We hebben 222 gasten online

Hoofdstuk 14: Jan Stoffers (het monster van Assen).

Gepost in Boek: De praktijk van de levenslange gevangenisstraf in Nederland

Jan Stoffers werd al eerder veroordeeld voor een verkrachting van een minderjarige. Het slachtoffer uit Klazinaveen, was 15 jaar oud toen ze door Jan S. in 1996 werd verkracht.

Jan S. werd tot 4 jaar cel veroordeeld. Het Nieuwsblad van het Noorden bericht erover:

Als de 42-jarige S. het bij zijn vrouw en kind in Polen even niet meer zag zitten, ging hij weer voor een tijdje terug naar Nederland'', staat er. In Nederland probeert hij in contact te komen met zijn ex-vrouw, zijn zoon en een jeugdvriend. Zij wijzen hem af. Net als de dagen voor de moord op Chanel was Jan S. alleen gelaten.

Op 17 mei 1996 begint hij te drinken en krijgt hij behoefte aan seks. De officier van justitie die de zaak behandelde, mevrouw E. Läkamp, zegt tijdens de zitting: ,,En daarbij maakte het hem niet uit of het een man was of een vrouw, een jongetje of een meisje.''

14.1 Strafzaak Rechtbank Assen

Läkamp beschrijft tijdens de zitting hoe Jan S. die dag in de auto is gestapt. Eerst probeert hij het in Nieuw Schoonebeek. ,,Hij pakte daar een klein meisje bij de arm en wilde haar naar de auto sleuren'', aldus het krantenbericht. Dat mislukt. Het meisje verzet zich en wordt door haar vriendinnetjes ontzet.

S. rijdt verder en komt om kwart voor zeven 's avonds aan in Klazienaveen. Bij een schuur ziet hij een aantal jongeren staan. Hij stapt uit en vraagt het 15-jarig meisje om een vuurtje. Op het moment dat zij dat geeft sleurt S. haar de auto in om met haar weg te rijden.

Vijf uur rijdt Jan S. met haar rond. Op een parkeerplaats verkracht hij het meisje. Op twee uur 's nachts wordt het meisje uit de auto gezet. Jan S. vlucht daarop het land uit, maar wordt bij de Poolse grens aangehouden. ,,Dit is het meest verschrikkelijke dat een meisje kan overkomen'', zegt officier Läkamp in haar requisitoir.

Desondanks eist de officier geen tbs of een andere wijze van behandeling van Jan S.. Zij eist een gevangenisstraf van zes jaar en een schadevergoeding van ruim 10.000 gulden. De rechter kent de schadevergoeding geheel toe, maar verlaagt de straf tot vier jaar cel.

Over de overwegingen van de rechtbank wordt in het bericht niets vermeld. Evenmin wordt iets geschreven over de vraag of Jan S. psychiatrisch is onderzocht.

Dan wordt in Assen Chanel Naomi Eleveld vermist. De politie in Assen hield hem vanaf het begin in de gaten, maar kon volgens een woordvoerder nog weinig doen, omdat er nog onvoldoende verdenking was voor een huiszoeking. Tot zijn aanhouding in Zwolle, verloren de politieobservanten hem twee weken uit het oog. Jan S. is in die tijd in Heerlen geweest en heeft daar volgens een aangifte nog een volwassene verkracht. Haar beschrijving voldoet exact aan het signalement van S.

Enkele weken na de verdwijning van Chanel wordt Jan S. aangehouden op het station in Zwolle. . Na huiszoeking bleek hij het lijkje van het 7 jarige kind verborgen te hebben gehouden in de kruipruimte van zijn woning. Na haar de hebben verkracht had hij het kind omgebracht op 21 juni 1999. Pas drie weken na zijn daad werd ze gevonden.  Naast voornoemde verkrachting en moord, geldt de veroordeling ook voor de verkrachting van zijn vrouw (voor de ogen van zijn zoontje) en de verkrachting van een prostituee in Heerlen. Eis van het OM was twintig jaar cel en tbs met dwangverpleging. De rechtbank te Assen veroordeelde hem op 11 februari 2000 tot levenslang.

Omwonenden aan de Mozartplaats vertelden dat de politie al voor de verdwijning van Chanel met regelmaat bij de familie S. in huis kwam om ruzies te sussen. En dat Jan S. zijn echtgenote sloeg. Verschillende buurtbewoners vertellen dat het  5-jarig zoontje eens het slot heeft omgedraaid van een kamer waarin zijn vader zat. En dat de politie toen weer moest langskomen, toen het zoontje weigerde hem te bevrijden.

Woordvoerder B. Visser van de politie in Assen bevestigde dat de politie eerder ,,wegens echtelijke twisten'' bij Jan S. is geweest. Enkele dagen voor de verdwijning van Chanel zijn de Poolse echtgenote en het kind vertrokken.

In alles reageert Jan S. als een gestoorde, zegt een zedenspecialist.

,,Bij het profiel van een kinderverkrachter hoort dat hij alles zal doen om uit tbs te blijven'', zegt een zedenrechercheur die bij de politie als expert geldt. Ongeveer 30 procent recidiveert. ,,Zo iemand weet dus dat de kans dat hij nog uít die tbs komt, klein is'', aldus de zedenrechercheur. Hij ziet opvallende overeenkomsten tussen de verkrachting uit 1996 en de moord op Chanel van 21 juli. Een mogelijke crisissituatie waarin Jan S. helemaal alleen was. En vooral zijn bijzonder onvoorzichtige manier van optreden, waardoor hij opnieuw al snel tegen de lamp liep.

14.2 Hoger beroep Gerechtshof Leeuwarden

Verklaring Gerechtshof Leeuwarden

Strafmotivering.

Zoals uit de bewezenverklaring blijkt, heeft verdachte zich aan ernstige tot zeer ernstige strafbare feiten schuldig gemaakt. Verdachte heeft niet geschroomd ten koste van de lichamelijke integriteit van zijn echtgenote en een andere vrouw met geweld bevrediging van zijn seksuele lustgevoelens af te dwingen. Daarbij heeft hij deze vrouwen hevige angst aangejaagd en pijn toegebracht. Vele malen schrijnender is zijn gedrag geweest ten opzichte van de zevenjarige [slachtoffer]. Hij heeft haar - ook nu ter bevrediging van eigen lustgevoelens - urenlang in zijn macht gehouden, haar armen en benen vastgebonden en haar mond dichtgeplakt en vervolgens op de meest afschuwelijke wijze en bij herhaling bij haar seksuele handelingen verricht van de ingrijpendste soort. 
Tenslotte heeft hij - teneinde te voorkomen dat zou worden ontdekt dat hij haar had misbruikt - [slachtoffer], die door verdachtes toedoen urenlang in existentiële angst moet hebben verkeerd, van het leven beroofd.
In die omstandigheden kan slechts een - door de rechtbank opgelegde en door de advocaat-generaal gevorderde - levenslange vrijheidsstraf leiden tot adequate vergelding van de door verdachte begane strafbare feiten, met name van het leed dat hij de slachtoffers van de bewezenverklaarde feiten, zeer in het bijzonder [slachtoffer] en haar naaste familie, heeft aangedaan, en tot effening van de schade die verdachte door de bewezenverklaarde feiten de rechtsorde heeft toegebracht.

Zoals de deskundige A.A.R. de Kom, psychiater bij het Pieter Baan Centrum, ter 's hofs terechtzitting in zijn toelichting op de door het Pieter Baan Centrum over verdachte uitgebrachte rapporten d.d. 28 november 1996 en 27 december 1999 op overtuigende wijze heeft uiteengezet, kunnen verdachte de bewezenverklaarde feiten wel worden toegerekend, doch in verminderde mate. Verdachte is iemand met een uitgesproken egoïstische/egocentrische persoonlijkheid. Deze persoonlijkheid moet worden gezien in het licht van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens, waarvan de kern wordt gevormd door verlatingsangst. Het ontstaan van deze verlatingsangst moet worden toegeschreven aan de opvoedingssituatie waarin verdachte in zijn jeugd heeft verkeerd, waarbij seksueel misbruik van verdachte in zijn jonge jaren - zo inderdaad juist is hetgeen verdachte hierover heeft verklaard - de aard van verdachtes reactie op die angst nog heeft geaccentueerd. De delicten en het daaraan voorafgaande of daarmee gepaard gaande omvangrijke alcoholgebruik moeten worden begrepen als voortvloeiend uit de behoefte deze heftige angst te dempen dan wel teniet te doen.
Een en ander leidt tot de door de deskundige getrokken en door het hof onderschreven conclusie, dat verdachte ten tijde van het plegen van de bewezenverklaarde feiten het ongeoorloofde hiervan wel heeft kunnen inzien, doch dat hij in mindere mate dan de gemiddeld normale mens in staat is geweest zijn wil in vrijheid overeenkomstig dat inzicht te bepalen.
De aard van de beschreven gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens brengt mee, dat - aldus het door het hof onderschreven oordeel van de deskundige - het gevaar voor herhaling groot is. Verdachtes verlatingsangst brengt hem er toe in relaties zulke hoge eisen te stellen aan de ander, dat die ander niet aan die eisen kan voldoen, dat vervolgens die relatie wordt verbroken, hetgeen de verlatingsangst versterkt, waarna verdachte, zoals steeds, ter demping van die angst zijn toevlucht zal nemen tot onmatig alcoholgebruik, hetgeen leidt tot ontremming, tot verheviging van de behoefte tot bevrediging van zijn seksuele gevoelens en tegelijkertijd - vanuit door verbreking van een relatie opgeroepen gevoelens van onmacht een relatie in stand te houden - tot agressie, ook in de vorm zoals deze tot uiting komt in de bewezenverklaarde feiten.

Hoewel de deskundige aanknopingspunten ziet voor een behandeling van verdachte in het kader van de maatregel van ter beschikking stelling met dwangverpleging en verdachte met nadruk heeft verzocht hem die maatregel - (eventueel) naast een zo kort mogelijke vrijheidsstraf- op te leggen, zijn er onvoldoende gronden over te gaan tot oplegging van een combinatie van een tijdelijke vrijheidsstraf en de maatregel als vorenbedoeld. Enerzijds staat hieraan in de weg dat de door verdachte - thans - breed uitgemeten behoefte aan behandeling niet overtuigend overkomt en er gerede twijfel bestaat of gezien verdachtes neiging tot schijnaanpassing ooit een betrouwbaar oordeel over substantiële vermindering van gevaar voor recidive valt te geven, anderzijds dat verdachte ondanks diens verminderde toerekenbaarheid in hiervoor beschreven zin een ernstig verwijt treft.
In verband met dat laatste is het volgende van belang. Verdachte heeft op 21 juli 1999 in afwijking van hetgeen hij in de weken daarvoor had gedaan, ter bevrediging van zijn seksuele lustgevoelens niet een escort-service gebeld, doch - misbruik makend van het feit, dat [slachtoffer] hem vertrouwde als vader van een speelkameraadje - er voor gekozen [slachtoffer] zijn huis in te lokken. Anders dan de deskundige oordeelt is niet aannemelijk geworden dat verdachte zo was bevangen door alcohol en/of verlatingsangst dat hij in het geheel niet meer in staat was te kiezen voor een andere, hem bekende vorm van bevrediging van bedoelde gevoelens.
Voorts heeft verdachte zich zelfs binnen het raam van de door hem nagestreefde bevrediging van zijn lustgevoelens tegenover met name het slachtoffer [slachtoffer] onnodig kwellend gedragen. Zo heeft hij haar in een kast opgesloten teneinde in de periode van het bewezenverklaarde seksuele misbruik eten te kunnen bestellen en dit tot zich te kunnen nemen zonder het gevaar te lopen dat zij zou vluchten.
Tenslotte is niet aannemelijk geworden, dat verdachte, toen hij na het langdurige seksuele misbruik van [slachtoffer] enkele uren had geslapen, in het licht van zijn gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens niet of nauwelijks de mogelijkheid had, om hoewel hij - zoals hij tegenover de politie heeft verklaard - besefte dat het vermoorden van [slachtoffer] ongeoorloofd was, ervan af te zien om haar van het leven te beroven.
Zoals hiervoor is overwogen, kan slechts levenslange vrijheidsstraf leiden tot adequate vergelding van de door verdachte begane strafbare feiten en tot effening van de schade die verdachte door de bewezenverklaarde feiten aan de rechtsorde heeft toegebracht. Hetgeen hiervoor met betrekking tot de persoon van verdachte is overwogen staat aan oplegging van een levenslange vrijheidsstraf niet in de weg. Weliswaar kunnen de door verdachte begane strafbare feiten aan hem niet geheel worden toegerekend, maar daar staat tegenover dat verdachte - zoals hiervoor is beschreven - desondanks een ernstig verwijt treft. Dit verwijt wordt nog versterkt door het feit, dat verdachte de bewezenverklaarde feiten heeft gepleegd nog geen jaar nadat de tenuitvoerlegging was voltooid van een langdurige gevangenisstraf, aan verdachte opgelegd wegens het plegen van zedendelicten met een minderjarige, waaronder verkrachting, en van daarmee gepaard gaande wederrechtelijke vrijheidsberoving.
Verdachte dient derhalve te worden veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Op 20 juli 2000 veroordeelde het gerechtshof Leeuwarden Jan Stoffers tot levenslange gevangenisstraf.

Op 21 februari 2009 verscheen er in Elsevier een artikel van de moeder van Chanel-Naomi waarin ze stelt 'De dader heeft levenslang, ik ook'.

Op 10 april 2010 verscheen er van de hand van Jolande van der Graaf een artikel in de Telegraaf ' Verbijsterende onthulling over blunders in onderzoek moord Chanel - Naomi Eleveld'. Het is schokkend te moeten lezen dat indien men eerder had opgetreden Chanel - had nog in leven kunnen zijn.

 

Gebruikte bronnen: 

Anker & Anker: Overzicht langgestraften in Nederland

Elsevier: 65e jaargang nummer 8, 21 februari 2009 'De dader heeft levenslang, ik ook'.

NRC: 13 augustus 1999:Oostveen Margriet: De voorgeschiedenis van Jan S. de beul van Assen

NRC: 13 augustus 1999: Buurman bekent moord op Chanel.

NRC: 14 augustus 1999: Strafrechtspecialisten: aanwijzen pedoseksueel onwenselijk.

http://www.blikopdewereld.nl/Ontwikkeling/rechtspraak/levenslang/levenslang-gestraften/1571-inhoudsopgave-levenslang-jan-stoffers-monster-van-assen

http://www.aandachtdoetspreken.nl/PAGINA's/berichten-nabestaanden/155%20Yvon%20Eleveld.htm 'De dader heeft levenslang, ik ook'.Pagina 155.

http://www.aandachtdoetspreken.nl/PAGINA's/berichten-nabestaanden/164%20Yvon%20Eleveld.htm  Verbijsterende onthulling over blunders in onderzoek moord Chanel-Naomi Eleveld Pagina 164 

 Zie verder Hoofdstuk 15: Levenslang Hüseyin Baybasin