We hebben 111 gasten online

Periodekatern MeMo VWO H 5 Hemel en Aarde

Gepost in Periodekaternen

Periodekatern MeMo VWO H 5 Hemel en Aarde

tijdvak 5

Tijd van Ontdekkingsreizigers en hervormers

MeMO Geschiedenis van de Tweede fase

Hoofdstuk 5 Hemel en Aarde

Kenmerkende aspecten:

  • Het veranderende mens- en wereldbeeld van de Renaissance en het begin van een nieuwe wetenschappelijke belangstelling
  • De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke Oudheid
  • Het begin van de Europese expansie
  • De protestantse Reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had
  • Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van de Nederlandse staat

5.1 Veranderen de ontdekkingreizen het Europese wereldbeeld radicaal?

Intro

Met de 16e eeuw ontstond er een nieuwe tijd. Dat komt vooral door een aantal veranderingen.

1) Europeanen gingen op ontdekkingsreis, ontdekten nieuwe continenten, volken en producten.

2) Europa maakte de Renaissance mee, een periode die de kunst, literatuur en wetenschap veranderde.

3) De Reformatie vond plaats waardoor de West-Europese kerk uiten viel en het protestantse geloof ontstond

4) Door de Reformatie ontstonden in veel landen conflicten, bijvoorbeeld in de Nederlanden waardoor een zelfstandige staat ontstond

Aan de hand van drie hypothesen onderwerpen we de belangrijkste veranderingen uit de 16e eeuw aan een onderzoek.-

De ontdekkingsreizen veranderen het Europese wereldbeeld radicaal.

- De Renaissance en de Reformatie zorgden voor een nieuwe periode in de culturele en mentale geschiedenis van Europa.

- De Nederlandse Opstand bracht grote veranderingen teweeg in het bestuur van de Nederlanden en vormt daarmee de overgang naar een nieuwe periode in de geschiedenis.

5.1.1 Redenen om op reis te gaan

De 16e eeuw was de eeuw van de ontdekkingsreizen. Spanjaarden, Portugezen, Engelen, Fransen en Nederlanders

gingen op zoek naar Specerijen, rijkdom, tropische producten en avontuur.

Al in de tweede helft van de 14 eeuw stichtten de Portugezen koloniën op de Azoren en Madeira. In de loop van de 15e eeuw zeilden ze steeds zuidelijker de Afrikaanse westkust af op zoek naar goud en ivoor. Nadat de Spanjaarden en de Portugezen de moslims in hun land verdreven hadden, zochten ze bondgenoten in de strijd tegen de islamieten. Op elk schip zeilden geestelijken mee om de ‘heidenen’ te bekeren.

In 1488 zeilde Bartolomeus Dias om Kaap de Goede Hoop heen op weg naar Azië. Van daaruit kwamen al langer producten naar Europa die erg duur waren door de tussenhandelaren en de tol die geheven werd door de Turken. Kruiden en specerijen als peper, nootmuskaat, kaneel en gember verlengden de houdbaarheid van het voedsel en gaven het smaak. Een zeeroute naar Azië zou voor de Portugezen een utkomst zijn en enorme winsten kunnen opleveren. Omdat in de voorgaande eeuwen de Europeanen zich de techniek van de zeereis hadden eigen gemaakt was men in staat om deze te maken.

Door de radicale verandering in de scheepsbouw in de veertiende eeuw ontstonden grotere en sterkere schepen, waarop twee en later zelfs drie masten konden worden geplaatst. De zeilen werden aangepast en het roer naar het midden van de romp verplaatst, waardoor het schip beter kon manoeuvreren. Door middel van het ontwikkelde kompas en instrumenten om de hoogte en afstand te meten tot en hemellichaam, kon men de juiste positie bepalen. Ook de ontwikkeling van de cartografie, kaarten werden betrouwbaarder en gedetailleerder, werden zeereizen meer mogelijk.

In 1497 zeilde Vasco da Gama in vier maanden vanuit Portugal via Kaap de Goede Hoop naar de westkust van India. Hij keerde twee jaar later terug met peper en kaneel. Hij had de helft van zijn schepen verloren en 1/3 van zijn bemanning. In de eeuwen die volgden zouden grote hoeveelheden producten naar Europa worden vervoerd.

5.1.2 De Nieuwe Wereld

Als Azië via het oosten te bereiken was, dan moest dat ook via het westen mogelijk zijn. Aan het einde van de 15e

columbus

eeuw wisten alle Europeanen dat de aarde een bol was. De Italiaanse koopman Columbus ging in 1492, op verzoek van de Spaanse koning, via het westen op weg naar Indië, en kwam zo terecht op de Bahama ’s voor de kust van Amerika. Hij dacht dat hij in Indië was aangekomen en noemde de inwoners Indianen. Hij vond er geen specerijen maar bracht wel goud en indianen mee terug.

Om te voorkomen dat de Spanjaarden en Portugezen met elkaar in conflict zouden komen stelde de paus in 1494 de lijn van Tordesillas voor (ten westen van de Kaapverdische eilanden). Ten westen van die lijn zou voor de Spanjaarden zijn, ten oosten van die lijn voor de Portugezen.

Columbus zou daar andere worden nagevolgd en een groot deel van de kust en het binnenland werd in kaart gebracht. Algemeen wordt nu aangenomen dat al voor Columbus het de Vikingen waren die al rond het jaar 1000 naar Amerika waren gezeild.

In eerste instantie was de Spaanse koning teleurgesteld over de nieuwe ontdekking en daarom zond hij in 1519 kapitein Magelhaes, naar het meest zuidelijke puntje van het nieuwe continent, om daarna alsnog westwaarts op Azië af te koersen. Maar deze route bleek toch niet haalbaar.

Het nieuwe continent werd Amerika genoemd, naar de geograaf Amerigo Vespucci. Hij noemde het continent De Nieuwe Wereld. In 1519 gaf de Spaanse koning de opdracht aan Hernán Cortez Amerika en haar rijkdommen onder controle te brengen. Hij verwoestte het rijk van de Azteken, in het huidige Mexico, binnen twee jaar.

In Peru werd het rijk van de Inca’s vanaf 1533 door de conquistador Francisco Piarro onderworpen. Spanje bestuurde o vanaf het midden van de 16e eeuw vrijwel heel Zuid- en Midden-Amerika, met uitzondering van Brazilië dat

Portugees werd. Goud, zilver en tropische gewassen zoals suiker, katoen en koffie werden in grote hoeveelheden naar Europa gevoerd.

portugese nederzettingen

Hoe was het de Spanjaarden gelukt met een paar honderd man enorme rijken te onderwerpen?

Ze bezaten paarden en buskruit en maakten op het slagveld veel indruk met hun kanonnen, geweren en soldaten te paard. Ook waren ze bijzonder wreed. Maar het belangrijkste was we dat de inwoners van de rijken niet bestand waren tegen de Europese ziektekiemen. Miljoenen stierven aan ziekten als mazelen en pokken. Veel Indianen werden als slaven ( ‘rode goud’) te werk gesteld op de plantages, waardoor het dodental nog meer opliep. Het optreden van de Spanjaarden leidde dus tot de ontvolking van Zuid-Amerika.

<<<<Portugese bezittingen rond 1600

5.1.3 Andere Europeanen volgen

Het ene na het andere besloot de wereldzeeën te bezeilen. De Engelsen en de Fransen richtten zich vooral op het noorden van Amerika, stichtten er koloniën en brachten in de 17e eeuw een goederenstroom van zilver en

landbouwproducten op gang. ederlandse kooplieden volgden de Portugezen naar Azië en bouwden er een groot handelsimperium op met de handel in specerijen, zijde, porselein en tropische gewassen. De Nederlander Abel Tasman ontdekte in 1642 Australië. De Nederlanders gingen ook westwaarts en vestigden zich in Noord- en Zuid-Amerika. Ze stichtten bijvoorbeeld het huidige New York. De Nederlanders waren ook zeer actief in de kaapvaart en op de slavenhandel (vanaf het begin van de zestiende eeuw), omdat de Indianen niet geschikt bleken om op de plantages te werken. Afrikaanse slaven hadden in West-Afrika bewezen, in de daar aanwezige Portugese koloniën, bestand te zijn tegen ziekten. Naast Nederland hadden ook andere landen een lucratief aandeel in de slavenhandel zoals Engeland, Frankrijk en Denemarken.

 

5.1.4 De wereld na de ontdekkingsreizen

Koninkrijken en beschavingen verdwenen en veel mensen werden tot het christendom bekeerd, niet alleen in Amerika maar ook in Afrika, Azië en Australië. De nieuwe handelsproducten zorgden voor welvaart in sommige Europese landen. Door de ontdekkingsreizen verschoof het centrum van de handel zich van de Middellandse Zee naar de landen aan de Atlantisch Oceaan. Er ontstond een geldeconomie en de handel binnen Europa nam toe. Tevens ontstonden er nieuwe takken van nijverheid, zoals het verwerken van katoen.

Door de import van goud en zilver uit Afrika en Amerika ontstond er een sluipende inflatie in Europa met alle gevolgen voor de lagere klassen. Veel mensen zouden in de nieuwe werelden een nieuw bestaan gaan opbouwen.

De technologische ontwikkelingen uit de Middeleeuwen kregen een nieuwe impuls. Europa leerde nieuwe producten kennen als tomaten, aardappels, maïs en katoen.

Slot

Door de ontdekkingsreizen bleek de wereld groter dan men had durven denken. Zo maakte men in Europa kennis met nieuwe gebieden en volken, andere gebruiken en religies. Europeanen stelden zich neerbuigend op en vonden de pas ontdekte volkeren primitief, heidens en maakten hen tot slaaf. De handel leverde echter wel voordeel op. Verder zagen de Europeanen een taak erin hen te bekeren tot het christendom. Dat overwaarderen van de Europese cultuur noemen we Eurocentrisme.

Door de ontdekkingsreizen werden de Europese macht en rijkdom dus vergroot. De gestelde hypothese was dus juist. Het gold echter niet voor alle Europeanen want in veel landen van het oosten van Europa gingen de ontdekkingsreizen ongemerkt voorbij. Ook het wereldbeeld van veel West Europeanen veranderde niet. Zij waren alleen maar bezig te overleven. Want de economische verschuivingen troffen juist de armere regionen van de bevolking.

5.2 Zorgden de Renaissance en de Reformatie voor een nieuwe periode in de geschiedenis?

Intro

Renaissance: Europeanen gaan anders schilderen, schrijven en wetenschap beoefenen.

Reformatie: Er ontstond een nieuw geloof het protestantisme.

Hoe groot waren de veranderingen die de renaissance en de reformatie met zich meebrachten en zorgden ze voor een nieuwe periode in de Europese geschiedenis?

5.2.1 Renaissance, denken en literatuur

In de Middeleeuwen dacht men dat men was overgeleverd aan God. Het leven was zwaar en daar moest men zich bij neerleggen. Pas na de dood zou er misschien verlichting komen.Vanaf 1350 veranderde het mensbeeld doordat Italiaanse denkers op een andere manier naar de mens gingen kijken. Niet de Kerk en het leven na de dood waren belangrijk, maar de mens en het leven op aarde. De menselijke intelligentie kwam centraal te staan en daardoor de wetenschap. De wereld rondom zich werd op een wetenschappelijke manier benaderd, geëxperimenteerd, geobserveerd en beredeneerd. De renaissancedenkers bestudeerden vooral de klassieke Oudheid en hadden heldere ideeën over wetenschap. Steeds meer kunstenaars en schrijvers werden er door beïnvloed.

Vanaf 1500 verspreiden de nieuwe ideeën zich naar het noorden van Europa en gaven er hun eigen invulling aan. De denkers die de Griekse en Romeinse cultuur bestudeerden en de mens centraal stelden, noemen we Humanisten. De periode noemen we de Renaissance (wedergeboorte). De ontwikkelingen tussen 1350 en 1550 waren zo groot dat er een nieuw tijdperk werd geboren.

Welke invloed had de Renaissance op de literatuur, de kunst en de wetenschap?

De Humanisten reisden naar oude Griekse steden op zoek naar vergeten teksten, tempels, beelden en schilderijen. Bestudeerden de werken van Griekse filosofen als Plato, maar ook van toneel- en geschiedschrijvers uit die tijd. Ze namen aspecten uit de klassieke levenswijze over en probeerden deze te combineren met het christelijk geloof. Door zoveel mogelijk kennis te verwerven kon je invloed uitoefenen op je eigen geluk.

De 15e-eeuwse Nederlandse humanist Erasmus was daar een voorbeeld van. Hij maakte een nieuwe vertaling van de

erasmus

Bijbel omdat mensen naar zijn idee niet meer begrepen wat Jezus hen had willen leren.

In zijn boek: ‘ Lof der Zotheid’, zette hij alle Europeanen voor schut, ook de bisschoppen, kardinalen en pausen. Ze waren hebzuchtig en schaamteloos en begrepen niets van de oorspronkelijke christelijke leer.

5.2.2 Renaissance, kunst en wetenschap

Op de schilderkunst had het humanisme dezelfde invloed als op de literatuur. Ze schilderden vaker mensen met menselijke gevoelens en beelden Griekse en Romeinse mythen uit, gaven mensen en landschappen zo getrouw mogelijk weer en ontwikkelden het perspectief met behulp van de wiskunde.

Een groot voorbeeld van zo’n kunstenaar is Leonardo da Vinci (1452-1519). Hij was zowel schilder, architect, musicus, wiskundige en uitvinder. Hij was een echt universeel mens, een Uomo Universale.

Men vertrouwde erop dat de mens met de wetenschap alle raadsels van de wereld kon doorgronden. Door observeren, meten en experimenteren kon men tot wetenschappelijke kennis komen. Dit noemen we Empirisme.

Niets is waar tot het experimenteel bewezen is. Zo ontdekte Copernicus dat de aarde om de zon draait en niet andersom. We noemen dit Heliocentrisme. Daar was de kerk het volledig mee oneens. Maar Galileo Galilei toonde met behulp van de eerste telescoop aan dat Copernicus gelijk had. Galilei toonde ook de weg van de zwaartekracht aan.

5.2.3 De Reformatie

Maarten Luther uitte kritiek op de kerk met zijn 95 tellingen. Dat leidde uiteindelijk tot een scheuring in de kerk, de Reformatie of Kerkhervorming. De volgelingen van Luther en ook Calvijn zijn we later protestanten gaan noemen.

Luthers kritiek

Geestelijken bemiddelden in de Middeleeuwen tussen God en de mensen. Dat was volgens Luther onjuist. Elk mens kon contact leggen met God, door te bidden, de Bijbel te lezen en een innerlijk geloof te voelen. Luther verzette zich tegen de handel in aflaten (men kon tegen betaling je zonden afkomen en dan toch in de hemel komen) en het vereren van heiligen. Het celibaat vond Luther onzinnig. De grote rijddom van de kerk bekritiseerde hij ook. De kerk diende zich van alle pracht en praal te ontdoen en zich richten op het ware geloof: het woord van God dat in de Bijbel staat.

Reacties van de paus, de keizer en de vorsten

De reacties waren verschillend. De Paus beschuldigde Luther van ketterij en gaf hem opdracht naar Rome te komen. Luther weigerde en brak met de pauselijke kerk. Luther bleef door middel van geschriften kritiek uiten, gesteund door professoren en humanisten. In oktober 1520 werd Luther in de kerkelijke ban gedaan, en zo uit de kerk gezet.

Keizer Karel de V van het Duitse Rijk was beschermheer van de kerk. Deze riep Luther ter verantwoording, maar deze bleef bij zijn kritiek. Karel de V schrok want wanneer mensen het geloof anders gingen interpreteren en de eeuwenoude tradities en macht van de paus ontkenden, zou de hele maatschappij worden ondermijnd. Karel de V zou Luther voortaan als een ketter vervolgen.

Niet alle Duitse vorsten zagen in Luther een gevaar. Frederik de Wijze van Saksen bood Luther bescherming aan.

Vorsten bepalen de godsdienst

Sinds 1500 hadden meer Europese vorsten geprobeerd hun greep op hun gebieden te versterken. Binnen de Lutherse kerken kregen ze invloed op de benoeming van predikanten. Veel vorsten hadden ook genoeg van de hoge bedragen die ze aan de Roomse kerk moesten betalen. Ook keerde men zich tegen de corruptie in de kerk. De Duitse vorsten verschilden dus van mening, uiteindelijk werd in 1555. bij de vrede van Augsburg afgesproken, dat elke Duitse vorst zijn eigen godsdienst mocht kiezen en dat alle onderdanen in zijn staat dezelfde religie aan moesten hangen Cuius Regio, Eius Religio.

Door de boekdrukkunst werden Luthers ideeën snel verspreid, zeker toen Luther in 1522 de Bijbel in het Duits vertaalde.

Calvijn, een andere kerkhervormer

calvijn Johannes Calvijn was Frankrijk ontvlucht om aan vervolging te ontkomen. Hij vestigde zich in Zwitserland. Net als Luther verwierp hij de rituelen en rijkdom van de kerk. Hij zag ook niets in de aflaten. God had de mens al voor hen geboorte voorbestemd om het eeuwige leven te ontvangen. Dit noemen we predestinatie: - je bestemming – is van te voren al bepaald.

Calvijn kreeg al snel veel volgelingen in Zwitserland, Nederland en Frankrijk. Luthers geloof verspreidde zich vooral over het Duitse Rijk en Scandinavië. Kerken werden sober ingericht en de predikanten spraken in de landstaal, met zo weinig mogelijk rituelen en de predikanten mochten trouwen. Vooral calvinisten hielden zicch aan een strenge tucht.

Gevolgen van de Reformatie

Miljoenen mensen kregen na de reformatie een nieuw geloof. Door het nieuwe geloof kregen veel mensen het moeilijk als ze een ander geloof aanhingen dan hun vorst. Men werd dan vervolgd. Dat was in de meeste Europese landen zo. Door de godsdienststrijd braken er zelfs oorlogen uit zoals in de Nederlanden.

reformatie en contrareformatie

Slot

De Renaissance en de Reformatie zorgden voor een nieuwe periode in de culturele en mentale geschiedenis van Europa. Hoewel de Renaissance zich in twee eeuwen verspreidde over een groot aantal Europese landen, bleef haar invloed al die tijd beperkt tot de bovenste lagen van de samenleving. De lagere klassen hadden er geen deel aan.

De reformatie bood grote godsdienstige veranderingen die een einde maakte aan de religieuze eenheid van Europa. Daardoor werden vorsten voor een dilemma geplaatst. Hun gezag kon er door worden aangetast. In veel landen leidde een en ander ook tot vervolgingen en zelfs ontstonden godsdienstoorlogen. Iedereen van hoog tot laag kreeg er dus mee te maken.

De hypothese dat de Renaissance en de hervorming veranderingen brachten is tot op de dag van vandaag juist gebleken.

5.3 Vormt de Nederlandse Opstand de overgang naar een nieuwe periode in de geschiedenis?

In de Nederlanden vormde de Reformatie een van de oorzaken die uitliep op een burgeroorlog die 80 jaar zou duren: de Nederlandse Opstand of tachtigjarige oorlog.

5.3.1De Zeventien Nederlanden

De Nederlanden werden in de zestiende eeuw bestuurd door de Habsburgers. Aan het hoofd van dit rijk stond Keizer Karel V. Hij heerste over Spanje, de Nederlanden en het Duitse rijk.De Nederlanden bestonden uit verschillende gewesten met hun eigen wetten en gebruiken. In elk gewest trad een Stadhouder op als de plaatsvervanger van de vorst. Daarnaast riep Karel regelmatig een vergadering bijeen met afgevaardigden van de gewesten: De Staten-Generaal. Dit kon advies geven en toestemming om belasting te innen.

Het rijk van Karel V was zo groot dat er altijd wel ergens spanningen waren en er oorlog werd gevoerd. Om meer grip op de zaak te krijgen wilde Karel veel vanuit één punt regelen: centralisatie doorvoeren. In de Nederlanden wilde hij dat vanuit Brussel doen. Daardoor verloren de lokale besturen van steden en gewesten hun macht. En hij wilde voortaan belangrijke posities geven aan hem loyale personen. Edelen en regenten weigerden hierin mee te gaan en eeuwenlage privileges af te staan.

Toen Karel V werd opgevolgd door Filips II verergerde de situatie. Hij liet de Nederlanden regeren door een plaatsvervanger, de landvoogdes Margaretha van Parma (ondersteund door de Raad van State) en verhuisde zelf naar Madrid.

In de Nederlanden kreeg Calvijn veel aanhangers. De predikanten hielden preken in de openlucht, Hagepreken genoemd.

Karel V en zijn opvolger Filips II widen het katholieke geloof handhaven en omdat ze verdeeldheid vreesden in hun rijk gingen ze over tot vervolging van protestanten.Dat leidde tot protesten van protestanten maar ook van katholieken, regenten en edelen. Zij vonden de vervolgingen onmenselijk. Naast deze vervolgingen had West-Europa ook te maken met een sluipende inflatie waardoor de prijzen stegen. Vooral de mensen uit de onderste sociale regionen hadden daaronder te leiden. Zij vervielen in armoede.

De toename van de internationale handel en nijverheid zorgde in sommige Nederlandse steden voor groei, maar in andere leidde die tot werkloosheid . Daarbij werd de Engelse concurrentie heviger. Omdat graan werd geïmporteerd uit Polen en Scandinavië via de Oostzee vaart, werden de Nederlanden afhankelijk van andere landen en van oorlogen. Toen er in 1571 en 1572 sprake was van misoogsten nam de armoede verder toe.

Uit de geschiedenis bleek dat altijd een voorbode voor volksopstanden.

5.3.2 Edelen en beeldenstormers

In 1562 besloten edelen zich aan een te sluiten tegen de centralisatieplannen en de vervolgingen en sloten: Het verbond der Edelen. Filips II ging door met zijn plannen tot centralisatie en zette zelfs een rechtbank in, de Inquisitie, in de vervolgingen.

In 1565 dienden drie stadhouders, waaronder Willem van Oranje, hun ontslag in. Ze stelden een Smeekschrift der Edelen op en boden dit aan Margaretha van Parma aan, waarin ze verzochten om de kettervervolgingen te stoppen. Margaretha beloofde de kettervervolgingen te matigen.beeldenstorm

In Augustus 1566 liep het na een Hagepreek te Steenvoorde uit de hand en de Beeldenstorm ontstond. Dit verspreidde zich vanuit Antwerpen en Vlaanderen naar de rest van de Nederlanden.Toen Filips hiervan vernam stuurde hij landvoogd Alva naar de Nederlanden om orde op zaken te stellen.

Deze stelde een Raad van Beroerten in die de schuldigen van het geweld moest bestraffen. De graven Egmont en Horne werden beschuldigd van hoogverraad en op 5 juni 1568 in Brussel onthoofd. Willem van Oranje vluchtte naar Duitsland.Om de financiële problemen op te lossen stelde Alva voor 10 procent belasting te heffen op de verkoop van goederen: de Tiende Penning. De Staten-Generaal was verontwaardigd en de gewesten die de tiende penning moesten innen, weigerden.

5.3.3 De Opstand breekt uit

w v oranje

 

 

In 1568 kwam Willem van Oranje met zijn leger in Heiligerlee aan voor de strijd tegen de Spanjaarden. Het officiële begin van de tachtigjarige oorlog. De watergeuzen organiseerden in 1572 een aanval op Den Briel dat ze veroverden.

Veel bewoners van Hollandse steden stonden voor een dilemma. Wiens kant moesten ze kiezen? Protestanten die waren teruggekomen uit ballingschap probeerden de ontevreden bevolking over te halen de Opstand te steunen. In veel steden had dit effect. Binnen korte tijd kreeg Oranje een groot aantal steden in vooral Holland en Zeeland in handen.

opstandAlva reageerde meestal met grof geweld.In 1572 sloten de opstandige gewesten met de Staten-Generaal de Pacificatie van Gent om gezamenlijk de strijd voort te zetten. Dit hield stand tot 1579 toen de opvolger van Alva, de hertog van Parma een verbond sloot met een aantal zuidelijke gewesten, de Unie van Atrecht. Deze beloofden de opstand te staken. Daarop besloten de opstandige gewesten – Holland, Zeeland, Gelderland en Groningen – met een aantal grote Vlaamse en Brabantse steden de Unie van Utrecht te vormen en het verzet voort te zetten.

Uiteindelijk besloten de opstandige gewesten afstand te nemen van landsheer Filips II en hun eigen weg te gaan: de Acte van Verlating. Zij verdedigden dat besluit door erop te wijzen dat een vorst die zijn onderdanen niet goed beschermt, afgezet mag worden. Met deze Acte werd in 1581 de Republiek der Zeven provinciën geboren, een unieke gebeurtenis n Europa.

In opdracht van Filips werd Willem van Oranje door Baltasar Gerards in 1584 in Delft vermoord. Zijn zoon Maurits boekte als militair strateeg, met een beroepsleger, veel overwinningen. Het bestuur van de gewesten werd in zijn naam door Johan van Oldenbarnevelt uitgeoefend. Deze legde vast dat de macht in de Republiek bij de Staten-Generaal lag. De gewesten behielden veel zeggenschap.

dutch revoltEen poging van Filips II om de Opstand in zijn voordeel te beslissen door zijn vloot in 1588 naar de Nederlanden te sturen, liep uit op een grote mislukking. Engeland werd nu officieel bondgenoot van de Republiek waarbij Frankrijk zich in 1589 aansloot. In 1609 werd een twaalfjarig bestand gesloten en na afloop van dit bestand werd geen militaire strijd meer gevoerd. Toch werd pas in 1648 de vrede van Munster getekende. Hierbij erkende Filips de Republiek als zelfstandig land. De zuidelijke Nederlanden bleven bij het Habsburgse Rijk horen.

5.3.4 Gevolgen van de Opstand

Door de Opstand was een zekere verdraagzaamheid ontstaan voor andersgelovigen. Nederland had een gedaantewisseling ondergaan. Het was als eerste land in Europa een republiek geworden. De grote winnaars in de strijd waren de regenten. Zij hadden hun zeggenschap over hun stad of gewest niet alleen behouden, maar ook uitgebreid. De scheiding met de Zuidelijke Nederlanden werd door oorlogsomstandigheden bepaald, het was geen bewuste keuze.Het oosten was agrarisch het westen verstedelijkt. De grenzen van de Republiek waren gedeeltelijk door toeval ontstaan.

Slot

De Nederlanden waren een zelfstandige republiek geworden en met de Opstand was dus ook een nieuwe periode in de geschiedenis aangebroken voor Nederland. Dit geldt echter niet op Europees niveau want elders bleven vorsten op de troon. De hypothese geldt dus alleen voor Nederland. Het ontstaan van de Vroegmoderne tijd kunnen we daarom niet koppelen aan de Nederlandse Opstand.

Epiloog

Sinds 1992 wordt ieder jaar op de tweede dinsdag van oktober Columbusdag gevierd. Columbus was een man die herdacht en bewonderd moest worden. Niet iedereen is het daarmee eens. De komst van Columbus leidde ook een lange periode in van veroveringen, geweld, slavernij en onrecht. Het ligt dus maar helemaal aan je eigen standplaatsgebondenheid hoe je de gebeurtenissen zult beoordelen. Discussie erover zal altijd wel blijven bestaan.

Zie voor Hoofdstuk 6 De Republiek van de Hogue Mogue Periodekatern MeMO VWO H 6 De Republiek van de Hogue Mogue