We hebben 180 gasten online

Donkere dagen op Eikenburg

Gepost in Misbruik RKK

'Twee broers Iiepen rond met plannen om Eikenburg letterlijk `op te blazen'. Dat gevoel is over, mede door de golf van publiciteit over seksueel misbruik.

René van den Bichelaer In Eindhovens Dagblad 20-03-2010

We hebben lang gewacht op deze artikelen... Bij het lezen van de stroom aan berichten die losbrak naar aanleiding van 's Heerenberg komt eindelijk de naam Eikenburg tevoorschijn. Als tweelingbroers (3 april 1943) hebben we in de jaren 1956- 1959 op pensionaat Eikenburg in Eindhoven gezeten. We hebben er van dichtbij meegemaakt hoe het daar aan toe ging. Dankzij een wederhelft zijn we, ondanks harde en persoonlijke confrontaties, beiden zonder frustraties of trauma's uit die 'donkere' jaren gekomen.

Er heerste een ongemeen harde discipline buiten de lesuren. Die werd gehandhaafd door de zogenaamde refterbroeders, een ander en `lagerslag' dan de leraren, die overigens een `handgemeen' ook niet uit de weg gingen.

Onder het `toeziend oog' van God de Vader, de Heilige Drie-eenheid, de Maagd Maria, paters en kapelaans, werd er door de Broeders van Liefde lustig op los geslagen, meestal met een bos sleutels in de hand en altijd onverwacht en van achteren.

De kwetsbaardere jongens waren een makkelijk slachtoffer voor die zich van smerige smoesjes bedienende schurken, die seksueel bevredigd moesten worden. De slaapzaal, de ziekenzaal en het badhuis waren de geliefde `plaatsen delict'. Een beschreven broeder is voor ons duidelijk herkenbaar. Groot, brutaal en kwaadaardig. Beiden zijn we door hem `belaagd' - mijn broer 'via seksuele voorlichting - en ook nog eens door de kapelaan.

Nadat ikzelf met Sinterklaas (1958) voor straf niet naar huis mocht en voor de derde maal weg liep, hebben wij onze ouders van alle incidenten op de hoogte gesteld en in detail verteld wat er op het pensionaat gebeurde. Zij hebben er toen voor gezorgd dat de betreffende broeder naar het psychiatrisch gesticht van de Broeders van Liefde in Venray werd gestuurd. Ook zou er een grotere `zuivering' hebben plaatsgevonden. We lezen nu dat die weinig effectief is geweest.

Eikenburg, jaren hebben we met plannen rondgelopen om het letterlijk 'op te blazen' zodat daar geen leed meer kon worden berokkend. Dat is voorbij nu, een gevoel dat echt wordt versterkt door de golf aan informatie die ons over spoelt. Het uitblijven van een duidelijk en eerlijk uitgesproken 'mea culpa' van de direct verantwoordelijken is misschien onmogelijk omdat ze - gelukkig - dood zijn. Maar hun opvolgers mogen wat ons betreft wel degelijk de handschoen opnemen en oprecht aan de grote schoonmaak beginnen.

Het 'wir haben es nicht gewusst' klinkt nog even vals als `het origineel' van de toenmalige bewoners van Weimar.

De auteur, woonachtig in Berchem (B) , zat in de jaren vijftig samen met zijn tweelingbroer op jongensinternaat Eikenburg.