We hebben 250 gasten online

Jongens geknakt in domein van de zonde

Gepost in Misbruik RKK

Talrijke oud-leerlingen van katholieke instellingen in Nederland melden seksueel misbruik door geestelijken in de jaren zestig en zeventig. Het varen geen incidenten.

JOEP DOUME in NRC 2 maart 2010

ROTTERDAM, 2 MAART. Ze werden geronseld in grote kathalieke gezinnen door een pater die hun een avontuurlijk leven als missionaris in Afrika voospiegelde. Als jongen van elf,en soms nog wel jonger, gingen ze van huis om onder de hoede van de salesianen van Don Bosco in 's-Heerenberg een droom waar te maken.

Bij vijftien jongens kwam die Braam niet uit. Ze verloren hun jeugd in Huize Don Rua in's-Heerenberg, en hun onschuld.

Afgelopen dagen meldden ze zich bij deze krant. Aangespoord door de eerste getuigenissen over het mogelijk misbruik door salesianen in de jaren zestig en zeventig waarover NRC Handelsblad en de Wereldomroep vorige week vrijdag berichtten.

De jongens van toen zijn nu mannen van pakweg vijftig tot zeventig jaar. De een had „het' al opgeborgen en een plek gegeven. schrijft hij, maar ziet het nu weer allemaal voor zich. De ander zoekt lotgenoten en voelt opluchtingdat hij niet de enige blijkt-

Oud-leerling Rijk Storm uit Den Haag: “de hele avond heeft het me bezig gehouden. Alles

komt weer boven. Het verwart mij enorm.'

Het jongetje Storm had begin jaren zestig last van een salesiaan. „Een pater die tegen me op stond te rijen." En dan was er de toetmalig directeur „die mij metzijn knieën in mijn kruis stond te troosten". Het ergste van alles is nog, vindt hij, dat er nooit iemand was bij wie je terecht kon met je verhaal

„Mijn vertrouwen in volwassenen zakte in elkaar. Hij wil het hoofdstuk graag afsluiten

De verhalenvan de vijftien oud – leerlingen lijken op elkaar., al zijn er verschillen. De een is twee jaar verkracht door een pater die zich presenteerde als vriend van de familie, die de zoon een goede toe- komst zou bezorgen. De ander moest ‘zijn' pater aan zijn gerief helpen op de slaapzaal. En bij weer een anderbleef het bij frunniken en handtastelijkheden

En dan was er die leerling die alle avances wist af te weren, mam zag hoe andere jongens werden ingekapseld.: Ik liep om elf huur 's avonds langs de kamer van de pater en zag hoe hij verstrengeld was met eenjongen."

Rijk Storm lag 's nachts in zijn bed en hoorde hoe jongens teruggebracht werden. „Hevig huilend en overstuur."

Uit de gedetailleerde verklaringen kan worden opgemaakt dat het geen incidenten waren. Het waren niet een of twee paters die hun handen niet thuis konden houden, maar zeker tien paters en twee broeders, melden de oud-leerlingen.

„lk heb daar ook een jaar gezeten als twaalfjarige, in 1969 en 1970°, schrijft Adri van Daal (52) uit Gemert. De pater betastte mij en duwde zich tegen mij aan. Ik schrijf het nu maar even kortweg en simpel, maar het ligt wel wat gevoeliger."

Gevoelig ligt het bij de meeste oud-leerlingen, ook al is het veertig jaar geleden. Van de daders is niet iedereen meer in leven. Wie van hen nog leeft, is rond de tachtig. Eén van de paters die worden beschuldigd, blijkt nu een van de drie hoogste bestuurders van de orde der salesianen in Nederland.

Her is de pater die Adri van Daal betastte en tegen hem opreed. Dat gebeurde in de werkkamer van de pater, in zijn slaapkamer en in zijn auto. Van Daal heeft het dit weekeinde gemeld bij de klachtencommissie van de Rooms-Katholieke Kerk. Hulp en Recht.

Een andere oud-leerling, die een jaar in 's-Heerenberg was, getuigt tegen dezelfde pater. Hij diende geen klacht in bij Hulp en Recht. Ook hij zegt in 1969 „benaderd" te zijn door de pater. Wat hij er nu nog mee aan moet, weet hij niet. „Op dit moment weet ik niet wat mijn acties gaan zijn. Ik heb er een deuk in mijn geloof door opgelopen."

De pater zegt in een reactie: „Ik kan me er niets bij voorstellen. Misschien dat ik wel eens wat vrij ben geweest. Maar het was nooit zo erg als beschreven wordt."

Een andere pater, inmiddels 88 jaar oud, die op vijftigjarige leeftijd uit de orde trad en trouwde, wordt door vier oud-leerlingen, onafhankelijk van elkaar, aangewezen als ontuchtpleger. Hij zou de jongens tussen 1963 en 1968 ernstig misbruikt hebben.

Een andere oud-leerling, een ondernemer uit Veghel (54), moest als dertienjarige jongen in 1969 een pater op de slaapzaal bevredigen. „Het bleef altijd bij me, al heb ik er nooit problemen mee gehad, gelukkig. Maar met die publicaties kwam alles weer naar boven."

Het zwaarste verwijt komt van André Lubbers (58) uit Eindhoven. Hij vertelt hoe hij tussen 1959 en 1963 vaker is verkracht door een pater “ik heb therapie gehad. Al jaren geleden sprak ik met de man’, zegt Lubbers, die nu ttherapeut is voor misbruikslachtoffers.

„Het ging me niet om geld of een `sorry', maar om erkenning. Ik ben er klaar mee, maar veel lotgenoten niet. Daarom moet er nu duidelijkheid komen via een landelijk onderzoek."

Zo'n onderzoek zou duidelijkheid moeten verschaffen over de aard en omvang van het misbruik. Het zou ook meer kunnen vertellen over de omstandigheden waaronder het zover kon komen.

Onder de vorige provinciaal (hoofd van de orde) van de salesianen, pater Wim Flapper, was er in 1998 een bijeenkomst van oud-leerlingen. Flapper bracht toen de nadelige kanten van het kloosterleven ter sprake.

Hij ' schreef daarover in Oud Nieuws, het blad van de oud-leerlingen: „Er was de eenzijdigheid van de mannenwereld met een bepaalde stijl van omgaan met elkaar, zonder de verrijkende en cor- rigerende aanwezigheid van meisjes en vrouwen. Misschien dat sommigen daardoor onhandig zijn geworden in hun contact met vrouwen of dat ze overspannen of negatief op hen reageerden. Een taboe op seksualiteit is er gezaaid. Er werd gedaan alsof het niet bestond. Het mocht er niet zijn omdat het behoorde tot het domein van de zonde”.

Pater Wim Flapper (64) lïcht zijn uitlatingen desgevraagd telefonisch toe. „Die lezing van mij was niet gericht op het seksueel misbruik. Ik had wel signalen van oud-leerlingen over de nadelige gevolgen van de opvoeding daar. Zoals de beslotenheid van het kloosterleven, en de orde en tucht. Ik heb hardop toegegeven dat er tekorten waren. Maar dat ging dus meer over de dagelijkse praktijk in het internaat."

Geluiden over seksueel misbruik hoorde Flapper pas later, via zijn opvolger. „Die vertelde dat er mensen geklaagd hadden over salesianen. Ik sta er ook niet helemaal van te kijken. Als er klachten zijn, wil ik wel, aannemen dat er iets gebeurd is."

Naar een Katholiek internaat voor degelijk onderwijs en nieuwe paters

Tot eind jaren zestig van de vorige eeuw was het niet ongebruikelijk voor katholieke jongens én meisjes om naar katholieke internaten te. gaan. Deze instellingen, geleid door paters of fraters ('broeders'), zorgden voor degelijk onderwijs en waren te gelijk eenkweekschool voor nieuwe leden van hun concregaties en ordes. Kinderen verbleven intern en gingen slechts eens per maand of eens per drie maanden naar huis. Nederland telde inde hoogtijdagen alleen al bijna honderd jongens internaten, kostscholen; klein seminaries, juvenaten en pensionaten, met al gauw zo'n tien -tot vijftienduizend jongens. Daar kwamen de bisschoppelijk priesteropleidingen nog bij. De eerste r.k.kostscholen ontstonden eind negentiendn eeuw. Jongens en meisjes werden strikt gescheiden. Generaties katholieke jongens zijn er opgevoed en opgegroeid, onder leiding van mannelijke geestelijken en religieuzen.

Eind jaren zestig, begin jaren zeventig verdwenen de meeste internaten en droogde, ook de stroom aankomende priesters en religieuzen op.