We hebben 216 gasten online

Deel 10 TBS Dossier seksuele delicten

Gepost in Publicaties

) Straffen bij seksuele delicten

2) Wat is het effect van de tbs-behandeling?

3) Bolwerk Urk tolereert geen andere meningen

4) Wat moeten we doen met de buurtpedofiel?

5) Pedofobie

6) 'Hopelijk maak ik je niet misselijk'

1) Straffen bij seksuele delicten

De gemiddelde gevangenisstraf voor veroordeelde zedendelinquenten is in tien jaar tijd verdubbeld. Dat blijkt uit cijfers van het Wetenschappelijk Onderzoek - en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie.

Zaten in 1985 veroordeelden nog gemiddeld 250 dagen vast voor een zedendelict, in 1995 was de strafduur opgelopen tot gemiddeld 501 dagen. Vooral verkrachters zaten aanzienlijk langer vast - van gemiddeld 315 dagen onvoorwaardelijk tot 571 dagen in 1995.

Voor aanranders bleven de straffen min of meer gelijk, rond de 210 dagen gemiddeld. Voor de plegers van overige seksuele delicten, zoals exbibitionisten, verdubbelde de gemiddelde strafduur: 174dagen in 1985 tegenover 432 dagen in 1995.

In 1985 kregen 437 personen een onvoorwaardelijke celstraf opgelegd voor een zedenmisdrijf. In 1995 waren dat 519 personen. Andere straffen waren in 1995 een geldboete (158), een taakstraf (17) en tbs (38). Verkrachters kregen het meest tbs (21), en een taakstraf werd het meest opgelegd aan exhibitionisten (7).

De overige tien taakstraffen vielen gelijkelijk ten deel aan verkrachters (5) en aanranders (5).

Urker jongeren belaagden twee weken geleden een huis van een veroordeelde pedoseksueel uit onvrede over de aan hem opgelegde werkstraf. Dat vonden ze geen straf die in verhouding stond tot een dergelijk bedreigend delict als ontucht met kinderen.

Gegevens NRC 06-02-99

2) Wat is het effect van de tbs-behandeling?

Ruim een kwart van alle ex-terbeschikkinggestelde zedendelinquenten pleegt binnen vijf jaar na de behandeling opnieuw een seksueel delict. Bij elf procent gaat het om een ernstig seksueel delict, waarvoor een straf langer dan zes maanden wordt opgelegd. De recidivepercentages voor seksueel geweld tegen kinderen zijn echter zeer klein, zelfs 0% bij de groep waarvan de tbs is beëindigd in de jaren 1989- 1993. Ook hier geldt dat de percentages in werkelijkheid hoger zullen zijn omdat lang niet alle delicten worden aangegeven of omdat de dader onbekend blijft.

Behandeling kan het recidivepercentage aanzienlijk verlagen

Ongeveer twintig terbeschikkinggestelde zedendelinquenten zitten levenslang vast in een tbs-kliniek omdat hun agressieve seksuele gedrag volgens behandelaars onveranderlijk is en zij een hoog recidivegevaar vormen.

Helpt 'chemische castratie'? Er zijn hormonen en medicijnen die de seksuele fantasieën kunnen verminderen. Het toedienen van deze geneesmiddelen wordt chemische castratie genoemd. Lustremmende medicatie is slechts zinvol bij een klein deel van de plegers van seksueel misbruik van kinderen. Het gaat dan om pedofiele mannen die geobsedeerd zijn door seks met kinderen en daar last van hebben. De medicatie dempt hun allesoverheersende fantasieën en maakt hen beter toegankelijk voor de behandeling.

Chemische castratie pakt echter de achterliggende oorzaken van het misbruik niet aan; de medicijnen vormen dus slechts een hulpmiddel bij de behandeling. Voor de meeste pedoseksuele plegers is chemische castratie ongeschikt: zij vervallen niet in hun oude fout omdat ze afwijkende seksuele fantasieën hebben maar vooral omdat hun leven opnieuw uit balans raakt en ze niet weten hoe ze daarmee moeten omgaan.

3) Bolwerk Urk tolereert geen andere meningen

Door Ineke Jungschleger In Analyse Volkskrant 02-02-99

Elke zaterdag raak: de Urker jeugd leeft zich uit op onaangepaste dorpsgenoten. Een bowlingbaan of ander vertier zou helpen, maar dat mag niet van de streng gelovige gemeenteraad. Dus wordt er gedronken en gesnoven in de illegaliteit.

Bij wijze van vertier gooit de jeugd van Urk regelmatig op zaterdagavond de ruiten in bij een geselecteerde groep inwoners van het voormalige eiland. Eind maart waren de Turkse eigenaars van een shoarmazaak het doelwit van honderden agressieve jongeren, de afgelopen twee zaterdagavonden trok dezelfde groep op naar de huizen van mannen die veroordeeld zijn voor zedendelicten.

Een moeder die anoniem wil blijven: 'Mijn zoons zeggen dat het zaterdag opnieuw gaat gebeuren. Bij hun op school gaat een lijstje rond met de namen van de pedofielen op Urk. Het zijn er minstens vier.'

De mannen op het lijstje zijn niet allemaal veroordeeld tot taakstraffen, zoals de delinquent tegen wie de eerste 'strafexpeditie' gericht was. De jongeren zouden toen het recht in eigen hand genomen hebben omdat een taakstraf niet past in de cultuur van de gemeente. De burgemeester,

S. Veninga, distantieerde zich vorige week van het geweld, maar toonde tegelijkertijd begrip voor het ongenoegen van de jongeren. Het verrichten van werk zou in Urk niet worden gezien als straf. Protest tegen taakstraf kan echter geen rol spelen bij gedoodverfde pedofielen tegen wie zelfs nooit een aanklacht is ingediend. 'Meestal lekt het wel uit' zegt de Urker moeder. 'En dan weet gelijk heel Urk het, want hier blijft weinig verborgen.'

De opruiers rechtvaardigen het geweld tegen de pedofielen met een bijbeltekst over 'mannen die ontucht plegen met mannen.' Romeinen 1, vers 32: 'En geheel en al bekend met Gods vonnis, dat wie zulke dingen doet de dood verdient...'

De jeugd van Urk is talrijk, verdient veel geld met saai werk en zoekt in het weekend vertier.

Omdat de SGP in de gemeenteraad alle plannen voor bowlingbanen en dergelijke tegenhoudt, blijft het vertier beperkt tot rondhangen in cafés. De helft van de vijftienduizend inwoners van Urk is onder de 24 jaar. Urker meisjes trouwen jong en krijgen relatief gezien de meeste kinderen van Nederland. Vanaf hun zestiende staan de meeste jongeren 's morgens om vijf uur vis te fileren. Werkdagen van vijf tot een, bij topdrukte tot drie uur. Daarna begint het rondhangen, in een dorp waar de streng gereformeerde geloofsovertuiging de uitbreiding van horeca per raadsbesluit tegenhoudt. 'Maakt ons niét uit', zeggen de jongeren. 'Illegaliteit genoeg.' In een stuk of acht garages en schuren wordt het hele jaar door na sluitingstijd van de cafe ’s gedronken en gesnoven. Met autoriteit hebben de voormalige eilandbewoners weinig op. Op Urk zijn de vissers eeuwenlang eigen baas geweest. En wie de bijbeluitleg van de dominees niet beviel, richtte gewoon weer een nieuw kerkgenootschap op. CDA -burgemeester Veninga, die dit jaar met pensioen gaat, komt uit Groningen en is dus een 'vreemde snuut'. Hij wordt getolereerd omdat hij meepraat met de Urkers. Wie dat niet doet, wordt weggepest, weten de Vietnamese bootvluch-telingen en de weinige Turken en Marokkanen die er werken. De paar gezinnen van Marokkaanse vis fileerders die getrouwd zijn met Urker vrouwen, hebben geheime telefoonnummers en houden zich overal buiten. 'Urk lijdt onder de verveling en strijdt tegen de gevolgen', luidt een krantenkop van 20 juli 1959.

Het Parool bracht toen een reportage over Urker jongeren die elke zaterdagavond 'drinken, vechten en meisjes lastigvallen.'

De politie had het er zwaar mee, ' want de Urker (en vooral de dronken Urker) heeft een groot saamhorigheidsgevoel dat maar al te vaak gericht is tegen "de vreemde snuut", de vreemdeling.'

Toen veertig jaar geleden, was er nog geen Vietnamees, Turk of Marokkaan te bekennen in Urk. De vijf plaatselijke politieagenten hadden het zwaar omdat zij 'de vreemdelingen' waren, want zij kwamen van 'de wal.'

Dat Urk al sinds 1939 aan die wal vastzit, vindt menige jonge visfileerder geen leuke gedachte. Er zijn nog maar zeshonderd Urker vissers, maar bijna alle jonge mannen dragen een gouden vissersring in het oor en spelen op zaterdagavond dat zij de baas zijn over een eiland. Pogingen om oppositie te voeren mislukken omdat de sociale controle afwijkende meningen niet toestaat. Het plan om een afdeling van de SP op te richten strandde toen deze partij bij de laatste verkiezingen in Urk slechts acht stemmen kreeg. Het is verbazend dat in het dichtbevolkte Nederland zo'n bolwerk nog kan standhouden.

4) Wat moeten we doen met de buurtpedofiel?

Door Wubby Luyendijk Nrc 06-02-99

Een volksgericht tegen veroordeelde pedoseksuelen uit de buurt is niet voorbehouden aan eigenzinnige Urkers. Vooral als de zaak op z'n beloop wordt gelaten, nemen burgers het recht in eigen hand. Maar hoe moet het dan wel?

ALMFRE, 6 FEBR. Op het hofje in de stedenwijk van Almere heerst een onrustbarende stilte. Het basketbalveld is leeg. De wipkippen staan er werkeloos bij. En uit de talrijke bosjes duikelen geen kleuters die verstoppertje spelen. De meeste kinderen blijven liever binnen, weet buurtbewoonster Tiny Geelen. Ze zijn als de dood.

Dat komt zo: de 18-jarige buurjongen die is veroordeeld voor kinderverkrachting, zit thuis. Weekendverlof. Haar misbruikte dochter (9) zag hem toevallig lopen. Ze vlóóg naar huis, woedend en verdrietig. "Hoe kan dat, mam? Waarom heeft hij dan geen straf meer"

Vooral de onzekerheid broeit, zegt Geelen. "Niemand vertelt ons iets." Niet wanneer hij verlof heeft. Niet wanneer zijn straf afloopt. Niet in hoeverre de behandeling aanslaat. Inmiddels probeert ze samen met zes andere ouderparen van tien slachtoffers via de rechter een straatverbod af te dwingen. Maar eigenrichting sluit ze niet uit."Mijn man zou hem de strot soms willen afsnijden. Hij kan het niet meer opbrengen zijn dochter in bad te stoppen. Die knaap heeft ons gevoel afgepakt."

Een volksgericht tegen pedoseksuelen uit de buurt is niet voorbehouden aan eigenzinnige Urker jongeren. In Venlo sloeg een vader de vermeende misbruiker van zijn zoon in elkaar. Amsterdam -Oost verjoeg een zedendelinquent door brand te stichten in zijn woning. En woensdag reed in Deventer een woedende buurtbewoner met zijn BMW in op de voordeur van een alleenstaande man die ontucht zou hebben gepleegd met een 7-jarig buurmeisje. Maar het is te vroeg om te concluderen dat buurten het steeds vaker opnemen tegen pedoseksuelen.

Feiten en cijfers over de terugkeer van de jaarlijks vijfhonderd veroordeelde zedendelinquenten ontbreken. En hulpverleners, gemeentebestuurders, politieagenten en raadslieden met kennis van zaken hebben evenmin het idee dat buurten het tot topic hebben verheven.

Advocate G. van Driem bijvoorbeeld vraagt al zeventien jaar bij de rechter wijkverboden voor zedendelinquenten. En telefoniste C. Bokking van de hulplijn Transact krijgt er al jaren hooguit één vraag per maand over. Laatst nog een meneer die had gehoord dat zijn nieuwe buurman had gezeten voor kindermisbruik. Er was buurtoverleg geweest. konden hun kinderen wel met de zijne spelen? Vaker werd het afgelopen jaar escalatie voorkomen. De slachtoffers verhuisden, of de daders pakten hun biezen. Uit eigen beweging, na een door de rechter opgelegd wijkverbod, zoals in Montfoort, of op advies van tbs-kliniek, jeugd-inrichting of burgemeester zoals in Groesbeek, waar een 12-jarige jongen zeven kleuters seksueel misbruikte.

Elders losten buurt en zedendelinquent het onderling op. Enschede kwam met een ouderwacht. Veroordeelde Henk uit Ochten mag hooguit drie maal per jaar twaalf uur op begeleid verlof met medeweten van de burgemeester.

En Schoonboven ziet erop toe dat een 58-jarige dorpsgenoot voortaan zelf zijn hond uitlaat. Hulpvaardige minderjarige buurmeisjes mag hij niet langer 'bedanken' met ontucht.

De vraag rijst waarom het hier niet uitliep op eigenrichting. Dat hangt samen met de ernst van het zedenmisdrijf en met de sociale achtergrond van de buurt, denken betrokkenen. Maar verreweg het belangrijkste is, constateren ze, dat politie, gemeente en hulpverleners het initiatief nemen voor een permanente dialoog met buurt, dader en de slachtoffers. Eigenrichting doet zich voor in gemeenten die het lot op zijn beloop laten, aldus directeur T. van der Valk van de Reclassering Nederland.

De dilemma's zijn levensgroot in buurten waar veroordeelde pedoseksuelen wonen, weten de burgemeesters G. Priek (Groesbeek) en H. Zomerdijk (Ochten, gemeente Echteld).

Emoties en rationaliteit strijden om voorrang evenals wraakgevoelens en rechtsgevoel. Slachtoffers willen in een veilige buurt wonen en eisen informatie over de dader en diens behandeling, zodat ze een begin kunnen maken met verwerken. Ook wijzen ze op de grote kans dat een dader opnieuw een zedenmisdrijf begaat - het percentage varieert van 14 procent binnen zes jaar tot 40 procent na tien jaar.

Op zijn beurt beroept de dader zich op zijn recht op privacy en op het strafrecht. Is het niet zo dat als bij zijn straf heeft uitgezeten, hij een nieuwe kans verdient zonder het stigma van pielentrekker of kinderlokker?

Burgmeester Zomerdijk van Ochten had het extra zwaar omdat daar het ging om een jongen die, terwijl bij nog niet was uitbehandeld, sowieso vrijkwam omdat bij 21 was. "Het enige wat je als gemeente kunt doen is praten als Brugman", zegt Priek. "Want in feite sta je met lege handen. En dan ben je zielsblij als de dader onder vriendelijke drang vertrekt."

Feit blijft dat er soms een te grote wissel wordt getrokken op het incasseringsvermogen van een buurt. Het is zoals Gert - Jan zegt die door zijn overbuurman in Montfoort werd misbruikt: "Straf is voor slachtoffers geen recht. Zij blijven gevangen met een pedo op de hoek."

Maar zover als in de Verenigde Staten en Groot -Brittanië wil niemand gaan - dat is heksenjacht. In Amerika kent een aantal staten Megan's law. huurders en huizenbezitters hebben het recht om door de overheid geïnformeerd te worden over in hun wijk woonachtige zedendelinquenten. En in Engeland zijn veroordeelde pedoseksuelen verplicht zich te melden bij de plaatselijke politie als ze langer dan veertien dagen op een plek blijven.

Wat moet er dan wel anders in Nederland? Advocaat Van Driem: "De reclassering moet iemand begeleiden bij een nieuw leven. Zadel daarmee niet de buurt en de slachtoffers op."

Dat kan bijvoorbeeld door de proeftijd van zedendelinquenten te verlengen. Ook directeur Soesman van tbs-kliniek Oldenkotte voelt daarvoor."Tien jaar proefverlof is een goede stok achter de deur."

De reclasseringsdirecteur zelf grijpt terug op zijn omstreden stokpaardje: onverbeterlijke pedoseksuelen moeten levenslang opgesloten worden in een psychiatrische inrichting.

Martin Kroeze, coördinator van de Jeugd- en Zedenpolitie Twente, zou op zijn beurt graag zien dat er in elke gemeente een vertrouwenspersoon wordt aangesteld die weet welke ingezetenen ooit veroordeeld zijn voor een ernstig zedendelict.

Zo heeft hij meegemaakt dat een pedoseksueel die had gezeten voor seksueel misbruik en moord in de Randstad, in het oosten een nieuw leven begon. De man slaagde erin opnieuw een kindernetwerk op te bouwen, omdat niemand in de buurt van zijn verleden op de hoogte was.

Kroeze: "Dan mis je sociale controle. En dan klemmen de privacyregels. Je mag de ouders niet zeggen dat ze hun kind niet bij hem moeten laten spelen."

In de stedenwijk van Almere zijn buurtbewoners inmiddels hun eigen kruistocht begonnen. Ze hebben protestkaarten laten drukken die sympathisanten naar de Tweede Kamer kunnen sturen. Onder een afkeurende duim prijkt de tekst 'Uw stem helpt voor wetswijziging tegen kindermisbruik'.

Pedoseksuelen moeten strenger en harder gestraft, legt Tiny Geelen uit, voor minimaal vijf jaar. En daarna moet de regering ze in het oog blijven houden. Twee postzakken heeft ze al apart gezet. Voor"de verlichte geesten" in Urk en Deventer. Maar of het helpt? Geelen zucht. "Het moet. We zijn keer op keer in de steek gelaten, maar we proberen het nog één keer fatsoenlijk. Daarna staan we niet meer voor onszelf in."

5) Pedofobie

Ingegooide ramen, scheldpartijen en fysiek geweld. Van een min of meer getolereerde minderheid zijn pedofielen veranderd in de paria’s van de samenleving.

Loopt de volkswoede uit de hand?

‘Vroeger was er een grotere acceptatie van mensen die niet aan de norm voldeden

Ellen de Visser in Volkskrant 19-03-99

HONDERDEN sympathiebetuigingen kreeg Cor. J. de afgelopen maanden in het huis van bewaring.

Een 82-jarige dame schreef hem dat ze graag zijn straf zou willen uitzitten. Van een sportschool uit Den Haag kwam een hele doos post. Een ingenieur bood aan hem financieel te ondersteunen. Er kwamen kaarten met 'We love you Cor'.

Ook in de gevangenis geniet hij respect. Hij krijgt de lege flessen van de buren voor het statiegeld en als zijn telefoonkaart op is, kan.hij er altijd een lenen. Het delict waarvoor J. vastzit, spreekt tot de verbeelding van veel ouders van jonge kinderen.Vorig jaar deelde hij een paar klappen uit aan de pedofiel die zijn tienjarige zoontje Michel had misbruikt. De man overleed zes weken later.

Het hoger beroep tegen J. diende afgelopen woensdag. De rechtbank in Roermond veroordeelde hem een half jaar geleden tot vierenhalf jaar cel. In de bezoekersruimte van het huis van bewaring in Grave toont hij zich bitter over zijn lot. Een robuuste, rossige veertiger met een goeiige uitstraling. 'Ik heb die man niet dood gewild. De rechter heeft een voorbeeld willen stellen om eigenrichting tegen pedofielen de kop in te drukken.'

Wie de gebeurtenissen van de afgelopen maanden op een rijtje zet, kan concluderen dat die missie niet is geslaagd. In Amsterdam, Deventer en Urk werden (vermeende) pedofielen belaagd. Een vrouw uit Roelofarendsveen wist met een handtekeningenactie de komst van een pedofiel naar haar wijk te voorkomen. In Roermond moest de burgemeester buurtbewoners vorige week tot kalmte manen nadat zij een lastercampagne waren begonnen tegen een ontuchtpleger. Een zwembad in Soest wil mannen die in hun eentje willen zwemmen de toegang op woensdagmiddag ontzeggen.

Er is sprake van een 'pedofobie', zegt hoogleraar seksuologie J. Frenken. Pedofielen zijn de nieuwe paria's van de samenleving.

Frenken hoorde onlangs op een internationale conferentie dat het probleem in veel Europese landen speelt. 'Overal komen wijkbewoners in opstand en worden pedofielen verjaagd.'’

Die massale volkswoede tegen pedofielen en ontuchtplegers is niet nieuw. Gerard Rooyakkers beschrijft in ‘Eer en schande’ hoe in het Brabant van de negentiende eeuw volksgerichten werden uitgevoerd wegens 'seksuele overtredingen'. Woningen werden onder gesmeerd met drek, een pop die het slachtoffer moest voorstellen werd onder ijselijk geschreeuw door het dorp gesjouwd. Ongewenst gedrag, schrijft Rooijakkers, werd zo op rituele wijze bestraft. Maar na zo'n zogeheten charivari werd het slachtoffer gelouterd weer opgenomen in de gemeenschap.

Ook de Groningse psychiater S. van Mesdag schrijft in 1912 in het tijd- schrift voor strafrecht over de 'vergevende liefde' jegens ontucht-plegers.'Ieder van hen blijft door de liefde der zijnen 'een plaats behouden onder de menschen, wordt er door behoed voor uitstooting uit de samenleving, blijft in het bezit van zijn menschenwaarde.'

Maar de vergevingsgezindheid is verdwenen en volksgerichten zijn verbanningsrituelen geworden. Die kentering heeft alles te maken met de veranderde beeldvorming over pedofilie. In de jaren zeventig, tijdperk van de seksuele revolutie, werd het afwijzen van pedofilie bijna als preuts beschouwd en kreeg Eerste Kamerlid en pedofiel E. Brongersma alle vrijheid om zijn standpunten te verkondigen. Maar door de toegenomen openheid over seksueel misbruik brokkelde die sympathie in de jaren tachtig langzaam af.

In ‘Wat doe jij met mijn kind?’ schrijft de pedofiel Sytze van der Velde vanuit de gevangenis over de bedreigingen en de vernielingen aan zijn huis. 'De samenleving wil zich wreken. Opsluiten, castreren en uitroeien die kerels! Is mijn huis al geplunderd?'

De zaak -Dutroux en de recente pleidooien voor registratie van veroordeelde pedofielen en voor levenslange opsluiting van onverbeterlijke pedoseksuelen, hebben de beeldvorming verder beschadigd.

'Het publiek weet niet meer te nuanceren', zegt mr. J. Knap, de advocaat van René G., de pedofiel die eind vorig jaar door buurtbewoners in Amsterdam -Oost uit zijn huis werd verjaagd.

'Sinds Dutroux is iedere pedofiel"een kindermoordenaar.'

Dat proces wordt versterkt door de bovenmatige belangstelling van de media voor alles wat met incest en ontucht te maken heeft, zegt P. Vasterrnan, docent aan de Utrechtse School voor journalistiek, die bezig is met een promotieonderzoek over media hypes.

'Nu de schijnwerpers sinds een aantal jaren op kindermisbruik zijn gericht, zijn er veel meer rechtszaken. Dus komt er meer media-aandacht en dat versterkt weer de angst onder de bevolking. Ontucht is een gruwelijk soort misdrijf geworden.'

Antropoloog S. van der Geest vertelt over een onderwijzer die goed met zijn pedofiele gevoelens kon omgaan, de directie over zijn geaardheid inlichtte en tot ieders instemming onmiddellijk van school werd geweerd. 'Dat is nu het kenmerk van een heksenjacht: de hele groep wordt ongenuanceerd aangevallen.'

Van der Geest vraagt zich af of de wijze waarop ouders het welzijn van hun kind zeker willen stellen niet te ver doorschiet. Advocaat Knap zegt: 'Mensen accepteren niet meer dat je in het leven nu eenmaal bepaalde risico's loopt. Ze willen de overheid overal voor aansprakelijk stellen. Zo ontstaat een bepaalde besmetting, een stemmingmakerij. Ik heb het idee dat ouders met hun handtekeningenacties en volksgerichten een existentiële angst overschreeuwen, de angst dat ze hun kind nooit voldoende in bescherming kunnen nemen.'

Er ontstaat een toenemende neiging tot perfectionisme in de samenleving, erkent P. Margry, volkskundige aan het Meertens-instituut. ' Vroeger was er een veel grotere acceptatie van mensen die op de een of andere manier niet aan de norm voldeden. Nu moet de invloed van het noodlot koste wat het kost worden uitgebannen.' Volgens Margry duidt de culminerende volkswoede tegen ontuchtplegers op het afnemend gezag van justitie. 'De opgelegde straffen worden niet meer hoog genoeg geacht.'

Strenger straffen wordt door deskundigen echter niet als zaligmakend beschouwd. Uit buitenlands onderzoek blijkt dat therapie de kans op recidive verkleint, maar niemand schijnt daar nog van te willen horen. Dadertherapeuten vrezen dat het niet al te lang meer zal duren voordat zich ook in Nederland het zogeheten naming and shaming gaat voordoen. Volgens een recent opinieonderzoek staat 90 procent van de bevolking achter het idee van minister Korthals van justitie om een registratie van pedoseksuelen op te zetten. Een op de drie Nederlanders vindt dat iedereen dat register moet kunnen raadplegen. Drie jaar geleden werden na de zaak - Dutroux in Europees verband al voorstellen gedaan voor het opzetten van een bestand van 'known paedophiles'. De NVSH waarschuwde toen voor de gevolgen. In Amerika en Groot-Brittannië bestaat zo'n register en daar gebeurt het dat pedofielen voor hun eigen bescherming in een politiecel verblijven.

Voor Tiny Geelen uit Almere kunnen maatregelen tegen pedofielen niet ver genoeg gaan. Haar twee kinderen werden met ruim tien andere kinderen uit de buurt misbruikt door een zwakbegaafde jongen. Hij wordt behandeld in een psychiatrische inrichting, maar komt af en toe op weekendverlof De kinderen in de wijk durven niet meer alleen buiten te spelen. 'Geelen wil strengere straffen, betere registratie en een wet die bepaalt dat ontuchtplegers niet meer terug mogen naar de wijk waar ze hun delict hebben gepleegd.

Het SBS 6-programma Hart in Actie vervulde haar 'hartenwens' en liet 1,7 miljoen kaarten drukken met de tekst 'Uw stem helpt voor wetsverandering tegen seksueel kindermisbruik'. Ze is er al vierhonderdduizend kwijt. Bedrijven bellen, winkeliers willen een stapeltje voor op de toonbank en krantenbezorgers delen ze uit in hun wijk. Op het ministerie van justitie komen postzakken vol kaarten binnen. De minister heeft nog niet gereageerd. Antropoloog Van der Geest vindt de angst van ouders begrijpelijk, maar vraagt zich af hoe het verder moet. 'We kunnen een pedofiel met handtekeningen of bedreigingen uit onze wijk houden, maar waar gaat hij dan naar toe? Moet hij in lucht opgaan? Levenslang krijgen? 'Buurtbewoners zijn vooral bezig hun eigen straatje schoon te vegen, zegt hoogleraar

Frenken. Hij noemt de huidige volkswoede tegen pedofielen 'contraproductief’. 'Als er een factor is die recidive in de hand werkt, dan is het de botte sociale verwerping die hen thans ten deel valt. Die leidt tot sociale isolatie en een gering gevoel eigenwaarde.'

J. Staps, hoofd van de jeugd - en zedenpolitie in het district Rotterdam -centrum denkt dat excessen kunnen worden voorkomen als de politie samen met de reclassering een 'monitor systeem' opzet. Staps is lid van de landelijke werkgroep die het ministerie van justitie adviseert. Hij vindt dat notoire pedoseksuelen zich na hun vrijlating verplicht vijf jaar lang regelmatig bij de politie moeten melden.

'Politie en reclassering moeten hen thuis bezoeken. De wijkagent dient te weten welke bewoners geregistreerd staan en hij moet het recht hebben daar naar binnen te gaan. Een pedoseksueel moet weten dat hij in de gaten wordt gehouden. Privacy? De KLM mag toch ook een zwarte lijst van agressieve passagiers aanleggen? Als de overheid kan garanderen dat een pedofiel na zijn straf niet zomaar verdwijnt, wordt het eigen rechter spelen vanzelf minder.'

Procureur-generaal I. van Asperen de Boer eiste woensdag tegen Cor J. vier en een half jaar cel. Zij sprak van een 'crime passionel'. 'De reactie van iemand die zich geraakt voelt in wat hem het meeste dier baar is. Maar wat er ook gebeurt, je mag je nooit vergrijpen aan iemands leven.' Mr. R. Corten, de advocaat van Cor, J. vond een lagere straf afschrikwekkend genoeg. 'Deze zaak heeft twee kanten. Velen hebben Cor laten weten dat ze zijn daad goedkeuren. Maar ik denk dat er maar weinigen zijn die daar daadwerkelijk gevangenisstraf voor over zouden hebben.'

Op de televisie zag Cor dat de buurt na zijn actie een feestje vierde: eindelijk van die engerd verlost. Maar hij heeft de afgelopen tien maanden zijn zoontje slechts twee keer gezien. Hij woont in een kindertehuis omdat zijn moeder na de arrestatie van zijn vader is ingestort. Het kind voelt zich medeschuldig aan het gebeuren.

Cor zegt: 'Dat doet nog het meeste pijn. Ik heb alleen maar mijn zoontje willen beschermen. En dat is op een verschrikkelijke manier misgegaan.'

6) 'Hopelijk maak ik je niet misselijk'

Wat bezielt een man die kinderen misbruikt? Die vraag werd voor Ireen van Engelen een obsessie na haar vondst van een pak sadistisch toongezette brieven van pedofielen.

In haar boek ‘En ze noemen het liefde’ beschrijft ze haar zoektocht naar de slachtoffers, en naar een van de vermeende daders – een voormalig groepsleider van het Burgerweeshuis in Amsterdam.

Door Ellen de Visser; de Voorkant Volkskrant woensdag 09-06-99

OP de zolder van haar nicht vindt lreen van Engelen in 1994 een correspondentie die haar denken en doen de jaren daarna volledig gaan beheersen. Als ze op een zomeravond de stapel luchtpost uit de twee bruine enveloppen haalt, kan ze niet meer stoppen met lezen.

Tot haar hoofd bonkt en haar keel pijn doet bij het slikken. Het zijn maar brieven, houdt ze zichzelf voor, het kan onmogelijk waar zijn. De brieven gaan over seks. Weerzinwekkende seks met kleine jongetjes. Zestig brieven van tien mannen. Geschreven in de eerste helft van de jaren tachtig. Het lijkt op een netwerk: de briefschrijvers richten zich allemaal tot Paul, de neef van Van Engelen die in Indonesië een seksueel walhalla voor zichzelf heeft gecreëerd, maar ze hebben ook onderling contact.

Onder de 'postzegelverzamelaars', zoals ze zichzelf noemen,bevindt zich een Amerikaanse violist van het Amsterdams Philharmonisch Orkest en een hoogleraar van een Nederlandse Universiteit die werkt in Indonesië. Er worden tientallen voornamen genoemd van Nederlandse en Aziatische jongetjes met wie seks wordt bedreven. Sommige kinderen zijn pas drie jaar. 'Wel zo slim er een te pakken die nog niet in opstand kan komen', schrijft een van de pedefielen. 'Ik hoop niet dat ik je misselijk maak met mijn relaas.'

Een stapel van 25 brieven valt op door de sadistische toonzetting. De briefschrijver, Van Engelen noemt hem Lex, blijkt tussen 1981 en 1984 groepsleider te zijn geweest in kindertehuis de Dépendance, onderdeel van het Amsterdamse Burgerweeshuis. Hij heeft fantasieën over kinderen die gillen van de pijn, hij praat over 'waanzinseks', en over, ss -neigingen'. Hij beschrijft pagina's lang hoe hij een 3-jarig jochie in zijn nachtdienst anaal verkracht. Tijdens de verkrachting voelt hij zich als een 'gestapo in het kinderkamp van het concentratiekamp Bergen - Belsen'. 'De angst in zijn ogen deed me bijna komen van opwinding.'

Een volwassene die zo met kinderen omgaat, mag niet vrij rondlopen, vindt Van Engelen. Ze besluit zelf op onderzoek uit te gaan. Lex moet worden gestraft voor zijn daden, de slachtoffers moeten worden opgespoord. Vijf jaar later heeft ze haar zoektocht naar rechtvaardiging vastgelegd in een boek dat morgen bij uitgeverij De Geus verschijnt.

De titel verwijst naar de wijze waarop pedofielen volgens haar hun gedrag steevast goedpraten: En ze noemen het liefde.

De directeur van het weeshuis ontvangt haar aanvankelijk bezighouden.

Geen reactie. De Amsterdamse jeugd - en zedenpolitie toont zich geïnteresseerd. Maar de zaak blijkt verjaard. Bovendien is er geen aangifte gedaan. 'Het was een redenering waar ik voortdurend tegenaan liep,, zegt ze. 'Er was geen klacht, dus had het misbruik officieel niet plaatsgevonden.'

In een interview met een deskundige leest ze dat de gevolgen van seksueel misbruik bijna niet te overwinnen zijn. Het wordt een leven lang worstelen met angsten en depressies. In sommige gevallen, zegt hij, is de dood barmhartig. 'Hoe zou het met de peuter zijn die door Lex stelselmatig in de nachtdienst is verkracht?', vraagt Van Engelen zich af. Ze vindt het adres van de groepsleider en belt bij hem aan. Een magere man met een pluizig baardje. Ze durft hem niet naar het verleden te vragen.

Pedofilie wordt voor Van Engelen een obsessie. Wat bezielt een man die kinderen misbruikt? Het is een vraag die haar niet meer loslaat. Jarenlang bezoekt ze op de derde dinsdag van de maand de bijeenkomsten van de werkgroep pedofilie van de NVSH in Amsterdam. Lex kwam daar ook, hij was er erg enthousiast over. Ze doet mee aan de tombola (lootjes voor een gulden) waarmee foto's van blote kinderen zijn te winnen. Ze worstelt zich door de 'weinig verheffende teksten' in informatiebladen als OK Magazine en Paidika. Ze leest jaarverslagen, doet mee aan discussieavonden. En ze praat met pedofielen over hun achtergrond.

Ze zegt: 'Ik ben ervan overtuigd dat pedofilie geen seksuele geaardheid is waarmee je wordt geboren. Ergens is er in het leven van pedofielen iets erg misgegaan waardoor ze hun emoties alleen nog kwijt kunnen bij kinderen.'

Drie jaar na de vondst van de brieven wordt Lex opgepakt. Nadat Van Engelen de correspondentie aan de jeugd- en zedenpolitie heeft laten lezen, is de groepsleider in de gaten gehouden en afgeluisterd. Bij een huiszoeking hebben agenten kinderporno aangetroffen.

Er volgt een geruchtmakende rechtszaak. Lex wordt verdacht van betrokkenheid bij het maken van kinderpornovideo's in Thailand. In zijn huis heeft de politie bovendien originele opnamen van de zogenoemde Bjorn - tape aangetroffen, een videóband waarop te zien is hoe een Nederlandse jongen ernstig wordt misbruikt en gemarteld. De ontucht in het Burgerweeshuis komt niet aan de orde. De officier van justitie schrijft haar dat de ontucht niet kon worden bewezen. De brieven zouden op fantasie kunnen berusten. Het weeshuis blijkt slechts een jongetje uit de brieven te hebben getraceerd. Hij zit in een daklozenproject en is spoorloos.

Van Engelen noemt de zoektocht van het Burgerweeshuis 'ongeloofwaardig'. ‘Je hebt hun naam, hun geboortedatum, ze zijn naar school geweest. Geef mij de gegevens en ik vind ze.' Het is misschien maar beter zo, krijgt ze van de directie te horen. Kun je volwassenen confronteren met mogelijk misbruik in hun jeugd terwijl ze zich daarvan wellicht niet eens bewust zijn? 'Ze proberen de zaak in de doofpot te stoppen', zegt ze.

Haar boek is een uiterste poging de zaak alsnog onder de aandacht te brengen. Voor haar staat vast dat de brieven op waarheid berusten. Uit de jaarverslagen van het Burgerweeshuis blijkt dat alle feiten die Lex in zijn brieven vermeldt, kloppen. 'Maar alleen de kinderen kunnen vertellen of de afschuwelijke gebeurtenissen echt hebben plaatsgevonden.'

Haar bemoeienis wordt door het Burgerweeshuis niet op prijs gesteld. De directeur verbiedt haar nog contact op te nemen. Hij dreigt met juridische stappen als ze 'een onrechtmatige publicatie jegens zijn organisatie' publiceert. Niemand denkt aan de kinderen, zegt ze. 'Ik zou zo graag willen weten hoe het met ze gaat, of ze hulp nodig hebben. Hoe traumatiserend is het als je op jonge leeftijd bij je ouders wordt weggehaald, in een crisiscentrum belandt en daar ook nog eens wordt misbruikt?

In haar onnozelheid, zegt ze, heeft ze lang gedacht dat ze pedofielen van die nefaste uitwerking van hun handelen kon overtuigen. Maar als ze haar neef in Indonesië op zijn gedrag aanspreekt, laat hij weten contact niet meer op prijs te stellen. Als ze zich op de NVSH - avonden kritisch begint op te stellen, wordt haar de toegang ontzegd.

Ze wijt het gebrek aan inzicht bij pedofielen aan de intellectuele pedofielenlobby: een kleine kring wetenschappers die 'de pedofiele toon zet' en in publicaties seks met kinderen blijft verdedigen. Op NVSH – avonden kwam ze jonge jongens tegen die zich pedofiel waanden. Een kort gesprek, zegt ze, was meestal voldoende om erachter te komen dat er wat anders aan de hand was. 'Verwaarlozing en mishandeling hadden hun zelfvertrouwen vaak zo ondermijnd dat ze dachten bij een pedofielenclub soelaas te vinden voor het onbehagen waarmee ze in de wereld stonden. Zulke jongens kunnen worden bijgestuurd zodat ze hun gevoelens onder controle krijgen.'

De jarenlange bezoeken aan de NVSH - bijeenkomsten hebben haar begrip niet vergroot. Als ze niet meer welkom is, schrijft ze de leden van de werkgroep pedofilie een brief. 'U zegt op te komen voor de seksuele rechten van het kind maar in feite komt u enkel en alleen op voor uw eigen seksuele belang.' Antwoord blijft uit.

Lex wordt in hoger beroep veroordeeld tot drieëneenhalf jaar cel. Hij wenst niet te worden behandeld want met hem is niks mis. Hij zegt dat de geboorte van zijn zoon hem heeft veranderd. Zijn Belgische vriendin, die wordt verdacht van betrokkenheid bij de vervaardiging van de kinderporno, noemt hem 'een fantastische vader'. 'Ik kan me er niets bij voorstellen', schrijft Van Engelen. Ze denkt aan de brief uit februari 1984 waarin hij schrijft over zijn ouderschapswens. ' Wie weet zijn we er wat blij mee. Een zogenaamd appeltje voor de eenzaamheid, waar ik nu al, erg bang voor ben.'

In een laatste poging de volledige namen van de misbruikte kinderen te achterhalen, probeert ze het strafdossier van Lex in te zien. Haar aanvraag wordt geweigerd: de eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer staat voorop. Over het onderzoek van de Belgische politie naar de vriendin van Lex heeft ze nooit meer iets vernomen. Lex is alweer een half jaar op vrije voeten. 'Niet behandeld dus mét zijn asociale persoonlijkheid, mét zijn pedofiele stoornis, mét zijn recidivegevaar en mét de gevoelens die hij heeft ontwikkeld in de gevangenis.' Na lang twijfelen heeft ze besloten een aantal fragmenten uit de gruwelijke correspondentie in haar boek op te nemen. 'Die brieven hebben mijn leven totaal op zijn kop gezet. Ik wil dat ook anderen ervan doordrongen raken dat kinderverkrachters weinig menselijks in zich hebben.'

Ireen van Engelen: En ze noemen het liefde. De Geus; 192 pagina's; fl 34,90. ISBN 905226726X

‘Geen Doofpot’

Directeur Th. Binnendijk van het Burgerweeshuis in Amsterdam ontkent dat het kindertehuis heeft geprobeerd de affaire rond de verdachte ex-medewerker 'in de doofpot' te stoppen.

'We hebben een uitgebreid onderzoek verricht, in de eerste plaats onder medewerkers die hier begin jaren tachtig werkten. We zijn tot de bodem gegaan, hebben in samenspraak met de recherche geprobeerd ex-pupillen te achterhalen, maar het heeft niets opgeleverd.

'Voor ons staat daarom niet vast dat er misbruik heeft plaats-gevonden. Van Engelens betoog is uitsluitend gebaseerd op die brieven, er zijn geen andere feiten achterhaald die haar verhaal ondersteunen. En die brieven kannen fantasie zijn.'

Desondanks wil Binnendijk niet uitsluiten dat alles toch op waarheid berust. 'Wij zijn voorbereid op de mogelijkheid dat zich alsnog ex-pupillen melden, zeker nu de publiciteit op gang komt. We moeten klaar zijn om hulp te bieden.' Het Burgerweeshuis beraadt zich intussen nog op juridische stappen tegen het boek.