We hebben 277 gasten online

Schiedamse Parkmoord Deel 10

Gepost in Strafrecht in Historie

Schiedamse parkmoord onschuldige veroordeeld

Justitie heropent onderzoek moord Nienke Kleiss

vrijdag 17 september 2004 ANP


ROTTERDAM - Justitie gaat de moord op de 10-jarige Nienke Kleiss uit Schiedam opnieuw onderzoeken. Nieuwe informatie wijst in de richting van een andere verdachte dan de man die in 2002 door het gerechtshof in Den Haag werd veroordeeld tot achttien jaar cel en tbs.

Mogelijke onschuld, na 4 jaar cel vrij


NRC 10 DEC. Een Vlaardinger die mogelijk ten onrechte vier jaar gevangen heeft gezeten zou vandaag worden vrijgelaten. In 2002 werd hij tot achttien jaar veroordeeld voor moord op het 10-jarige meisje Nienke Kleiss uit Schiedam. Nieuw DNA-onderzoek heeft deze week een andere verdachte aangewezen als vermoedelijke dader.

Justitie besloot daarop ,,voorzichtigheidshalve'' tot een ,,strafonderbreking''. De man, C.B., zat in de penitentiaire inrichting Haaglanden in Scheveningen.

De hoofdadvocaat-generaal van het ressortsparket in Den Haag, M. van Capelle, zei vandaag dat B. vrij zou komen. De Hoge Raad spreekt zich vermoedelijk volgende maand uit over een verzoek van de advocaten van de Vlaardinger tot strafherziening. Na nieuw onderzoek van het DNA-spoor dat bij het misdrijf werd aangetroffen zegt justitie nu dat het met ,,vrij grote mate van zekerheid'' wijst naar een 25-jarige Rotterdammer die in juli is aangehouden.

Volgens Van Capelle is het ,,uniek'' of ,,in elke geval bijna nooit voorgekomen'' dat in een zware zaak een straf wordt onderbroken. ,,Dat gebeurt doorgaans alleen in kleinere zaken, bijvoorbeeld om medische redenen.''

C.B. werd in september 2000 gearresteerd voor de moord op 22 juni op Nienke Kleiss, in een Schiedams park, en zware mishandeling van haar vriendje. B. was tijdens het misdrijf in het park, en belde zelf het alarmnummer 112. Toen bleek dat hij een seksuele voorkeur voor kinderen had en geen goed alibi, werd hij verdachte. Hij legde een bekentenis af, die hij later introk. In hoger beroep werd hij tot achttien jaar cel met tbs veroordeeld.

Justitie besloot de zaak te heropenen na een bekentenis van een Rotterdammer die in juli wegens een ander zedenmisdrijf is aangehouden. Hij bekende in augustus plotseling de moord op Nienke en de poging haar vriendje te doden

10 december 2004

 

Nieuwe ontwikkeling in Schiedamse Parkmoord

Andere rechters in moordzaak Nienke Kleiss

ROTTERDAM (ANP) - Rechters uit Middelburg gaan het proces in de moordzaak Nienke Kleiss behandelen. De Rotterdamse rechters willen dit om elke schijn van partijdigheid te voorkomen in deze gevoelige zaak. Dit bleek vrijdag tijdens een pro forma-zitting voor de rechtbank in Rotterdam.

Het Openbaar Ministerie (OM) verdenkt de 25-jarige W.H. uit Hoek van Holland van de moord op het 10-jarige Schiedamse meisje en de mishandeling van haar vriendje op 22 juni 2000 in het Schiedamse Beatrixpark. Eerder werd C.B. voor deze misdrijven veroordeeld tot achttien jaar cel en tbs.

Recentelijk bekende H. de moord op Nienke toen hij werd verhoord over twee andere zedenmisdrijven. De straf van B. is opgeschort in afwachting van een uitspraak van de Hoge Raad.

Hernieuwd DNA-onderzoek wees eveneens in de richting van H. als dader. De man is inmiddels officieel aangeklaagd voor de moord op Nienke en voor de zeer ernstige mishandeling van haar 11-jarige kameraadje.

Aangifte

De advocaten G. Spong en J. Taekema van B. hebben begin deze maand bij de hoofdofficier van justitie in Rotterdam aangifte gedaan tegen twee politiemensen die hun cliënt hebben verhoord. Volgens de raadslieden hebben de verhorende agenten ongeoorloofde druk op B. uitgeoefend om hem tot een bekentenis te dwingen. Volgens Spong hebben de verhoorders zich schuldig gemaakt aan een strafbaar feit. De raadsman meent dat de agenten de zogeheten Zaanse verhoormethode hebben toegepast.

Jaren geleden raakten rechercheurs in moordonderzoeken in zowel Zaanstad als Groningen in opspraak door deze ondervragingstechniek. In essentie komt deze erop neer dat de ondervragers verdachten niet alleen niet zachtzinnig ondervragen, maar hen ook confronteren met bijvoorbeeld moordwapens of veelal gruwelijke foto's van slachtoffers. Ook in de zaak-Nienke is dat gebeurd, zei Spong eerder in een toelichting op de aangifte.

Nienke Kleiss is door verwurging om het leven gekomen. Haar vriendje werd ettelijke malen met een mes gestoken.

Deze zogenaamde Schiedamse Parkmoord wordt algemeen gezien als een dwaling van Justitie.

Achtereenvolgens werd verdachte B. schuldig bevonden van de moord op Nienke zowel door de Rechtbank van Rotterdam ( 29 mei 2001) als het Gerechtshof van den Haag ( 8 maart 2002) en zelfs de Hoge Raad ( 15 april 2003) zag geen reden het vonnis te herzien. Opnieuw hield de Hoge Raad op 7 september 2004 zich met de zaak bezig naar aanleiding van een rapport van Prof. Knoppen waarin deze aanleiding zag een herzieningsprocedure aanhangig te maken. Ook toen besloot De Hoge Raad tot een ongegrond verklaren van het verzoek.

Echter de bekentenis van H. en een nieuw DNA onderzoek leidde er echter toe dat Justitie de tot 18 jaar en TBS veroordeelde B, door strafopschorting in voorlopige vrijheid stelde.

Bijgewerkt tot en met 7 september 2005

Achterhouden gevonden DNA sporen op slachtoffer Schiedamse Parkmoord

'Imago OM beschadigd'

Donner laakt rol media in zaak-Nienke

Door een onzer redacteuren

Minister Donner (Justitie, CDA) vindt dat de media het imago van het openbaar ministerie beschadigen.

In het onderzoek naar de Schiedamse Parkmoord zijn volgens hem wel fouten gemaakt ,,die nu worden onderzocht''. De bewindsman gaat er echter nog steeds van uit dat het OM niet opzettelijk informatie heeft achtergehouden.

In het Britse Newcastle zei Donner gisteren dat hij zich ,,grote zorgen'' maakt over de mediadruk op het openbaar ministerie in de zaak-Nienke. Onder de grote druk worden er uitspraken gedaan die het openbaar ministerie en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) schade berokkenen, vindt hij. Dat zijn organisaties ,,waar we nog lange tijd verder mee moeten'', aldus Donner na afloop van beraad met de Europese ministers van Justitie. Hij hekelde de 'Farizeeërachtige' berichtgeving.

Dat er fouten zijn gemaakt in de zaak-Nienke ontkent Donner niet. ,,Dat was voor mij en het college van procureurs-generaal aanleiding om uit te zoeken wat er is gebeurd.'' Maar Donner weerspreekt dat de uitleg van de voorzitter van het college van pg's Harm Brouwer, in strijd is met de brief die hij heeft geschreven aan de hoofdofficieren van justitie. ,,Het kan zijn dat er twijfels zijn weggedrukt in het onderzoek. Maar dat betekent nog niet dat er opzettelijk informatie is achtergehouden.''

Donner sluit niet uit dat ook de fouten die in het onderzoek zijn gemaakt, het gevolg zijn van de grote druk van de media. ,,Er worden dan mogelijk besluiten genomen die in alle rust genomen hadden moeten worden genomen.'' Donner zei, desgevraagd, dat hij een klacht over de berichtgeving van de actualiteitenrubriek Netwerk, 'in overweging zou nemen'. Het zou hier gaan om foutieve berichtgeving.

Inhoudelijk wacht Donner verder het rapport van het openbaar ministerie af. ,,Dat probeer ik zo snel mogelijk op het ministerie te krijgen. Dan spreek ik mijn oordeel uit.'' Als daaruit blijkt dat er onaanvaardbare fouten zijn gemaakt, neemt Donner daarvoor de politieke verantwoordelijkheid. ,,De minister is altijd verantwoordelijk voor het OM.'' Tegelijkertijd, zei Donner, was hij, noch Brouwer in functie toen die fouten zouden zijn gemaakt.

De vraag of er al dan niet bewust informatie is achtergehouden, moet blijken uit het rapport over het onderzoek naar de fouten die door politie en justitie zijn gemaakt in de zaak-Nienke. Brouwer verwees eerder naar het NFI, die niet alle beschikbare informatie zou hebben doorgegeven aan het OM. De regels over de kennisoverdracht tussen het NFI en het OM stellen dat 'de resultaten van het NFI-onderzoek en de interpretatie worden vastgelegd in een rapport'.

9 september 2005

vrijdag 9 september 2005 uur.

Donner: OM beschadigd door media

Van onze verslaggevers


AMSTERDAM/DEN HAAG - Minister Donner van Justitie maakt zich grote zorgen over de druk die de media uitoefenen op het Openbaar Ministerie. Door alle kritiek op de aanpak van de Schiedamse parkmoord wordt het imago van het OM fors beschadigd, vindt de minister. ‘Onder druk worden uitspraken gedaan die schade doen aan instituten waar we langer mee moeten doen dan vandaag.’

Donner vindt dat er rust nodig is rond de parkmoord-zaak, waarvoor CeesB. ten onrechte werd veroordeeld tot achttien jaar celstraf en tbs voor de moord op Nienke Kleiss (10). ‘Als er iets is misgegaan in deze zaak, is het juist de volle druk van de media op iets dat rustig overleg vergt.’

Maandag ontstond ophef nadat het televisieprogramma Netwerk had gemeld dat het Openbaar Ministerie bewust bewijs heeft achtergehouden dat had kunnen leiden tot de vrijspraak van Cees B. De voorzitter van het college van procureurs-generaal Brouwer ontkende dat een dag later. In een brief die vervolgens uitlekte, gaf hij echter toe dat het OM de rechter niet had gemeld dat forensische deskundigen twijfelden aan de schuld van Cees B.

Minister Donner blijft Brouwer steunen. Hij vindt niet dat de topman zichzelf heeft tegengesproken. Daar gaat het volgens hem ook niet om. ‘Laten we niet op farizeïsche wijze telkens uitleg willen geven aan alles achter de komma.’ Donner zinspeelde even op een klacht tegen Netwerk bij de Raad voor de Journalistiek.

De Nederlandse Vereniging van Journalisten ergert zich aan de kritiek van Donner. ‘Het Openbaar Ministerie moet bestand zijn tegen druk van de media’, zegt voorzitter Kees Schaepman. ‘Als het OM fouten maakt, moet je niet de boodschapper de schuld geven.’

Volgens Schaepman bemoeien Kamerleden en ministers zich te veel met de journalistiek. ‘Het lijkt wel of politici de waakhond zijn van de media in plaats van andersom.’

Het Openbaar Ministerie heeft zelf aanleiding gegeven tot de felle kritiek op zijn handelen, stelt Schaepman. ‘Je kunt moeilijk volhouden dat het slechte imago van het OM wordt veroorzaakt door de media.’

Veel gerechtelijke instanties onderzoeken hoe het mogelijk is dat Cees B. is veroordeeld. De rechtbank in Rotterdam zal openheid van zaken geven over een intern onderzoek naar de veroordeling van CeesB. ‘Er komt volgende week een reactie van de rechtbank’, aldus een woordvoerster. Morgen beslist de rechtbank welke onderzoeksresultaten worden vrijgegeven.

Eerder dit jaar liet de Rotterdamse rechtbank nog weten dat de resultaten bedoeld waren voor intern gebruik.

vrijdag 9 september 2005 uur.

Degelijke officier spil in affaire-Cees B.

Toine Heijmans, Margreet Vermeulen


Op Mariëtte Renckens is weinig aan te merken. Toch vormt de topvrouw van justitie plotseling het middelpunt van de affaire die het OM in het hart raakt.

‘Een sieraad voor de rechtspleging.’ Theo Hiddema, de strafpleiter, zegt het in grote stelligheid: ze heeft zich ‘nooit vergrepen aan een rechterlijk oordeel’, is ‘low profile’ en heeft geenszins de neiging ‘de crimefighter uit te hangen, zoals je bij andere officieren wel ziet’.

Kortom: niets aan te merken op mr. M.T. (Mariëtte) Renckens, de advocaat-generaal die na een lange, degelijke carrière ineens het middelpunt vormt van een affaire die het Openbaar Ministerie raakt in het hart. ‘Ik ben’, zegt Hiddema, ‘stomverbaasd dat deze heisa haar richting op komt.’

Hiddema is niet de enige. Hardwerkend, degelijk, stevig in haar oordeel (maar niet overdreven stevig), betrouwbaar en weinig opvallend –het zijn de kwalificaties van advocaten die Renckens (1953) in de rechtszaal leerden kennen. Een stabiele en uitsluitend Haagse juristencarrière maakte ze, van rechter-in-opleiding (1977) via arron-dissementsofficier (1985), naar advocaat-generaal bij het ressortsparket ’sGravenhage.

Zou zij dan degene zijn die opzettelijk bewijsmateriaal negeerde en een onschuldige de cel in kreeg? Vooruit, ze was ‘zeer vasthoudend in haar standpunt’, herinnert Jeroen Soeteman zich, advocaat van de man die premiersvrouw Bianca Balkenende bedreigde en Renckens tegenover zich vond. ‘Ze week niet af van haar lijn, terwijl daar wel aanleiding voor was.’

De man, met een mes op weg naar het huis van Balkenende, was ontoerekeningsvatbaar verklaard door twee onderzoekers van het Pieter Baan Centrum. In zijn waanwereld had hij Bianca Balkenende op een voetstuk geplaatst en geïdealiseerd –een moordplan was er dus niet.

Geen sprake van, vond Renckens, die de onderzoekers verweet te veel op de verdachte te leunen, hun verhaal negeerde en tbs eiste maar het hof niet meekreeg. Soeteman: ‘Ze ging erg ver, maar dat hoort bij het werk van een officier.’

Advocaat Groen uit Waddinxveen kwam Renckens geregeld tegen in de rechtszaal. In 1995, bij een zaak tegen een man die een meisje zou hebben aangerand, eiste Renckens dertig maanden cel. ‘Een buitensporige eis’, oordeelde hij destijds. Nu vindt Groen: ‘Hard maar fair.’ ‘Ik vond het altijd wel leuk als zij een zaak deed. Want je moest bij haar knokken.’

Harde tante? Nee, een gedreven, ervaren en stellige officier. Iemand die pittige eisen stelde. Maar niet iemand die met haar eis in de hoogste boom klom. ‘Ik heb haar nooit op rottigheden betrapt.’

En dat, zegt Theo Hiddema erbij, kun je echt niet zeggen van elke Haagse officier. Daarom ook klinkt er een zekere woede in zijn stem. Boos is hij om de ‘publieke veroordeling’ van een vrouw met zo’n ‘zachtmoedig karakter’ die nooit uit was op een confrontatie. Hij weet zeker: haar wordt een rol toegewezen die niet kan kloppen.

vrijdag 9 september 2005 uur.

Doordouwer in dienst van het publiek belang

 


Harm Brouwer en Mariëtte Renckens, de hoofdrolspelers bij justitie in de affaire-Cees B., worden door vakgenoten beschouwd als rechtdoorzee.

Bij het woord super-pg trekt Harm Brouwer (1951) doorgaans een vies gezicht. Oké, hij is het boegbeeld van het college van procureurs-generaal. Maar dat betekent niet dat hij alle touwtjes in handen heeft. ‘Zo is het Openbaar Ministerie niet georganiseerd’, zei Brouwer onlangs in een interview. ‘De super-pg bestaat niet.’

Brouwer is geen man van grote woorden. Bij het grote publiek geniet hij geen bekendheid. Collega-juristen zien hem vooral als een manager die op een prettige manier van doordouwen weet. De rechtbank Utrecht loopt, door zijn ingrijpen, als een goed geoliede machine. Van de ouderwetse en naar binnen gerichte organisatie die de rechtbank was, is geen spoor meer te bekennen nadat Brouwer er vijf jaar de scepter had gezwaaid.

‘Hij wist binnen korte tijd alle achterstanden weg te werken’, aldus mr. Schyns, die deken was van de orde van Utrechtse advocaten in de tijd dat Brouwer de Utrechtse rechtbank bestierde.

Harm Brouwer begon zijn carriere bij Philips. Pas op zijn 36ste maakte hij de overstap naar de rechterlijke macht. Want hij wilde een bijdrage leveren aan de samenleving, het algemeen belang dienen. Met zijn carrière bij Philips gaf hij tegelijkertijd zijn belangrijkste hobby op: rugby. ‘Daar ben ik mee gestopt toen ik met een groot blauw oog op een zitting verscheen’, vertelde hij dit voorjaar aan de Goudsche Courant.

Veel andere hobby’s heeft Brouwer niet, behalve goed eten en de boeken van John le Carré, want het meeste houdt hij van heel hard werken.

‘Als ’savonds bij mij op kantoor de telefoon ging, nam ik steevast op met: Hallo Harm’, vertelt de Utrechtse kantonrechter Van Emden. ‘Want Harm werkte laat door. En hij begon ’sochtends als eerste. Hij schijnt om zeven uur al achter zijn bureau te zitten. Zeker weet ik het niet, want zelf ben ik er om die tijd nog niet.’

Brouwer geldt als een moderne bestuurder die vindt dat organisaties open moeten staan voor de buitenwereld. Hij staat bijvoorbeeld niet afwijzend tegenover tv-camera’s in de rechtszaal. Zeker niet als het een bijdrage kan leveren aan het vertrouwen in de rechtspraak.

Onder collega-juristen geldt Brouwer als een integere figuur. ‘Alles wat je met hem afsprak, kwam hij na’, benadrukt de Utrechtse advocaat Schyns. ‘Een heel open man’, vindt Friese advocate Rouwé-Danes, die Brouwer meemaakte als hoofdofficier in Leeuwarden. ‘Iemand ook die kan toegeven als er wat is fout gegaan. Zo hebben we hem hier in Leeuwarden leren kennen.’

Donner bezorgd over imago OM

NEWCASTLE (ANP) – 8 sept. 2005 Minister Donner van Justitie maakt zich ,,ernstige zorgen'' over de ,,grote druk op het Openbaar Ministerie'' naar aanleiding van de zaak-Nienke Kleiss. Volgens Donner dreigt het imago van het Openbaar Ministerie en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) forse schade op te lopen.

Volgens de bewindsman komt dat door ,,de grote druk van de media, terwijl het gaat om instanties waar we toch mee verder moeten, of we dat nu willen of niet''.

Na informeel overleg met zijn Europese collega's in het Britse Newcastle stelde Donner donderdag ook dat ,,als we ons door deze zaak vragen gaan stellen over de toekomst van de Nederlandse rechtsstaat we de hele situatie aan het opblazen zijn''.

Raad voor de Journalistiek

De bewindsman verduidelijkte dat hij niet de indruk heeft dat het ,,Openbaar Ministerie of NFI willens en wetens fouten heeft gemaakt''. De minister zei verder te overwegen een klacht in te dienen bij de Raad voor de Journalistiek over de berichtgeving over de zaak door het actualiteitenprogramma Netwerk.

Volgens Donner is er ook geen verschil in de uitleg die procureur-generaal Brouwer dinsdag over de zaak heeft gegeven in het actualiteitenprogramma Nova en in een brief aan de Nederlandse hoofdofficieren van Justitie. ,,Laten we ook niet op farizeïsche wijze telkens uitleg willen geven aan alles achter elke komma.''

Verantwoordelijkheid

Donner stelde zelf ,,uiteindelijk verantwoordelijk te zijn in de hele zaak'', zonder daar meteen persoonlijke consequenties aan te verbinden. ,,Ik zal de conclusies trekken die noodzakelijk zijn door de maatregelen te nemen die genomen moeten worden'', aldus Donner.

Hij wacht daarvoor op het onderzoek dat is ingesteld naar de ,,fouten die er wel degelijk zijn gemaakt'' door OM of NFI. De CDA-minister nam verder procureur-generaal Brouwer enigszins in bescherming door te stellen dat hij niet in functie was toen de fouten zijn gemaakt, ,,net zomin als ik dat zelf was''


Kamer wil eerst brief van Donner over zaak-Kleiss

Dinsdag 6 september 2005

Rijswijk: De Tweede Kamer wil eerst schriftelijk opheldering van Minisiter Donner en hoeft zich nog niet te verantwoorden in een vragenuurtje

Mogelijk houdt de Kamer volgende week alsnog een debat met de minister. Donner krijgt een week de tijd om in een brief opheldering te geven over de beschuldigingen dat het Openbaar Ministerie en het Nederlands Forensisch Instituut bewijsmateriaal hebben achtergehouden in de moordzaak Nienke Kleiss.

Netwerk meldde dat uit DNA-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) is gebleken dat verdachte Cees B. onmogelijk de moordenaar van de 10-jarige Nienke Kleiss kon zijn. Het OM wist dat, maar vervolgde B. toch en kreeg hem veroordeeld tot achttien jaar cel en tbs. B. kwam vorig jaar na vier jaar op vrije voeten, nadat Wik H., die vastzat op verdenking van andere misdrijven, de Schiedammer parkmoord had bekend.

Donner zei dinsdag tegen journalisten zich niet te herkennen in de beelden. Hij wil nog niet oordelen over de kwestie maar eerst een onderzoek afwachten dat het college van procureurs-generaal al in gang had gezet. Ook wordt bekeken of de toenemende druk bij het OM een rol heeft gespeeld. De minister hoopt het onderzoek eind deze maand naar de Kamer te kunnen sturen.

Donner benadrukte dat het NFI-rapport over het DNA-materiaal wel bij de rechters op tafel lag. ‘Het was bij de rechter bekend dat het DNA niet van de verdachte was. Maar we moeten niet vergeten dat we te maken hadden met een bekennende verdachte’, zei de bewindsman.

De fracties in de Tweede Kamer gunnen Donner wat tijd om de zaken goed op een rijtje te kunnen zetten. ‘We schieten op dit moment niets op met mondelinge vragen of een spoeddebat’, aldus Kamerlid Wolfsen (PvdA). Na de brief zullen de partijen opnieuw bekijken of nader, eventueel een eigen, onderzoek nodig is. De onthulling van het televisieprogramma Netwerk dat het Openbaar Ministerie (OM) mogelijk cruciaal bewijsmateriaal heeft achtergehouden, heeft tot flinke opschudding geleid. De SP en GroenLinks willen naar aanleiding van de Netwerk-uitzending opheldering van de minister.

SP-Tweede-Kamerlid De Wit is geschokt. ‘Als het waar is dat bewijsmateriaal bewust is achtergehouden, moet dat consequenties hebben. Dit houd je niet voor mogelijk in Nederland. Dit schokt het vertrouwen in de rechtsstaat op een enorme manier.’ Behalve de SP en GroenLinks willen ook CDA, PvdA en VVD zo snel mogelijk uitgezocht zien of de beschuldigingen kloppen.

De advocaten van de ex-verdachte lieten dinsdag weten dat ze een aangifte voorbereiden tegen ‘alle leden van het Openbaar Ministerie die wetenschap hebben gehad van het opzettelijk achterhouden van voor B. ontlastend bewijsmateriaal’. Volgens G. Spong, een van de raadslieden, komt het optreden van de betrokken aanklagers neer op ‘een vorm van oplichting’.

Spong meent dat bij rechterlijke dwalingen een ‘vast patroon’ waarneembaar is. ‘Er wordt ontlastend bewijs weggehouden. Waarom men dat doet? Het merkwaardige fenomeen doet zich voor dat de justitiële autoriteiten in dit soort ernstige zaken ten prooi vallen aan de behoefte een zondebok aan te wijzen, koste wat kost. En dan wordt er gewoon willens en wetens een onschuldig persoon opgeofferd.’

De raadsman deed begin dit jaar al aangifte tegen twee politiemensen die B. tijdens verhoren zouden hebben gedwongen tot het afleggen van een bekentenis. Spong en zijn collega J. Taekema schreven toen al aan de hoofdofficier van justitie in Rotterdam dat de rol van de twee bij de zaak betrokken officieren van justitie ook een onderzoek waard was.

 

Donner naar Kamer over zaak- Nienke

DEN HAAG (ANP) - Minister Donner (Justitie) moet dinsdag in de Tweede Kamer uitleg geven over het vermeend achterhouden door het Openbaar Ministerie van cruciaal bewijsmateriaal in de zaak-Nienke Kleiss. De SP wil opheldering van Donner over de uitzending van televisieprogramma Netwerk van maandag.

SP-Tweede-Kamerlid De Wit is geschokt door de Netwerk-uitzending. ,,Als het waar is dat bewijsmateriaal bewust is achtergehouden, moet dat consequenties hebben. Dit hou je niet voor mogelijk in Nederland. Dit schokt het vertrouwen in de rechtsstaat op een enorme manier.''

In de Netwerk-uitzending werd gesteld dat uit DNA-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut zou blijken dat verdachte Cees B. onmogelijk de lustmoordenaar van de tienjarige Nienke Kleiss kon zijn. Het OM wist dat, maar vervolgde B. toch en kreeg hem ook veroordeeld. Hij zat vier jaar onschuldig in de cel.

Justitie hield bewijs in zaak Nienke achter

HILVERSUM (ANP) - Het Openbaar Ministerie en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) hebben jarenlang cruciaal DNA-bewijs achtergehouden in de zaak van de vermoorde Nienke Kleiss. Dat meldde het televisieprogramma Netwerk maandag op basis van eigen onderzoek.

Medewerkers van het OM wisten al jaren dat Cees B., die in eerste instantie is veroordeeld voor de moord op het 10-jarige meisje, nooit de dader kon zijn.

B. werd in 2002 veroordeeld tot achttien jaar cel en tbs. Hij kwam eind vorig jaar op vrije voeten nadat Wik H., die vastzat op verdenking van andere misdrijven, de moord op Nienke in juni 2000 in het Beatrixpark in Schiedam had bekend. H. werd onlangs door de rechtbank in Rotterdam tot twintig jaar celstraf en tbs veroordeeld. De herzieningszaak van B. dient in november.

DNA-materiaal

In het justitieonderzoek naar Cees B. speelde DNA-materiaal een grote rol. Volgens Netwerk wisten zowel het NFI als de aanklagers van het OM die de zaak bij de rechtbank en het gerechtshof behandelden, en het college van procureurs-generaal dat het DNA-materiaal dat was aangetroffen op de moordplek onmogelijk van Cees B. kon zijn. Het OM hield deze informatie echter geheim. De advocaat van B. en de rechters kregen de stukken nooit te zien.

Het NFI liet de cruciale informatie achterwege in het eindrapport dat aan de rechters werd gepresenteerd. Ook een getuige-deskundige van het NFI die tijdens de rechtszaak werd gehoord, legde een onvolledige getuigenis af.

Bovendien zouden honderden justitiemedewerkers van het bestaan van de voor B. ontlastende informatie op de hoogte zijn geweest. Dit werd met hen gedeeld tijdens vertrouwelijke justitiepresentaties door een NFI-medewerker waar de Schiedammer parkmoord als voorbeeldzaak diende.

Klokkenluider

Een van de toehoorders bij zo'n presentatie was politiepsycholoog H. Timmerman, toen nog werkzaam bij het zogeheten cold-caseteam van de politie Groningen. Hij trok intern tevergeefs aan de bel. Het feit dat hij met Netwerk praatte, heeft geleid tot zijn ontslag.

J. Taekema, de advocaat van B., heeft voor de rechtbank en het hof altijd volgehouden dat het OM zijn cliënt er heeft ingeluisd. Hij gaat nu bekijken of het mogelijk is om aangifte te doen tegen vertegenwoordigers van het NFI en het OM om ze strafrechtelijk te vervolgen.

PvdA-Kamerlid Wolfsen wil een parlementair onderzoek naar de zaak, liet hij in Netwerk weten. Hij vindt het onacceptabel dat justitie en het NFI de rechters onjuist hebben geïnformeerd en dat nog eens honderden mensen bewust hebben gezwegen. Volgens een woordvoerder van het college van procureurs-generaal is er geen bewijs voor het achterhouden van bewijs in de zaak.

 Zie verder deel 11