We hebben 182 gasten online

SV Tweede Fase Havo Hoofdstuk 13 5e dr Walburg pers educatief

Gepost in Tweede Fase 5e druk Walburg pers educatief

Hoofdstuk 13 De tijd van de Koude Oorlog

1) Oorlogen;  Te voorkomen of 'fatsoenlijk' te voeren?

De Volkenbond: eerste poging alle staten te verenigen

Na de eerste Wereldoorlog werd bij de vrede van Versailles de Volkenbond opgericht. Velen twijfelden er echter aan of de Volkenbond genoeg macht en aanzien zou krijgen om de grote problemen in de wereld aan te kunnen. De leden van de Volkenbond konden de problemen in hun land zelf niet aan. En de VS werden door hun isolationistische politiek geen lid van de Volkenbond. Ook voor de Eerste Wereldoorlog konden grote conflicten niet door onderhandelingen worden opgelost.

volkenbond

President Wilson's idealisme en de VS bleef buiten de Volkenbond

De Volkenbond kwam regelmatig in Geneve bijeen. Daarnaast werd er in den Haag het permanente hof van Justtie opgericht waar geschillen tussen staten konden worden voorgelegd.

vredespaleis den haag

Positieve resultaten van de Volkenbond

De Volkenbond ondernam een groot aantal humanitaire en economische activiteiten in d ejaren '20. Zo behaalde de Volkenbond ook enkele politieke successen

Bij een conflict tussen Finland en Zweden over eilanden in de Oostzee legde Zweden zich neer bij de toewijzing aan Finland;

De Volkenbond maakte een einde aan de inval van Griekenland in 1925 in Bulgarije.

Onvolkomenheden van de Volkenbond

  • Veel staten in de wereld waren er geen lid van en de leden waren overwegend Europese staten;

  • Duitsland en Japan trokken zich terug uit de Volkenbond in 1933, Italië in 1937 en Spanje in 1939;
  • De Volkenbond had geen eigen leger. En de middelen die er waren werden onvoldoende gebruikt.

Sommige grote staten gingen hun eigen gang of steunden de Volkenbond onvoldoende

  • In 1923-1924 probeerde de Volkenbond tot een verdrag van wederzijdse bijstand te komen. Engeland sprak er zijn veto over uit;

  • Er werd niet voldoende opgetreden tegen agressieve staten. a) De volkenbond trak niet op tegen Japan aggressie tegen China; b) Duitsland kon ongehinderd de bepalingen van Versailles overtreden; c) Italië viel Etiopië binnen in 1935 en de Volkenbond verodende enkel economische sancties; d) De Volkenbond kon niet het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog verhinderen.

De Verenigde Naties: bedoelingen

President Roosevelt en premier Churchill kwamen in augustus 1941 het Atlantisch Handvest overeen. Enkele punten daaruit waren:

  • Niemand mag streven naar annexatie van gebieden;

  • Gebiedswijzigingen zijn niet toegestaan tegen de wens van de bevolking;

  • Alle volken mogen hun eigen regeringen kiezen;

  • Alle naties moeten afzien van geweld;

  • Naties die dreigen met geweld, moeten ontwapend worden.

In 1945 werd de Organisatie van de Verenigde Naties opgericht als opvolger van de Volkenbond. Alleen de verliezers werden er op dat moment geen lid van.

Doelstellingen van de Verenigde Naties:

  • Handhaven internationale vrede en veiligheid;

  • Opbouwen van vriendschappelijke betrekkingen tussen de volken;

  • Samenwerken bij de oplossing van internationale economische, sociale en humanitaire problemen.

De VN: Wat is er van terechtkomt

Er is geen nieuwe wereldoorlog uitgebroken, maar wel veel oorlogen op kleinere schaal. De permanente leden in de Veiligheidsraad maakten vaak gebruik van hun veto-recht om acties van de VN tegen te gaan. Slechts tweemaal maakte de VN gebruik om tegen agressie op te treden: de oorlog in Korea 1950-1953 omdat de SU de vergadering boycotte, en tegen de invasie van Saddam Hoessein in Koeweit in 1990.

De VN heeft wel met de 'blauwhelmen'  een rol als vredesmacht kunnen spelen. Deze 'blauwhelmen' werden dan als buffer gebruikt tussen de strijdende partijen. Ook Nederland leverde 'blauwhelmen'in Libanon, Cambodja en voormalig Joegoslavië.

In veel staten werden de mensenrechten geschonden zonder tussenkomst van de VN. Er kwamen massamoorden voor in Srebrernica (Bosnië), Cambodja, Soedan en Rwanda. Politieke terreur werd niet uitgebannen.

De VN behaalde en behaald echter met een aantal organisaties goede resultaten zoals met Unicef (kinderorganisatie) en de FAO (wereldvoedselorganisatie). Het grote verschil tussen rijke en arme staten op economisch gebied bestaat nog steeds en er wordt onder de lidstaten zeer verschillend gedacht over democratie en over het al dan niet scheiden tussen Kerk/godsdienst en Staat. 

Henri Dunant en het ontstaan van het humanitaire oorlogsrecht

In de 19e eeuw vonden talrijke veranderingen plaats die de oorlogvoering beïnvloeden. De burgerbevolking werd steeds meer bij de oorlogvoering betrokken door:

  • Het opkomend nationalisme: Vanaf de Franse revolutie bleken veel burgers bereid hun leven te geven voor het vaderland;

  • Dienstplichtlegers: In navolging van Frankrijk werden overal dienstplchtlegers ingevoerd.

  • Steeds dodelijker wapens en steeds meer burgerslachtoffers.

Door het ontstaan van de massapers gingen steeds meer mensen in de 19e eeuw kranten lezen. En die kranten berichtten over de verschrikkingen van de oorlogen in hun tijd.

Vanuit de christelijke kerken werden acties opgezet tegen de slavernij en tegen de oorlog. In 1843 vond het eerste internationale congres van oorlogsbestrijders in Londen plaats.

Henri Dunant was ooggetuige geweest van de slag bij Solferino in Noord-Italië, waar Italianen en Fransen streden tegen Oostenrijk. Er vielen toen 5.500 doden en 23.000 gewonden. Over zijn ervaringen schreef Dunanteen boek 'Un souvenier de Solferino' (Herinneringen aan Solferino'1862). Door zijn boek ging men beseffen dat een en ander moest veranderen zodat in de oorlogstijd mensen elkaar zo menselijk mogelijk zouden behandelen. Daartoe organiseerde hij in 1863 een conferentie om tot invoering van oorlogsregels te komen.

De eerste conventie van Geneve 1864

De Zwitsere regering nam het initiatief over en organiseerde in 1864 een conferentie in Geneve waar belangrijke vertegenwoordigers van Europese staten bij elkaar kwamen.

De regels van de 'Eerste Conventie'aangevuld in 1899 en 1907

Deze eerste conventie bevatte tien artikelen. Daarin werden o.a afspraken gemaakt over:

  • de wijze waarop de stijdende partijen gewonden moesten behandelen en verzorgen;

  • de wijze waarop de veiligheid van het medish personeel geregeld moest worden.

Dit nu was het begin van het humanitaire oorlogsrecht. Zevenenvijftig staten aanvaarden de regels. Maar spoedig bleek dat er meer regels moesten worden vastgelegd.

Boek over de geneefse conferentie

De regels van de 'Eerste Conventie' aangevuld in 1899 en in 1907

In Den Haag werden de volg-conferenties gehouden. Zij moesten regels opstelen voor een menselijke manier van oorlogvoeren en voor het beschermen van gewone burgers.

Het 'Haagse Recht' was uitsluitend van toepassing in internationale oorlogen en bovendien alleen wanneer de oorlogvoerende partijen de verdragen ondertekend hadden. Er waren echter geen afspraken gemaakt over de controle op het naleven van de regels.

2 Het bondgenootschap tussen Oost en West valt uiteen

 Bondgenootschap is innerlijk zwak.

Tijdens deTweede Wereldoorlog voegden Rusland en de VS zich bij Groot-Brittannië en zijn bondgenoten. Samen vormden deze landen een bondgenootschap tegen Duitsland en zijn bondgenoten en Italië en Japan.

Die samenwerking leek hecht maar dat was maar schijn. Men kreeg onderling grote meningsverschillen.

Onderling wantrouwen sedert de communistische machtsgreep in Rusland

Sinds de oktoberrevolutie in Rusland stond het Westen wantrouwend tegenover de Sovjet-Unie. Dat kwam door:

  • Rusland sloot in maart 1918 een afzonderlijke vrede met de Centralen en brak zodoende met de bondgenoten van de Triple Entente: Engeland en Frankrijk;

  • In 1919 werd in Moskou de Communistische Internationale opgericht. Het doel van de Komintern was de  'wereldrevolutie' te bevorderen: de hele wereld zou communistisch moeten worden;

  • Rusland was op dat moment het enige communistische land ter wereld. Het Westen stond daar wantrouwend tegenover;

  • In 1938 trok Stalin de conclusie, uit de overeenkomst van München, dat hij niet op hulp uit West-Europa kon rekenen bij een Duitse aanval;

  • Eind augustus 1939 sloot Stalin met Hitler een niet-aanvalsverdrag;

  • In september 1939 werd Polen door Duitsland en Rusland aangevallen en de Tweede Wereldoorlog was een feit.

Stalin wist dat het uitstel van executie was, maar dat gaf hem de gelegenheid maatregelen te nemen. Het niet-aanvalsverdrag werd door Hitler op 22 juni 1941 geschonden toen Duitse troepen een aanval begonnen op de Sovjet-Unie.

front 2e wo oosten

Het wantrouwen blijft tijdens de Tweede Wereldoorlog

Men werkte als geallieerden samen om het fascisme te overwinnen. Dat het wantrouwen bleef bestaan kwam door de volgende oorzaken:

  • Het Tweede Front: Na de Duitse aanval op deSovjet-Unie speelde de oorlog zich af op Russisch grondgebied (eerste front). Stalin vroeg aan de geallieerden om een Tweede Front in West-Europa maar moest daar drie jaar op wachten. Volgens Stalin was dat opzetelijk zodat Rusland zou verzwakken.

  • De Poolse kwestie: a) de Poolse regering in ballingschap wilde dat na het einde van de oorlog de situatie hersteld zou worden zoals die voor de oorllog was. Stalin was het daar niet mee eens omdat hij stelde dat het gebied voor de Eerste Wereldoorlog bij Rusland hoorde; b) De Duitsers ontdekten bij Katyn, bij Smolensk in Rusland, een massagraf waar duizenden door de Russen vermoorde Poolse officieren waren begraven; c) De Russen kwamen in augustus 1944 het Poolse verzet niet te hulp toen die een opstand voerden tegen de Duitsers in Warschau; d) Stalin liet na verovering van Polen en Oost-Duitsland de Poolse grenzen naar het westen opschuiven; e) Stalin steunde een communistische regering in Polen waardoor de Poolse regering in Londen buitenspel werd gezet.

Rusland en het Westen voeren moeizame onderhandelingen over de toekomst van Europa

  • De eerste bijeenkomst was in februari 1945 te Jalta op de Krim.

     


roosevelt 
 jozef stalin
 churchill
  • De tweede bijeenkomst werd gehouden in 1945 in Potsdam in het verslagen Duitsland. De VS werden nu vertegenwoordigd door president Truman en de Engelse premier Churchill was na verkiezingen vervangen door Atllee. Men kwam in Potsdam tot de volgende afspraken:

  1. Duitsland en Oostenrijk werden in vier bezettingszones verdeeld

bezet oostenrijk en duitsland

     2.  Duitsland moest alle gebieden ten oosten van de Oder-eisse-lijn afstaan aan Polen.

     3.  Oostenrijk werd weer losgekoppeld van Duisland.

     4.  Het politiek leven zou op democratische wijze worden gereorganiseerd.

     5.  Het nazisme zou worden uitgeroeid (denazificatie) en de oorlogsmisdadigers zouden worden berecht.

     6. Duitsland zou volledig worden ontwapend en de oorlogsindustrie zou worden ontmanteld.

     7. Duitsland zou een vergoeding moeten geven.

     8. Duitsland zou gedurende de tijd van de bezetting als een economische eenheid worden beschouwd.

Al deze afspraken waren slechts tijdelijke maatregelen in afwachting van een vredesverdrag op langere termijn. Een latere definitieve vredesconferentie zou echter door de Koude Oorlog nooit paatsvinden.

De Geallieerden verdelen Europa in invloedssferen

Ondanks het onderlinge wantrouwen leek een verbetering van de betrekkingen tussen Rusland en de westelijke Geallieerden mogelijk. Het liep echter anders. De geallieerden konden het niet met elkaar eens worden wat er met de bezette gebieden diende te gebeuren. Daarom ging men er van uit dat degene die het gebied veroverd had, in dat gebied de grootste invloed mocht uitoefenen. Zo ontstonden er  'invloedssferen'.

De Westelijke Geallieerden wilden dat er, overeenkomstig het Atlantisch Handvest, overal vrije verkiezingen werden gehouden. Stalin liet wel vrije verkiezingen houden in enkele Oost-Europese staten, maar toen die geen meerderheid opleverden voor de communistische partijen, hielp hij overal communistische regeringen aan de macht.

3 De Koude Oorlog

Het westen had geen begrip voor Ruslands behoefte aan veiligeheid en was overtuigd dat Rusland de hele wereld in haar macht wilde krijgen. Rusland had geen begrip voor de westerse idealen van zelfbeschikking en democratie. en dacht dat het Westen alleen maar uit was op economische overheersing van de wereld en het terugdringen van de Russische invloed.

Truman veranderde de buitenlandse politiek van de VS

Amerikaanse vrees voor Rusland

In de VS groeide in 1945-1946 de overtuiging dat Rusland naar uitbreiding van haar macht streefde. Dat leidde men af uit de volgende feiten:

  • Rusland had bijna alle Oost-Europes staten en Noord-Korea bezet en was bezig daar communistische regeringen te vestigen.

  • In Iran en Griekenland waren communisten in opstand gekomen.

  • De communisten in West-Europa volgden de de Stalin gegeven partijlijn.

De Trumanleer (doctrine)

Begin 1947 liet de Britse regering aan President Truman weten dat ze wegens grote economische problemen de steun aan de Griekse regering moest gaan beëindigen. De communisten in Griekenland waren al in opstand gekomen tegen de Griekse regering. Truman zag in de Burgeroorlog in Griekenland de hand van Stalin en vreesde dat ook Turkije, Italië en Frankrijk de volgende landen zouden zijn die in communistische handen zouden kunnen vallen. Truman kwam toen met de zogenaamde Trumanleer en werd daarin door het Congres gesteund: elk land dat van buitenaf - of van binnenuit door het communisme zou worden aangevallen kon op steun van de VS rekeningen. Deze Trumanleer wordt ook wel de politiek van de containment (indamming) genoemd. De Trumanleer kreeg een economische poot de Marshallhulp en een militiare poot de NAVO.

memo hfst 9 afb 10

Het Marshallplan

Door het Marshallplan zou iedere Europese staat zowel in West Europa als Oost Europa financièle steun ter economisch herstel kunnen krijgen van de VS. De Sovjet Unie zag dit echter als economisch imperialisme en dus mochten ook de Oost Europese landen niet meedoen. De Marshallhulp bleef beperkt tot West Europa, Joego Slaviè, Griekenland en Turkije. De gedachte was dat als landen weer economisch gingen groeien het communisme daar geen vaste voet aan de grond zou krijgen. Het Marshallplan zou sterk bijdragen aan de economisch opbloei van West Europa. 

De kwestie Duitsland wakkert de Koude Oorlog aan

Onenigheid over Duitse toekomst

 De grote drie waren niet van plan twee Duitse staten te stichten. Integendeel, ze streefden naar een oplossing voor heel Duitsland. Stalin gaf aan de invulling ervan echter een andere inhoud

  • Stalin wilde Duitsland echter militair en economisch zwak houden, hoge herstelbetalingen opleggen en alleen een regering toestaan die niet anti/Russisch was.

  • De Britten en vooral de Amerikanen wilden een Duitsland dat in eigen behoeften zou kunnen voorzien en dat een democratische regering had. 

Men werd het niet eens en dus ging men in de eigen bezettingszones hun eigen gang. Rusland schafte in de eigen zone het particulier bezit af en haalde als schadeloosstelling zoveel mogelijk goederen eruit weg. De westelijke geallieerden handhaafden het particulier bezit.

 In januari 1947 voegden de VS en Engeland hun bezettingszones samen tot een economische zone Bizoniè. Rusland was het daar niet mee eens en zou uiteindelijk in juni 1948 overgaan  tot de Blokkade van Berlijn

De Blokade van Berlijn

In juni 1948 kondigden de VS, Engeland en Frankrijk voor hun zones een grondwet en geldsanering aan. Er kwam een D mark die gekoppeld zou worden aan de Amerikaanse dollar. Toen de nieuwe mark ook werd ingevoerd in West Berlijn, was dat voor Rusland aanleiding om in te grijpen. Stalin besloot tot een blokkade van West Berlijn. Alle wegen naar de stad werden afgesloten. De blokkade werd de eerste ernstige krachtmeting tussen Oost en West.

Amerikaanse en Britse vliegtuigen begonnen een ´luchtbrug´vanuit West Duitsland naar het in de Russische sector liggende West Berlijn om de benodigde goederen over te brengen. Pas na bijna een jaar, in mei 1949, hief Stalin de blokkade op.

De verdeling van Duitsland

  • In mei 1949 werden de drie westelijke bezettingszones tot een zelfstandige staat verklaard, de Bondsrepubliek Duitsland.

  • In 1954 werd de Bondsrepubliek tot de Navo toegelaten. In 1955 kwam de Bundeswehr, het nieuwe West Duitse leger tot stand.

  • Stalin reageerde met dre oprichting van de Duitse Democratische Republiek in oktober 1949.

  • Rusland stond de DDR toe een eigen leger op te richten, de Nationale Volksarmee.

Oprichting van de NAVO in 1949 en het Warschaupact in 1955

Een ander resultaat was de oprichting van de NAVO in 1949 en van het Warschaupact in 1955. Doel van de Navo was de gezamenlijke verdediging tegen buitenlandse aanvallen. Het Warschaupact was bedoeld als een Europese communistische tegenhanger van de Navo.

De Trumanleer wordt ook in Azië toegepast

China wordt communistisch

Ook door gebeurtenissen in China en Korea vertroebelde de verhouding Oost-West. Al voor de tweede wereldoorlog was er een strijd ontstaan tussen de Kwo Min Tang, Nationalisten genoemd, en de Chinese Communistische partij, de CCP onder leiding van Mao Tsetung. Twee maal werkte men samen en twee maal kwam daar een einde aan. De Nationalisten werden gesteund door de VS en de CCP door Rusland. Na het einde van de oorlog tegen Japan ontstond wer tussen de KMT en de CCP een burgeroorlog die door de Communisten werd gewonnen. In 1949 ontstond op het vasteland de Volksrepubliek China en de Nationalisten zochten hun toevlucht in Taiwan en zo ontstond Nationalistisch China.

burgeroorlog

Heksenjacht in de VS op communisten.

In de VS ontstond een stroom van kritiek op president Truman, vooral van republikeinse zijde. Er ontstond een heksenjacht op mensen die ervan verdacht werden communistisch gezind te zijn. Vooral de door senator Mc Carthy geleide senaatscommissie gaf er leiding aan. Terwijl in de VS de jacht op communisten op gang kwam, viel het communistische Noord-Korea het niet-communistsische Zuid-Korea binnen.

De Russen, die volgens het akkoord van Potsdam Noord-Korea bezet hielden, stichten in samenwerking met de Koreraanse communistische partij een communistsische staat.  In Zuid-Korea probeerden de Amerikanen een democratie op te zetten. Maar dat groeide al snel uit tot een dictatuur.

koreaoorlog

koreaoorlog

De Koreaanse oorlog

In juni 1950 trok het Noord-Koreaanse leger Zuid-Korea binnen. Dat leidde tot een oproep van de Veiligheidsraad aan alle leden om die agressie tegen te gaan. Omdat de SU de vergadering boycotte kon de Veiligheidsraad besluiten om er een troepenmacht heen te sturen. Ook Nederlanders maakte daar deel van uit. In het begin veroverde het Noord-Koreaanse leger een groot gedeelte van Zuid-Korea maar het VN leger (voor het grootste deel bestaande uit VS militairen), onder leiding van generaal Mc Arthur, drong hen terug tot aan de Chinese grens. China besloot toen soldaten over de grens te sturen ter ondersteuning. De 38e breedtegraad werd uiteindelijk na onderhandelingen tot een wapenstilstand in 1953  de grens tussen Noord- en Zuid Korea.

 Wedloop in kernbewapening begint

Vier jaar na de Amerikanen bleken ook de Russen over een atoombom te beschikken (1949). Daarna brak het tijdperk van de raketten aan,

4 Voortzetting Koude Oorlog of vreedzame co-existentie?

Pogingen tot vreedzame co-existentie

Politiek van 'roll back' bepleit, maar niet uitgevoerd

Begin 1953 werd Eisenhower president van de VS. de buitenlandse politiek werd echter vooral bepaald door de nieuwe minister van buitenlandse zaken John Foster/Dullens.  Deze vond de  containment politiek te zwak en koos voor de ´roll back´ politiek. Het terugdringen van het communisme.

Dulles voerde zijn ´roll back´ niet uit door de volgende omstandigheden

  • Er zou een aanzienlijke verhoging van het defensiebudget nodig zijn.

  • Omdat Rusland inmiddels begonen was met de opbouw van een eigen kernmacht werd de uitwerking van een eventuele kernoorlog steeds gevaarlijker.

 Vreedzame co-existentie, maar niet voor iedereen

Chroesjtsjov pleitte voor een vreedzame coexistentie met de kapitalistische wereld. Ondanks de rivaliteit mocht dat niet tot een oorlog voeren. Bij de onafhankelijkheid van Oostenrijk bleek de goede wil van Rusland. Het werd een democratisch bestuurd land maar zich niet aansluiten bij Oost of West. Het streven naar vreedzame coexistentie bereikte zijn hoogtepuunt op de conferentie van Geneve in 1955.

Toen echter in 1956 de Hongaren probeerden zich los te maken van de invloedssfeer van de Sovjet Unie greep het Russische leger hard in. Ook dreigde hij Groot Brittannie en Frankrijk met kernraketten, toen zij Egypte aanvielen wegens de nationalisatie van het Suezkanaal.

spotprent ideologie

Nieuwe conflicten staan de vreedzame coexistentie in de weg

President Kennedy beloofde een krachtiger binnenlandse en buitenlandse politiek. Zo ontwikkelde hij het programma ´Alliance for Progress´, een economisch hulpprogramma voor Zuid Amerika en wilde zo de idealen van vrijheid en welvaart verbreiden.  Kennedy wilde zo indruk maken op Chroesjtsjov maar deze bleek niet bereid tot concessies.

  • Hij was niet onder de indruk van de in zijn ogen onervaren Kennedy.

  • Chroesjtsjov had successen nodig om eider van het communisme te kunnen blijven. Daarnaast was Mao Zedong zal zijn eigen weg gegaan en kreeg in de niet Westerse wereld veel aanhang.

Croesjstjov liet het daarom aankomen op enkele ernstige conflicten met de VS, de Berlijnse Muur en de Cubacrisis

De Berlijnse Muur

Sinds de oprichting van de DDR in 1949 waren er drie miljoen DDR burgers naar West Duitsland getrokken. Daarom gaf Chroesjstjov aan de DDR leider Ulbricht toestemming om dwars door Berlijn een muur te bouwen. Het Westen protesteerde wel, maar greep niet in.

memo hfst 9 afb 11


memo hfst 9 afb 12 

West Berlijn werd ingemetseld en burgers uit de DDR konden nu niet meer naar het Westen vluchtten

De Cubacrisis

Eind 1958 verdreef guerillaleider Fidel castro de Cubaanse dictator Batista. Onder Batista was Cuba economisch afhankelijk geweest van de VS. Castro nationaliseerde alle Amerikaanse bezittingen en sloot een handelsovereenkomst met Rusland. Eisenhouer regeerde met een economische boycot.

Enkele maanden nadat Kennedy president was geworden voerden Cubaanse ballingen een invasie uit in de varkensbaai op Cuba. Deze mislukte en Kennedy leed een nederlaag.

memo hfst 9 afb 13

In 1962 begon Rusland kernraketten te plaatsen op Cuba, in de ´achtertuin´ van de VS. Amerikaanse vliegtuigen hadden dat door middel van foto´s ontdekt. President Kennedy besloot tot een blokkade van Cuba. De wereld balanceerde op de rand van een wereldoorlog. Chroesjstjov bond uiteindelijk in en trok de rakketten terug uit Cuba. De VS moesten echter beloven het regiem van Castro met rust te laten.

vietnammemorial juli 2008

  Foto genomen tijdens mijn bezoek aan Washington op 8 juli 2008. Hier zijn in natuursteen alle namen van Amerikaanse slachtoffers van de Vietnam oorlog vermeld

De VS gaan Zuid-Vietnam steunen

De Fransen vertrekken uit Vietnam

hotsimin

  Ho Chi Minh

Na de Tweede Wereldoorlog slaagden de Fransen er even min als de Nederlanders in hun koloniën in Azië: Vietnam, Laos en Cambodja, weer volledig onder controle te krijgen. Tijdens de Japanse bezetting van Vietnam was een bevrijdingsbeweging ontstaan, de Vietminh, onder leiding van de communist Ho Tsji Minh. Tot de aanhangers behoorden zowel nationalisten als communisten. Na de Japanse capitulatie riep Ho Tjsi Minh de republiek Vietnam uit. Daar wilden de Fransen niets van weten en stuurden een leger dat er in slaagde de steden Hanoi en Saigon weer in handen te krijgen. Onder leiding echter van de militair strateeg Giap slaagde de Vietminh erin  de Fransen in 1954 in te sluiten in de vallei van Dien Bien Phoe en de Fransen te verslaan.

Als gevolg daarvan werd een overeenkomst gesloten:

  • De Vietminh moest zich terugtrekken ten noorden van de 17e breedetegraad, de Fransen ten zuiden daarvan;

  • Binnen één jaar moesten de Franse troepen Vietnam verlaten;

  • Binnen twee jaar zouden verkiezingen gehouden worden om Vietnam te herenigen onder een zelf gekozen regering.

Met hulp van de VS wordt de Zuid-Vietnamese staat in stand gehouden

Na de wapenstilstand werd Noord-Vietnam een communistische staat onder leiding van Ho Tsji Minh. Zuid-Vietnam werd autoritair geregeeerd door de katholieke Ngo Dinh Diem.

dominotheorie

De VS vonden die steun noodzakelijk op grond van de in 1954 gelanceerde dominotheorie: als Zuid-Vietnam communistisch werd, zou een reeks landen als dominostenen voor het communisme vallen: Laos, Cambodja, Thailand, Birma, Maleisië, Indonesië. Een grote rol speelde daarbij dat China in 1949 communistisch was geworden.

De Vietcong werd opgericht en begon een guerilla

In 1960 werd in Zuid-Vietnam het Nationale Bevrijdingsfront opgericht, onder leidng van de communisten. Diem noemde het bevrijdingsfront dan ook Vietcong (Vietnamese communisten). Dit bevrijdingsfront kreeg echter ook de steun van veel niet-communistische tegenstanders, zoals boeddistische monikken en nationalisten. De Vietcong werd bevoorraad door Noord-Vietnam en door de Sovjet-Unie. De Vietcong slaagde erin grote delen van het platteland onder controle te brengen.

De VS gaan deelnemen aan de burgeroorlog in Zuid-Vietnam

De regering Kennedy stuurt 'adviseurs'

President kennedy ging ervan uit dat de Vietcong een kleine minderheid vormde en zich alleen kon handhaven door de steun uit Noord-Vietnam en de afgedwongen medewerking van de Zuid-Vietnamese plattelandsbevolking. Hij zette chemische middelen in om bossen te ontbladeren (Agent Orange) maar de aanvoer van wapens en voorraden via de zogenaamde 'Ho Tsi Minh-route', voor de Vietcong, ging gewoon door. Tegen het einde van Kennedy's regering waren er 16.5000 Amerikaanse 'adviseurs' in Vietnam.

johnson en kennedyOp 1 november 1963 vond er met toestemming van de VS een miliaire staatsgreep plaats, waarbij Diem werd gedood. Drie weken na deze staatsgreep werd Kennedy in Dallas vermoord. Zijn vice-president Lydon B. Johnson volgde hem op.

De regering- Johnson stuurt ook 'gewone' troepen naar Vietnam

 De Zuid-Vietnamese regering verloor verder terrein aan de Vietcong. President Johnson moest daardoor kiezen tussen een nederlaag van het Zuid-Vietnamse bewind of er een 'eigen' Amerikaanse oorlog van te maken. Hij koos voor het laatste. Het Golf van Tonkin-incident in augustus 1964, hierbij beschoten Amerikaanse en Noord-Vietnamese oorlogsschepen elkaar, leidde ertoe dat het Congres hem de volmacht gaf troepen te sturen naar Vietnam. In maart 1965 kwamen de eerste aan. Hun aantal zou oplopen tot meer dan een half miljoen. Noord-Vietnam stuurde ook steeds meer soldaten naar het Zuiden.

De Amerikaanse luchtmacht ging over tot het bombarderen van Noord-Vietnam. Ter vergelijking: er werden meer bommen gebruikt dan tijden deTweede Wereldoorlog. Men kon echter niet voorkomen dat de Vietcong aan de winennde hand bleef.

us basis vietnam

 

Nixon 'vietnamiseert' de oorlog en na een wapenstilstand verovert Noord-Vietnam Zuid-Vietnam

 De Vietnamoorlog was de eerste oorlog die in grote delen van de wereld te volgen was op de tv. Dat had verstrekkende gevolgen, zowel in de VS als in de rest van de wereld. Er ontsond een grote verontwaardiging ten aanzien van de gruwelen die men dagelijks kon volgen. Rixard Nixon beloofde de Amerikanen, als ze hem zouden kiezen tot hun president, een andere aanpak van de oorlog.

Hij beloofde een 'vietnamisering' van de oorlog: een geleidelijke terugtrekking van de Amerikaanse troepen en een gelijktijdige versterking van het Zuid-Vietnamese leger. Zonder toestemming van het Congres besloot hij tot het uitvoeren van bombardementen in Laos en Cambodja in een poging de Ho Tsji Minh-route te treffen. In augustus 1972 verdween de laatste Amerikaanse infanterist uit Zuid-Vietnam maar de luchtmacht bleef wel actief. Hoewel er tussen de VS en Noord-Vietnam vredesbesprekingen in Parijs werden gehouden liet Nixon de steden Hanoi en Haipong tijdens de kerstdagen van 1972 bombarderen (de kerstbombardementen). In januari 1973 werd een wapenstilstand gesloten die het einde betekende van de Amerikaanse oorlogsactiviteiten van de VS.

De Noord-Vietnamezen zagen nu hun kans schoon en binnen twee jaar veroverden ze heel Zuid-Vietnam. Saigon werd voortaan HoTji Minh-stad genoemd.

Gevolgen van de Vietnam-oorlog voor de verhouding Oost-West

koude oorlog

legenda

De afloop van de Vietnam-oorlog was een grote schok voor het Amerikkanse zelfvertrouwen. De Amerikanen probeerden de  'les van Vetnam' te leren:

  • De Amerikaanse regering stapte voorlopig af van het idee dat iedere communistische beweging een marionet was van Moskou of Peking. President Carter gaf b.v. steun aan de marxistische Sandinisten in Nicaraqua.
  • De Amerikaanse regering beschouwde niet langer ieder bewind, hoe ondemocratisch ook, als een geschikte kandidaat tegen het communisme. Carter staakte  b.v de steun aan Bolivia toen daar een miltiare staatsgreep in 1980 plaatsvond.

Ontspanning in Europa 

Willy Brandt gaat een nieuwe 'Ostpolitiek'voeren.

memo hfst 9 afb 14

Willy Brandt bij het monument van het Getto te Warschau

In 1969 vond in West-Duitsland een belangrijke politieke verandering plaats. De socialistische SDP en de liberale FDP gingen samenwerken onder leiding van een nieuwe regeringsleider, bondskanselier Willy Brandt. Brandt bracht een belangrijke verandering aan in de Duitse politiek ten opzichte van Oost-Europa. Hij sloot zowel met Moskou als Warschau verdragen die de bereikte status quo na de Tweede Wereldoorlog bevestigden. De Oder-Niesse grens werd definitief de grens tussen Oost-Duitsland en Polen daarbij de zogenaamde 'Westverschiebung' van Polen accepterend. Rusland garandeerde het verkeer tussen Berlijn en West-Duitsland nooit meer te zullen hinderen.

In Polen wordt de niet-communistische vakbond Solidariteit opgericht

In 1980 wisten Poolse arbeiders na stakingen het recht te verwerven de vakbond Solidariteit op te richten, die niet communistisch was. Maar onder druk van Rusland werd Solidariteit echter in 1982 verboden. Rusland was bang voor de consequenties in Oost-Europa.

Oost en West botsen in het Midden-Oosten en Afrika

Wegens zijn olierijkdom en zijn geografische ligging was het Midden-Oosten belangrijk voor Oost en West. Zowel Rusland als de VS ondervonden moeilijkheden bij het onderhouden van goede betrekkingen met de landen in het Midden-Oosten. Voor Rusland was het vooral een groot probleem dat communisme en islam zich moeilijk lieten combineren. Voor de VS was vooral de steun aan het door de Arabische staten gehate Israël een grote hinderpaal om meer invloed te krijgen.

Israël en de Arabische staten

De VS en Rusland raakten betrokken in het conflict tussen Israël, ontstaan in 1948, en de Arabische staten. Rusland steunde de Arabische staten en de VS probeerden zowel israël als de Arabische staten te vriend te houden.

overzichtskaart

overzichtskaart

Na de Sues-crisis in 1956 ( Engeland, Frankrijk en Israël traden militiar op na nationalisatie van het Suezkanaal door president Nasser van Egypte, nam de Russische invloed in het Midden-Oosten toe. Egypte kreeg Russische wapens en werd getraind door Russische  'adviseurs'.

In 1967 brak de Zes-daagse Oorlog uit (ook wel Juni-Oorlog genoemd) tussen Israël aan de ene kant en Jordanië, Syrië en Egypte aan de andere kant. Binnen zes dagen bracht Israël zijn tegenstanders een geweldige nederlaag toe. Israël bezette de Sinai-woestijn, de Gazastrook, de Westelijke Jordaanoever inclusief Oost-Jeruzalem en de Golanhoogvlakte.

door israel veroverde gebieden 1967

In oktober 1973 gingen Egypte en Syrië over tot een poging om de door Israël bezette gebieden te heroveren.

Israël realiseerde zich dat men niet altijd in oorlog kon zijn met de buurstaten. Vooral de VS bemiddelde zeer actief tussen Israël en de Arabische landen. President Sadat van Egypte deed en vergaande stap, als eerste Arabische leider, door met Israël het zogenaamde Camp-David accoord te sluiten in 1979.

camp david akkoord

 Het Camp-David akkoord

Oost en West botsen in Afrika ten zuiden van de Sahara

Nadat de Afrikaanse landen onafhankelijk waren geworden, probeerden zowel Rusland, China als de VS invloed in deze landen te verkrijgen. Vooral de Chinese invloed in Afrika is de laatste tijd sterk toegenomen.

Ethiopië

Marxistisch gezinde militairen maakten een einde aan het bewind van keizer Haile Selassie en maakten van het land een republiek naar Russisch model in 1974. In 1978 sloot Ethiopië een vriendschapsverdrag met Rusland. Jarenlang woedde er in Etiopië een burgeroorlog tussen de regring en  afscheidingsbewegingen in het oosten (Ogaden) en het noorden (Eritrea). In 1991 werd de communistsischeregering afgezet en werd Eritrea in 1993 een zefstandige staat.

Angola en Mozambique

In de voormalige koloniën van Portugal Angola en Mozambique onstonden na de onafhanekelijkheid een burgeroorlog tussen marxistsische en niet-marxistische bevrijdingsbewegingen. Met steun van Rusland en Cuba, dat zwarte soldaten naar Angola stuurde, wonnen de marxisten: MPLA in Angola, Frelimo in Mozambique. Sinds de jaren '90 hebben beide staten een meerpartijeenstelsel.

Namibië

Namibië werd sinds 1918 bestuurd als mandaatgebied door Zuid-Afrika. In 1966 begon de marxistische bevrijdingsbeweging met gewapend verzet tegen het Zuid-Afrikaanse bewind. Toen de dreiging van het communisme vanuit Rusland minder werd was Zuid-Afrika bereid zich uit Namibië terug te trekken. In 1990 werd Namibië een onafhankelike staat met een meer-partijenstelsel.

Zuid-Afrika

De blanke minderheidsregering werd bestreden door de zwarte verzetsbeweging ANC. Aaangezien het ANC marxistisch georiënteerd was en steun kreeg van enkele min of meer communissische landen in zuidelijk Afrika kon het Westen moeilijk partij kiezen voor het ANC. Het nam echter wel stelling tegen de Apartheid in Zuid-Afrika. Na de vrijlating van Nelson Mandela werd het ANC, na democratsisch verlopen verkiezingen, de grootste partij van Zuid-mandela

Afrika en werd Nelson Mandela president.

Dreiging van een oorlog met kernwapens

Een kernwapenwedloop ontstaat

DREIGING VAN EEN OORLOG MET KERNWAPENS

Sinds 1945 beschikten de VS over atoombommen. Vier jaar later had ook Rusland atoombommen ontwikkeld en ontstond er door verdere uitbreiding een kernwapenwedloop.

Kernwapenstrategie: 'afschrikking door massale vergelding'

Tot eind jaren vijftig hadden de Amerikanen een groot voordeel wat betreft kernwapens. Rusland had echter een groot overwicht in  'conventionele' strijdkrachten. Een Russische aanval op West-Europa zou niet te stuiten zijn. Daarom voerden de VS de strategie van 'afschrikking door massale vergelding' in. de bedoeling van deze strategie was de Russen zodanig af te schrikken, dat ze geen aanval zouden durven beginnen.

Kernwapenstrategie: 'wederzijdse afschrikking'

De strategie 'afschrikking door massale vergelding' kwam op losse schroeven te staan toe de Russen eind jaren '50 raketten ontwikkelden die Amerikaanse steden konden bereiken. Degene die nu een kernoorlog begon, kon ook rekenen op de eigen vernietiging.

Kernwapenstrategie: 'het aangepaste antwoord'

Om een atoomoorlog te voorkomen stelde de regering-Kennedy in 1962 voor de stategie van het 'aangepaste antwoord' in te voeren. Een beperkte Russische aanval zou dan niet meer meteen met  'massale vergelding'worden beantwoord. Eerst zouden er conventionele middelen worden gebruikt. Als dit niet zou baten konde lichte kernwapens worden ingezet. Het conventionele leger zou hierbij wel moeten worden uitgebreid. Met moeite gingen de Europese Navo-landen hiermee akkoord.

aanvalsplan warschau-pact op nederland

Aanvalsplan Warschaupact op Nederland

Protesten tegen de kernwapenwedloop

In 1977 begong een nieuwe fase. Rusland voerde een nieuwe raket in. Als antwoord volgde twee jaar later het zogenaamde Navo-dubbelbesluit: de NAVO zou eveneens nieuwe raketten invoeren, tenzij de nieuwe Russische raketten zouden worden ingetrokken. Voor het eerst werd er in West-Europa massaal geprotesteerd tegen de kernwapenwedloop. In Nederland b.v in 1981 in Amsterdam en in 1983 in Den Haag.

Oost en west onderhandelen over kernwapenbeheersing

Na de Cuba-crisis ging men onderhandelen en kwamen er enkele verdragen tot stand. Belangrijk waren:

Het Non-Porliferatieverdrag in 1968 waarin de VS, Engeland en Rusland en 108 andere landen zich verbonden geen kernwapens te leveren aan andere anden die er nog geen hadden, of zelf geen kernwapens in te voeren. Dit verdrag werd niet ondertekend door China, India, Pakistan, Zuid-Afrika, Frankrijk, Argentinië Brazilië en Cuba.

Der Salt-verdragen van 1972 en 1979, waarbij Rusland en de VS afspraken het aantal intercontinentale kernraketten te verminderen.

5 Einde van de Koude Oorlog brengt grote veranderingen in Europa

postwar oost europalegenda postwar

'Wonderjaar' 1989 brengt einde aan de communistische overheersing in Oost-Europa

In 1985 werd Gorbatsjov leider van Rusland. Door zijn Glasnost en Perestoika zou in Oost-Europa en Rusland veel veranderen

houd de deur dicht

In de jaren 1988-1991 werd de verhouding tussen Rusland en het Westen steeds beter door:

  • Eind 1988 trok Gorbatsjov de Russische troepen uit Afghanistan terug.

  • Eind 1989 liet Gorbatsjov toe dat in Midden- en Oost-Europese staten de alleenheerschappij van de communistische partij werd afgeschaft.

  • In 1990 ging Gorbatsjov ermee akkoord dat de DDR ui het Warschaupact trad, zichzelf ophief en zich verenigde met de Bondsrepubliek.

  • In 1991 viel Rusland uiteen en werd het warschaupact opgeheven.

  De goede verstandhouding tussen Rusland en het Westen kwam ook tot uiting toen in augustus 1990 een nieuwe crisis in het Midden-Oosten uitbrak, de Golfoorlog: Irak viel Koeweit binnen. Beide veroordeelden het optreden van Saddam Hoessein, de president van Irak.

In Polen werd de vakbond Solidariteit weer toegelaten. De leider van Solodariteit, Lech Walesa, kreeg zoveel aanhang onder de bevolking dat hij in feite de machtigste man van het land werd. Solidariteit eiste met succces vrije verkiezingen (Juni 1989). Polen kreeg als eerste land in Oost-Europa een niet-communistische regering. Rusland greep niet in. In 1990 werd Lech Walesa president van Polen.

In Hongarije hief de communistsische partij zich in november 1989 op en werd een parlementaire democratie. In het najaar van 1989 werden ook in de DDR, Tsjecho-Slowakije, Bulgarije en Roemenië grote demonstraties tegen de communistische regeringen gehouden. In de DDR, Tsjecho-Slowakije en Bulgarije traden de regering en de leiders van de communistische partij af.

Ook in Tsjecho-Slowakije werd de parlementaire democratie ingevoerd. Vaclav Havel, een van de leiders van Charta'77 werd president in december 1989. Alexander Dubcek, de voormalige in 1968 door de Russen afgezette leider, werd voorzitter van het parlement.

 ceausescu 1968Eind jaren '80 kwam Ceausescu in Roemenië met het plan duizenden dorpen met de grond gelijk te maken. Daartegen kwam veel verzet. Hij liet de veiligheidsdienst Securitate op demonstranten schieten. Het leger kwam hiertegen in opstand. Ceaussescu en zijn vrouw werden uiteindelijk gearresteerd en terechtgesteld op 25 december 1989. De macht bleef echter in handen van vroegere medewerkers van Ceausescu die zich het Front van Nationale Redding noemden.

roemeense revolutie 22 december 1989

De Roemeense revolutie

Zo was in enkle maanden in het grootste deel van Oost-Europa het communisme afgeschaft. Alleen in de vroegere DDR en in Polen waren nog Russische troepen, maar die werden al spoedig teruggetrokken.

Maar de tegenstellingen bleken niet in alle opzichten de wereld uit:

  • In 1999 werden de vroegere Oostblok-landen Polen, Tsjechië en Hongarije lid van de Navo. Rusland protesteerde hiertegen. hetzelfde gebeurde toen in 2004 Estland, Letland, Litouwen, Slowakije, Slovenië, Roemenië en Bulgarije Navo-lid werden.

  • Tijdens de burgeroorlog in het vroegere Youghoslavië toonde het Westen meer begrip voor de Kroaten, terwijl Rusland partij koos voor de Serviërs. Rusland keerde zich ook tegen de Navo-bombardementen op Servië en de afscheiding van Kosovo.

Communisme nog in enkele landen

Op Cuba zijn de communisten nog steeds aan de macht, zoals ook in China, Noord-Korea, Laos en Vietnam.

europese integratie

De oorzaken van het 'wonderjaar'

De belangrijkste oorzaken voor de veranderingen waren:

  • Te hoge kosten van de Koude Oorlog. De economie van Rusland was te zwak om de bewapeningswedloop met de VS te kunnen volhouden.

  • Verlies aan vertrouwen in het communisme. Oost-Europa raakte in welvaart steeds verder achter bij West-Europa. Daardoor hadden de communistische leiders hun zelfvertrouwen verloren. Toen de bevolking massaal ging demonstreren, konden de communistische leiders de situatie niet meer aan.

 6 Steeds meer economische samenwerking in Europa

Het Marshallplan (1947) maakt economische samenwerking nodig

memo hfst 9 afb 10

memo hfst 9 afb 10

In Europa was er een tekort aan alles. Een vlot economisch herstel werd echter mogelijk gemaakt door het Marshallplan. Volgens dit plan konden de Europse landen geld krijgen ( 85% als schenking, 15% als lening) voor de opbouw van hun economie.

De EGKS werd opgericht

De Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) werd in 1951 opgericht door zes West-Europese staten, Duitsland, Frankrijk, Italië en de Beneluxlanden. Er kwam een door hen benoemd supra-nationaal orgaan, dat gecontroleerd werd door een Europees parlement, dat werd samengesteld uit parlementsleden van de zes EGKS-landen.

Het gemeenschappelijk gezag over kolen en staal voorkwam ook een buitensporige bewapening van één of meer staten van de EGKS. Een nieuwe oorlog tussen deze landen kon zo worden voorkomen.

Succes van de EGKS leidt tot EG en daarna tot de EU

Het succes van de EGKS leidde tot een verdere samenwerking. In 1957 brachten de zes het volgende tot stand:

verdrag van rome

  • Het verdrag van Rome, waarbij de Europese Economische Gemeenschap (EEG) werd opgericht.

  • De oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom), een organisatie voor het ontwikkelen van atoomenergie voor vreedzame doeleinden.

In 1967 werden de EGKS, EEG en Euratom samengevoegd tot de Europese Gemeenschappen (EG). In 1993 trad het in 1992 ondertekende verdrag van Maastricht in werking. Vanaf dat moment spreekt men van de Europese Unie (EU). In dat verdrag werd bepaald dat de EU in de toekomst een gemeenschappelijke buitenlandse politiek en een gemeenschappelijk veiligheidsbeleid moest voeren. Ook werd besloten tot de invoering van de gemeenschappelijke munt, de  'ecu', later 'euro' genoemd.

In 1995 trad het verdrag van Schengen in werking: vrij verkeer van mensen en goederen tussen de lidstaten.

De landbouwpolitiek wordt een groot probleem

Om de productie in de landbouw te stimuleren werden in de EEG/EG/EU aan de landbouw garantieprijzen gegeven. Maar de garantieprijzen waren zo laag dat de boeren veel meosten produceren om een goed inkomen te hebben. Men ging zo meer produceren dan de markt nodig had. Daardoor ontstonden 'boterbergen' en 'melkplassen'. Deze overproductie kosten enorm veel geld, want ook voor de overschotten werd de garantieprijs betaald. Er moest dus een oplossing komen. Naast een beperkte verlaging van de garantieprijzen besloot men in 1990-1991 tot het intrekken van subsidies aan kleine en middelgrote boerenbedrijven en het financieel straffen van boeren die meer produceerden dan toegestaan.

Van 'zes' naar 'zeventwintig' en meer

In het begin van de jaren '60 zocht de Britse regering voorzichting toenadering tot de EG. Maar de Franse President Charles de Gaulle (1958-1968) was er tegen. Na het aftreden van De Gaulle verliep de toenadering soepeler. In 1973 was het zover. Samen met Engeland werd ook Ierland en Denemarken lid van de EG. In 1981 werd Griekenland lid, in 1986 Spanje en Portugal.

In 1995 brachten Finland, Oostenrijk en Zweden het aantal leden van de Unie op 15. In 2004 voegden zich tien nieuwe staten bij de Europese Unie: Estland, Letland, Litouwen, Polen, Tsjechië, Slowakije, Slovenië, Hongarije, Malta en Cyprus; in 2007 Bulgarije en Roemenië. Er wordt onderhandeld met Kroatië, macedonië en Turkije.

Weinig politieke samenwerking

Dat kwam vooral door de Franse president De Gaulle. Voor hem was de nationale staat het belangrijkste. Na zijn aftreden kregen de voorstanders van politieke eenworing meer kans.

Naar buiten toe proberen de lidstaten van de EU steeds meer eensgezind op te treden. Maar dat blijkt in de praktijk toch vaak zeer moeilijk zoals bleek rond de crisis in voormalig Joegoslavië die in 1991 ontstond. Eigenlijk werd er op het gebied van politieke samenwerking nog weinig bereikt. In de wereld buiten Europa wordt de EU door velen nu reeds als eenheid gezien.

eu enlargement

De organisatie van de EU

Europese Commissie

Dit is het dagelijks bestuur van de EU en bestaat uit 27 leden, commissarissen genoemd. Ze worden voor vijf jaar benoemd. De belangrijkste poltieke stromingen moeten erin zijn vertegenwoordigd. De voorzitter van de Europese Commissie wordt door de Europese Raad (de regeringsleiders van de lidstaten) gekozen. Het Europees Parlement keurt de samenstelling tenslotte goed of af.

De Raad van Ministers.

Deze bestaat uit vakministers van de verschillende lidstaten. Het voorzitterschap van de Raad rouleert per zes maanden tussen de lidstaten.

De Europese Raad.

De regeringsleiders van de EU-landen komen minimaal twee keer per jaar bijeen om over allerlei zaken te spreken.

Het Europees Parlement

Dat werd ingesteld in 1958, wordt sinds 1979 voor vijf jaar gekozen door de kiesgerechtigde bevolking van de EU-landen. De zetels zijn naar rato van het inwoneraantal over de lidstaten verdeeld. Het Europees Parlement heeft minder zeggenschap dan de parlementen van de lidstaten. De invloed ervan is wel toegenomen.

Het Hof van Justitie in Luxemburg

Dit controleert de Raad van Ministers en de Europese Commissie op uitleg en toepassing van de EU-regels. Elke lidstaat levert één rechter. Het Gemeenschapsrecht wordt gehandhaafd door het Hof van Justitie. Burgers kunnen bij hun nationale rechter rechtstreeks een beroep doen op de regels van het gemeenschapsrecht.

Heeft de natie-staat zijn tijd gehad?

 Met een natie-staat wordt een staat bedoeld waarin de bevolking homogeen is en zich bezield voelt door dezelfde nationale gevoelens. In West-Europa wordt er in het algemeen van uit gegaan dat het niet mogelijk is de grenzen volledig te laten samenvallen met woongebieden van volken met dezelfde culturele achtergrond. Men ziet in deze opvatting een natie-staat als een politieke gemeenschap waarin de bevolking zich ongeacht haar culturele afkomst thuis voelt.

Verschillende uitwerkingen van de natie-staat in West-Europa

In sommige staten bestaan aanzienlijke verschillen. In die staten proberen de meeste regeringen door allerlei maatregelen aan de ene kant de identiteit, het eigen karakter van de verschillende groepen zoveel mogelijk recht te doen en aan de andere kant bij alle inwoners een nationaal gevoel te stimuleren.

In de ene staat gaat men verder met het verlenen van beperkte autonomie dan in de andere. Enkele voorbeelden:

  • In Zwitserland en later ook België hebben de belangrijke taalgroepen een zo grote mate van zelfbestuur dat zij bijna gescheiden van elkaar kunnen leven.

  • In Nederland hebben de Friezen slechts op enkele gebieden autonomie.

  • In Spanje leven verschillende etnische groepen. Sinds 1980-1981 is aan twee ervan, de Catalanen en de Basken een zekere mate van zelfbestuur verleend.

  • In Frankrijk leven van oudsher verschillende etnische en taalkundige minderheden. Aan hen wordt weinig of geen autonomie verleend.

    De natie-staat verliest in Europa aan betekenis

Dat komt door twee ontwikkelingen:

  • Vanaf de jaren '60 wordft de natie-staat van onderop gedeeltelijk ondermijnd door het regionalisme. Met regio's worden gebieden binnen staten bedoeld waarin mensen leven die zich cultureel en etnisch met elkaar verbonden voelen.

  • De natie-staat wordt sinds het einde van de Tweede wereldoorlog van bovenaf ingeperkt door internationale organisaties als de EU, de VN en de NAVO.

 Zie verder hoofdstuk 14 SV Tweede Fase Havo Hoofdstuk 14 5e dr