We hebben 170 gasten online

Memo

5e druk MeMo Havo Hoofdstuk 3 Tijd van ontdekkers ...
25 mrt 2020 10:45

TIJD VAN ONTDEKKERS EN HERVORMERS Blz. 72-89 3. Veranderend mens- en wereldbeeld In dit hoofdstuk wordt de periode van de renaissance, de ontdekkingsreizen en de hervorming behandeld. Het verandere [ ... ]

Memo 4e drukVerder lezen

Recensie 'Balans' memoires Onno Ruding

Gepost in Geschiedenis

Balans Onno Ruding

Onno Ruding is bij het Nederlandse publiek vooral bekend als minister van Financiën in de kabinetten – Lubbers I en II. Zeven jaar van 1982 tot 1989. Nederland zat midden in een economische crisis (de ‘Dutch Disease’) genoemd. Hij was de man die de overheidsfinanciën zou saneren. Daarbij had hij te maken met niet alleen kritiek van de oppositie maar ook van de regeringspartijen CDA en VVD. Bijna de helft van zijn memoires is aan deze periode gewijd. Hij was al eerder gevraagd als minister van Financiën, nadat Frans Andriessen in 1980 aftrad omdat hij te weinig werd gesteund door zijn collega’s toen hij meer wilde bezuinigen. Ruding weigerde dat toen maar in oktober 1982 werd hij na een verzoek van premier Lubbers toch minister van Financiën.

Ruding kwam in 1939 in Breda ter wereld en zou enig kind blijven. Zijn vader was chirurg en zijn moeder had rechten gestudeerd. Ruding ging naar het Gymnasium en daarna economie studeren in Rotterdam. Naast zijn economische studie haalde hij ook nog een kandidaatsexamen econometrie. Studiegenoten van Ruding waren Ruud Lubbers, Jan Pronk en Neelie Kroes.

Na afronding van zijn studie ging Ruding werken als ambtenaar bij het Ministerie van Financiën. Van 1976 tot 1980 werkte Ruding als bewindvoerder bij het IMF te Washington DC. Daarna maakte hij de overstap naar de AMRO Bank. Om in 1982 terug te keren op het ministerie van Financiën, maar nu als minister. Ruding werd vooral bekend als de verpersoonlijking van het bezuinigingsbeleid. Uit de beschrijving van die jaren op Financiën blijkt dat hij recht in de leer en onbuigzaam was. Daarbij blijkt uit zijn memoires dat ook Ruud Lubbers niet altijd aan zijn zijde stond in zijn pogingen de overheidsuitgaven te saneren. Daar waar dat niet lukte geeft Ruding als oorzaak het feit dat de inkomsten van de aardgasbaten fors terugliepen met alle gevolgen voor de staatsinkomsten. Ook geeft Ruding vooral aan dat er financiële overschrijdingen waren bij het Ministerie van Onderwijs onder leiding van minister Deetman. Uiteindelijk leidde dit naast het afschaffen van het reiskostenforfait tot de val van het kabinet Lubbers II. Het kabinet Lubbers III zou worden gevormd in samenwerking met de Pvda en niet met de VVD. Het was voor Ruding het moment om afscheid te nemen als minister van Financiën.

De beschrijving van de kabinetten Lubbers I en II geven een mooi inkijkje in de toenmalige dagelijkse politiek. Dat Ruding niet altijd werd begrepen was duidelijk zeker ook na zij opmerking dat werklozen niet snel bereid waren elders een baan te accepteren. Ook valt op dat Ruding minutieus erin slaagt zijn standpunten in zaken duidelijk voor het voetlicht te brengen. Zelfs steekt hij zijn mening over allerlei zaken niet onder stoelen of banken ook na zijn periode als minister van Financiën.

Een aantal jaren vervulde Ruding allerlei functies en was hij voorzitter van de christelijke werkgeversorganisatie NCW om daarna in 1992 terug te keren naar de Verenigde Staten waar hij topfuncties bij de Citybank vervulde. En ja daarbij kwam hij ook in aanraking met Donald Trump die diep in de schulden zat. Zijn beschrijving van de werkzaamheden voor de Citybank laten heel goed zien dat toen al sprake was van het feit dat de liquiditeit van banken er slecht voorstond. Maar ook hier geeft Ruding uiteindelijk aan dat sinds zijn aantreden er veel ten goede veranderde (zie overzicht blz. 456). Dat Ruding er bij het aanvaarden van het ministerschap er 80% in inkomen op achteruitging heeft hij naderhand goed kunnen maken tijdens zijn directiefunctie bij de Citybank. Dat laat onverlet dat ook Ruding zich sterk uitspreekt tegen de zogenaamde bonuscultuur. De laatste jaren van zijn werk bij de Citybank deed hij dat vanuit Brussel. In 2003 ging hij bij de Citybank met pensioen. Na zijn pensioen vervulde Ruding nog een aantal commissariaten. In deel IV Epiloog van zijn memoires is zijn conclusie allerminst ‘dat ‘vroeger’ alles beter was of dat ‘vroeger’ bijna alles slechter was’. Niettemin geldt het gezegde: ‘those who do not know the history will have no future’. Daar sluit ik me volledig bij aan.

Titel: Balans

Auteur: Onno Ruding

Uitgeverij:  Boom ISBN 9789024431755 € 49,90