We hebben 402 gasten online

2006 drs.R.Kraakman: Stilte

Gepost in Onderwijs

drs. R.H.A.M. Kraakman Vz. Raad van Bestuur Ons Middelbaar Onderwijs

Verschenen in Omologie nummer 2 schooljaar 2006-2007: Persoonlijk Gesproken ...pagina 3

Een goed debat kenmerkt zich naar mijn idee onder andere door visie, steekhoudende argumenten, nuances en zorgvuldig gewogen lange termijngedachten. De laatste tijd wordt helaas de indruk gewekt dat het hieraan tegenovergestelde one-issue debat de absolute norm aan het worden is. Ook het (voortgezet) onderwijs valt steeds vaker ten prooi aan deze onfortuinlijke vorm van opinievorming.

Nu is ruimte voor debat onmisbaar in onze samenleving, maar dan wel zolang dit opbouwend gebeurt en getuigt van enige vorm van overtuiging dan wel achtergrond. Het one-issue debat voldoet hier niet aan. Het is een gemakkelijk debat. Doorgaans gebaseerd op een onderwerp keuze die als het op kritiek aankomt, mag rekenen op grote bijval van de (zwijgende) meerderheid. Helaas zijn er voldoende critici en zelfbenoemde deskundigen, die zich snel laten prikkelen en elke gelegenheid aangrijpen een nieuwe polemiek te starten.

Het spreekt voor zich dat het verleidelijk is deze debatvorm in verkiezingstijd nog eens extra aan te dikken. Inhoudelijk liefst ontdaan van achtergronden en maatschappelijke context, maar wel voorzien van stevige oneliners en krachttermen. Niet voor niets bedient Leo Prick zich in zijn columns voor het NRC Handelsblad graag van hapklare termen als het onderwijs-politieke complex. Een beeld dat weliswaar goed in de 'markt' te zetten is, maar getuigt van weinig kennis van de werkelijke verhoudingen in de ontwikkelingen in de onderwijssector. Prick vertegenwoordigt hiermee veel eerder de stijlfiguur van de populistische retoriek, dan de weloverwogen en onderbouwende methodiek van een onderwijsinhoudelijke criticaster.

De Vereniging Beter Onderwijs Nederland roept onder leiding van filosoof Ad Verbrugge op tot "het zo goed mogelijk tot bloei laten komen van de potenties van leerlingen en studenten door gedegen vakinhoudelijke en algemene vorming". Een lofwaardig streven, maar in deze discussie ontbreekt naar mijn idee elke context.

Het is een erg simplistische overtuiging dat herinvoering van het oude schoolsysteem de garantie vormt voor goed onderwijs. De maatschappij verandert. Door ontwikkelingen in de techniek, internationalisering en veranderende maatschappelijke verhoudingen, bewegen we sneller en anders. Het onderwijs zal hier in meemoeten. De opvatting van Verbrugge is reactionair en getuigt van weinig maatschappelijke realiteitszin.

Of het nu gaat om het 'geplaagde' vmbo, de 'oude vertrouwde' mavo of de 'alomtegenwoordige' probleemleerling, de stellingname is vooral eendimensionaal en insinuerend. Het betreft knap inspelen op sentimenten en onderbuikgevoel. Ook de aanzwellende kritiek op de rol van het management in onderwijs is hier een mooi voorbeeld van. Het aloude wijzen naar de baas is doorgaans bij voorbaat succesvol.

Onbegrijpelijk is dat zowel de publieke als politieke opinie, het one-issue debat klakkeloos volgen. Te gemakkelijk wordt 'wellicht' voor waar aangenomen. De kritiekloze opstelling van de pers is in dit kader bovenal schrijnend. Stelselmatig worden journalistieke principes als hoor- en wederhoor, het controleren van feiten en het creëren van een context niet meer in acht genomen. Berichtgeving raakt hierdoor meer en meer verstoken van enige vorm van nuance.

Welhaast surrealistisch is het ontbreken van een bijdrage van duizenden hardwerkende docenten aan het debat. Bijna ontstaat de indruk dat het Nederlandse onderwijs ten dode is opgeschreven, want ook de stilte van de kant van de werkelijke onderwijsdeskundigen is oorverdovend. Vreemd, want als er een groep recht van spreken heeft zijn het de vakmensen, die toch dagelijks vormgeven aan passende en weloverwogen onderwijsvernieuwing. In hen blijf ik toch mijn vertrouwen stellen, nu en in de toekomst!

drs. R.H.A.M. Kraakman voorzitter Raad van Bestuur