We hebben 164 gasten online

Woordenlijst SV Deel 2 H 2

Gepost in Onderbouw 4e druk

Woordenlijst SV2 H2

schama

Abolitionisme

Het streven om slavenhandel en slavernij af te schafen.

Bastille

Vesting in Parijs die in de tijd van de Franse koningen diende als gevangenis. Bij het uitbreken van de Franse Revolutie bestormd en kort daarna afgebroken. De bestorming wordt vanaf die tijd in frankrijk gevierd als Nationale feestdag. Ter ere van de idealen van de verlichters: vrijheid, gelijkheid, democratie en verzet tegen de onderdrukking.

Bourgeoisie

Rijke burgers in de steden.

Burgerrechten

Zie rechten van de mens.

Code Napoléon

Frans Burgerlijk Wetboek dat onder leiding van Napoleon Bonaparte in 1804 gereed kwam en werd ingevoerd in alle landen die onder Frans invloed kwamen, waaronder Nederland.

Conservatisme

Stroming die de samenleving wil houden zoals die is(dus geen veranderingen wil doorvoeren).

Constitutie

Ander woord voor grondwet.

Constitutionele monarchie

Koningschap waarbij de macht van de koning in een grondwet is beperkt.

Grondrechten

Aan een grondwet ontleende basis rechten van burgers ten opzichte van de staat.

Grondwet

Wet waarin de belangrijkste rechten en plichten van alle inwoners in een land zijn vastgelegd.

Guillotine

In Frankrijk uitgevonden instrument waarmee mensen op een snelle manier kunnen worden terechtgesteld.

Mensenrechten

Zie rechten van de mens.

Nationale Vergadering(Frankrijk)

Vertegenwoordigers van de Derde Stand die in 1789 besloten zelf een Parlement op te richten.

Oude Regime

Het bestuur van de Franse koningen in de 18de eeuw.

Parlementaire Democratie

Regeringsvorm waarbij de gehele bevolking in staat is via gekozen vertegenwoordigers het beleid van de regering te bepalen.

Radicalen

Een kleine groep onder de Bougeoisie die in Frankrijk de monarchie wilden vervangen door een republiek.

Reactionairen

Groep edelen en geestelijken die vond dat de hervormingen veel te ver waren gegaan.

Rechten van de mens

Grondrechten die aan alle mensen toekomen op grond van hun menszijn.

Revolutie

Een grote verandering in de samenleving, die in korte tijd plaatsvindt, meestal met geweld.

Salon

In de tijd van de Verlichting een bijeenkomst in het huis van een vrouw uit de bovenlaag van de bevolking.

Scheiding van machten

Verdeling van de drie staatsmachten - uitvoerende, wetgevende en rechtelijke - over verschillende groepen mensen.

Standen

Bevolkingslagen in de tijd van het Oude Regime(vóór de Franse Revolutie): Eerste Stand = de geestelijkheid, Tweede Stand = de adel, Derde Stand = burgers in de steden en de boeren.

Technologie

Manier waarop (wetenschappelijke) kennis in de industrie wordt gebruikt.

Terreur

Periode tijdens de Franse Revolutie waarin in korte tijd zeer veel mensen zonder enige vorm van rechtspraak tot de Guillotine werden veroordeeld.

Terrorisme, terreur

Georganiseerd geweld om een politiek doel te bereiken.

Verklaring van de Rechten van de Mens

Door alle staten van de Verenigde Naties ondertekend document waarin de belangrijkste rechten van alle mensen zijn vastgelegd.

Verlichte Despoten

Vorsten die wel alle macht in handen willen houden maar bij het besturen rekening hielden met de belangen van de bevolking.

Verlichters

Aanhangers van de Verlichting.

Verlichting

Stroming in de 18e eeuw die vond dat de samenleving op een redelijke manier (met het verstand) moest worden onderzocht.

Vrijheid van meningsuiting van drukpers

Vrijheid om in boeken en kranten je gedachten op papier te zetten.

Wetenschappelijke revolutie

Nieuwe manier van onderzoeken waardoor het leven van veel mensen sterk veranderde.