We hebben 212 gasten online

Geschiedenis en Levensloop Deel 12D9 overzicht werkzaamheden COO

Gepost in Over mijzelf

Aan de voorzitter van het Dagelijks Bestuur van Ons Middelbaar Onderwijs

Postbus 574

5000AN Tilburg

Deurne, 03-04-97

Beste Rob,

Op 2 april jl. heb ik aan de (P.)G.M.R. meegedeeld dat ik om gezondheidsredenen het voorzitterschap van de G.M.R., de P.G.M.R. en het Personeelsplatform aan het einde van dit schooljaar neer zal moeten leggen. Dit is voor mij geen gemakkelijke beslissing geweest.

Door middel van deze brief wil ik je heel hartelijk danken, en middels jou ook de andere leden van het Dagelijks Bestuur, voor de prettige wijze waarop we al die jaren hebben geprobeerd de belangen van Ons Middelbaar Onderwijs te behartigen; ieder op de zo eigen wijze.

Aan de 11 jaren die ik als lid en voorzitter van het C.O.O., G.M.R., P.G.M.R en Personeelsplatform heb mogen werken houd ik veel goede herinneringen over.

Ik wens ieder van jullie veel succes in de toekomst met het verder gestalte geven van Ons Middelbaar Onderwijs. Het ga jullie goed.

Met vriendelijke groet,

Jo Swaen

 

 

Dankrede uitgesproken bij het afscheid van Jo Swaen,

voorzitter G.M.R., P.G.M.R. en Personeelsplatfonn

op 11 juni 1997.

Beste collega's,

Om na 11 jaar afscheid te moeten nemen valt niet mee. Soms kunnen omstandigheden een mens dwingen beslissingen te nemen, die je eigenlijk niet zou willen nemen. Maar ik ben zowel een realist als een pragmaticus. Als je afscheid moet nemen mag je terugkijken naar wat er zoal op het gebied van de personeelszorg in OMO-land bereikt is.

Allereerst past mij om al de mensen te bedanken die samen met mij in het bestuur van het COO en de PGMR en de GMR geprobeerd hebben de belangen van het personeel te behartigen.

Ik wil ze hier toch wel even noemen:Thijs Blom, Marcel van der Weerden, Jef van Riet, Wemer Diehl, Jules van Binnebeke, Walter v.d.Aa, Paul Aersens, Ad Poulisse, Geert Mulders, Riet Berkers en Rex Couzijn.

Zonder deze mensen was de medezeggenschap van het personeel van OMO niet wat het nu is.

Toen op 29 september 1977 in het Pauluslyceum te Tilburg vertegenwoordigers bij elkaar kwamen van de docentenraden, de leden van het niet-onderwijzend personeel en de conrectoren van de scholen van de Vereniging kon men niet weten dat er 20 jaar later een GMR zou zijn.

Minstens twee van de hier aanwezigen waren toen ook aanwezig nl. Thijs Blom en Paul Aersens. U moet nu niet denken dat deze bijeenkomst uitging van het Bevoegd Gezag. Nee, het N.G.L. had nl. in 1974 al aan het Hoofdbestuur van OMO laten weten dat het op grond van de Wet op de Ondememingsraden een Ondememingsraad in het leven diende te roepen.

Het Hoofdbestuur voelde er vooralsnog niet veel voor en zal -beproefde methode- de kwestie nader bestuderen.

Mijn eerste conclusie als historicus die ik jullie allemaal wil meegeven is dan ook de volgende:

De besluitvorming beslaat binnen OMO altijd zo'n jaar of drie. Ook daarin komt maar geen verandering. Kijk maar naar Structuren en Processen.

Toen er een verandering van het bestuur van het C.O.O. kwam, na het aftreden van Walter van de Aa, sprak het nieuwe bestuur onder mijn voorzitterschap van een hoogst noodzakelijke cultuurverandering die diende plaats te vinden.

Ik heb toen gesproken over de noodzaak van een open sfeer en een democratische overlegstructuur die niet gebaat is bij - vermeende - belangentegenstellingen.

Dit was door mij zo gesteld in 1990. Ik heb de overtuiging dat we m.b.t. de cultuurverandering nog steeds in een overgangsfase zitten en dat het slagen daarvan nog steeds in nevelen is gehuld.

In de loop van de jaren ben ik o.a. betrokken geweest bij de Commissie Basisvorming, de Rechtspositie­commissie en de Wachtgeldcommissie.

Er zijn vooral twee zaken die aan de negatieve kant een rol speelden.

1) het opheffen van het van der Put in Eindhoven; gelukkig hebben we toen in een extra wachtgelders ronde de pijn voor alle personeelsleden kunnen verzachten.

2) de gelukkig korte periode onder het voorzitterschap van de heer Van Zwieten.

Een en ander was voor het bestuur van het C.O.O. aanleiding bij het Hoofdbestuur aan te dringen op een verandering in het bestuur van de Vereniging.

Professionaliteit diende voorop te gaan staan en dat hield in de aanstelling van full­time bestuurders.

Deze gedachte werd overgenomen en vijf jaar geleden werd de eerste full­time bestuurder benoemd in de persoon van Rob Kraakman. Sinds die tijd is de vereniging in beweging.

Vla de missie van OMO en de CA2O van OMO werden lijnen uitgezet naar een professionele organisatie.

Het zal iedereen hier duidelijk zijn dat de praktijk weerbarstiger is dan de theorie.

Een verandering van de cultuur van OMO is en blijft noodzakelijk om deze organisatie in staat te stellen het beroep dat de samenleving op ons doet ook in de praktijk te verwezenlijken.

Centraal daarbij staat natuurlijk het personeel wiens vertegenwoordigers jullie zijn. Zonder goed personeel lijkt OMO op "winddressing".

Het personeel is de spil waarop deze hele organisatie draait. En naar bevinding van het bestuur van de P.G.M.R. betekent dat dan ook dat het personeel altijd betrokken dient te worden bij de besluitvormingsprocessen binnen deze organisatie.

De G.M.R. blijft naar ons idee een tussenstation op weg naar een Centrale Ondernemingsraad.

De basis van het verkeren binnen O.M.O blijft het respect voor elkanders opvattingen en meningen, op de plaats waar ieder voor geroepen is.

Ik wil in dit verband dan ook mijn dank uitspreken aan het adres van het huidige presidium van de R.DV. en het O.B. van O.M.O. voor de manier waarop we met elkaar verkeerd hebben.

Een en ander wil niet zeggen dat alles gaat zoals het moet gaan. Ik kan het niet laten om nog enige zaken naar voren te brengen die mijn inziens bij OMO dienen te veranderen.

1) Geef de rectoren en directeuren de plaats die ze als managers toekomt en reken ze daar ook op af.

 

 

 

2) Zorg op een zo kort mogelijke termijn voor een verdere professionalisering van het O.B.

 

3) Een professionele organisatie als O.M.O.komt er nog steeds niet toe een eigenbedrijsgezondheidsdienst op te zetten.

Het advies van het C.O.O. over een bedrijfgezondheidsdienst werd uitgebracht in het schooljaar 1990/1991. De factor Human Capital dient toch bepalend te zijn voor de organisatie?

4) Bij mij heeft altijd een aparte plaats ingenomen het OOP. Dit komt natuurlijk ook door mijn eigen achtergrond. Begonnen op de LTS als leerling schilderen en successievelijk alle diploma's halend voor het schildersbedrijf ligt daar nog steeds mijn hart.

Wie had ooit kunnen denken dat ik via de avondschool in Utrecht mijn middelbare schooldiploma zou halen en daarna geschiedenis zou gaan studeren aan de Rijksuniversiteit van Utrecht, om tenslotte via een politieke bliksemcarrière docent te worden op het Peellandcollege te Deurne en via dit college 11 jaar voorzitter zou mogen zijn van al die medezeggenschapsorganen.

Terug naar het O.O.P. Een van de dingen die ik mis in een organisatie als OMO is een belangenorganisatie van en voor het O.O.P. O.O.P.-ers worden, als ze dat al niet zijn, in de toekomst nog belangrijker voor het Onderwijs.

Ik hoop echt dat deze categorie werknemers van O.M.O. met recht in de toekomst kunnen zeggen 'ook voor ons is O.M.O. de beste werkgever'.

5) De rol van het D.G.O. in de besluitvorming binnen O.M.O.

Het afgelopen jaar is althans mij duidelijk geworden dat het noodzakelijk is dat de G.M.R. een aantal bevoegdheden van het D.G.O .overneemt.

Soms krijg je de indruk dat over ons wordt beslist in plaats van met ons. Daar ligt een mooie taak voor de P.G.M.R.

Collega's, het zal jullie duidelijk zijn dat ik dit werk zal gaan missen en vooral de intermenselijke contacten die ik met menigeen van jullie de afgelopen jaren heb mogen hebben.

Ik dank iedereen daarvoor en wens ieder een goede gezonde toekomst toe binnen deze organisatie, waarbinnen we allen werkzaam zijn.

Ten slotte blijf ik,al is het maar langs de zijlijn, me toch betrokken voelen bij

ONS MIDDELBAAR ONDERWIJS.

Het gaat jullie allen goed!

Jo Swaen bij het afscheid van het voorzitterschap van GMR, PGMR en Personeelsplatform op 11 juni 1997

 
drs.J.W.Swaen www.blikopdewereld.nl

 

 

 afscheid gmr