We hebben 121 gasten online

MeMo VWO 4e dr Hoofdstuk 11 Leven in een massasamenleving

Gepost in Memo 4e druk

Hoofdstuk 11 Leven in een massasamenleving

tijdvak 9

11.1 Een moderne wereld

11.2 De Eerste Wereldoorlog

11.3 De Sovjet-Unie

11.4 De Verenigde Staten

11.1 Een moderne wereld

# Een nieuwe eeuw breekt aan.

Er gebeurde van alles in de wereld maar drie ontwikkelingen vielen erg op:

1) Er waren veel mensen. Vooral in de West-Europese steden en industriegebieden steeg het aantal inwoners sterk. De bevolkingsgroei was onder andere te danken aan een betere hygiëne . Er was stromend water, een riool voor afvalwater en men begon steriel te opereren. Geleerden ontdekten de bacillen die gevaarlijke ziekten veroorzaakten zoals pest, tyfus, tetanus en difterie. Die kon men nu bestrijden.

2) Mensen konden steeds grotere afstanden overbruggen door nieuwe vervoermiddelen als de auto, metro, tram en later het vliegtuig. Ook de aanleg van spoorwegen speelde daarbij een grote rol. Net als de aanleg van het Suezkanaal al eerder, zorgde de aanleg van het Panamakanaal voor aanzienlijke tijdwinst.

3) Door nieuwe communicatiemiddelen kon cultuur, kennis en informatie op een snellere manier worden overgebracht. Men ging meer naar de radio luisteren en een bioscoop bezoeken. Ook de introductie van telefonie vond plaats.

Door deze ontwikkelingen veranderde de samenleving van West-Europa en de VS ingrijpend, zeker in de steden. Er was een moderne samenleving ontstaan, die ook uitgroeide tot een massasamenleving.

# De Tweede Industriële Revolutie: nieuwe mogelijkheden, nieuwe problemen.

De ontwikkelingen die in de 20e eeuw zichtbaar werden waren in de 19e eeuw al in gang gezet. Rond 1875 kwam de technologische ontwikkeling in een stroomversnelling. We spreken over een Tweede Industriële Revolutie. Deze onderscheidde zich van de eerste door het gebruik van elektriciteit, staal en verbrandingsmotoren op benzine of diesel. Er ontstonden nieuwe industriën zoals de chemische en elektrotechnische industrie.

In deze nieuwe fase kon men sneller en goedkoper produceren. De invoering van de lopende band speelde daarbij een rol. De nieuwe producten die werden geproduceerd hadden grote invloed op het leven van de mensen. Lang niet iedereen kon zich die producten veroorloven, maar een steeds groter wordende groep wel.

De vooruitgang in wetenschap en techniek leidde tot groot optimisme, maar ook tot cultuurpessimisme. De cultuurpessimisten vreesden dat de verfijnde westerse cultuur ten onder zou gaan aan de barbarij van de massa. Een van de vertegenwoordigers van die stroming was Oswald Spengler die in zijn boek \'De ondergang van het Avondland\' daar uiting van gaf. 

Maar er waren wel degelijk nieuwe problemen waarvan de overheden in Europa zich spoedig bewust waren. Slechts een kleine groep mensen profiteerde van de nieuwe mogelijkheden. Een groot deel van de bevolking leefde in armoede en onder slechte omstandigheden. Overheden meenden door middel van sociale wetgeving een actievere rol te spelen in de oplossing daarvan. Daarnaast moesten er voor de toenemende bevolking nieuwe woonwijken worden aangelegd. Wonen in krotten en kelders werd verboden. Overal ontstonden stadvernieuwingsprojecten. Op het gebied van onderwijs en gezondheidszorg nam de overheid maatregelen. In Nederland werd de leerplichtwet in 1900 ingevoerd  voor kinderen van zes tot 12 jaar.

De Industriële en technische vooruitgang zorgde echter ook voor een wapenwedloop. Engeland was als wereldmacht oppermachtig. Andere landen, zoals Duisland gingen ook streven naar een verhoging van de bewapening, zoals de vloot. Ook gingen landen propaganda gebruiken om de massa te beïnvloeden. 

11.2 De Eerste Wereldoorlog

# Een nieuw soort oorlog

Het verstoorde machtsevenwicht, ontstaan in Europa door het Congres van Wenen in 1815, bleek in 1914 uit te monden in de Eerste Wereldoorlog. De Centralen, Duitsland en Oostenrijk-Hongarije, en de Gealieerden, Frankrijk, Engeland en Rusland, stonden op de slagvelden tegenover elkaar. Nederland was neutraal.

Bij het uitbreken van de oorlog dacht men met Kerstmis weer thuis te zijn. Dat liep even anders. Ruim 4 jaar zou de oorlog duren. De Eerste wereldoorlog onderscheidde zich van eerdere oorlogen door de inzet van enorme hoeveelheden moderne wapens. Nieuwe wapens zoals gifgas, mitrailleurs, tanks, vliegtuigen, vlammenwerpers. Het rare was echter dat men ondanks al die nieuwe wapens vasthield aan de traditionele manier van oorlogvoering     waarbij men voortdurend soldaten in volle bepaking charges liet uitvoeren, met als resultaat veel slachtoffers.

Voor het eerst werd ook de burgerbevolking zwaar door de oorlog getroffen. Miljoenen onschuldige burgers werd het slachtoffer. Steden en dorpen kwamen in de frontlinie te liggen. Daarnaast werden vrouwen ingezet in de wapenindustrie en moesten de plaats van de soldaten innemen in de dienstverlening en industrie.

Maar ook miljoenen moesten als soldaten de loopgraven in, waar naast de kans er het leven bij in te schieten, kou, honger, vocht, ratten en de dood een vreselijke beleving vormde. Overleefde je het dan raakten velen getraumatiseerd door hun ervaringen. Dat werd toen niet onderkend. Britse soldaten die onder die trauma\'s leden, dat werd  \'shellshock\' genoemd,  werden beticht van lafheid en desertie en werden als verraders ter dood veroordeeld of gewoon teruggestuurd naar het front.

Regeringen probeerden door middel van propaganda via de massamedia de bevolking positief te beïnvloeden. Krantenredacties zagen het als hun taak de regeringen daarin bij te staan.

We spreken over een wereldoorlog omdat aan de kant van de moederlanden ook de kolonies gingen deelnemen aan de oorlog. Vanaf 1917 vochten de Verenigde Staten mee aan de kant van de geallieerden. Hoewel Duitsland in maart in het oosten de oorlog had gewonnen, bleek door de deelname van de VS, de oorlog in het westen toch door hen verloren te worden en sloot het op 11 november 1918 een wapenstilstand. Negen miljoen soldaten waren omgekomen en naar schatting vijf miljoen burgers.

# De impact van de oorlog

Het machtsevenwicht in Europa was geleidelijk aan onder druk komen staan door de industrialisatie en het moderne imperialisme.

spotprent duitse keizer

Duitsland, zie de spotprent, streefde naar machtsuitbreiding, en Groot-Brittannië de grootmacht in die tijd, zag dat als een bedreiging. Frankrijk was al sinds de Frans-Duitse oorlog van 1870-1871, toen het Elzas-Lotharingen af had moeten staan, uit op revanche. De spanningen werden nog eens  vergroot door de toenemende bewapeningswedloop en het nationalisme. 

Om sterker te staan sloten de Europese landen verdragen met elkaar. Zie het kaartje hieronder.

triple alliantie triple entente

De directe aanleiding voor de Eerste Wereldoorlog was de aanslag die werd gepleegd in Sarajewo op de kroonprins van Oostenrijk-Hongarije en zijn echtgenote. Omdat Oostenrijk-Hongarije Servië daarvoor verantwoordelijk achte, stelde het aan Servië een ultimatum. Rusland op zijn beurt steunde Servië. Op 28 juli 1914 verklaarde Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië en enkele dagen later waren ook Duitsland en Rusland in oorlog.

Nederland bleef buiten de oorlog doordat het een strikte neutraliteitspolitiek voerde en in feite het geluk had dat de uitvoering van het Von Slieffen-plan om Nederlands Limburg heen ging. Wel zochten meer dan eén miljoen Belgen en toevlucht tot ons land.

Door de door de Duitsers toegepaste onbeperkte duikbotenoorlog werden de Amerikanen uiteindelijk toch in de Eerste Wereldoorlog betrokken in 1917. Door dat Rusland na de oktoberrevolutie van 1917 zich uit de oorlog terugtrok en met Duitsland de vrede van Brest Litowsk sloot, ten koste van veel grondgebied, hadden de Duitsers de oorlog in het oosten gewonnen.

ostfront

Maar door de deelname van de VS aan het westfront verloren ze de oorlog alsnog. De keizer trad af en op 11 november 1918 werd een wapenstilstand gesloten. 

Na de oorlog werden met de verliezers verschillende vredesverdragen gesloten. Aan Duitsland werd het vredesverdrag van Versailles gewoon opgelegd.

Versailles gebiedsafstanden Duitsland

Naast de gebieden die Duitsland moest afstaan moest het een schadevergoeding betalen, en mocht het geen leger meer hebben. De Vrede van versailles zou uiteindelijk de kiem in zich dragen voor het ontstaan van de Tweede Wereldoorlog.

Hoewel president Wilson van de VS hoopte dat door zijn 14 punten plan, waarvan zelfbeschikking en democratie de voornaamste punten waren, er voor zou zorgen dat er geen wereldoorlog meer zou ontstaan en de wereldvrede door de Volkenbond zou worden verzekerd, liep het echter totaal anders.

11.3 De Sovjet-Unie

# Een communistische samenleving

 Na de oktober/novemberrevolutie in Rusland ontstond er een burgeroorlog die uiteindelijk door de communisten werd gewonnen. De Sovjet-Unie ontstond in 1922 en zou in 1991 worden opgeheven.

De communsiten gingen uit van de leer van Karl Marx. Deze had voorspeld dat de arbeidersklasse in opstand zou komen tegen de fabriekseigenaren. Deze arbeidsrevolutie zou een nieuwe fase in de geschiedenis inluiden. De arbeiders zouden de macht overnemen en er zou een ideale samenleving ontstaan waarbij de productiemiddelen gemeenschappelijk bezit werden. Deze gedachten leidden in de 20e eeuw tot een samenhangend systeem van ideeën over hoe de samenleving zou moeten worden ingericht: de communistische ideologie.

Omdat Rusland nog duidelijk een agrarische economie met feodale eigenschappen was, stonden de Sovjetleiders een ingrijpende hervorming van de economie voor.  

Stalin gebruikte de collectivisering van de landbouw, zelfstandige bedrijven werden samengevoegd tot grote staatslandbouwbedrijven, om voldoende geld te vinden ter ondersteuning voor de opbouw van de zware industrie en om de steden van voedsel te voorzien. De landbouw moest worden gemoderniseerd en productiever worden. Particulier eigendom werd verboden.

Stalin ontwikkelde vijfjarenplannen waarbij werd vastgelegd wat er moest worden geproduceerd. De staat bepaalde de prijzen en de lonen. Uiteindelijks laagde Stalin er in van Rusland een industriestaat te maken. Ten koste van de arbeiders.

1) Arbeiders moesten keihard werken om de doelen van de vijfjarenplannen te halen.

2) Ze kregen slecht betaald en hadden weinig rechten.

3) De gestelde doelen tijdens de vijfjarenplannen werden vaak niet gehaald.

Ook de collectivisatie van de landbouw was geen doorslaand succes.

1) De akkerbouwproductie bleef laag.

2) Doordat de staat de opbrengst opeiste ontstond er hongersnood op het platteland.

3) Boeren die zich verzetten tegen de collectivisatie, ze werden koelakken genoemd, moesten vrezen voor hun leven of werden afgevoerd naar de Goelag.

Oppositie tegen het Sovjetbewind werd keihard aangepakt. Via schijnprocessen werden mensen tot staatsvijanden gemaakt en verbannen naar de Goelag om dwangarbeid te verrichten of gewoonweg geexecuteerd. In de Oekraïne ontstond massale hongersnood waarbij zeven miljoen mensen omkwamen. 

Van de heilstaat was niet veel meer over en Stalin ontwikkelde zich tot een dictator. Er was sprake van totalitarisme en van politieke vrijheid was geen sprake. Men noemde hem de \'rode tsaar\'. In feite werd door  de communistische partij absolute macht uitgeoefend. Alleen leden van de partij hadden voldoende te eten en genoten allerlei voorrechten. Gelijke verdeling van kennis, macht en inkomen bestond dus ook maar voor een kleine groep mensen. Van enige vrijheden was geen sprake en dit totalitarisme van Stalin zijn we Stalinisme gaan noemen. 

stalinisme

 

Ondanks alles geloofden velen in de maakbaarheid van een communistische samenleving. Jongeren werden via massaorganisaties ideologisch geïndoctrineerd.

# Communisme in Europa. 

 Rusland was een overwegend agrarisch land, dus het was niet vanzelfsprekend dat het communisme in Rusland vaste voet aan de grond zou krijgen. De tsaren regeerden al honderden jaren met harde hand. Rusland nam aan de kant van de Triple Entente (de geallieerden) deel aan de Eerste Wereldoorlog en leed grote verliezen. De eerste revolutie vond plaats in februari 1917. Tsaar Nicolaas II werd tot aftreden gedwongen, maar de voorlopige regering bleef deelnemen aan de Eerste Wereldoorlog. Onder leiding van Lenin c.s. vond in oktober de Bolsjewistische revolutie paats, waarbij de communisten uiteindelijk de Voorlopige regering zouden afzetten. Lenin zou tot aan zijn dood in 1924 het land leiden. Na een enorme machtsstijd nam Stalin dit over in 1928.

In vele andere landen werden ook pogingen ondernomen om het communisme van de grond te krijgen. In Duitsland ontstond de Spartacusopstand onder leiding van Karl Liebknecht en Rosa Luxemburg. Deze werd echter door de regering van de Weimarrepubliek met behulp van het leger neergeslagen.

In Frankrijk werd een communistische partij opgericht. Invloed kreeg de partij pas in de jaren dertig toen de partij samen met andere linkse partijen de zogenaamde Volksfrontregering vormde. De eerste grote samenwerking tussen een communistische partij en een sociaaldemocratische partij en een burgerlijk linkse partij in West-Europa. Deze was gericht tegen het opkomende fascisme.

In ons land deed Jelle Troelstra voorman van de SDAP een poging in 1918 om een revolutie uit te roepen. Deze poging mislukte en de SDAP zou tijdens het Interbellum niet deelnemen aan de regering.

Nergens brak dus een succesvolle revolutie uit buiten Rusland, maar het communisme werd wel een belangrijke politieke stroming in Europa.

11.4 De Verenigde Staten

# Een vrij en welvarend land

De VS was tijddens de Eerste Wereldoorlog een wereldmacht geworden en het vertrouwen in de Amerikaanse economie steeg in de jaren twintig tot grote hoogte. Het waren de  \'roaring twenties\' - de uitbundige twintiger jaren. Een belangrijke oorzaak voor deze bloeiperiode was de vrije markteconomie ofwel het kapitalisme. De vrije concurrentie bevorderde het feit dat de  \'Amerikaanse droom\' kon worden verwezenlijkt. - opklimmen van krantenjongen tot miljonair. Uitgangspunt was en bleef dat de regering zich zo min mogelijk met de economie bemoeide.

Er werd steeds goedkoper geproduceerd door de toepassing van technologische vernieuwingen, zoals de uitvinding van de lopende band door Henry Ford. Anderen namen de lopende band over bij de productie van consumptiegoederen. Er ontstond een consumptiemaatschappij  en veel Amerikanen konden deze producten kopen waardoor een brede middenklasse ontstond. 

De economische vrijheid van de Amerikanen was gekoppeld aan de politieke vrijheid. Rond 1930 kozen burgers al bijna 150 jaar hun eigen Congres. Verkiezingen voor bestuursfuncties waren normaal net zo als de vrijheid van meningsuiting.   

# De Amerikaanse droom was er niet voor iedereen

 Was men niet blank en protestants dan had men minder kansen in de samenleving. Dat gold vooral voor de Afro-Amerikanen. Een organisatie de Ku Klux Klan(KKK), een orthodoxe protestantse blanke organisatie, schroomde niet om geweld toe te passen op de Afro-Amerikanen. En zelfs de wetgeving rechtvaardigde de ongelijke positie van de Agro-Amerikanen. Er was zelfs sprake van segregatie, aparte ruimten voor zwarten en blanken, in openbare gelegenheden. Deze segregatie werd zelfs door het Hooggerechtshof goedgekeurd. Onderwijs, medische zorg en openbaar vervoer voor de Afro-Amerikanen was abominabel. Pas vanaf de jaren vijftig kwam daarin verandering door de strijd van Rosa Parks en Martin Luther King.

Maar de economie in de jaren twintig was gebouwd op drijfzand. Veel Amerikanen consumeerden met geleend geld en in de landbouwsector was er sprake van een crisis. Toch bleven de koersen op Wall Street stijgen. In oktober 1929 stortte het vertrouwen in, en de beurs klapte in elkaar. Er ontstond een economische crisis. Deze trof in eerste instantie laagopgeleiden, immigranten en de Afro-Amerikaanse bevolking. President Hoover vond dat de crisis zich vanzelf zou oplossen. Niets was minder waar. De werkloosheid nam toe van een half miljoen in 1929 naar dertien miljoen in 1932. 

De crisis deed zich ook in Europa voelen. Amerikaanse banken wilden hun geld terug, dat men aan Europese landen had uitgeleend. De Duitse economie stortte direct in. De verkiezing van president Roosevelt in 1932 leidde tot een verandering van het Amerikaanse overheidsbeleid. Roosevelt pleitte voor actief overheidsingrijpen in de economie en kwam met zijn New Deal (\'Nieuwe Aanpak\'). Hij wilde met zijn plannen de koopkracht bevorderen en de industriële productie stimuleren. Met zijn zogenaamde letterwetten bracht hij een en ander in de praktijk bijvoorbeeld de TVA (Tennesee Valley Autority) waarbij stuwdammen werden aangelegd die elektriciteit produceerden voor de industrie. 

Een rol speelde ook de devaluatie van de dollar, waardoor Amerikaanse producten in het buitenland goedkoper werden. In 1936 hadden miljoenen Amerikanen weer werk gevonden, maar de werkloosheid loste pas echt op tijdens deTweede Wereldoorlog.

Zie verder hoofdstuk 12 MeMo VWO 4e dr Hoofdstuk 12 De Tweede Wereldoorlog