We hebben 400 gasten online

2006 Prof. Arnold Heertje: Slecht opgeleide leraar gaat niet beter lesgeven door hoger salaris

Gepost in Onderwijs

Volkskrant 3 oktober 2006

Het onderwijs wordt vooral bevolkt door docenten met een hbo-opleiding. Havo en vwo-docenten moeten academisch zijn gevormd, zegt Arnold Heertje. De beschouwing van Jan Bouwens (Forum; 27 sep- tember) over het voortgezet onderwijs, legt de nadruk op de lerarensalarissen. Deze zienswijze past in de programma's van alle politieke partijen om de droevige toestand waarin het Nederlandse onderwijs zich bevindt te lijf te gaan met grootscheepse financiële toezeggingen.

Niet denkbeeldig is dat over vier jaar wordt vastgesteld dat miljarden extra zijn geïnvesteerd in het onderwijs zonder dat de kwaliteit van het onderwijs daadwerkelijk is verbeterd. De vergelijking dringt zich op met de zorg. De vele extra miljarden die door het tweede kabinet-Kok naar de zorg zijn_gedirigeerd hebben toen niet de wachtlijsten verminderd. Pas de structurele aanpak van minister Hoogervorst bracht de beweging op gang die nodig was om daadwerkelijk verbeteringen tot stand te brengen. Hieruit kan de les worden getrokken dat eerst een deltaplan voor het onderwijs moet worden ontworpen. Daarna is de financiering aan de orde. Laat ik dit illustreren aan de hand van het thema van de beloning van docenten in het voortgezet onderwijs.

De mening van Bouwens dat de kwaliteit van de onderwijzers en docenten verbetert door ze beter te belonen, berust op een illusie. Wie thuis is in het onderwijs weet dat het omgekeerde zal gebeuren. Bedorven onderwijsvlees wordt niet beter door de prijs ervan te verhogen. Er komt alleen meer bedorven onderwijsvlees: De meeste leraren hebben tegenwoordig een opleiding gevolgd bij het hoger beroepsonderwijs. Die opleidingen leggen de nadruk niet op vakinhoud maar op didactische en communicatieve vaardigheden. Op boekenlijsten van de hbo-instellingen staan gemiddeld acht boeken, waarvan zeven over de sociale vaardigheden. Op een boekenlijst voor scheikunde van de Hogeschool Arnhem en Nijmegen wordt als vakinhoudelijk boek voorgeschreven een vwo-methode scheikunde. 'Niet te oud en niet te duur, via de dump, De Slegte of via vrienden aan te schaffen.' Bij Frans is de lijst identiek wat de sociale vaardigheden betreft, alleen zijn vaker inhoudelijk twee boekjes Frans nodig, die worden gebruikt in de tweede klas havo. Studenten, die lerarenopleidingen volgen, slagen allemaal omdat vakkennis volledig ondergeschikt is aan de didactiek

Bovendien hebben de managers van de opleidingen belang bij het maximeren van het aantal geslaagden wegens de perverse subsidieregeling. Cijfers weerspiegelen niet langer individuele prestaties doch collectieve budgettaire arrangementen. Leerlingen met een havo-diploma komen via de hbo-opleiding als leraar met twee linker handen in vwo-scholen terecht. Geen wonder dat daar competentiegericht onderwijs populair wordt, waarbij niet langer een beroep wordt gedaan op vakkennis van docenten. Leraren zijn verworden tot opzichters en klaslokalen zijn discoruimten geworden.

Deze ontwikkeling wordt mede gedragen door de misvatting dat in de moderne tijd het overdragen van kennis zinloos is omdat deze aan snelle veroudering onderhevig is. Het zou voldoende zijn als leerlingen kunnen surfen op internet. Hier wordt informatie met kennis verward. Bovendien blijft heel veel kennis ongewijzigd. Het vervoegen van Franse werkwoorden, de reactievergelijkingen in de chemie, de wetten van Ohm en Archimedes in de natuurkunde, het oplossen van een vierkantsvergelijking en de geschiedenis van de Franse Revolutie, zijn onderwerpen die beklijven en waarvan de kennis relevant is. Al was het maar om aan de hand daarvan nieuwe inzichten en overzichten te verwerven. Deze samenhangende factoren verklaren de voortdurende daling van de kwaliteit van leraren, zonder dat men deze beroepsgroep zelf enig verwijt kan maken. Net als hun leerlingen zijn zij slachtoffer.

De kwaliteit van de leraren gaat alleen omhoog als leraren voor havo en vwo uitsluitend langs academische weg worden opgeleid. Een nieuw kabinet moet de politieke moed opbrengen de monopolisering van de lerarenopleiding door het hbo te breken. Slaat de samenleving deze weg in, waardoor leraren worden voortgebracht die over vakkennis beschikken, liefde voor hun specifieke vak hebben, status verwerven en de mogelijkheid krijgen te promoveren, dan zijn hogere salarissen daarvan het natuurlijke gevolg. Dan komt een einde aan de absurde situatie dat de managers in de scholengemeenschappen veel hogere salarissen ontvangen dan de docenten die het onderwijs verzorgen. De grootschaligheid moet worden omgebogen.

Het antwoord op de zwaarte van grotere klassen is niet het toekennen van een hoger salaris aan een docent die dertig leerlingen heeft, doch het beperken van de klassengrootte tot 25 leerlingen. Zo is een reeks van concrete maatregelen te treffen om het onderwijs te verbeteren. Beginnen met het verhogen van salarissen werkt echter averechts.