We hebben 490 gasten online

Hoofdstuk 30 Cafémoorden Inn en Out Rotterdam. Levenslang Fernando Pires, Zé Carlos Borges de Brito en Elmer Pinto e Neto Brito .

Gepost in Boek: De praktijk van de levenslange gevangenisstraf in Nederland

De Kaapverdische eigenaar ' Appie' van café Inn & Out aan de Schiedamsesingel in de Rotterdamse wijk Cool was een getapte jongen in de buurt[1].

Geen kwaad woord in de buurt over Alberto Jose Frances (34), alias 'Appie'. Appie  viert zijn 34ste verjaardag in de kroeg. Hij wordt door de buurt beschouwd als de eigenaar, hoewel de zaak op naam staat van de barvrouw. Ab heeft wel officieel de bekende Afrokapsalon Hermiza op de Nieuwe Binnenweg, vroeger eigendom van de eerder in 2005 op Kaapverdië doodgeschoten Herminio[2].

Want de eigenlijke baas van Inn & Out was graag gezien door menig buur. Hij organiseerde voetbaltoernooien met bekende artiesten op het Europaplein voor zijn zaak.

Nadat de meeste bezoekers weg zijn en er nog tien aanwezigen overblijven, arriveren 's nachts vier ongenode gasten: net als Ab mannen van Kaapverdische komaf. Ze verkeren onder invloed van alcohol en/of drugs.

Vele motieven voor hun komst worden genoemd, maar de populairste is dat hoofdrolspeler Fernando P. geld wil in verband met een drugsdeal. Het lijkt geen toeval dat twee van de overvallers ook waren betrokken bij het vuurwapengeweld twee jaar eerder in en bij het café. De afpersing op 19 november 2005 loopt helemaal uit de hand: Ab en twee bezoekers worden doodgeschoten, de barvrouw raakt gehandicapt door schoten en twee anderen lopen verwondingen op[3].

30.1 Overvallers sloegen genadeloos toe

Waarom sloegen uitgerekend op zijn verjaardag vier overvallers genadeloos toe?

Dat is de grote vraag na de schietpartij, waarbij drie doden en twee gewonden vielen. De andere slachtoffers zijn de zoon van horecagigant Henk Smol (Kick, 35, gewond), diens vriendin Naomi Verheul (26, dood), ene Jan uit Diemen (43, dood) en Ikram (23, gewond), volgens de gegevens van de Kamer van Koophandel de officiële eigenares.

Na tweeën was het feest afgelopen. Toen was er nog een kleine ploeg over. De beschoten medewerkster Ikram heeft nog met een vriendin gebeld dat ze aan het schoonmaken was. Daarna moeten de overvallers binnen zijn gekomen,[4]'' zegt een kennis van haar.

Tussen het telefoontje en de gruwelijke ontdekking drie uur later moeten zich afschuwelijke taferelen hebben afgespeeld. Anderhalf uur lang werden de slachtoffers gekneveld. De daders wilden geld van ’Appie’. Toen dat niet kwam, werd eerst Jan uit Diemen koelbloedig doodgeschoten. Daarna was de kroegbaas aan de beurt. Vervolgens begonnen de overvallers in het wilde weg te schieten en werden andere bezoekers getroffen. De daders probeerden vervolgens het pand in brand te steken.

Dat zou het moment zijn geweest waarop een van de aanwezigen zou zijn gevlucht via de achtertuin. De overvallers hebben de getuige achterna gezeten. Het zou verklaren waarom bloedsporen zijn gevonden op de nabije William Boothlaan. Een gewonde zou daar een taxi hebben genomen. Van uit die auto zou de politie zijn geïnformeerd.

30.2 Beschrijving horrornacht

Paul van Schaik beschrijft in 'De horrornacht in café Inn & Out' aan de hand van getuigenissen wat zich precies heeft afgespeeld[5]:

'“Ik denk dat ik van geluk mag spreken dat ik het heb overleefd. Tegelijkertijd is het leven nu soms zo zwaar dat ik er liever niet meer zou zijn,” zegt Remy Groenewoud. Wat is er die nacht aan de Schiedamsesingel gebeurd? Op basis van getuigenverklaringen, waaronder die van Remy, schetst van Schaik het volgende scenario':

''Meteen nadat de zwaarbewapende indringers binnenkomen neemt de leider van de groep, Fernando Pires, het woord. Niemand verlaat de zaak levend als we geen geld krijgen, maakt hij duidelijk. Kroegbaas Ab weigert. Om de eis kracht bij te zetten vuurt een van de mannen een waarschuwingsschot. De kogel raakt de vloer. De schrik zit er in maar geld geeft Ab niet. Daarom worden alle aanwezigen gedwongen hun bezittingen af te geven. Met tie-raps en tape worden ze op stoelen vastgebonden. Een voorbijganger die zijn neus tegen de etalage drukt wordt hardhandig naar binnengesleept. Ook hij wordt gekneveld en bij de anderen in de nauwe ruimte voor het toilet gedrongen. Voor wie Portugees verstaat is duidelijk dat bendeleider Fernando een appeltje met de Kaapverdiaanse Ab heeft te schillen. Ab moet betalen voor verplichtingen die hij volgens de bendeleider niet is nagekomen. Ab blijft cool. Maar de sfeer wordt steeds grimmiger naarmate het er meer op lijkt dat er geen geld komt. Onderling slaan de rovers een vrolijke toon aan, tegelijkertijd gedragen ze zich agressief tegen hun gijzelaars. Het is kermis in de hel. Lachend schenken ze drankjes in en bieden sigaretten aan: “Het zal jullie laatste zijn!” Als Ab Fernando met een minachtende opmerking uitdaagt wordt een van de geknevelde gasten naar de keuken gesleept. Er klinkt een harde knal. De anderen sidderen. Is Jan dood? Ze kunnen het vanaf hun plaats niet zien maar vermoeden het ergste. “Kijk. Dit is de eerste. Jullie gaan er allemaal aan!” schreeuwt een van de gangsters. Iedereen gelooft dat. Inmiddels zijn dan al twee uren voorbij gekropen. De langste uren die de slachtoffers ooit beleefden."

"Remy Groenewoud is een van de overlevenden. Hij redde zich het leven door zich dood te houden, terwijl kroegbaas Ab bovenop hem doodbloedde. Het valt hem zwaar over de nacht te praten. “Het was een chaotische toestand waarin we telkens weer verplaatst werden. Helemaal aan het einde waren we allemaal bij elkaar. Toen die gasten tegen ons zeiden dat we ons moesten voorbereiden op de dood en we nog een laatste slok water of een laatste sigaretje konden krijgen, was ik er helemaal van overtuigd dat we inderdaad zouden sterven.” Nooit eerder voelde hij zoveel angst: “De een pist in zijn broek, de ander schijt in zijn broek, maar koel blijven is onmogelijk op zo’n moment. Als daar vier zwaarbewapende mannen rondlopen ben je op dat moment gewoon een slaaf. Alles wat je opgedragen wordt moet je gewoon doen.” In een wanhopige poging biedt Otje, een van de gasten, aan geld te gaan halen dat hij ergens in een kluis heeft opgeborgen. Ze trappen erin. Otje wordt uit de groep getrokken en een van de gijzelnemers gaat met hem mee naar een ander deel van de zaak. Dan overgieten de maffiosi hun gijzelaars met drank. “We steken de boel in brand”, roepen ze, “geen getuigen!” Twee verschijnen in de deurpost. Een richt een MP5 machinegeweer en begint als een bezetene te vuren op de onschuldige geknevelde mensen. Het bloedbad is gruwelijk. De schutter keert zich om, loopt naar de bar en legt daar zijn geweer op.“Ze willen niet dood,” roept hij. Een ander glimlacht en vraagt: “Mag ik even schieten?” Zonder op antwoord te wachten voegt hij de daad bij het woord, pakt het geweer en vuurt van dichtbij een tweede schotenregen op de groep af. Ze gieten een andere brandbare vloeistof in de zaak en willen vertrekken met Otje. Hij mag ze de weg naar zijn kluis wijzen. Maar Otje slaat buiten op de vlucht. Twee van de misdadigers achtervolgen en beschieten hem. Otje weet te ontkomen. Achter hem laait een vuur op in het café. Na een korte stilte durft Kick als eerste slachtoffer op te staan. Het leed is niet te overzien. Ab, Jan en de vriendin van Kick zijn dood. Bardame Ikram is zwaargewond"

30.3 Drie mogelijke scenario's

Paul Smits schetste in het Algemeen Dagblad in:  'Bloedig drama met veel vraagtekens[6]" drie mogelijke scenario's waarom de schietpartij zou hebben plaatsgevonden.

Het ging bij de Inn & Out-moorden zeker niet om een gewone overval. Weliswaar eisten de vier Kaapverdische daders geld, maar vreemd is dat de mannen goed herkenbaar waren. Sterker: bekenden waren van de omgebrachte kroegbaas. In de meeste gevallen vertrekken overvallers zo snel mogelijk met de buit. ,,En waarom ga je met automatische wapens en jerrycans naar binnen,?'' vraagt een insider zich voorts af, doelend op de poging tot brandstichting bij het verlaten van het café. Voor de hand ligt dat de slachtpartij in de horecazaak verband houdt met iets wat al langer speelde. Zo wordt ene Brian genoemd, bezoeker van het verjaarsfeestje dat in Appie’s café werd gevierd en iemand van wie de daders nog geld tegoed hadden. Brian was ook aanwezig, maar op het moment van binnenkomst van de daders, alweer vertrokken.

Merkwaardig blijft dat bij afwezigheid van het mogelijk belangrijkste doelwit, andere aanwezigen in koelen bloede zijn geliquideerd. Ook café-eigenaar Appie wordt genoemd als doelwit. Hij is net als de daders van Kaapverdische afkomst en kende de daders. Appie zou mogelijk zijn afgeperst of hebben bemiddeld in een geldkwestie. Niet uitgesloten is dat hem iets anders kwalijk werd genomen. Zoals de verklaring over een schietpartij die zich twee jaar terug bij het café afspeelde. De daarvoor veroordeelde Fernando was juist op vrije voeten en zou het daarom op Appie gemunt kunnen hebben. De doodgeschoten kroegbaas Alberto José Frances had ook een bekende, goedlopende kapsalon aan de Nieuwe Binnenweg in Rotterdam. Deze ’afrozaak’ was eerder eigendom van Herminio, een 'grote jongen' in Kaapverdische kringen en sponsor van een voetbalclub. Herminio was afgelopen zomer op Kaapverdië vermoord.

Een directe relatie tussen het buitensporige geweld in Inn & Out en Herminio’s dood wordt niet uitgesloten. Een koelbloedige afrekening past bij veel betrokkenen volstrekt niet in het beeld dat in de Amsterdamse onderwereld inmiddels gewoon is. Want: waarom moesten willekeurige gasten worden geliquideerd zoals Appie's vriend Jan en Naomi, een vriendin van zijn kennis Kick Smol? Zowel de recherche als direct betrokkenen hellen naar de overtuiging dat er aan de daders een steekje los is. Vooral de naam van hoofdverdachte Fernando wordt daarbij genoemd. Illustratief over hem is het hardnekkige verhaal dat hij ooit in de kleedkamer van zijn voetbalclub een pistool gebruikte om zo een plek in het elftal af te dwingen.

De daders vluchten naar Portugal waar drie van hen eind 2005 pas worden aangehouden en uitgeleverd aan Nederland. De vierde verdachte wordt op Kaapverdië uiteindelijk gearresteerd en daar berecht.

30.4 Strafzaak rechtbank Rotterdam

In juli 2006 wordt door de officier van justitie rechtbank Rotterdam levenslange celstraffen geëist tegen drie van de vier verdachten van de drievoudige moord in het Rotterdamse café Inn & Out. Volgens het OM hebben de mannen andere bezoekers afgeperst, hen in een ruimte gedwongen, vastgebonden, gekneveld, beschoten, met een brandbare vloeistof besprenkeld en hen van hun vrijheid beroofd door de luiken van het café omlaag te doen. Ergens anders in de kroeg werd brand gesticht.

Volgens het OM zijn de verdachten extreem gevaarlijke mannen, ook al zien ze er niet zo uit. De „onberekenbare killers” - die allen al eens eerder zijn veroordeeld voor vuurwapendelicten - deinzen er niet voor terug volstrekt willekeurige slachtoffers van het leven te beroven, aldus de officier van justitie. Daarom mogen zij niet meer terugkeren in de maatschappij.

De verdachten wilden die nacht dat niemand de kroeg levend zou verlaten, omdat de bezoekers de gezichten van de mannen goed hadden gezien. Om zeker te zijn dat iedereen dood was, volgde na een eerste salvo uit een machinepistool een tweede. Als een wonder werd niet iedereen dodelijk geraakt. Zij hielden zich wel voor dood om de horrornacht te overleven. Daarbij vielen de slachtoffers over elkaar en vloeide het bloed van anderen over hun lichamen.

Tientallen schoten zijn gelost uit waarschijnlijk hetzelfde automatische vuurwapen. Uit onderzoek blijkt dat alleen de 32-jarige Fernando P. niet zou hebben geschoten. „Allen zijn even schuldig. Samen vluchten zij naar Lissabon en samen profiteerden zij van de buit[7]”, zei de officier. Justitie houdt P. als de leider van de groep verantwoordelijk.

De advocaten van de drie verdachten zijn echter van mening dat het Openbaar Ministerie ten onrechte niet heeft bepaald wie de fatale schoten op 19 november 2005 heeft gelost[8]. Niet alle vier overvallers zouden het plan hebben gehad aanwezigen te doden bij de poging geld af te persen van Ab (34) die er zijn verjaardag vierde.

Van de drie Rotterdamse verdachten zou er eentje niet hebben geschoten en blijft er twijfel over wie van de andere twee de trekker heeft overgehaald. De Kaapverdische overvaller wordt door velen beschouwd als de tweede schutter.

De drie verdachten probeerden tijdens de zitting op 12 juli berouw te tonen, maar bleven het schieten ontkennen. Eerder maakten ze een nogal koele indruk. Ze zijn van Kaapverdische komaf en hebben een indrukwekkend strafblad[9]. Eentje is voorganger geweest bij een pinkstergemeente. Zijn vader is directeur van een bedrijf op Kaapverdië. De ander is volgens zijn moeder een lieve jongen die al eens is verdacht van het voorbereiden van een aanslag. En de derde is tot de islam bekeerd. Zijn elektronische detentie (met enkelband) voor een eerdere schietpartij in het zelfde café was ten tijde van het bloedbad nog niet verlopen.

In het vonnis van de rechtbank wordt de stelling van de advocaten dat het OM ten onrechte niet heeft bepaald wie er heeft geschoten als volgt weerlegd[10]:

' Vervolgens moet de vraag worden beantwoord of degenen die niet hebben geschoten, hebben gehandeld in nauwe en bewuste samenwerking met de schutters, met andere woorden of zij kunnen worden aangemerkt als medeplegers.

Daarbij stelt de rechtbank vast dat de verdachten die niet hebben geschoten, zich gelet op alles wat daaraan vooraf was gegaan, niet overvallen hebben kunnen voelen door het schieten. Zoals eerder aangehaald waren alle verdachten zwaar bewapend en hebben meerdere verdachten aangekondigd dat de vastgebonden slachtoffers zouden worden doodgeschoten. [Verdachte 3] heeft herhaaldelijk en duidelijk gezegd dat er geen getuigen in leven zouden worden gelaten. De slachtoffers zijn overgoten met brandbare vloeistof, waarbij is gezegd dat zij in brand zouden worden gestoken. [Verdachte 1] heeft vóór het eerste salvo gezegd: "Ik ga weg, want ze gaan straks schieten". Ook werd op dat moment gezegd: "We klaren ze gewoon allemaal".

Nergens blijkt uit dat één van de verdachten ook maar heeft geprobeerd zich te onttrekken aan de situatie, die steeds verder escaleerde. Zij hebben allen bijgedragen aan die escalatie door het uiten van dreigementen en het plegen van geweld. De stelling van [Verdachte 1] dat hij steeds probeerde een (verdere) escalatie te voorkomen, vindt geen enkele steun in de getuigenverklaringen. Meerdere slachtoffers verklaren juist dat [Verdachte 1] volop meedeed met het bedreigen van de aanwezigen.
[Verdachte 1] is bovendien degene geweest die [Slachtoffer 8] - een willekeurige voorbijganger - met geweld het café heeft binnen gehaald. Meerdere getuigen dichten [Verdachte 1] een leidinggevende rol toe.

De rechtbank is gelet op het bovenstaande van oordeel dat de verdachten die niet zelf hebben geschoten, willens en wetens de aanmerkelijke kans hebben aanvaard dat een mededader de daad bij het woord zou voegen en op de slachtoffers zou gaan schieten.

Uit de gedragingen van de verdachten na het eerste salvo schoten kan bovendien worden afgeleid dat zij allemaal achteraf met het schieten hebben ingestemd, dan wel dat zij zich daar in ieder geval aan hebben geconformeerd. Voor de rechtbank staat, mede gelet op de verklaring van [Slachtoffer 4], vast dat alle verdachten bij het afvuren van het eerste salvo in de directe nabijheid waren. Ieder van hen moet de schoten hebben gehoord. Niemand van hen verlaat hierop het café. Niemand zegt het niet eens te zijn met het gericht schieten op mensen, of doet iets waaruit dat blijkt. Niemand houdt [naam] tegen die, één tot enkele minuten later, tegen de anderen zegt: "ik ga ook even schieten", de MP5 pakt en nog een salvo schoten op de slachtoffers lost. Niemand verricht levensreddende handelingen. Integendeel: [Verdachte 1] en [naam] stichten brand in Inn & Out - in het verlengde van het eerder geuite voornemen om niemand in leven te laten of wellicht in een poging om sporen uit te wissen - en [Verdachte 3] en [Verdachte 2] houden hen niet tegen. De rechtbank stelt dan ook vast dat de verdachten - hoewel zij daartoe meer dan voldoende gelegenheid hebben gehad - zich op geen enkele wijze hebben gedistantieerd van elkaars handelingen. De verdachten verlaten het café pas wanneer zij in de veronderstelling verkeren dat alle slachtoffers (op [Slachtoffer 4] na, die buiten wordt beschoten) dood zijn of ten gevolge van de brandstichting alsnog zullen sterven. De verdachten nemen bij hun vertrek de waardevolle spullen en geldbedragen mee die zij op de slachtoffers hebben buitgemaakt en gebruiken deze buit voor de gezamenlijke vlucht naar Portugal.

.... De verdachten hebben het gezamenlijke plan om alle aanwezigen te vermoorden tijdens de bewuste nacht gaandeweg ontwikkeld en hebben allen meegewerkt aan de uitvoering ervan...

Op grond van het bovenstaande acht de rechtbank bewezen dat (ook) degenen die zelf geen schoten hebben afgevuurd, waaronder in ieder geval verdachte [Verdachte 1], de moorden op [Slachtoffer 1], [Slachtoffer 3] en [Slachtoffer 2] en de pogingen tot moord op de andere slachtoffers hebben medegepleegd.

Gelet op het voorgaande moeten de verweren, die namens de verdachte zijn aangevoerd, worden verworpen....

Het handelen van de verdachten wordt in het vonnis omschreven als 'bizar, barbaars en weerzinwekkend' en deze woorden schieten nog tekort[11].

De rechtbank veroordeelt de drie verdachten tot levenslange gevangenisstraf. De mededader Jose B. wordt door een rechtbank op het Kaapverdische eiland Sao Vicente tot 25 jaar celstraf veroordeeld. De maximumstraf op het eiland[12].

30.5 Hoger beroep Gerechtshof Den Haag

Het hoger beroep in deze zaak diende voor het Haagse Gerechtshof. Tijdens het hoger beroep stelt justitie dat er wel degelijk sprake is van moord, van een plan om alle aanwezigen te doden. "De verdachten zijn zwaar bewapend naar binnen gegaan. Zij hebben de slachtoffers herhaalde malen met de dood bedreigd. Ze gaven hen een laatste sigaret, overgoten hen met alcohol en zeiden dat de tent zou worden afgebrand met de slachtoffers erbij[13]', aldus advocaat-generaal C. Strack. Even later werd iedereen beschoten en om er zeker van te zijn dat iedereen dood was, volgde een tweede salvo uit een machinepistool. Als door een wonder overleefden de meeste aanwezigen de kogelregen. Ze vielen over elkaar heen en hielden zich voor dood om te overleven. De advocaat-generaal zei dat "de gang van zaken elk voorstellingsvermogen tart " en "waarbij woorden als bizar, barbaars en weerzinwekkend nog te kort schieten[14]".

Volgens justitie is niet met honderd procent zekerheid vast te stellen wie van de verdachten heeft geschoten. Duidelijk is, dat alle 17 schoten afkomstig zijn uit één wapen, maar dat is volgens getuigen door meerdere verdachten gebruikt.

Uiteindelijk maakt het voor de strafmaat niet uit, zegt justitie, omdat de verdachten in nauwe samenwerking actief zijn geweest. Geen van de verdachten heeft zich aan het geweld onttrokken of heeft een ander uit de groep tegengehouden. Daarom eiste het OM opnieuw levenslange gevangenisstraf.

Een van de advocaten, mr. Julius von Boné, stelde het opleggen van een levenslange gevangenisstraf in Nederland ter discussie[15]. Volgens de advocaat kan levenslang alleen, als er ook een reële kans is op gratie. Uit de praktijk zou dat niet blijken. Volgens Von Boné is een levenslange gevangenisstraf daarom in strijd met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Uiteindelijk veroordeelde het Gerechtshof te Den Haag de drie verdachten tot levenslange gevangenisstraf. Uit de persverklaring van het Hof:

Het Gerechtshof ’s-Gravenhage heeft op 17 juli 2009 aan drie verdachten een levenslange gevangenisstraf opgelegd. Het hof acht bewezen dat de verdachten zich schuldig hebben gemaakt aan het medeplegen van moord op drie personen en poging tot moord op verschillende andere personen, nadat ze de slachtoffers van hun vrijheid hadden beroofd en enige tijd in gijzeling hadden gehouden. De misdrijven vonden plaats in het Rotterdamse café Inn & Out in de nacht van 18 op 19 november 2005.

" De drie verdachten trokken samen met een vierde dader, die inmiddels in Kaapverdië tot 25 jaar gevangenisstraf is veroordeeld, in de bewuste nacht zwaar bewapend naar café Inn & Out om de eigenaar 500.000 Euro af te persen. De eigenaar, de aanwezige gasten en een toevallige voorbijganger werden door hen vastgebonden, met alcoholhoudende vloeistof besprenkeld en herhaaldelijk met de dood bedreigd. Uiteindelijk is er meermalen op de slachtoffers geschoten en vervolgens brand gesticht in het café. Drie personen, onder wie de café-eigenaar, vonden de dood en één persoon raakte ernstig gewond met blijvende invaliditeit tot gevolg.

Naar het oordeel van het hof is door de verdachten met voorbedachten rade op de slachtoffers geschoten. De verdachten hadden wellicht aanvankelijk het gezamenlijke plan om naar het café te gaan om de eigenaar ervan af te persen, maar ter plekke is het gezamenlijke plan ontstaan om alle aanwezigen te doden en werkten allen mee aan de uitvoering hiervan. De verdachten hebben in bewuste en nauwe samenwerking een geweldspiraal ontketend.

30.6 Levenslang niet in strijd met Europese verdrag voor de Rechten van de Mens

In het arrest[16] van het Hof wordt uitgebreid ingegaan op de stelling van de verdediging dat het opleggen van levenslange gevangenisstraf in strijd zou zijn met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Aan de EHRM-jurisprudentie valt niet te ontlenen dat een voorziening ter verkorting van de levenslange gevangenisstraf dient te bestaan uit een wettelijk voorgeschreven periodieke herbeoordeling van de straf door een rechter. Volgens het EHRM is ‘for the purposes of article 3’ voldoende dat de duur van de straf ‘de iure en de facto’ te eniger tijd kan worden verkort. Een periodieke toetsing kan geëigend zijn om de in artikel 3 EVRM vervatte waarborg gestalte te geven, maar is niet vereist. Wat betreft de in Nederland bestaande mogelijkheden ‘to take proceedings’ als bedoeld in artikel 5.4 EVRM geldt ook thans nog hetgeen tot uitdrukking is gebracht in HR LJN ZD1464, NJ 1999, 435. Aan de veroordeelde kan, ook na oplegging van een levenslange gevangenisstraf, gratie worden verleend, en daarnaast kan de veroordeelde het oordeel van de burgerlijke rechter inroepen omtrent de rechtmatigheid van de (verdere) tenuitvoerlegging van die straf. Blijkens de uitspraak van de Hoge Raad van 16 juni 2009 (LJN: BF3741) acht de Hoge Raad niet zonder betekenis dat de zogenoemde ‘volgprocedure langgestraften’ (welke kon resulteren in ‘ambtshalve’ gratie en omzetting van de levenslange gevangenisstraf in een tijdelijke gevangenisstraf waarna vervroegde invrijheidstelling mogelijk was) in 2000 is ingetrokken, omdat daarmee een belangrijke mogelijkheid tot tussentijdse beoordeling van de tenuitvoerlegging van de levenslange gevangenisstraf is komen te vervallen, maar de mogelijkheid tot gratieverlening voor levenslang gestraften is hierdoor niet tenietgedaan. Immers nog steeds kan de minister van justitie op grond van artikel 19 van de Gratiewet ambtshalve, dat wil zeggen zonder een daartoe strekkend verzoekschrift, een voorstel tot gratieverlening in overweging nemen. Op grond van artikel 2 van de Gratiewet kan de verdachte of een derde gratie verzoeken. Eén en ander brengt met zich dat slechts indien zou blijken dat de facto nooit gratie wordt gegeven aan een levenslang gestrafte, levenslang als straf in strijd komt met artikel 3 EVRM. Uit de gegevens waarover het hof thans beschikt kan dit echter geenszins worden afgeleid. Het hof gaat daarbij onder meer af op de lijst bijgehouden door de advocaten, de gebroeders Anker, en gepubliceerd op internet.

Daaruit blijkt dat er vóór 1994 slechts vier keer levenslang is opgelegd aan een veroordeelde die niet is gegratieerd; de langstzittende van dezen is 27 jaar geleden veroordeeld.
Door een gewijzigd strafrechtklimaat dateren de veroordelingen tot een levenslange gevangenisstraf hoofdzakelijk van het afgelopen decennium. De betreffende levenslang gestraften hebben intussen nog niet zo’n aanzienlijk deel van hun straf ondergaan dat het nu reeds te verwachten is dat gratie wordt overwogen. Zoals de advocaat-generaal [naam] in overweging 8.24 in zijn conclusie bij laatstgenoemd arrest van de Hoge Raad overweegt, is het nog te vroeg om te kunnen stellen dat een levenslanggestrafte in Nederland de jure en de facto geen perspectief op vrijlating heeft. Uit het arrest van de Hoge Raad volgt bovendien dat het enkele feit dat de duur van de straf in een concreet geval ook de facto levenslang is, niet met zich mee brengt dat de straf onverenigbaar is met artikel 3 EVRM.
Door de advocaat generaal is bij repliek aangegeven dat het bestaande gratiebeleid gratiëring vóór het overlijden van de veroordeelde mogelijk maakt. Tevens is een recent voorbeeld van gratiëring genoemd dat dit gratiebeleid bevestigt. Het hof overweegt dat het huidige gratiebeleid de mogelijkheid van gratiëring te enigertijd open laat, zodat daarmee is voldaan aan het vereiste dat verkorting mogelijk is. Tevens overweegt het hof dat de stelling van de verdediging dat het huidige gratiebeleid er op neer komt dat de facto geen gratie meer wordt verleend aan levenslang gestraften, niet feitelijk is onderbouwd en overigens genoegzaam is weerlegd door de gegevens die door de advocaat-generaal zijn aangedragen, zodat het hof hier verder aan voorbij gaat.

Uit de thans voorliggende gegevens is het hof derhalve van oordeel dat de oplegging van een levenslange gevangenisstraf geenszins inhumaan is of in strijd met artikel 3 EVRM noch dat nader onderzoek hiernaar of een getuigenverhoor hieromtrent noodzakelijk is. Het aanhoudingsverzoek in dat kader wordt daarom afgewezen.

Het enige wat de veroordeelden nog konden doen was cassatie aanvragen bij de Hoge Raad.

30.7 Cassatie Hoge Raad

Namens de verdachten is bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld door G.Spong, advocaat in Amsterdam, A.B.G.T. van Bóné, advocaat in Rotterdam en A.A. Franken, advocaat in Amsterdam.

Advocaat-generaal Machielse heeft op 23 november 2010 geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep in alle zaken.

Beslissing Hoge Raad

In twee zaken (10/01475 LJN BO6364) en (09/02999, LJN BO6150) heeft de Hoge Raad op 22 februari alle klachten van de verdachten verworpen met een zogenoemde verkorte motivering op basis van art. 81RO. Dat betekent dat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat geen nadere motivering nodig is omdat geen rechtsvragen aan de orde zijn gesteld die van belang zijn voor de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

In de derde zaak (09/04991 LJN BO6341) is geklaagd dat het hof het verzoek van de verdediging tot een onderzoek naar de verenigbaarheid van levenslange gevangenisstraf met artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens heeft afgewezen. De Hoge Raad heeft deze klacht verworpen en heeft verder overwogen dat er geen strijd is met art. 3 EVRM omdat de mogelijkheid tot gratieverlening voor levenslang gestraften niet is uitgesloten en dat vanwege de beoordeling van die verzoeken per geval geen standaard beleid kan worden voorgeschreven. Een tweede klacht is verworpen onder verwijzing naar art. 81 RO.

Voor alle duidelijkheid nog eens de motivering van de Hoge Raad dat Levenslange gevangenisstraf niet in strijd zou zijn met het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens[17]:

Schietpartij in een Rotterdams café. Levenslange gevangenisstraf voor o.m. medeplegen van moord, meermalen gepleegd. Afwijzing verzoek om nader onderzoek naar de verenigbaarheid van de levenslange gevangenisstraf met art. 3 EVRM. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BF3741. Het Hof heeft bij zijn beslissingen voornoemd arrest tot uitgangspunt genomen en heeft vervolgens vastgesteld dat in Nederland de veroordelingen tot een levenslange gevangenisstraf hoofdzakelijk dateren van het afgelopen decennium. Naar het oordeel van het Hof hebben desbetreffende gestraften intussen nog niet zo'n aanzienlijk deel van hun straf ondergaan dat het nu reeds te verwachten is dat gratie wordt overwogen. Op grond daarvan heeft het Hof geoordeeld dat het thans nog te vroeg is om te kunnen stellen dat een levenslanggestrafte in Nederland de iure en de facto geen perspectief op vrijlating heeft. Dat oordeel is onjuist noch onbegrijpelijk (vgl. EHRM 2 september 2010, nr. 36295/02 Iorgov II tegen Bulgarije). Tegen die achtergrond is het oordeel van het Hof dat geen noodzaak bestaat tot het doen van het door de verdediging verzochte nader onderzoek naar het - huidige - beleid inzake gratieverzoeken niet onbegrijpelijk. De HR tekent daarbij nog aan dat blijkens de in de conclusie AG geciteerde brief van de (toenmalige) Minister en Staatssecretaris van Justitie aan de Tweede Kamer van 16 oktober 2009 de mogelijkheid van gratieverlening voor levenslanggestraften uitdrukkelijk niet wordt uitgesloten en dat vanwege de beoordeling van die verzoeken per geval geen standaardbeleid kan worden voorgeschreven. Genoemde oordelen van het Hof behoefden in het licht van hetgeen door de verdediging is aangevoerd geen nadere motivering. Zij dragen de in het middel bestreden beslissingen zelfstandig, zodat het middel geen bespreking behoeft voor zover het opkomt tegen hetgeen het Hof ter motivering daarvan daarenboven nog heeft overwogen.

Gevolg van deze uitspraak

De door het hof uitgesproken veroordeling van de verdachten is definitief geworden.


[1] Algemeen Dagblad 20-11-2005 Wildwest op verjaardag kroegbaas Appie

[2] Algemeen Dagblad 25-11-2006 Sporen cafédrama nog niet uitgewist

[3] Algemeen Dagblad 25-11-2006 Sporen cafédrama nog niet uitgewist

[4] Algemeen Dagblad 20-11-2005 Wildwest op verjaardag kroegbaas Appie

[5] Van Schaik, Paul: De horrornacht in Café Inn & Out Reportages zie www.paulvanschaik.com

[6] Algemeen Dagblad 18-12-2005 Bloedig drama met veel vraagtekens

[7] Telegraaf 09-07-2007 Eis: levenslang voor cafémoorden Rotterdam

[8] Algemeen Dagblad 13-07-2007 'Wie schoot er in Inn & Out'?

[9] idem

[10] Rechtbank Rotterdam LJN  BB05011; LJN BB0526; LJN BB0511

[11] Rechtbank Rotterdam LJN  BB05011; LJN BB0526; LJN BB0511

[12] Trouw 17-07-2009 Drie keer levenslang voor moorden Rotetrdam

[13] RTV Rijnmond 18-06-2009 Weer levenslang geëist tegen schutters cafémoord.

[14] Trouw 18-06-2009 OM eist weer drie keer levenslang voor cafémoord.

[15] idem

[16] Gerechtshof Den Haag LJN BJ2879;LJN BJ2880; LJN BJ2882

[17] Hoge Raad LJN BO6341 22-02-2011

Geraadpleegde bronnen 

Rechtbank Rotterdam LJN BB0501 26-07-2007

Rechtbank Rotterdam LJN BB0526 26-07-2007

Rechtbank Rotterdam LJN BB0511 26-07-2007

Gerechtshof Den Haag LJN BJ2879 17-07-2009

Gerechtshof Den Haag LJN BJ2880 17-07-2007

Gerechtshof Den Haag LJN BJ2882 17-07-2007

Hoge Raad Cassatie LJN BO6150 22-02-2011

Hoge Raad Cassatie LJN BO6341 22-02-2011

Hoge Raad Cassatie LJN BO6364 22-02-2011

Algemeen Dagblad 13-06-2009 Hopen op weer drie keer levenslang

Algemeen Dagblad 26-07-2007 Smits, Paul: Applaus bij uitspraak.

Algemeen Dagblad 13-07-2007 'Wie schoot er in Inn Out?'

Algemeen Dagblad 12-07-2007 Smits, Paul: 'Brand maar in de hel'

Algemeen Dagblad 09-07-2007 Smits, Paul: 'Killers niet terug in maatschappij'.

Algemeen Dagblad 03-07-2007 Kist voor slachtoffer van cafémoorden lag al klaar.

Algemeen Dagblad 03-07-2007 Smits, Paul: 'Vijf ton anders knallen we iedereen af'.

Algemeen Dagblad 25-11-2006 Smits, Paul: Sporen cafédrama nog niet uitgewist.

Algemeen Dagblad 26-10-2006 Naar Kaapverdië voor onderzoek cafémoorden.

Algemeen Dagblad 18-02-2006 Topverdachten cafémoorden uitgeleverd.

Algemeen Dagblad 18-12-2005 Smits, Paul: Bloedig drama met veel vraagtekens.

Algemeen Dagblad 26-11-2005 Afpersing, roofmoord of afrekening.

Algemeen Dagblad 20-11-2005 Wildwest op verjaardag kroegbaas Appie.

ANP 17-07-2009 Drie keer levenslang voor cafémoorden Rotterdam

ANP 26-07-2007 Drie keer levenslang voor cafémoord.

ANP 12-07-2007 Verdachten cafémoord tonen berouw.

ANP 09-07-2007 OM eist levenslang voor cafémoorden.

ANP 03-07-2007 Schutter cafémoorden nog niet bekend.

ANP 03-07-2007 Drievoudige cafémoord voor rechtbank.

RTV Rijnmond 18-06-2009 Weer levenslang geëist tegen schutters cafémoord.

Telegraaf 20-01-2009 Frankenhuis, Gerda: Drievoudige moordenaar plots vrij naar nieuwe wet.

Telegraaf 09-07-2007 Eis: levenslang voor cafémoorden Rotterdam

Telegraaf 19-11-2005 Drie doden in Rotterdams Café

Telegraaf 19-11-2005 Slachtoffer schietpartij bewaakt door 4 agenten met mitrailleurs

Trouw 18-06-2009 OM eist weer drie keer levenslang

Trouw 17-07-2009 Drie keer levenslang voor moorden Rotterdam

Van Schaik, Paul: De horrornacht in Café Inn en Out http://www.paulvanschaik.com/index.php?option=com_content&view=article&id=18:dehorrornachtincafeinnaout&catid=3:misdaad&Itemid=4

Volkskrant 19-11-2005 Drie doden in café Rotterdam

Volkskrant 27-12-2005 Verdachte cafémoorden opgepakt in Portugal

Volkskrant 04-08-2006 Verdachte moordzaak café Inn & Out wil praten

Volkskrant 27-07-2007 Domevscek, Eveline: Driemaal levenslang voor cafémoord

Zie verder Hoofdstuk 31 Levenslang Sunil M. voor brandstichting waarbij twee buurjongens omkomen