We hebben 82 gasten online

Strafrechtadvocaat Theo Hiddema

Gepost in Strafrecht advocaten

'ik had te veel verbeelding in mijn lijf'

27 april 2002 in Volkskrant toine heijmans;

Naar de plekken van de jeugd. Deze week: Theo Hiddema (58). De strafrechtadvocaat groeide op in Holwerd, Friesland. 'Om me heen was niets dan horizon.'

Verder weg van zijn geboortegrond kan Theo Hiddema niet wonen. Per auto van Maastricht naar Holwerd, dat is 359 kilometer. 'Toeval', zegt de advocaat, voor wie zou denken dat hij Friesland bewust de rug heeft toegekeerd. 'Die ballast is nu wel afgeworpen.'

Voor de gelegenheid is hij gekomen met de Aston Martin, een mosgroene db5 uit 1965, die thuis gestald staat naast twee Por sches en een Rover. Hiddema prefereert de trein 'maar deze reis naar mijn jeugd moet in stijl gebeuren natuurlijk'. Alles wat Theo Hiddema doet moet in stijl gebeuren natuurlijk. Hij koestert zijn Britse gentleman-look, zijn status van goedverzorgd strafrechtadvocaat, maar dat daargelaten is het ook een vorm van overwinning: achter het stuur van een sportwagen terugkeren op het Frie se land. De motor laten grommen voor de boerderij van vader.

Om zijn jeugd inzichtelijk te maken, heeft Hid dema een schema meegenomen. Het moet bewijzen hoe de 'verschrikkingen' in Friesland uiteindelijk wel resultaat hadden, in die zin dat ze van hem een succesvol strafpleiter hebben gemaakt. Hij vouwt het papier open bij koffie op een terras. Leegte heeft hij opgeschreven, in blauwe balpenletters, dubbel onderstreept. En: Omringd door horizon.

Uitleg: 'Ik groeide op in dit lege boerenland. Om me heen was niets dan horizon. De eindeloze velden, de eindeloze Waddenzee - er gebeurde he-le-maal niets. Ik was het jochie dat lag na te denken op de dijk. Beetje koekeloeren. Geconcentreerd op mezelf. Dat heeft me egocentrisch gemaakt. Zo'n karakter is goed voor de advocatenpraktijk. Ik doe dit vak niet voor de samenleving, of voor het rechtssysteem, ik doe het voor mezelf. Voor de performance. Als ik mezelf in trance kan pleiten, heb ik het goed gedaan. Dan ben ik, staand voor de rechtbank, weer dat jongetje van toen.'

Zoon van een modelboer in Noord-Fries land. Nakomer. Lastpak. Was 11 toen hij het huis werd uitgegooid. 'De zee, het land, de leegte zet aan tot vluchten. Ik was onhandelbaar, had te veel verbeelding in mijn lijf.' Bot ste met zijn vader, Upt Hiddema, de eenkennige hardwerker, 'monomaan gericht op presteren', die zich op de klei een klein koninkrijk had gebouwd. Een volmaakt gemengd bedrijf; drie kop-hals-romp-boerderijen met daaromheen de huisjes van zijn personeel, plus velden vol vee en graan. Tot uit Marokko kwamen delegaties kijken naar het bedrijf van Hiddema. 'Vader kocht boeren uit waar het niet zo goed mee ging. Altijd maar bezig met gebiedsuitbreiding, dat maakte hem niet overal even geliefd in Holwerd. Vader was autoritair, een betweter. Het ergste was dat hij altijd gelijk had ook.'

Stijlvast rijdt Theo Hiddema zijn Aston Martin over smalle asfaltwegen, die kringelen richting Holwerd. Raampje open. James Bond bereed eenzelfde wagen, in Goldfinger, maar die had een schietstoel. Deze heeft elek t rische ramen, zachtbeige leer en een zilveren asbak waar Hiddema zijn Barclay Men thol in kan doven.

Zo komt de eerste boerderij in zicht. Een stevig, donker silhouet, 2 kilometer van het dorp. Hiddema rijdt langzaam langs, maar stopt niet. Passeert een brug. Volgt de smalle weg naar de tweede boerderij, die nog statiger is dan de eerste, met kasteeldeuren en een bordes. 'Vroeger lag er zelfs een slotgracht omheen maar die is gedempt, zie ik.'

Iemand loopt over het erf. Hiddema geeft gas. Rijdt door, draait om en parkeert de wagen op gepaste afstand, twee wielen in het gras. Laat de motor lopen. De boerderij is tegenwoordig van zijn neef. 'Nee, we blijven maar in de wagen. Ik wil die mensen niet onaangekondigd de stuipen op het lijf jagen.' Steekt een sigaret op. Kijkt naar de boerderij en vertelt over de toonkamer, waar het pronkmeubilair was uitgestald. Decor van de zondagse visites. 'Veel sociale omgang had je hier niet. Dus kwamen op zondag de collega-modelboeren langs, met hun vrouwen en kinderen werden ze in een soort parade rondgeleid door de verzorgde landerijen, en de volle stallen. Vreselijk was het.'

Moeder Tetje legde eer in de zondagvisites; ze kwam van elders, uit de Westhoek, waar ze secretaresse van een burgemeester was geweest. 'Bijzonder intelligente vrouw die hier ineens zat opgescheept met de kleiboeren. Ze speelde piano. Ze was zwaar op de hand. Ik móest en zou pianospelen, dagelijks om vier uur, dan werd het personeel ingeschakeld om me te vinden en me achter de piano te rauschen. Ze heeft een keer, uit drift, de klep naar beneden gesodemieterd, op mijn vingers. Omdat ik liever buiten was.'

Door de voorruit van de db5 ziet het Friese land er nog even plat uit als vroeger, maar minder levendig. 'Zie jij nog vee hier?', zegt Hiddema, 'ik zie niks. Een hobbypony hooguit. Wat is er toch gebeurd? Het is helemaal stil geworden! Ik zie niemand werken op het land, het is zo leeg allemaal. Vroeger was iedereen in de weer, aan het ploeteren, rammelende melkbussen, altijd geluid. Hoor jij nog iets? Alleen de wind. Wat dóet iedereen hier de hele dag, tegenwoordig?'

Zon bereikt de klei. Nog even en het voorjaar breekt door. 'Dat was de mooiste tijd. Vanuit mijn kamer kon ik het allemaal zien. Het graan dat omhoog kwam, die orgie van kleuren. Als kind trok ik de velden in. Maakte strooptochten, ging mollen vangen, die gaf je een tik op de kop en daar kreeg je geld voor. Dook in de zee om er met blote handen bot te vangen, zo'n platvis, die regen we aan een draadje en verkochten we aan de visboer. Ik spijbelde ongelooflijk veel. Buiten waren de beesten, de natuur, rijen zwart vee. Stallen vol dampende paardenlijven, stam boeken met zwarte staarten - die geuren dreven 's zomers de klas binnen, wat moet je dan met zo'n dienstklopper van een onderwijzer die een krijtje krassend over het school bord haalt? Ik wilde alleen maar weg. Op de dijk liggen kijken naar de straaljagers: de Vampires, de Thunderjets, de Starfighters. Ik wilde piloot worden.'

Dat ging dus niet goed op school. 'Straf kolonies en dwangsystemen' waren het lot van Theo Hiddema nadat hij het huis in Holwerd verlaten moest. Eerst werd hij door vader naar een kosthuis in Leeuwarden gestuurd. Hij bezocht er de chique Franse school. Geen succes. Nieuw kosthuis. Ook geen succes. Kwam terecht op het Christelijk Lyceum in Dokkum, 'ik deed er absoluut niks, kreeg een rapport met tien enen.'

In een uiterste poging hem aan het studeren te krijgen, stuurde vader zijn zoon naar instituut Hommes, een gesloten jongensinternaat in Hoogezand-Sappemeer. Laatste hoop voor dure ouders met onwillige kinderen. Vader leverde hem er persoonlijk af, in zijn traction avant, 'ik kwam er terecht tussen rijke jongetjes uit het Gooi met cricketbats en mooie mamma's in bont. Er heerste een regime van tucht en onderling verraad. Elke stap verkeerd werd afgestraft, met meppen hadden ze ook geen moeite. Als het nog bestond zou ik het met de grond gelijk maken.' Hij bleef er acht jaar. Toen vertrok Theo Hiddema uit het noorden, en kwam uiteindelijk als strafpleiter in de leer bij Mosz kowicz in Maastricht, waar hij nu bijna dertig jaar woont in afwisseling met Amsterdam. Die jaren van strafkolonies en dwangsystemen, zegt Hiddema, 'hebben uiteindelijk wel gerendeerd. Het heeft me een grote afkeer van autoriteiten opgeleverd, een allergie tegen groepjes en clubjes, gekonkel en gefoezel. Die instelling is ideaal voor een strafpraktijk zoals de mijne; ik ben getraind in het zoeken van vluchtwegen, gaatjes in de wet. Ik heb geen boodschap aan de macht. Ik opereer als eenling.'

'Zullen we de zee eens gaan bekijken?'

Rijdt naar de Waddendijk, de pier op waar de boot naar Ameland vertrekt. Drinkt er een glas witte wijn. Van de pier af gezien is Hol werd een bobbel in het landschap. 'Ik hou van de stad', zegt Hiddema, 'maar wat je mist in Maastricht of Amsterdam is saamhorigheid. Holwerd was een lappendeken van overtuigingen: je had baptisten zoals mijn vader, vrijgemaakt gereformeerden, com mu nisten, roden - alles leefde samen in die besloten gemeenschap. Iedereen had een plek, je werd gewaardeerd als persoon, niet om je status. De mensen waren volstrekt afhankelijk van elkaar. In '53 zat ik hier ook naar de zee te kijken, er trok een huilende storm door de straten; je zag het hele dorp opmarcheren met lichten en zandzakken. Here boer of arbeider, dat maakte niets uit.'

Vader overleed ruim twintig jaar geleden. Hij heeft zijn zoon nog advocaat zien worden. 'Ik denk wel dat hij blij was toen, omdat ik een baantje had. Dat ik nu het grootste geboefte van Nederland bepleit, had hij minder gewaardeerd.'

Kijkt naar de knobbelige zee.

Telefoneert over een moordzaak.

'Eind van het liedje?', zegt Theo Hiddema. 'Dat ik in zekere zin geworden ben zoals mijn vader.'