We hebben 151 gasten online

Woordenlijst Feniks Overzicht Geschiedenis H 2 Vwo/Havo

Gepost in Tweede Fase 1e druk Overzicht gs

gamemnon

Koning over Mycene en Argos de machtigste van de Griekse vorsten. Voerde oorlog tegen Troje.

Alexander de Grote

Macedonische generaal die het Perzische rijk onderwierp en het Hellinisme verspreidde.

Aphrodite

Griekse God van de liefde. Werd bij de Romeinen Venus genoemd.

Ariovistus

Germaanse vorst.

Aristocratie

Regering door een groep mensen.

Aristocraten

Grootgrondbezitters die als groep politieke macht uitoefenden.

Aspasia

Vriendin van Pericles.

Athene

Grootste stadstaat Griekenland.

Autocratie

Regering door één persoon.

Bestuursvorm Athene

Eerst een aristocratie en een koning, daarna democratie

Carneades

Griekse Sofistische filosoof.

Centurio

Was een rang in het Romeinse leger. De centurio had het bevel over een centuria. Zo'n centuria bestond uit ongeveer honderd man en daarom is een andere naam voor de centurio ook wel honderdman.

Cicero

Romeinse schrijver, politicus en filosoof.

Cleopatra

Koningin van Egypte, van Griekse afkomst.

Consul

Er waren er in Rome twee om te voorkomen dat één persoon de macht greep. Waren voorzitter van de Senaat en aanvoerder van het leger. Werden voor één jaar benoemd.

Democratie

Een regering door het volk.

Dictator

Alleenheerser.

Directe Democratie

Iedereen die stemrecht heeft mag zijn stem uitbrengen.

Elbe-politiek

Poging van Caesar Augustus om het Germaanse gebied tot aan de Elbe te veroveren.

Emerita Augusta (Merida)

Een kolonie in Spanje van voornamelijk Romeinse veteranen (oud-soldaten).

Epos

Een lang verhaal in de vorm van een gedicht over mensen die heldendaden hebben verricht.

Etrusken

Volk dat een koninkrijk vormde voordat Rome zich ontwikkelde tot het Romeins Imperium. (753-509)

Euripides

Tragedieschrijver in Athene van de vijfde eeuw voor Christus.

Filhellinisme

Positieve houding tegenover de Griekse cultuur.

Hannibal

Cartaagse generaal die de Romeinen schrik aanjoeg.

Hasdrubal

Cartaagse commandant in Spanje.

Hellenistische cultuur

Een onderdeel van de Griekse cultuur, namelijk de Griekse cultuur van ca. 330-30 v. Chr.

Heloten

De bevolking van het gebied veroverd door de Spartanen die voor de dagelijkse voorzieningen zorgden.

Herodotus

Vader van de geschiedschrijving (485-420).

Hippocrates

Vader van de medische wetenschap (460-380).

Hopliet

Soldaat te voet.

Imperialisme

Het veroveren van een moederland van veel koloniën.

Keizer

Oorspronkelijk een eigennaam. Augustus, de eerste keizer (30 v.Chr. - 14 n.Chr.), heette officieel Caesar [uitspraak: Kaisar]. Toen latere keizers (ook als ze geen familie waren) Caesar Augustus achter hun naam gingen zetten, werd Caesar een titel. De keizer was de machtigste man in het Romeinse Rijk: zijn uitspraken golden als wet, hij was opperbevelhebber van het leger en had de kas om het leger te betalen, hij kon alle andere besluiten tegenhouden met zijn veto-recht.

Latium

De streek in Italië waar Rome ligt.

Legioen

Het Romeinse leger werd ingedeeld in legioenen. Een legioen bestond uit ongeveer 5000 soldaten

Limes

Grenssysteem van legioenskampen, kleinere kampen (castella) en wachttorens.

Metoikos

Inwoner van Athene uit een andere stad. Had geen stemrecht

Oligarchie

Raad van ouderen. (oligos = weinig)

Participeren

Deelnemen aan.

Peleponnesische oorlogen

Oorlog tussen de stadstaten Athene en Sparta en hun bondgenoten (431-404). Sparta won uiteindelijk.

Pericles

Veldheer en staatsman van Athene.

Perioken

Inwoners van plaatsen rond Sparta. Hadden alleen zelfbestuur, geen volledig burgerrecht.

Plato

Atheense filosoof.

Plutarchos

Plutarchos was een Griek. Hij leefde van ca. 50 - 120 n.Chr., toen Griekenland deel was van het Romeinse keizerrijk. Behalve levensbeschrijvingen van beroemde Grieken en Romeinen heeft hij ook veel filosofische werken geschreven. In de tijd dat Plutarchos schreef, waren bijna alle genres erg beïnvloed door retorica: hoe je schreef was minstens net zo belangrijk als wat je schreef.

Pnyx

Heuvel in Athene waar de volksvergadering werd gehouden.

Proconsul

Het jaar nadat je consul was, kreeg je een provincie toegewezen om te besturen namens de consul (pro consule).

Polybius

Griekse geschiedschrijver.

Poseidon

Griekse God van de zee. Werd bij de Romeinen Neptunes.

Punische oorlogen

De eerste Punische Oorlog ( 264-241 voor Chr.) werd gewonnen door de Romeinen. Hierdoor kregen ze Sicilië in handen. In de tweede Punische Oorlog (218- 201 voor Christus) kreeg Rome te maken met Hannibal. Deze voerde 14 jaar oorlog in Italië tegen Rome en hij won steeds. Rome werd door hem niet aangevallen en uiteindelijk werd Hannibal door Cartago teruggeroepen. De Romeinen versloegen de Cartagers in Afrika en sloten eeen gunstige vrede.

Protagoras

Een van de belangrijkste Sofisten. Vriend van Pericles.

Queastor

Hoogste financiële functionaris in Rome.

Regering van dertig

Na de overwinning van Sparta in 404 v. Chr. regeerden zij over Athene. In 403 verdwenen ze weer en werd de democratie hersteld.

Senaat

Raad van 600 leden (vóór de eerste eeuw 300, tijdens Caesar 900). Zuiver juridisch gezien was de senaat een adviesorgaan, maar omdat er alleen maar rijke oud-bestuurders inzaten, was het eigenlijk de senaat die regeerde. Dat kwam ook omdat de ambtstermijn van consuls en andere magistraten maar één jaar was. De senaat was de constante factor in de Romeinse politiek. Dat veranderde pas in de loop van de eerste eeuw v. Chr. toen de legeraanvoerders steeds belangrijker werden.

Slag in het Teutoburgerwoud

Vond plaats in 9 na Chr. De Germanen versloegen daar de Romeinse commandant Varus met zijn drie legioenen.

Socrates

Filosoof, tegenstander van de Sofisten. Speelde een belangrijke rol in de Atheense politiek. Werd gedwongen de gifbeker te drinken.

Sofisten

Rondtrekkende redenaars. Gaven cursussen op het gebied van filosofie, politiek en communicatie.

Spartiaten:

Zwaarbewapende soldaten die de bovenlaag van de maatschappij vormden in Sparta. De enige burgers met rechten.

Staatsvorm Sparta

Mengvorm monarchie, oligarchie (raad van ouderen) en democratie(volksvergadering).

Theseus

Volgens de Mythen was Theseus de koning die alle inwoners van Attica heeft samengebracht in de polis Athene en die het politieke systeem heeft ingesteld. hij werd ook beschouwd als de grondlegger van de democratie in Athene.

Tyrannos

In de Griekse geschiedenis een staatsvorm (vooral in de 7e en 6e eeuw), waarbij één persoon de macht greep met steun van het volk. Het woord 'tyrannos' had bij de Grieken aanvankelijk niet de negatieve betekenis die tiran nu bij ons heeft.

Wetenschap

Het proefondervindelijk vaststellen van wetmatigheden.

Zeus

Griekse oppergod werd bij de Romeinen Jupiter genoemd.