We hebben 155 gasten online

Memo

5e druk MeMo Havo Hoofdstuk 3 Tijd van ontdekkers ...
25 mrt 2020 10:45

TIJD VAN ONTDEKKERS EN HERVORMERS Blz. 72-89 3. Veranderend mens- en wereldbeeld In dit hoofdstuk wordt de periode van de renaissance, de ontdekkingsreizen en de hervorming behandeld. Het verandere [ ... ]

Memo 4e drukVerder lezen

MeMo Vwo mod 5 hfst 2 Nederland en de V.S. vanaf 1870

Gepost in Modules

Vwo MODULE 5 Nederland en de V.S. vanaf 1870 Hoofdstuk 2 Van Roaring twenties naar crisis

Economische opbloei werd gevolgd door economische crisis

Deelvraag: Wat waren de oorzaken van de crisis en hoe gingen de overheden van de V.S. en Nederland die te lijf?

2.1 Voorbodes van de crisis in de V.S.

1a Auto-industrie bloeide--- productiviteit steeg met 100% door rationalisatie en efficiency

1b In andere industrietakken ging het niet goed. Er was sprake van structurele werkeloosheid.

1c Landbouw had na de 1e wereldoorlog overproductie en grote schulden------Faillissementen

2. Een procent van de bevolking speculeerde, velen met geleend geld. Geld om te lenen was gemakkelijk en goedkoop.

3. Arbeidsproductiviteit was hoger, maar de arbeidsinkomsten stegen niet mee. Dit leidde tot overproductie.

2.2 Overheid in de jaren twintig

Geloof in vrije marktmechanisme zeer hoog. Republikeinse presidenten tegen overheidsinvloed in economie wel in de moraal--- alcoholverbod

2.3 Crisis

29 oktober 1929 instorting beurskoersen.

- In de jaren die volgden verloor een op de vier Amerikanen zijn baan en werden de lonen gehalveerd.

- Industriële productie in 1932 nog maar de helft van 1929.

- Veel Amerikanen gedesillusioneerd in 1932

- 13 miljoen werklozen, waarvan maar 25% een uitkering kreeg

- Velen gaven zichzelf de schuld “ self made man”

- Er ontstonden krottenwijken: Hoovervilles” genaamd

memo hfst 3 afb 7

werkeloosheid van 1930-1940 in de Verenigde Staten

2.4 Houding Amerikaanse overheid

memo hfst 3 afb 6

F.D.Roosevelt won de verkiezingen in nov. 1932 en werd president in januari 1933.

Hij ontwikkelde de New Deal met de bekende letterwetten o.a.

- AAA—Agriculteral Adjustment Act: met boeren werden afspraken gemaakt over vastgestelde prijzen voor hun producten en voor het tijdelijk braak laten liggen van hun grond.

- FEA—Werklozen kregen een door de staat gegeven uitkering.

- TVA—Tennesy Vally Autority—Er werden stuwdammen gebouwd in de rivier de Tennesy waardoor opbrengst elektriciteit en men kon land irrigeren.

- NIRA—National Industrial Recovery Act: Instelling minimumlonen, maximumwerktijden, verbod op kinderarbeid.

- SSA—Social Security Act—eenvoudig systeem van Sociale Verzekeringen.

memo hfst 3 afb 8

Er kwam oppositie van Republikeinse kant die Roosevelt verweten socialistische neigingen te hebben.

Resultaten

Tot 1936 had de New Deal succes en de totale productie was weer even groot als in 1926 maar er ontstond een nieuwe recessie.

Pas tijdens de 2e wereldoorlog verdween de werkeloosheid en niet iedereen werd met de New Deal bereikt in de samenleving.

memo hfst 3 afb 9

2.5 Opkomst van grote bedrijven in Nederland

De Nederlandse economie ontwikkelde zich op grote afstand van de Amerikaanse. De concentratietendens in het bedrijfsleven kwam in Nederland pas na de 1e Wereldoorlog op gang. Enkele voorbeelden Philips, Unilever, Shell en Aku. Ook de kapitaalgoederenindustrie kwam op gang.

Het maatschappelijk leven was verzuild.

De regeringen in Nederland waren net als in de V.S. conservatief maar in de uitwerking toch anders want er werd een begin gemaakt met een steunregeling.

In 1918 beging Troelstra leider van de SDAP een grote vergissing door in Nederland analoog aan elders in Europa de revolutie uit te roepen. Zijn poging mislukte maar leidde wel tot de indiening van een aantal sociale wetten zoals invaliditeitswet, ouderdomswet en een achturige werkdag.

memo hfst 3 afb 10

memo hfst 3 afb 11

 

2.6 Crisis

In Nederland was sprake van een geïmporteerde crisis omdat Nederland in toenemende mate afhankelijk was van andere landen. Deze landen besloten ook nog hun eigen economie te beschermen o.a. door de importprijzen te verhogen.

De export en import werd gehalveerd. Door kostenverlaging en dus ook verlaging van de lonen werd geprobeerd markten terug te winnen. In Nederland was een kwart van de mensen werkloos.

Dit leidde tot veel sociale onrust en stakingen waarbij zelfs doden vielen(muiterij Zeven Provinciën).

Net als in de V.S. raakte men gedemoraliseerd

2.7 de houding van de Nederlandse overheid

Bijna de helft van de werklozen kreeg geen hulp. Diegenen die geen hulp kregen, hadden in de ogen van de regering “ geen waarde” voor het productieapparaat.

De regeringen in die tijd bestonden uit confessionelen en ( vrijzinnig) liberalen. De regering bezuinigde op ambtenarensalarissen en werkeloosheidsuitkeringen.

memo hfst 3 afb 12

memo hfst 3 afb 13

Min- President Colijn hield vast aan de Gouden Standaard, zodat Nederland voor het buitenland een erg duur land werd. Colijn probeerde de gevolgen op te vangen door reparatiewetgeving wat alleen maar tot hogere prijzen leidde om uiteindelijk toch de gouden standaard als laatste te verlaten.

Ook in Nederland gingen stemmen op om de rol van de overheid te vergroten.

De SDAP kwam met het Plan van de Arbeid

memo hfst 3 afb 14

geïnspireerd op de New Deal. De andere partijen vonden het teveel op staatssocialisme lijken.

Extra termen en begrippen Hoofdstuk 2

1. Speculeren: Door het kopen van aandelen hopen op koerswinst. In de twintiger jaren deed men dat veel met geleend geld in de Verenigde Staten.

2. Conjuncturele Werkeloosheid: Werkeloosheid die ontstaat door een tijdelijke teruggang in de economie.

3. Alcoholverbod: Volstead Act. Wet die het nuttigen van alcohol verbood. De praktijk was dat alcohol fabricage en verkoop in het criminele circuit terechtkwam.

4. Vrije Marktmechanisme: Onderdeel van de Klassieke liberale economie. De overheid laat de markt haar werk doen en grijpt niet in.

5. Beurskrach: Het ineenstorten van de aandelenbeurs van Wall Street op 29 oktober 1929. Door deze ineenstorting werd de wereld in een economische depressie geduwd.

6. Letterwetten - New Deal: Letterwetten uitwerking van de New Deal (zie punt 7) New Deal: economisch hulpprogramma van F.D. Roosevelt om de economische crisis te overwinnen. Overheid grijpt dus in.

7. A. A. A., T. V. A., N.I.R.A. Agriculteral Adjustmand Act: Boeren kregen voor hun produkten afgesproken prijzen en konden tegen betaling grond braak laten liggen.Tennesy Valley Autority: Grote infrastructurele werken waarbij men stuwdammen bouwde en miljoenen Amerikanen werk bezorgde. National Industrial Recovery Act: In deze wet werden o.a. afspraken gemaakt over minimumlonen en werktijden.

8. Work Progress Administration: Uitvoeringsorgaan van de wetten van de New Deal.

9. Social Security Act: Een van de letterwetten die in Amerika een nog zeer eenvoudig systeem van sociale verzekeringen deed ontstaan.

10. Protectie: Beschermen van de eigen binnenlandse markt.

11. Troelstra: Leider van de SDAP die in 1918 een mislukte poging ondernam tot het uitroepen van een revolutie in Nederland.

12. Confessionelen: Mensen die de bijbel in hun politiek handelen centraal stellen.

13. Colijn: Man die vijf keer Minister-president van Nederland is geweest in het Interbellum. Werd vooral bekend door zijn vasthouden aan de gouden standaard.

14 Plan van de Arbeid: Plan van de SDAP om de rol van de overheid bij het oplossen van de

economische crisis in Nederland te vergroten. Afgekeken van de New Deal in de V.S.

Vragen naar aanleiding van de tekst:

Deelvraag 5.2: Wat waren de oorzaken van de crisis en hoe gingen de overheden van de VS en Nederland die te lijf?

Onderdeel 2.1Voorbodes van de crisis in Amerika

1) Welke industrie floreerde vooral in de jaren twintig in de VS?

2) Toon aan dat de bedrijfscultuur veranderd was.

3) In welke industrietakken ging het niet zo goed?

4) Beschrijf de ontwikkeling in de landbouw.

5) Beschrijf de vreemde kanten aan de bloei van de Amerikaanse economie.

Onderdeel 2.2. : De overheid in de jaren twintig

1) Waar waren de presidenten Harding en Coolidge vooral op uit?

2) Wat wordt bedoeld met: "De grote bedrijven werden flink geholpen door de hoge tariefmuren"?

3) Bemoeide de overheid zich met de economie? Verklaar je antwoord.

4) Toon aan dat er sprake was van een 'dubbele moraal'.

5) President Hoover zag de toekomst met vertrouwen tegemoet. Toon aan dat het vertrouwen onjuist was.

Onderdeel 2.3 Crisis

1) Beschrijf de ontwikkelingen van 29 oktober 1929.

2) Noem alle presidenten in het Interbellum in chronologische volgorde en noem daarbij de partij waartoe ze behoorden.

3) Wat waren de gevolgen van de beurskrach van oktober 1929?

4) Waarom zochten de mensen de schuld vaak bij zichzelf?

5) Wat zijn "Hoovervilles'?

Onderdeel 2.4 De houding van de Amerikaanse overheid

1) Wat veranderde er door de komst van F.D. roosevelt?

2) Beschrijf de maatregelen van de New Deal en de zogenaamde letterwetten.

3) Welke oppositie ontstond er tegen de maatregelen van Roosevelt?

4) Waardoor ontstond er een nieuwe recessie in 1936?

5) Waardoor verdween uiteindelijk de werkeloosheid?

6) Welke groepen profiteerden niet of weinig van de New Deal?

Onderdeel 2.5 Opkomst van grote bedrijven in Nederland

1) Wat verstaan we onder de Verzuiling?

2) Wanneer ontstond in Nederland pas de concentratie-tendens en geef daar een paar voorbeelden van.

3) Schetst de ontwikkeling van de landbouw na de 1e Wereldoorlog.

4) Wat zijn de protectiemaatregelen?

5) In de industrie steeg de arbeidsproductiviteit enorm. Leg dat uit!

Onderdeel 2.6 Crisis

1) Waarom wordt de crsis die in Nederland uitbrak een geimporteerde crisis genoemd?

2) Beschrijf de economische crisis in Nederland.

Onderdeel 2.7 De houding van de Nederlandse overheid

1) Welke partijen vormden in het Interbellum de regeringen?

2) Wie was Colijn?

3) Beschrijf de werking van de gouden standaard.

4) Waarom werd de SDAP in het Interbellum buiten de regering gelaten.

5) Waarom is er sprake van een reparatiewetgeving?

6) Volgens de SDAP was er : 'sprake van een afzetcrisis veroorzaakt door gebrek aan koopkracht'. Leg dat uit!

7) Waar was het Plan van de Arbeid gedeeltelijk op geïnspireerd?

Zie verder module 5 hoofdstuk 3 MeMo Vwo mod 5 hfst 3 Nederland en de V.S. vanaf 1870