We hebben 137 gasten online

SV Vwo Tweede Fase Hoofdstuk 11 5e dr Walburg pers educatief

Gepost in Tweede Fase 5e druk Walburg pers educatief

Hoofdstuk 11  Van wigwam tot wolkenkrabber een geschiedenis van de Verenigde Staten

1) De komst van Indianen, Europeanen en Afrikanen 

De Indianen als eerste bewoners 

Ongeveer 25.000 jaar geleden, toen Noord Amerika nog door ijs aan Azië was verbonden, trokken mensen vanuit Azië Amerika binnen. In navolging van Columbus is men deze mensen Indianen blijven noemen. Er waren verschillende Indiaanse volken. In Noord-Amerika zijn vooral de volken bekend geworden die van de jacht leefden. Er waren ook volken die van de landbouw leefden en een vaste verblijfplaats hadden. Door deze verschillen in levenswijze en doordat de volken vaak weinig contact met elkaar hadden, ontstonden verschillende Indiaanse culturen. De meeste volkeren werden bestuurd door een raad van oudere en dappere mannen, andere werden door een enkele leider aangevoerd.

  Naast verschillen waren er ook overeenkomsten tussen de volken:

# De indianen geloofden dat alles in de natuur door goden en geesten werd geregeld en ze zagen de aarde als hun goddelijke moeder.

# De indianen kenden geen particulier bezit van land.

# Alle volken wisten goed gebruik te maken van de natuur.

 De komst van de Europeanen 

Omstreeks 1000 na Chr. Probeerden de Noormannen zich vergeefs in Amerika te vestigen. De Indianen wisten hen te verdrijven. Maar na de komst van Columbus in 1492 bleken ze niet meer tegen de Europeanen opgewassen:

 -  De Europeanen hadden anders dan de Indianen paarden, honden en metalen wapens zoals zwaarden, pieken en musketten.

-  De Europeanen maakten handig gebruik van de verdeeldheid van de Indianen. In Noord-Amerika vestigden zich vooral Spanjaarden Engelsen en Fransen.De Fransen namen het huidige Canada als kolonie in bezit.

kolonisatie amerika

Ze trokken daarna langs de Mississippi Amerika in . Nog steeds herinneren namen als New Orleans,  en Louisiana aan het verblijf van de Fransen in dat gebied.  In de 18e eeuw verloor Frankrijk Canada aan de Engelsen en Louisiana  aan de Spanjaarden. De Engelsen stichten vanaf de 16e eeuw aan de oostkust dertien Koloniën.

dertien engelse kolonien   

De komst van de Afrikanen  

Toen de eerste Afrikanen in de Engelse kolonie Virginia landen (1619) kwamen ze als contractarbeiders, die na een bepaalde tijd hun vrijheid zouden verkrijgen. Maar al spoedig werden de contractarbeid voor de zwarten vervangen door slavernij. George Washington en Thomas Jefferson hadden wel gepleit voor afschaffing van de slavernij, maar de uitvinding van de cotton-gin maakte de behoefte aan slaven juist groter omdat de vraag naar katoen toenam.Het aantal plantages en dus ook het aantal slaven steeg. Omstreeks 1860 waren er  vier miljoen slaven in het zuiden. In het noorden leefden ongeveer een half miljoen slaven. Jefferson wist in 1808 nog wel de handel van de slaven te verbieden maar de illegale handel bleek onuitroeibaar.

Er waren toch een aantal Afrikanen die op verschillende manieren hun vrijheid hadden verkregen:

  • Hun eigenaar had hen de vrijheid gegeven.
  • Hadden als contractarbeiders gewerkt.
  • Konden zich soms vrijkopen
  • Kinderen van een blanke moeder en een zwarte vader werden als vrije mensen beschouwd. 

2) Het ontstaan van de Verenigde Staten  

Oorlog tussen Engeland en Frankrijk 

In 1756 kwam het in Amerika tot een oorlog tussen Engeland en Frankrijk die tot 1763 zou duren.

noord amerika 1763

 

Het Engelse leger vocht samen met de Engelse kolonisten tegen het Franse leger dat steun kreeg van de Indianen.   Dat kwam doordat de Franse kolonisten zich beperkten bij hun kolonisatie tot handelsposten en de Indianen zelden van hun land verdreven. De Engelsen dreven de Indianen steeds meer westwaarts. De Engelsen en hun koloniën wonnen echter.

Bij de vrede kreeg Engeland:

-   het grondgebied dat het huidige Canada beslaat;

-   het Franse grondgebied en oosten van de Mississippi;

-   Florida ( van Frankrijks bondgenoot Spanje; Frankrijk zou het gebeid ten westen van de Mississippi  als compensatie aan Spanje. In 1801 zou Napoleon dat gebied terugnemen een aan de VS verkopen).  

De Onafhankelijkheidsoorlog (1775-1783) 

De koloniën moesten nu echter meebetalen aan de kosten van de oorlog. De regering in Londen stelde nieuwe belastingen in. De koloniën reageerden woedend en stelden ‘No Taxation without Represantation’ . Kooplieden besloten tot een boycot van Engelse producten. Koning George III wist van geen wijken  en besloot tot polarisatie en verordende dat alleen de Engelse Oost-Indische Compagnie thee mocht verkopen in de koloniën. Zo ontstond de  ‘Boston-Theaparty’ waarbij kolonisten de thee in de haven van Boston gooiden. Vanaf dat moment ontwikkelden zich een aantal gebeurtenissen die tot de Vrijheidsheidsoorlog zouden leiden.  De opstandelingen benoemden George Washington tot legeraanvoerder en de koloniën stelden een Onafhankelijkheidsverklaring op. 

we the people

Uiteindelijk wonnen de kolonisten en bij de vrede van 1783 verwierven de koloniën de onafhankelijkheid en al het land ten oosten van de Mississippi.(behalve Florida) 

3)  De verovering van het Westen  

Veel Amerikanen trokken nu naar het Westen. Het gebied ten westen van de oorspronkelijke dertien koloniën werd verdeeld in territoria die onder het bestuur van de Unie bleven. Als men een aantal van 60.000 inwoners had bereikt mocht men een grondwet opstellen en na goedkeuring van het Congres werd het Territorium als nieuwe staat toegelaten.De mensen die naar het westen trokken noemde men pioniers en het gebied waar men naar toetrok frontier. (Het grensgebied tussen het oude en het nieuwe land).Die frontier verschoof dus steeds naar het westen. 

De Indianen: verslagen vermoord of ondergebracht in Reservaten 

Er brak een regelrechte oorlog uit tussen de Unie en de Indianen (1789-1794). De Indianen werden uiteindelijk verslagen. Henry Knox, minister van oorlog, besloot tot een politiek van verdagen sluiten en beschaving brengen. Maar de blanken hielden zich niet aan de verdragen en verdreven de Indianen steeds verder. 

In de tweede helft van de negentiende eeuw kwamen miljoenen emigranten binnen. Boeren trokken met hun huifkarren steeds verder naar het Westen op, spoorlijnen werden aangelegd en steden gebouwd. De Sioux,de Apachen en de Comanchen werden in hun bestaan bedreigd. De Indianen vochten een uitzichtloze oorlog. Slechts eenmaal wist men te winnen tijdens de Battle of the Little Bighorn ( 1876). De indianen moesten zich neerleggen bij de reservatenpolitiek en als men probeerde zich aan te passen lukte dit niet. Het merendeel van de Amerikaanse Indianen in de VS, zo’n driekwart miljoen, kwam om het leven. 

4) De Amerikaanse burgeroorlog 

Groeiende tegenstellingen tussen de Noordelijke en de Zuidelijke Staten 

Industrie tegenover landbouw

In de Noordelijke staten nam de industrie steeds meer toe terwijl in de Zuidelijke staten het plantagesysteem werd toegepast, waar vooral katoen werd verbouwd. Dat ging voor het grootste deel naar Engeland. Geen wonder dat de Zuidelijke staten tegen het heffen van invoerrechten waren op Engelse producten.  

Slavenarbeid tegenover vrije arbeid

 Op de plantages in het zuiden werkten slaven, terwijl in het noorden iedereen vrij was. In het noorden ontstond een beweging onder leiding van  William Loyd Garrison (1805-1879), de abolitionisten, die streefden naar afschaffing van de slavernij. Onder andere door de uitgifte van het blad ‘The Liberator”. Een groot deel van de bevolking in het noorden vond dat de slavernij mocht blijven in die staten waar dat al werd toegestaan. Maar uitbreiding van de slavernij moest worden voorkomen. Het Zuiden was echter fel tegen het afschaffen en beperken van de slavernij.     

small the expanding frontier

Meer macht voor de centrale regering of voor de staten?

Er waren ook politieke tegenstellingen tussen het noorden en het zuiden. Het noorden was voor een grote macht van de centrale regering in Washingthon. De zuidelijke staten wilden de afzonderlijke staten veel macht laten behouden. In de loop van de 19 eeuw zouden er nieuwe staten bijkomen (zie kaart expanding frontier). Bij wie zouden de nieuwe staten zich aansluiten?

Succes van de nieuwe Republikeinse partij aanleiding van Burgeroorlog

De nieuwe Repubikeinse partij sprak zich duidelijk uit tegen de uitbreiding van de slavernij in het westen. De volgelingen waren hoofdzakelijk afkomtig uit het noorden. In 1860 werd de Republikeinse kandidaat Lincoln gekozen tot president. De zuidelijke staten erkenden hem niet en besloten uit de Unie te stappen en een eigen staat te vestigen. Dat leidde tot een Burgeroorlog (1861-1865).

Het noorden wint, maar Lincoln wordt vermoord (1865)

Het zuiden hoefde zich alleen maar te verdedigen en had de bekwaamste legeraanvoerders. Maar het noorden had veel meer inwoners en een groter leger en meer natuurlijke hupbronnen. Ook kon men met de vloot een blokkade van het zuiden uitvoeren. Op 9 april 1965 gaf de zuidelijke opperbevelhebber Lee zich over aan Grant, de opperbevelhebber van het noorden. Vijf dagen later werd Lincoln vermoord. De opvolger van Lincoln lukte het niet noord en zuid met elkaar te verzoenen.

5 Industrialisatie en segregatie

Snel economisch herstel

Sociaal en politiek zouden de gevolgen van de Burgeroorlog tot in onze tijd merkbaar blijven. Maar economisch kwamen de VS de gevolgen van de Burgeroorlog in korte tijd te boven.

Op industrieel gebied ontwikkelde de VS zich zeer snel tot een van de belangrijkste staten ter wereld. Omstreeks 1900 produceerden de VS bijvoorbeeld meer staal, olie en steenkool dan welk land ook. Deze economische groei werd mede mogelijk gemaakt door de komst van bijna dertig miljoen emigranten tussen 1860 en 1920.

europese emigratie 1820-1920

Communisme en socialisme krijgen weinig aanhang

In de VS kwam net als in Europa grote armeode voor. Maar socialisten en communisten kregen er weinig aanhang. Dat had vermeodelijk met de volgede omstandigheden te maken::

- In de VS was verdeeldheid onder de arbeiders veel groter dan in Europa;

- de blanke arbeiders wilden niet samenwerken met de zwarte;

- er kwamen tussen 1860 en 1920 bijna dertig miljoen immigranten binnen;

- in de VS hadden de arbeiders meer hoop op een betere toekomst dat in Europa;

- in de VS werden niet-socialistische organisaties en personen met succes voor hervorming en sociale wetgeving.

Grote ongelijkheid voor zwarten in het zuiden

De VS hebben een zeer gemengde bevolking. De meerderheid is blank, maar daarnaast leven er aanzienlijke minderheden zoals de Indianen en mensen die afkomstig zijn uit Azië en Latijns-Amerika.

Nog geen politieke gelijkheid voor de zwarten in het zuiden.

Het Congres besloot het zuiden tot 1877 onder militaire controle te plaatsen en de zwarten zouden dezelfde rechten als de blanken krijgen. Maar van dat laatste kwam niet veel terecht.

Bij stemmingen verhinderde men dat de zwarten hun stem konden uitbrengen door ze niet te tellen of ervoor te zorgen dat alleen blanke stemmers wisten waar het stemlokaal was.

De zuidelijke staten gingen nog verder door te eisen dat de kiezers in staat moesten zijn te lezen, te schrijven en de grondwet te begrijpen. Zo wisten de blanken veel zwarten van de stembus te houden. Daarnaast werd in 1865 de Ku Klux Klan opgericht, een extremistische organisatie van blanken die op alle mogelijke manieren het leven van de zwarte Amerikanen onmogelijk probeerden te maken.

Ook ongelijkheid voor zwarten op economisch en sociaal gebied

Vanzelfsprekend leidde dit ook tot ongelijkheid voor zwarten op economisch en sociaal gebied. Ze werden het eerst ontslagen en kregen de slechts betaalde banen.

Segregatie wordt in wetten vastgelegd

Aan het einde van de 19e eeuw gingen de zuidelijke staten nieuwe wetten invoeren om de zwarte bevolking van de blanke te scheiden. Dit wordt segregatie genoemd.

Zwarten gaan zich organiseren en verwerven langzaam meer rechten.

Booker T. Washington wist op het einde van de 19e eeuw op het gebied van het onderwijs veel te bereiken. Er ontstond een nieuwe beweging de National Association for the Advancment of Coloured People (NAACP). Deze beweging wilde door demonstraties en via rechtszaken haar doelen bereiken.

Democratie belet Roosevelt de zwarten voldoende te beschermen

memo hfst 3 afb 6

  Roosevelt

President Roosevelt (1933-1945) zorgde ervoor dat de zwarte bevolking een aandeel kreeg in de steunprogramma's voor werkelozen. Ook benoemde hij zwarten op enkele belangrijke posten bij de overheid. Maar hij kwam niet met maatregelen om blank en zwart gelijk te stellen. Toch stapten veel zwarten over van de Republikeinse naar de Democratische partij.

Acties van zwarten voor gelijke burgerrechten

De Republikeinse president Eisenhower (1953-1961) meende dat het denken van mensen niet door de wetgeving kon worden veranderd.

De belangrijkste zwarte leider werd de jonge dominee Martin Luther King. Hij wilde via geweldloze acties in het zuiden gelijke rechten voor de zwarte bevolking krijgen. Zuidelijke blanken reageerde woedend en de Ku Klux Klan leefde weer op.

President Kennedy (1961-1963) diende bij het Congres een wetsvoorstel in waarmee hij een einde wilde maken aan de segregatie in het zuiden. ook beloofde hij dat het stemrecht voor zwarten verbeterd zouden worden. Kennedy werd in Dallas vermoord, maar onder zijn opvolger, president Johnson (1963-1969), werden voorstellen tegen de segregatie en voor bescherming van de zwarte kiezers door het Congres aangenomen.

memo hfst 3 afb 5

 

Naast de geweldloze acties ontstonden er ook meer extremistische organisaties van zwarten onder leiding van Malcolm X en Stokely Carmichael. Zij kozen voor de zwarten en waren van mening dat deze zich beter in eigen kring konden terugtrekken. Mede door de strijdbaarheid van deze leiders ontstonden er in de jaren 1965-1969 ernstige rassenonlusten in de getto's van de grote steden, waarbij tientallen slachtoffers vielen. Ook Martin Luther King werd in 1968 vermoord.

Meer integratie maar nog steeds problemen

Onder president Nixon (1969-1974) werd een politiek van 'heilloze verwaarlozing' begonnen. Volgens hem was het voor de zwarten het beste dat hun problemen naar de achtergrond werden geschoven.

Het streven naar integratie bleef belangrijk, maar in de slechte positie van de zwarten in de benedenlaag van de bevolking kwam nauwelijks verandering. De zwarte bevolking had hierop geen antwoord. Zij miste een bekwaam leider als Martin Luther King en waren sterk verdeeld. Daarnaast had een deel van de zwarte bevolking zich opgewerkt tot de midden- en bovenlaag van de bevolking en deze groep bleek niet bereid op te komen voor de belangen van de arme zwarten.

6 De VS gaan optreden als een grote mogendheid

Aan het eind van de negentiende eeuw bleek de tijd rijp zich ook bezig te gaan houden met de wereld buiten het Amerikaanse vasteland. Sommigen vonden dat de Manifest Ddestiny ook gold voor gebeiden buiten Noord-Amerika. Rond 1900 zouden de Amerikaanse imperialsten hun zin in de politiek van de VS doordrijven. de VS namen- wel laat - toch deel aan de 1e wereldoorlog, daarbij ging het niet om imperialisme. Na die oorlog kwam tegenover het internationalisme van President Wilson, die tevergeefs probeerde de VS te laten deelnemen aan de Volkenbond, het isilationisme te staan. Alleen zich bezighouden met de eigen belangen. Door de Tweede Wereldoorlog verloor het isolationisme veel aan betekenis.

7 De economische crisis en de New Deal

De economische crisis van 1929

De Republikeinse presidenten in de twintiger jaren waren van mening dat de economie geen zaak van de overheid was. Zowel Harding, Coolidge en Hoover hielden zich daar aan. Dus weinig belastingen en geen beperkende wetten voor de industrie. Maar in 1929 kwam er plotseling een einde aan de  'Republikeinse welvaart'. De aandelenbeurs op Wall Street stortte in omdat de aandeelhouders in paniek hun aandelen gingen verkopen.

wall street

De banken hadden in een tijd van economische goei veel geld uitgeleend aan hun klanten. Toen door de crisis hun klanten dat geld niet konden terugbetalen kwamen de banken ook in moeilijkheden. De klanten hadden  hun aandelen vaak betaald met geleend geld. Nu de aandelen niets meer waard waren bleef de schuld bestaan. Banken gingen als gevolg daarvan failliet. Maar ook fabrieken en particulieren.

Hoe kon de crisis ontstaan

Daar worden de volgende redenen voor aangegeven:

1) Slechte verdeling van inkomsten: 25% van de bevolking profiteerde van de welvaart.

2) Overproductie in de industrie: De markt was verzadigd maar de productie ging toch door;

3) Overproductie in de landbouw: na he beëindiging van de 1e Wereldoorlog konden de boeren in Europa weer zelf gaan produceren. Dat leidde tot een overproductie in de VS en een half miljoen boeren ging failliet. Boeren gingen moderniseren waardoor de overproductie nog meer toenam. Met alle gevolgen van dien.

4) Een te groot vertrouwen in de economische ontwikkeling: men leende tegen de klippen op.

5) Er was onvoldoende controle op de banken en er waren veel te veel kleine banken. Deze kleine banken hadden niet voldoende kapitaal om te overleven.

De eerste New Deal van Roosevelt

De crisis werd het begin van een depressie. In 1933 was 25% van de beroepsbevolking werkloos. Hte inkomen per hoofd van de bevolking zakte van $ 681 naar $ 495 per jaar. Lonen en salrarissen daalden met gemiddeld 40-60%. De regering van president Hoover (1929-1933) kreeg seeds meer tegenstanders.

De Democraat Franklin Delano Roosevelt werd zijn opvolger. Roosevelt vond dat de regering verantwoordelijk was voor de burgers, die buiten hun schuld in moeilijkheden waren geraakt.

Roosevelt beloofde de kiezers een New Deal. Met de New Deal bedoelde Roosevelt een groot aantal sociaal-economishe maatregelen om de economie weer op gang te brengen en de nationale eenheid te stimuleren. De New Deal bestond o.a. uit:

  • Herstel vertrouwen in banken: banken werden een week gesloten en de geldvoorraad werd aangevuld. Zwakke banken werden gesloten. Mensen brachten nu weer geld naar de banken.

  • Steun aan de boeren. Agricultural Adjustmand Act. De boeren die hun productie wilden beperken, kregen subsisdie. Daarmee nam de overproductie af en konden de opbrengstprijzen weer stijgen.

  • Het bedrijfsleven kreeg steun door middel van de National Industrial Recovery Act. Hierbij werden afspraken met het bedrijfsleven gemaakt om overproductie en slechte werkomstandigheden tegen te gaan.

  • Met grote projecten werden werklozen aan werk geholpen bijvoorbeeld de Tennesy Valley Autority waarbij grote krachtcentrales werden gebouwd. The Works Progress Administration voerde tussen 1935 en 1943 een miljoen projecten uit.

De tweede New Deal van Roosevelt 

Het harmoniemodel werd vervangen door een conflictmodel na de congresverkiezingen van 1934. De wetten werden nu opgelegd aan het bedrijfsleven en werden daarom de tweede New Deal genoemd.

Geboorte van de verzorgingsstaat

Door de invoering van de Social Security Act (SSA) werd een begin gemaakt met het verzekeren van werknemers tegen ziektekosten, werkloosheid en ouderdom.  De werkgevers protesteerden heftig tegen deze wet en werden daarbij gesteund door de Republikeinse partij.

Na hun grote nederlaag in 1936 zouden ook de Republikeinen het bestaan van sociale verzekeringen in principe aanvaarden. In de VS ging met echter minder ver dan in Europa.

De positie van de vakbonden wordt versterkt

The National labour Relations Act ( NLRA) uit 1935 gaf de werknemers de garantie dat zij zich konden verenigen en konden onderhandelen met hun werkgevers via vertegenwoordigers die zij in vrijheid hadden gekozen.

Big Government onder leiding van Franklin D. Roosevelt

De werkgevers moesten op sociaal en economisch gebied hun macht nu delen met de georganisserde werknemers. Naast deze twee ontstond als derde macht Big Government, het bureaucratisch apparaat dat door de New Deal was gevormd. Big Government werd belichaamd in de persoon van Roosevelt die driemaal tot president werd gekozen in 1936, 1940 en 1944.

De laatste jaren van de New Deal

Roosevelt en het Hoogerechtshof botsen

In 1936 verklaarde het Hooggerechtshof enkele belangrijke wetten van de New Deal in strijd met de grondwet. Na zijn herverkiezing probeerde Roosevelt de samenstelling van Hooggerechtshof te vergroten zodat men voor de wetten zou stemmen. Het Congres verwierp echter het voorstel van Roosevelt.

Oorlogsdreiging leidde tot einde New Deal

Roosevelt vreesde dat de VS niet vast kon blijven houden aan het isolationisme in verband met de ontwikkelingen in Europa. Democraten uit het zuiden van de VS overtuigden hem ervan dat ze hem alleen zouden steunen als hij niet meer zou streven naar verdere veranderingen in de Amerikaanse samenleving. De buitenlandse politiek kreeg de voorkeur boven de binnenlandse.

8 De macht van de presidenten sinds 1945

Truman neemt belangrijke beslissingen maar stuit op veel verzet

In april 1945 sterf Roosevelt en wordt opgevolgd door vice/president Harry Truman 1945/1953. Truman stelde zich veel harder op tegen Rusland. Op binnenlands gebied zette hij de politiek van Roosevelt voort en kwam met zijn Fair Deal.

Hij kreeg echter te maken met een Republikeins Congres. Bezuinigingen en terugdringen van de macht van de vakbonden werden de wachtwoorden. Het lukt Truman om de positie van de zwarten iets te verbeteren en te behouden wat de New Deal tot stand had gebracht.

Tot verrassing van velen won hij in 1948 de verkiezingen. De Republkeinen, onder aanvoering van senator Joseph McCartey beschudigden Truman van slapheid tegenover het communisme en ontketende een heksenjacht op zogenaamde verraders en spionnen. In 1952 won de oud generaal Eisenhower de verkiezingen voor de Republikeinen.

Eisenhower, een populaire president met een gematigd beleid

Eisenhouer (1953-1961) wilde als president in de binnenlandse politiek veel minder invloed uitoefenen dan Truman. Hij ging er van uit dat een stijgende welvaart de bestaande problemen zou opheffen. Daarom moest het bedrijfsleven zo weinig mogelijk in de weg worden gelegd. Hij handhaafde echter wel het grootste deel van wat de New Deal tot stand had gebracht.

Op economisch gebied ging het de VS in deze jaren voor de wind. Rassenproblemen konden niet door federale wetten worden opgelost. Tot verrassing van Eisenhower deed het Hooggerechtshof tussen 1953 en 1968 een aantal uitspraken voor gelijke behandeling van de zwarten. In 1954 verklaarde het Hooggerechtshof dat blank en zwart op de scholen niet langer gescheiden mochten blijven. Deze uitspraak ondermijnde de apartheid in het zuiden.

Kennedy wil meer leiderschap dan Eisenhower

President Eisenhower en zijn minister van buitenlandse zaken Dulles vonden de buitenlandse politiek van Truman te slap. Truman wilde het communisme in bedwang houden (containmentpolitiek), Dulles wilde het communisme terugdringen (roll-back politiek).

De Democratische president Kennedy (1961-1963) vond dat de VS in slaap waren gesukkeld en wilde de VS weer wakker schudden. Hij kwam met het project om een man op de maan te zetten en dat lukte in 1969. Op binnenlands politiek gebied sprak Kennedy over de New Frontier, het nieuwe grenzen ontdekken. Daarmee wilde hij de New Deal voortzetten. Het economisch beleid van Kennedy kwam zowel de werkgevers als de werknemers ten goede. De economie breidde zich uit  de werkloosheid nam af. Toch had Kennedy in het Congres veel last van conservatieve democraten waardoor zijn voorstellen niet altijd ongeschonden werden aangenomen.

Oppositie tegen de presidenten Johnson en Nixon

Kennedy werd in 1963 vernmoord en opgevolgd door zijn vice-president Johnson. De voorstellen van Johnson in zijn programma The Great Society, 'een oorlog tegen de armoede', werden door het Congres warm onthaald.

Maar vanaf 1965 stuurde Johnson steeds meer troepen naar Zuid-Vietnam. Daar was een oorlog aan de gang tussen het communistisch Noord-Vietnam en het niet-communistische Zuid-Vietnam. Deze oorlog koste de Amerikanen miljarden dollars zodat er te weinig geld overbleef voor The Great Society. In 1968 leidde het feit dat er steeds meer Amerikaanse slachtoffers vielen tot grote demonstraties tegen het beleid van President Johnson. Deze besloot zich daarop niet meer herkiesbaar te stellen. De verkiezingen werden gewonnen door de Republikein Nixon.

Onder zijn presidentschap (1969-1974) kwam er een einde aan de vooruitstrevende rol van het Hooggerechtshof. Veel conservatieve Amerikanen hadden zich aan het optreden van het Hof geërgerd. Toen rechter Earl Warren met pensioen ging in 1969 benoemde Nixon de conservatieve Warren Burger tot zijn opvolger. Onder diens leiding zou het Hooggerechtshof een veel behoudender koers gaan varen.

In de buitenlandse politiek bereikte Nixon het volgende:

1) Een wapenstilstand en daarmee een einde aan de deelname van de VS aan de oorlog in Vietnam ( januari 1973)

2) Verbeteringen van de betrekkingen met China en Rusland

Nixon treedt af

In 1972 werd Nixon herkozen tot president. Maar zijn tweede ambtsperiode werd een grote mislukking. Nixon had bij een aantal besluiten het Congres niet om toestemming gevraagd, zoals de kerstbombardementen op Noord-Vietnam in 1972.

Maar de belangrijkse oorzaak van de val van President Nixon was het feit  de corruptie in zijn regering en zijn eigen onbetrouwbaarheid. Zowel zijn minister van justitie als zijn vice-president moesten aftreden wegens overtreding van de wetten.

Maar een grotere schok kreeg de Amerikaanse bevolking toen bleek dat Nixon nauw betrokken bleek te zijn bij een inbraak in het Democratische hoofdkwartier, De Watergate affaire. Toen het congres bijna zover was dat het een afzettingsprocedure wilde beginnen tegen Nixon besloot deze de eer aan zichzelf te houden. Op 9 augustus 1974 trad hij af en werd opgevolgd door Gerald Ford.

Ford en Carter: weinig slachtvaardig

In de periode van Roosevelt tot Nixon was de macht van de president toegenomen, maar door het Congres werd de macht verder ingeperkt n.a.v. de Vietnamoorlog en de Watergateaffaire.

Ford en Carter wilde na een leugenachtige Nixon eerlijk zijn. de belangstelling van de bevolking voor de politiek bleef echter dalen.

Reagan als wonderdokter

Bij de  verkiezingen van 1980 won de Republikein Ronald Reagan van de zittende Democratische president Carter. Hij beloofde dat hij van de VS weer het belangrijkste land van de wereld zou maken. Maar dan moesten wel offers worden gebracht. Het waren echter vooral die mensen die uitkeringen kregen van de staat die er onder kwamen te lijden. Er werd minder geld uitgegeven voor de sociale voorzieningen. Ook werden allerlei federale instellingen opgeheven of ingekrompen. Het bedrijfsleven kreeg meer vrijheid.

Reagan bleef acht jaar president en werd gesteund door een Republikeins Congres. Maar er werd in die periode zoveel geld geleend dat het begrotingstekort astronomisch steeg.

memo hfst 3 afb 19

Bush sr. vindt geen oplossing voor binnenlandse problemen

Tijdens het presidentschap van Bush sr. nam het begrotingstekort nog verder toe. Bush had beloofd de belastingen toch niet te verhogen. Na lang aarzelen deed hij dat toch een klein beetje. Aan het einde van het presidentschap van Bush was 6,2 % van de beroepsbevolking werkloos. De VS waren een supermacht met kwalen geworden.

Onder Clinton verbetert de economie

Clinton zou acht jaar president zijn en wist handig om te gaan met de Republikeinse meerderheid in het Congres. Daarbij kwam dat de Amerikaanse economie prima draaide. Onder zijn bewind werd het Amerikaanse begrotingstekort weggewerkt en daalde de werkloosheid sterk.

Bush jr. begint 'oorlog tegen het terrorisme', de Amerikaanse bevolking raakt sterk verdeeld

De zoon van Bush sr. won de verkiezingen nipt in 2000 . De aanslag op de Twin Towers in New York en het Pentagon in Washington veranderde op slag de buitenlandse politiek van de VS. Volgens de VS waren de aanslagen georganiseerd door Al Qaida, geleid door Osama bin Laden. Deze zou zich ophouden in Afghanistan en gesteund woorden door de Talibaan. Met steun van het Congres begon Bush een oorlog tegen het Talibaanbewind in Afghanistan, maar Osama bin Laden werd niet gepakt. Nog steeds zijn de Amerikanen en enkele Nato bondgenoten waaronder Nederland aanwezig in Afghanistan.

Bush begon ook een oorlog tegen Irak , maart 2003, omdat Saddam Hoessein in het bezit zou zijn van massavernietigingswapens, die een bedreiging voor de VS vormden. De VN nam geen resolutie aan maar Bush jr zette toch door gesteund door Engeland.

In januari 2005 werden in Irak verkiezingen gehouden, maar dat kan niet verhelen dat de Iraakse bevolking echter politiek en godsdienstig sterk verdeeld is. De Koerden in het noorden en de tegenstellingen tussen de Soennieten en de Sjieten spelen daarbij een grote rol. Om over het invoeren van democratie maar te zwijgen. Voor de VS gelden echter ook de economische belangen, de olie.

Ondanks alles, toenemen begrotingstekort en werkloosheid, werd Bush jr in 2004 toch herkozen. Maar hij had dan ook een Republikeins Congres achter zich.

In 2008 versloeg de Democraat Obama zijn tegenstander John McCain. Hij erfde van Bush jr een diepe economische crisis en een oplopend deficit. De VS verkeren in een crisis en de inwoners stellen hun hoop op de nieuwe VS president. En zij niet alleen.

Zie verder hoofdstuk 12 SV Vwo Tweede Fase Hoofdstuk 12 5e dr.