We hebben 196 gasten online

Invuloefening Feniks Hoofdstuk 2 Echt Klassiek!

Gepost in Tweede Fase 1e druk Overzicht gs

Invuloefening Feniks Hoofdstuk 2 Echt Klassiek!

tijdvak 2

Griekenland bestaat uit … ………. en …………………………..……eilanden………

……………………… hadden de meeste macht. Door ….. ……………….….. ontstonden vanaf ……. ………….voor Christus zelfstandige stadstaatjes, die we …………………………. noemen.

Het voedseltekort dat was ontstaan werd opgelost door

1) ………………………………………………………………..

2)…………………………………………………………………………………..

Met .. ………………………..….. bedoelen we…………………………………..…. van de Griekse cultuur.

Een .. ……………………………………..… is een ………………. ……………………………..uit een andere stad.

De Spartanen werden onderhouden door de …………………………………….…. , omdat de Spartaanse mannen niet beschikbaar waren door … …………………………………….…….

De raad van ouden is een …. …………………………… en is een vorm van ……………………………….

Naast democratie kennen we ook nog …………………………..…. Waarbij een iemand de leiding heeft.

………………………………………. waren een soort rondtrekkende redenaars op het gebied van filosofie, politiek en communicatie.Enkele van hen waren ………… … en …………………………………………….…..

…………….. was er een tegenstander van.

Sparta en Athene voerden de ………………………………………..…………..met elkaar. Die gewonnen werd door ..…, die een …………………………….….. vormde.

…………. ……… was een staatsman uit Athene en ………………….………. wordt wel de vader van de medische wetenschap genoemd.

De Romeinen veroverden in de loop van de derde eeuw voor Christus ……. ………………………………………………………………………………………………..

…………, waardoor ze voor het eerst in contact kwamen met de……………………………………

……………………..……………… hadden de ………..……. weinig in te brengen, maar op het gebied van …………. … en …………………………………………….…

moesten ze de overwinnaars alles leren.

De positieve houding ten opzichte van de Griekse cultuur noemen we …. ………………………..………

………. staat bekend als de strenge vertegenwoordiger van de oude Romeinse waarden.

De Romeinen brachten twee belangrijke verbeteringen in de bouwkunst aan…………………… en de ………………..………

Zonder deze verbeteringen waren … …………………………. niet mogelijk geweeest.

De Carthagers werden door de Romeinen …………….. …….. genoemd.

De Romeinen voerden …………………………………. tegen de Cartagers, die we de … …………………………………… ….. noemen.

De Romeinen wonnen uiteindelijk in …..…..voor Christus.

Toch duurde het nog twee eeuwen voordat …. ………….. onder Romeinse controle kwam.

Onder Romanisering verstaan we de …..……………………………………………………….

De Romanisering van het Iberisch schiereiland verliep opvallend traag, onder andere doordat de Cartagers …………………….……….ontwikkeld waren.

In de steden was de Grieks-Romeinse cultuur het beste ontwikkeld. Elke stad had een …………..…. En natuurlijk een ………………………..….

De burgeroorlog tussen ………….. en …………………………….. werd gewonnen door …………...

Deze werd in 45 voor Christus……………….

Dit leidde uiteindelijk in de Senaat tot de …………………………. … van Ceasar.

Zijn opvolger werd … ………………….….. die regeerde van…..….. voor Christus tot … ….. na Christus…..

Met de Elbe-politiek wordt bedoeld dat …………… …………………………………………………………………………….

Deze werd in 47 na Christus opgeheven en de …………... en de …………………….… werden de nieuwe grenzen.

Tegelijkertijd begon men met de aanleg van … ……………………….…. Een systeem van legerkampen en wachttorens.

De druk van de ………….. …. Stammen begon toe te nemen en in de derde eeuw was er sprake van …. …………. en … …………………………………… crisis.

Het West-Romeinse Rijk hield op te bestaan in …… na Christus.

Het …………………. ……………….. zou tot ………………… blijven bestaan.

Het christendom was net als het jodendom een … …………………………….……….. godsdienst.

Keizer ……………………………… hief het verbod op het christendom op in het jaar ……..… .