We hebben 287 gasten online

Recensie 'Jan de Quay 1901-1985' Een biografie Cees Meijer

Gepost in Recensies

Jan de Quay 1901-1985 Cees Meijer

Jan de Quay werd ook wel de president van Brabant genoemd, naar aanleiding van zijn tijd als commissaris van de koningin in de provincie Noord-Brabant in de periode 1946-1959. Maar hij is vooral ook bekend geworden als een van de drie leiders, van de tijdens de Duitse bezetting opgerichte Nederlandse Unie. Daardoor zou hij in linkse kringen in het Nederland van na de Tweede Wereldoorlog gezien worden als een controversieel politicus. Maar ondanks het feit dat hij een van de leiders was van de Nederlandse Unie werd hij toch minister van oorlog in 1945. Nog meer tot de verbeelding spreekt het feit dat Jan de Quay, na een rooms-rode samenwerking in de kabinetten Drees, premier werd van een kabinet in 1959, waarin de PvdA niet was vertegenwoordigd. Cees Meijer kon gebruik maken van de dagboeken van Jan de Quay voor het schrijven van deze biografie.

Daarbij moet worden opgemerkt dat deze dagboeken door een karmelietes zijn getranscribeerd. Daarbij werden alle gebeden van De Quay en zijn notities over echtgenote en kinderen en andere familiezaken weggelaten. Cees Meijer is tot de conclusie gekomen dat geen essentiële gegevens uit de transcripties zijn weggelaten. Naast de transcripties vormt onderzoek in andere archieven en tal van publicaties de basis van deze biografie. Ook werden verschillende personen geïnterviewd die De Quay van nabij hebben gekend onder wie enkele van zijn kinderen. Helaas is primair bronnenmateriaal over het Interbellum nauwelijks aanwezig in het Archief De Quay. De biografie is chronologisch opgebouwd. Onbetwist heeft De Quay een rol gespeeld in de emancipatie van het katholieke volksdeel. Er was sprake van een autoritair-hiërarchische verhouding tussen het episcopaat en de katholieke gelovigen, ook al waren deze academisch gevormd. Zijn hele leven lang zal Jan de Quay zich schikken naar hetgeen de bisschoppen willen. Uiteindelijk zal dat in de jaren van het Vaticaans concilie en het Pastoraal Concilie in Nederland er toe leiden dat Jan de Quay zou kiezen voor de behoudende koers gerepresenteerd door bisschop Gijsen. Dat de doorbraakgedachte na de Tweede Wereldoorlog niet plaatsvond moet ook in deze context worden gezien. De bisschoppen wilden toen het zuiden van ons land in september 1944 was bevrijd een snel herstel van de oude gezagsverhoudingen.

Nadat Jan de Quay premier werd van zijn kabinet beschrijft hij vaak zijn aarzelingen en hoe hij letterlijk blijkt te lijden onder dit premierschap. Zijn Brabantse jaren worden door hem dan ook als zijn gelukkigste jaren gezien. Een en ander hield niet in dat Jan de Quay niet toch zijn stempel drukte,  zoals blijkt uit de de kwestie Nieuw Guinea. Cees Meijer beschrijft er uitvoerig over. (Zie in dat verband ook de biografie over Joseph Luns, minister van Buitenlandse Zaken Luns, Een politieke biografie Aantekeningen) en Recensie 'Luns een politieke biografie' Albert Kersten). 

Meijer beschrijft hoe premier De Quay in een enkel opzicht kan worden aangemerkt als een overgangsfiguur van het tijdperk-Drees naar de jaren zestig en daarna. De Quay paste beter bij de jaren zestig dan de strenge en sombere Drees. Als persoon kwam hij minder afstandelijk over dan zijn voorgangers. De Quay was de eerste premier die de kentering meemaakte van 'paternalistische partijdemocratie naar een gepersonaliseerde mediademocratie'. 

Persoonlijk bleek De Quay een grote afkeer te hebben van het politieke steekspel en politieke ruzie, zoals herhaaldelijk wordt beschreven. Des te opvallender is dan wel dat hij ten tijde van het kabinet Cals kiest voor de koers van Smelzer. De Quay bleek weinig op te hebben met het kabinet-Cals en was verheugd met de politieke uitkomst van de zogenaamde Nacht van Smelzer. Hij wilde terug naar een confessioneel-liberaal kabinet. Hij werd dat ook in het tussen kabinet Zijlstra minister van Verkeer en Waterstaat. De KVP kreeg het na de eerste, grote verkiezingsnederlaag in 1967 steeds moeilijker. Na het tussen kabinet van Zijlstra vormde Piet de Jong een nieuwe regering. In zijn dagboek schrijft Jan de Quay zelfs dat hij hoopt dat dit kabinet niet lang zou regeren. Maar als een van de weinige kabinetten na de Tweede Wereldoorlog zou het de volle vier jaar uitdienen. Dat leidde ertoe dat De Quay zijn menig herzag. Na zijn ministerschap vervulde Jan de Quay tal van functies in het bedrijfsleven. Niet verbazingwekkend is dan ook dat De Quay zich onveranderd en onmiskenbaar positioneerde aan werkgeverszijde. Dat bleek duidelijk bij de bedrijfsbezetting van Enka Breda. Hij kon het daarbij niet waarderen dat de bisschoppen van den Bosch en Breda de werknemers daarbij steunden.

Met de veranderingen van de jaren zestig en zeventig kon de oud-premier moeilijk overweg. Hij was bang dat jongeren, ontvankelijk voor vernieuwing, in de ban zouden raken van 'extreme leiders' en zouden doorslaan en hervormingen nastreefden die tot chaos en verval leiden. Veel nieuwe opvattingen kon hij niet aanvaarden. Voor een man met een aristocratisch-paternalistische attitude als De Quay klonk een begrip als 'inspraak' bijna wezensvreemd in de oren. De kritiek op de Quay had ook te maken met de anti-KVP-stemming bij jeugdige katholieken en andere progressieven die riepen om afbraak van de zuilen. Maar de Quay was ook te veel gehecht aan traditionele zeden en normen, en menselijk gesproken, aldus Cees Meijer, was hij te oud, om nog te kunnen 'meebuigen'. Volgens Cees Meijer omschrijft Van den Eerenbeemt de hoofdpersoon van deze biografie treffend: 'De Quay was een bewogen, maar ook kordate en praktisch ingestelde bestuurder. Zijn streven naar christelijke harmonie was kenmerkend voor zijn opvattingen'.

Hoe kwam het dat een zo op harmonie ingestelde man in zijn leven ongewild zoveel tegenstand en kritiek opriep? Meijer vond de sleutel in de titel van het interview dat Bibeb met hem had voor Vrij Nederland:'In de politiek moet men voorzichtig zijn, en dat ligt mij niet'. De Quay zelf meende dat de oorzaak ervan lag in zijn neiging de mensen met wie hij in aanraking kwam te vertrouwen, de mensen te respecteren.. Maar er is volgens Meijer nog een andere kant aan de persoonlijkheid van De Quay die een mogelijke verklaring geeft voor zijn 'onvoorzichtigheid'. Het valt op dat hij tijdens zijn leven sterk gericht is op actie en dat hij beschikt over een meer dan gemiddelde dadendrang. Daarbij kwamen nog ambitie en een zekere ijdelheid.

Titel: Jan de Quay (1901-1985) Een biografie

Auteur: Cees Meijer

Uitgeverij: Boom ISBN 9789461055552 € 34,90