebben geen idee van wat ze zich bijvoorbeeld moeten voorstellen bij gamen, msn'en of chatten. Ze beseffen niet dat deze manier van communiceren voor de jeugd van nu net zo gewoon is als telefoneren. Er zijn docenten die zich zelfs erg negatief over msn uitlaten, vanwege het eigen taalgebruik en de eigen spelling. Jongeren op hun beurt verwijten, docenten soms dat ze digibeet zijn en niets van hun wereld begrijpen", aldus Spee.

Het is van groot belang dat docenten zich openstellen voor de mogelijkheden van het internet. "Want er zitten ook risico's aan. Neem bijvoorbeeld het cyberpesten. Uit een Limburgs onderzoek blijkt dat bijna een kwart van de kinderen tussen tien en twaalf jaar digitaal gepest is. Cyberpesten is nog ernstiger dan gewoon pesten omdat het vaak anoniem gebeurt. Pubers beseffen vaak niet waar de grenzen liggen van wat wel en wat niet door de beugel kan in omgang met anderen. Het reflectieve vermogen wordt pas laat in de puberteit ontwikkeld. Daarom moeten docenten kinderen daarbij helpen, ze duidelijk aangeven waar die grenzen liggen. Maar daarvoor is het dan wel nodig dat zij de digitale wereld van de jeugd binnengaan."

Ine Spee signaleert overigens ook een kloof tussen jonge en oudere leerkrachten. "De jongste lichting docenten is wel vertrouwd met msn en communiceert vaak op die manier met leerlingen. Dat is vaak heel handig en heel direct en voor een leerling is de drempel om de docent te benaderen heel laag.

Maar hoe ga je met elkaar om?

Wat als een leerling aan een docent allerlei persoonlijke vragen begint te stellen, hoe corrigeer je dat gedrag? En wanneer chat je met een leerling? Alleen op bepaalde afgesproken tijden, of ook in het weekeinde, 's avonds? Daar moet je dus hele hele heldere afspraken over maken, anders kunnen grenzen worden overschreden. En sta je als school toe dat leerlingen tijdens de lessen msn' en of sms'en? En verbied je dat leerlingen foto's op school maken met hun mobieltje? Allemaal vragen waar een school antwoorden op moet hebben."

Jongeren van nu krijgen allerlei etiketjes opgeplakt als de Generatie Einstein, knip-en-plak, Foxkids, patatgeneratie en de jongste aanduiding is TomTom Generatie. Met dat laatste wordt de jeugd weggezet als een generatie die zelf geen kennis meer heeft, niet nadenkt, maar die alles opzoekt op internet.

Met dit soort negatieve omschrijvingen heeft Ine Spee weinig op. "Uit onderzoek blijkt de huidige generatie achter de computer net zo goed sociale vaardigheden te ontwikkelen. Ze zijn niet individualistischer dan oudere generaties en ze zijn wel degelijk maatschappelijk bewust."